Fiche van de FOD Financiën
Voorafgaande beslissing nr. 2021.1259 d.d. 19.04.2022
Btw · Verbouwde oude gebouwen · Artikel 37 btw wetboek – K.B. nr. 20, tabel A, Rubriek XXXI
Samenvatting
Het verlaagd tarief overeenkomstig rubriek XXXI, tabel A bij KB nr. 20 is van toepassing op de renovatie van een privéwoning met een uitbreiding met een nieuw gedeelte. De renovatie steunt op relevante wijze op de oude dragende muren (inzonderheid de buitenmuren) en, meer algemeen, op de wezenlijke elementen van de structuur. Het nieuwe gedeelte functioneert niet onafhankelijk van het oude gedeelte. Het oude gedeelte bedraagt meer dan 50 % van de totale oppervlakte van de woning zodat er kan worden geconcludeerd dat de oppervlakte van het oude gedeelte betekenisvol is ten aanzien van het nieuwe gedeelte.
Tekst van de beslissing
I. Voorwerp van de aanvraag
1. Deze aanvraag om een voorafgaande beslissing beoogt de bevestiging de toepassing van het verlaagd btw-tarief gelijk aan 6% voor renovatie met uitbreiding verricht van de privéwoning waarvan aanvragers eigenaar zijn en dit op grond van §1, rubriek XXXI, tabel A, KB nr. 20 van 20 juli 1970.
II. Beslissing
2. Uit het door de DVB gedane onderzoek blijkt het volgende :
3. De aanvraag voldoet aan de voorwaarden van artikel 21 en 22 van de wet van 24 december 2002 tot wijziging van de vennootschapsregeling inzake inkomstenbelastingen en tot instelling van een systeem van voorafgaande beslissingen in fiscale zaken.
4. Deze aanvraag om een voorafgaande beslissing beoogt de bevestiging van de toepassing van het verlaagd btw-tarief gelijk aan 6% voor renovatie met uitbreiding verricht van de privéwoning waarvan aanvragers eigenaar zijn en dit op grond van rubriek XXXI, tabel A, KB nr. 20 van 20 juli 1970 genomen ter uitvoering van artikel 37 van het btw-wetboek, voorziet in de toepassing van het btw tarief van 6% voor het uit te voeren werk in onroerende staat, mits navolgende voorwaarden vervuld worden:
• de handelingen moeten de omvorming, renovatie, rehabilitatie, verbetering, herstelling of het onderhoud, met uitsluiting van de reiniging, geheel of ten dele van een woning tot voorwerp hebben;
• de handelingen moeten betrekking hebben op een woning die, na de uitvoering ervan, hetzij uitsluitend, hetzij hoofdzakelijk, als privé-woning wordt gebruikt;
• de handelingen moeten worden verricht aan een woning waarvan de eerste ingebruikneming ten minste vijftien jaar voorafgaat aan het eerste tijdstip van opeisbaarheid van de btw dat zich voordoet overeenkomstig artikel 22, § 1 of artikel 22bis van het Wetboek;
• de handelingen moeten worden verstrekt en gefactureerd aan een eindverbruiker […];
de door de dienstverrichter uitgereikte factuur en het dubbel dat hij bewaart, moeten, op basis van een duidelijk en nauwkeurig attest van de afnemer, melding maken van het voorhanden zijn van de elementen die de toepassing van het verlaagd tarief rechtvaardigen; behalve in geval van samenspanning tussen de partijen of klaarblijkelijk niet naleven van onderhavige bepaling, ontlast het attest van de afnemer de dienstverrichter van de aansprakelijkheid betreffende de vaststelling van het tarief.
• het verlaagd tarief is in geen geval van toepassing op:
• werk in onroerende staat en andere onroerende handelingen die geen betrekking hebben op de eigenlijke woning, zoals bebouwingswerkzaamheden, tuinaanleg en oprichten van afsluitingen;
• werk in onroerende staat en andere onroerende handelingen die tot voorwerp hebben de bestanddelen of een gedeelte van de bestanddelen van zwembaden, sauna's, midget-golfbanen, tennisterreinen en dergelijke installaties.
5. Werk in onroerende staat dat de omvorming van een woning tot voorwerp heeft, is, indien alle andere voorwaarden zijn vervuld, onderworpen aan het tarief van 6%. Onder ‘omvorming’ wordt verstaan de verbouwing zowel aan de buitenkant (en inzonderheid de rehabilitatie) als aan de binnenkant van het gebouw of de vergroting door toevoeging van nieuwe vertrekken en de uitbreiding van bestaande vertrekken.
