---
title: "Voorafgaande beslissing 2021.1198 · Btw ; Btw-belaste complexe dienstverrichting ; Artikel 18, § 1, eerste lid"
description: "Btw ; Btw-belaste complexe dienstverrichting ; Artikel 18, § 1, eerste lid W.BTW ; Tarief. Belgische voorafgaande beslissing nr. 2021.1198 van 15 februari 2022."
url: "https://juriel.be/nl/rulings/2021-1198-btw-belaste-complexe-dienstverrichting-artikel-9181"
lang: "nl"
---

# Btw ; Btw-belaste complexe dienstverrichting ; Artikel 18, § 1, eerste lid · Btw ; Btw-belaste complexe dienstverrichting ; Artikel 18, § 1, eerste lid W.BTW ; Tarief ; De toekenning van het recht op toegang tot inrichtingen voor cultuur, sport of vermaak, en de toekenning van het recht er gebruik van te maken ; Rubriek XXVIII van tabel A van de bijlage bij KB nr. 20

**Nummer**

2021.1198

**Datum**

15 februari 2022

## Over het document

**Verzameling**

Voorafgaande beslissingen

**Taal van de tekst**

Nederlands

## Tekst

80 paragrafen

Fiche van de FOD Financiën

Voorafgaande beslissing nr. 2021.1198 d.d. 15.02.2022

*Btw* · *Btw-belaste complexe dienstverrichting* · *Artikel 18, § 1, eerste lid W.BTW* · *Tarief* · *De toekenning van het recht op toegang tot inrichtingen voor cultuur, sport of vermaak, en de toekenning van het recht er gebruik van te maken* · *Rubriek XXVIII van tabel A van de bijlage bij KB nr. 20*

## Samenvatting

De diensten verricht door X moeten worden aangemerkt als één complexe dienstprestatie die in hoofdzaak betrekking heeft op de toekenning van het recht op toegang tot de sportinrichting van de aanvrager alsmede de toekenning van het recht er gebruik van te maken, en die in de omstandigheden eigen aan de zaak voor het geheel onderworpen is aan één en hetzelfde btw-tarief, te weten het verlaagde btw-tarief van 6% overeenkomstig rubriek XXVIII van tabel A van de bijlage bij Btw-KB nr. 20.

De tussenkomst van de personeelsleden van X, enkel in geval van onduidelijkheden of technische storingen, die beperkt is tot het verlenen van technische assistentie of het verschaffen van uitleg over het correcte gebruik van de virtuele coach en/of de sportuitrusting die aanwezig is in de sportinrichting, doet hieraan in de omstandigheden eigen aan de zaak geen afbreuk, gelet op de vaststelling dat deze tussenkomst niet kwalificeert als echte sportlessen, individuele/persoonlijke sportieve begeleiding/coaching of groepsbegeleiding gegeven aan de in deze inrichting aanwezige bezoekers.

## Tekst van de beslissing

## I. Voorwerp van de aanvraag

1\. Deze aanvraag om een voorafgaande beslissing wordt ingediend in naam van X.

2\. X is een recent opgerichte vennootschap naar Belgisch recht die voornemens is een aantal innovatieve hoogtechnologische sportbelevingscentra op te richten en uit te baten.

Het eerste pilootproject is gesitueerd te S.

3\. X zal in dit innovatief hoogtechnologisch sportbelevingscentrum gebruik maken van de meest recente technologieën om een zo authentiek mogelijke sportervaring te creëren voor de bezoekende sportbeoefenaars.

Het uitgangspunt is om voor elke sport zo dicht mogelijk bij de authentieke sportbeweging te blijven door authentieke sportuitrusting te gebruiken. De technologie dient ervoor om de sportbeleving zo authentiek mogelijk te maken en eventuele progressie bij de sporters te monitoren. Hierbij wordt onder meer infrastructuur voorzien waarbij de bezoekers met behulp van een digitale virtuele coach op individuele en autonome wijze de door hen gewenste sporten kunnen beoefenen.

4\. De bezoekers die één globale prijs betalen voor de toegang tot het sportbelevingscentrum, dienen bij aanvang een user account aan te maken waarbij zij hun persoonlijke sportieve voorkeuren kunnen aangeven. Bij aankomst in het sportbelevingscentrum wordt voor iedere bezoeker een virtuele coach opgeladen die automatisch ge(pre)configureerd wordt op basis van een aantal interactieve warm-upuitdagingen.

5\. De bezoekers zijn niet verplicht om gebruik te maken van de virtuele coach maar deze kan altijd worden opgeroepen via het scannen van een RFID bracelet op de speciaal daarvoor voorziene checkpoints (of via de smartphone). De virtuele coach zal op volledig geautomatiseerde wijze instructies geven aan de bezoekers over het correcte gebruik van de aanwezige infrastructuur. Verder zal de virtuele coach tijdens de sportbeoefening bepaalde feedback en tips geven om de bezoekers in staat te stellen om hun technische vaardigheden verder te verfijnen. In het geval van herhaaldelijke oefeningen zal de virtuele coach verder aangeven welke progressie de bezoekers sinds hun start hebben gemaakt. Hierbij kunnen de bezoekers bepaalde badges verdienen die hun recht geven op beperkte kortingen bij geaffilieerde winkels, enzovoort.

6\. De bedoeling is dat de bezoekers in het sportbelevingscentrum op individuele en autonome wijze via de virtuele digitale coach de juiste technieken aanleren om de betrokken sporten op een correcte en competitieve wijze te beoefenen. Enkel in het geval van onduidelijkheden of technische storingen zal de bezoeker via een helpknop een medewerker kunnen oproepen die desgevallend verder technische assistentie zal verlenen omtrent het gebruik van de virtuele coach en/of de sportinfrastructuur.

## II. Vraagstelling

7\. Gelet op de argumentatie en motivering uiteengezet in de aanvraag om een voorafgaande beslissing, strekt deze aanvraag ertoe te bevestigen dat de diensten verricht door de aanvrager, X, moeten worden aangemerkt als één complexe dienstprestatie die in hoofdzaak betrekking heeft op de toekenning van het recht op toegang tot de sportinrichting van de aanvrager alsmede de toekenning van het recht gebruik ervan te maken, en die in de hierna gegeven omstandigheden onderworpen is aan het verlaagde btw-tarief van 6% overeenkomstig rubriek XXVIII van tabel A van de bijlage bij het Btw-KB nr. 20.

## III. Beslissing

Uit het door de DVB verrichte onderzoek blijkt wat volgt.

8\. De aanvraag voldoet aan de voorwaarden van de artikelen 21 en 22 van de Wet van 24.12.2002 tot wijziging van de vennootschapsregeling inzake inkomstenbelastingen en tot instelling van een systeem van voorafgaande beslissingen in fiscale zaken.

### *III.A. Algemeen*

9\. De toekenning van het recht op toegang tot inrichtingen voor cultuur, sport of vermaak, alsmede de toekenning van het recht gebruik ervan te maken, is onderworpen aan het verlaagde btw-tarief van 6% overeenkomstig rubriek XXVIII van tabel A van de bijlage bij het Btw-KB nr. 20 met uitzondering van:

• de toekenning van het recht gebruik te maken van automatische ontspanningstoestellen;

• de terbeschikkingstelling van roerende goederen.

10\. Wat de verhuur van roerende goederen in inrichtingen voor cultuur, sport of vermaak betreft, zijn de volgende regels van toepassing:

• wanneer de toekenning van het recht op toegang of van het recht gebruik te maken van dergelijke inrichting automatisch, zonder prijstoeslag, de terbeschikkingstelling met zich meebrengt van roerende goederen die een integrerend deel van deze inrichting uitmaken, zodanig dat het gebruik van deze laatste inrichting zonder die roerende goederen niet mogelijk is, is de door de exploitant van de inrichting gevraagde prijs overeenkomstig rubriek XXVIII van tabel A van de bijlage van Btw-KB nr. 20 voor het geheel onderworpen aan het btw-tarief van 6%.

Dat is bijvoorbeeld het geval voor de golfclub en golfbal ter beschikking gesteld door de exploitant van een minigolfparcours, de halters voor powertraining in een fitnesszaal, de bowlingballen en bowlingschoenen in een bowlingzaal, carts of andere gelijkaardige toestellen die worden gebruikt op een circuit dat speciaal daartoe werd ontworpen of minibootjes in een vijver. Volgens een beslissing van 10.04.2014 is dit ook het geval voor prestaties die de exploitant van een vliegveld verstrekt aan zijn leden in het kader van het beoefenen van de zweefvliegsport en die in wezen bestaan in de terbeschikkingstelling aan de leden van de installaties en de banen van het vliegveld, alsmede van een sleepvliegtuig met piloot om de zweefvliegtuigen van de leden omhoog te trekken;

• wanneer de terbeschikkingstelling van roerende goederen door een exploitant van een inrichting voor cultuur, sport of vermaak daarentegen facultatief is, wat inzonderheid het geval is als de bezoeker of de gebruiker de mogelijkheid heeft om zijn eigen uitrusting te gebruiken, is de gevraagde prijstoeslag voor de terbeschikkingstelling van roerende goederen beoogd in de tweede uitzondering van tabel A, rubriek XXVIII, bijlage bij Btw-KB nr. 20 en derhalve onderworpen aan het standaard btw-tarief van 21%.