6. Evenzo wordt het bestaan van een verbouwing niet bekritiseerd wanneer de renovatiewerken op een relevante wijze steunen op oude dragende muren (inzonderheid de buitenmuren) en, meer algemeen, op de wezenlijke elementen van de structuur van het te renoveren gebouw.
7. De uitbreiding van een bestaand gebouw kan worden aangemerkt als een omvorming (of verbouwing) van dat gebouw, in de zin van rubriek XXXI, voor zover voldaan is aan de twee volgende voorwaarden:
• de oppervlakte van het oude gedeelte blijft betekenisvol in vergelijking met het nieuwe gedeelte en
• het nieuwe gedeelte kan niet onafhankelijk van het oude gedeelte functioneren maar het vormt er integendeel een coherent en complementair geheel mee, wat het gebruik van het gebouw betreft.
8. Om te bepalen of de uitgevoerde werken enkel de renovatie, omvorming en verbetering van de woning tot voorwerp hebben dient vooreerst onderzocht of de uit te voeren werken de structuur en het bestaande bouwwerk niet dermate aantasten dat ze leiden tot de totstandkoming van een nieuw gebouw. Uit de door de aanvrager geleverde plannen en verklaring in de aanvraag blijkt dat de uitgevoerde werken op een relevante wijze steunen op de oude dragende muren en, meer algemeen, op de wezenlijke structuur van het bestaand hoofdgebouw. Concreet blijven meer dan 50% van de oude dragende muren behouden en vormen deze bovendien meer dan 50% in het totaal der dragende muren na uitvoering der werken.
9. Vervolgens wordt onderzocht of de voorgenomen uitbreiding, volgend op de afbraak van een stuk van de leefruimte als uitbreiding van het bestaande gebouw aangemerkt kunnen worden en er niet toe leiden dat er een nieuw gedeelte ontstaat dat onafhankelijk van het oude gedeelte kan functioneren. Uit de door de aanvrager voorgelegde plannen en de beschrijving blijkt dat deze uitbreidingen niet op zich functionerend zijn, maar integraal deel zullen uitmaken van de bestaande ééngezinswoning.
10. Tot slot dient de oppervlakte uitbreiding onderzocht te worden. De te vergelijken oppervlaktes (cf. oppervlakte-criterium, 50%-regel) zijn de volgende:
• Oppervlakte bestaande toestand:
- Woning met aanbouw op het gelijkvloers 109,52 m2
- Woning met aanbouw op de verdieping; + 64,05 m2
- Garage & tuinberging + 65,97 m2
Totaal 239,54 m
• Oppervlakte nieuwe toestand:
- Deel bestaande woning met aanbouw gelijkvloers 65,90 m2
- Deel bestaande woning op de verdieping + 41,00 m2
- Deel bestaande garage & tuinberging + 22,22 m2
- Uitbreiding + 86,17 m2 +
Totaal 215,29 m
11. Na afbraak en uitbreiding bedraagt de totale oppervlakte van de woning 215,29 waarvan het nieuwe gedeelte 86,17m2 bedraagt en het oude gedeelte 129,12 m2 bedraagt. Bijgevolg bedraagt het oude gedeelte meer dan 50 % van de totale oppervlakte van de woning zodat er kan worden geconcludeerd dat de oppervlakte van het oude gedeelte betekenisvol is ten aanzien van het nieuwe gedeelte en derhalve de uit te voeren werken beoogd worden door rubriek XXXI, tabel A.
12. De aanvragers zijn natuurlijke personen die verklaren de ééngezinswoning woning na voltooiing van de werken uitsluitend als privéwoning aan te wenden. Om voormelde redenen worden de aanvragers als eindverbruiker aangemerkt in de zin van de bepaling als opgenomen onder rubriek XXXI, tabel A bij KB nr. 20;
13. Zoals blijkt uit de door de aanvragers voorgebracht aankoopakte werd de woning reeds meer dan 15 jaar geleden in gebruik genomen en beantwoordt hierbij aan de voorwaarden opgenomen in rubriek XXXI voornoemd;
14. Dat de aanvragers er verder zelf moeten op toezien dat ze de voorwaarden als opgenomen in rubriek XXXI, nakomen en vervullen;
15. Op basis van de hiervoor weergegeven elementen dient besloten te worden dat de in de aanvraag beschreven werken beoogd worden door rubriek XXXI, tabel A, KB nr. 20.
Aangehaalde referentie
Sneltoetsen
Niet actief tijdens het typen in een veld.
- Zoeken in de tekst
- /Ctrl/⌘ F
- Volgende / vorige treffer
- EnterShift Enter
- Volgende / vorige sectie
- JK
- Leesmodus
- L
- Een paneel sluiten
- Esc
De leesmodus verbergt de inhoudsopgave en de kerncijfers, vergroot de tekst en centreert de kolom.