11\. Het kan ook gebeuren dat een exploitant van een hiervoor bedoelde inrichting aan de gebruikers een globale prijs vraagt die het recht van gebruik van de inrichting alsook de terbeschikkingstelling van een roerende uitrusting omvat, maar dat hij een korting toestaat aan de gebruiker die zijn eigen uitrusting gebruikt. In dat geval moet de prijs die gevraagd wordt aan gebruikers die gebruik maken van de hun ter beschikking gestelde uitrusting, voor de heffing van de btw worden uitgesplitst en is het gedeelte van de prijs dat betrekking heeft op de terbeschikkingstelling van een roerende uitrusting onderworpen aan het standaard btw-tarief *(1)*.

---

*\[(1) Btw-Commentaar, editie 01.11.2021, Boekwerk II, Hoofdstuk 7, Afdeling 4, punt 5.\]*

---

12\. Volgens de administratieve richtlijnen kunnen het geven van echte sportlessen of sportieve begeleiding, individueel of in groep, door de exploitant van de sportinrichting of zijn aangestelden, een uitsluitingsgrond vormen voor de toepassing van het 6%-tarief overeenkomstig voornoemde rubriek XXVIII *(2)*.

---

*\[(2) Btw-Commentaar, editie 01.11.2021, Boekwerk II, Hoofdstuk 7, Afdeling 4, punt 5, met referentie aan de beslissing nr. E.T. 45.941 van 24.07.1984.\]*

---

13\. Wanneer een handeling bestaat uit verschillende elementen of prestaties, moet voor de heffing van de btw altijd worden nagegaan of er sprake is van twee of meer onderscheiden diensten of leveringen, dan wel of er sprake is van een complexe (samengestelde, gebundelde) dienst of levering.

14\. Ook voor de toepassing van het btw-tarief is dit van belang. Indien verschillende prestaties kwalificeren als afzonderlijke diensten, zal elke dienst onderworpen worden aan het eigen btw-tarief. Indien verschillende prestaties daarentegen kwalificeren als één complexe (samengestelde, gebundelde) handeling, mag deze niet kunstmatig uit elkaar gehaald worden en zal de complexe handeling onderworpen worden aan één btw-tarief.

15\. [Artikel 1 van Btw-KB nr. 20](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-20-juli-vaststelling-tarieven-belasting-toegevoegde-52d3#ar20-art1) geeft uitvoering aan de door artikel 37 W.BTW gegeven bevoegdheid om de toepasselijke btw-tarieven vast te leggen (mits inachtneming van de Europese regelgeving). Dit artikel voorziet uitdrukkelijk dat het standaard btw-tarief 21% bedraagt, terwijl per uitzondering verlaagde btw-tarieven van 6% en 12% gelden op bepaalde limitatief opgesomde categorieën van goederen en diensten (in tabellen A en B als bijlage bij Btw-KB nr. 20).

[Artikel 1 van Btw-KB nr. 20](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-20-juli-vaststelling-tarieven-belasting-toegevoegde-52d3#ar20-art1) bepaalt uitdrukkelijk dat het verlaagde btw-tarief van 6% niet van toepassing is wanneer de in tabel A benoemde handelingen (i.e. goederen en diensten onderworpen aan het tarief van 6%) deel uitmaken van een complexe handeling waarbij andere handelingen de hoofdprestatie vormen. Deze bepaling vormt een uitdrukkelijke toepassing van de leer van de complexe handeling.

16\. In een arrest van 18.01.2018 bevestigt het Hof van Justitie van de Europese Unie dat een complexe dienstprestate onderworpen is aan één btw-regeling en aan één btw-tarief. Dit is ook het geval wanneer de samenstellende individuele bestanddelen van de complexe dienst onderworpen zouden zijn aan verschillende btw-tarieven wanneer ze afzonderlijk zouden worden beschouwd *(3)*.

---

*\[(3) H.v.J. 18.01.2018, Stadion Amsterdam,* [*C-463/16*](https://juriel.be/nl/rechtspraak-unie/c-463-16-arrest)*, http://curia.europa.\]*

---

Het Hof herhaalt zijn traditioneel standpunt over complexe dienstprestaties.

De leer van de complexe handeling komt er op neer dat handelingen moeten worden gebundeld als zij:

a) bijkomstig zijn bij een hoofdhandeling (eerste type van complexe handeling: “complexe handeling sensu lato”; “a + b = a”);

b) economisch onsplitsbaar zijn (tweede type van complexe handeling: “complexe handeling sensu stricto”; “a + b = c”).

Het feit dat er voor de complexe handeling slechts één enkele totale prijs in rekening wordt gebracht kan geen bepalend criterium zijn om te gewagen van een handeling die economisch gezien als één enkele handeling dient beschouwd te worden. Omgekeerd is het feit dat er voor afzonderlijke handelingen een aparte prijs wordt overeengekomen of dat de handelingen apart gefactureerd worden, evenmin een bepalend criterium om van verschillende van elkaar te onderscheiden handelingen te kunnen gewagen.

Voor de gevolgen van de kwalificatie als complexe handeling geldt voor beide types van complexe handeling het criterium van “doel op zich voor de modale consument (gemiddelde, doorsnee afnemer)” en het principe “bijzaak volgt hoofdzaak”, waarbij de hoofdzaak wordt bepaald door de hoofdprestatie in het eerste type van complexe handeling of door het overheersend element van de reeks handelingen in het tweede type van complexe handeling.

17\. Het Hof van Beroep te Antwerpen oordeelde dat het recht op toegang tot een fitnesscentrum, het recht er gebruik van te maken en de niet-persoonlijke begeleiding van de klanten vallen onder het verlaagde btw-tarief van 6% zoals bedoeld in rubriek XXVIII van tabel A van de bijlage bij Btw-KB nr. 20 *(4)*.

---

*\[(4) Antwerpen 17.09.2013, T.F.R., 2014, afl. 456, nr. 2014/N7.\]*

---

### *III.B. Toepassing in casu*

18\. De dienst tegen entreegeld die bestaat in de toekenning van het recht op toegang tot inrichtingen voor sport of vermaak, alsmede de toekenning van het recht gebruik ervan te maken, is principieel een aan btw onderworpen dienstprestatie op grond van artikel 18, § 1, tweede lid, 12° W.BTW.

19\. Behalve de toepassing van een btw-vrijstelling, is de toekenning van het recht op toegang tot inrichtingen voor sport of vermaak, alsmede de toekenning van het recht gebruik ervan te maken, onderworpen aan het verlaagde btw-tarief van 6% overeenkomstig rubriek XXVIII van tabel A van de bijlage bij het Btw-KB nr. 20.

Geen van beide uitzonderingen van tabel A, rubriek XXVIII, bijlage bij Btw-KB nr. 20 (zie randnr. 9) is in casu van toepassing. De verhuur van de betreffende roerende goederen maakt een integrerend deel uit van de toegang tot het sportbelevingscentrum en X rekent hiervoor geen prijssupplement aan.

Deze dienstprestatie valt in casu niet onder de btw-vrijstelling van artikel 44, § 2, 3° W.BTW gelet op het feit dat X overeenkomstig haar statutaire bepalingen een winstoogmerk heeft en de gerealiseerde winst op periodieke wijze uitgekeerd zal worden aan de aandeelhouders.

20\. De bezoekers zullen in hoofdzaak toegang wensen te krijgen tot het sportbelevingscentrum. Dit unieke concept stelt de bezoekers immers in staat om op één gecentraliseerde locatie in aanraking te komen met een veelheid aan (frequent of minder frequent beoefende) sporten. Door het gebruik van de aanwezige hoogtechnologische sportinfrastructuur kunnen de bezoekers op een laagdrempelige manier en binnen een beperkte tijdspanne een aantal sporten op autonome wijze (via de virtuele coach) uitproberen en/of naar wens bepaalde technische vaardigheden van bepaalde sporten verder bijschaven.

21\. De instructies die op een volledig geautomatiseerde wijze worden verstrekt door de virtuele coach, zijn een aanvulling op het gebruik van de sportaccommodatie zelf. Deze virtuele begeleiding is immers nodig om de bezoeker in staat te stellen om autonoom op een verantwoorde wijze gebruik te maken van de aanwezige hoogtechnologische sportinfrastructuur. Het feit dat de virtuele coach op geautomatiseerde wijze de sportieve prestaties van de bezoekers in kaart brengt en feedback verstrekt, is voor de (geobjectiveerde modale) bezoekers geen doel op zich maar maakt het gebruik van de infrastructuur aantrekkelijker. Bovendien zijn de bezoekers geenszins verplicht om gebruik te maken van de virtuele coach.

22\. Deze zienswijze werd bovendien al bevestigd door het Hof van Beroep te Antwerpen voor wat betreft de uitbating van een fitnesscentrum dat begeleiding aanbood aan haar klanten via voorgeprogrammeerde computerprogramma’s *(5)*. De feiten onderliggend aan deze rechtszaak zijn in zekere mate gelijklopend met de feitelijke context van het sportbelevingscentrum in kwestie.

---

*\[(5) Antwerpen 17.09.2013, T.F.R., 2014, afl. 456, nr. 2014/N7.\]*

---

Het Hof oordeelde in dit geval dat het recht op toegang tot het fitnesscentrum, het recht er gebruik van te maken en de niet-persoonlijke begeleiding van de klanten, één complexe handeling vormen waarbij economisch gesproken slechts één niet te splitsen dienst wordt verleend, die in casu aan het bedoelde 6%-tarief overeenkomstig voornoemde rubriek XXVIII is onderworpen. Voor de modale klant is deze begeleiding volgens het Hof enkel vereist om op een medisch verantwoorde wijze te fitnessen en van de fitnesstoestellen gebruik te maken.

De aanvrager wijst er bovendien nog op dat er ondertussen nog veel technologische evoluties hebben plaatsgevonden waarbij fitnesscentra en andere inrichtingen voor sport en/of vermaak diverse vormen van geautomatiseerde begeleiding aanbieden aan hun klanten.

23\. In het sportbelevingscentrum wordt geen individuele/persoonlijke sportieve begeleiding/coaching aangeboden door de personeelsleden van X. De tussenkomst van de personeelsleden is beperkt tot het verlenen van technische assistentie of het verschaffen van uitleg over het correcte gebruik van de virtuele coach en/of de aanwezige sportuitrusting. Deze tussenkomst is een middel voor de bezoekers van het centrum om in gunstigere omstandigheden te kunnen genieten van de hoofdprestatie. Zo zullen er in de praktijk in verhouding tot de maximale capaciteit slechts een zeer beperkt aantal stewards/operatoren aanwezig zijn (al dan niet met een sportieve opleiding) om voor de bezoekers in te staan voor:

• de ontvangst;

• het verstrekken van informatie over de diverse aspecten van het sportbelevingscentrum (waar vind je wat, hoe dient de virtuele coach gebruikt te worden, hoe gebruik je op een veilige manier het toestel en voorkom je sportblessures);

• een nette en respectvolle omgeving;

• de controle op de naleving van het reglement van inwendige orde;

• het nemen van maatregelen in afwachting van de komst van de hulp- en veiligheidsdiensten.

24\. Voor de maximale capaciteit van bezoekers zijn er in verhouding een zeer beperkt aantal stewards (die overigens niet noodzakelijk een sportopleiding hebben genoten) die in het centrum rondlopen om de bezoekers te initiëren en een veilig gebruik van de toestellen te verzekeren; er kan dus volgens de aanvrager geen sprake zijn van individuele/persoonlijke sportieve begeleiding/coaching.

25\. De pricing policy van X geeft haar ook niet de ruimte om heel veel medewerkers aan te werven. Deze policy is een bewuste keuze om het centrum en de aangeboden sportbeleving toegankelijk te maken voor zoveel mogelijk mensen.

26\. Uit wat voorafgaat en ook uit de door X voorziene prijszetting, blijkt naar het oordeel van de rulingdienst toch duidelijk dat er in de gegeven omstandigheden eigen aan de zaak geen sprake is van echte sportlessen, individuele/persoonlijke sportieve begeleiding/coaching of groepsbegeleiding van de aanwezige bezoekers (die volgens de administratieve richtlijnen een uitsluitingsgrond zouden kunnen vormen voor de toepassing van het verlaagde btw-tarief van 6% overeenkomstig voornoemde rubriek XXVIII (zie randnr. 12 supra) *(6)*).

---

*\[(6) Btw-Commentaar, editie 01.11.2021, Boekwerk II, Hoofdstuk 7, Afdeling 4, punt 5, met referentie aan de beslissing nr. E.T. 45.941 van 24.07.1984.\]*

---

27\. De bezoekers worden in het sportbelevingscentrum integendeel gestimuleerd om van zoveel mogelijk sporten op autonome wijze te ‘proeven’ en/of naar wens bepaalde technische vaardigheden van bepaalde sporten verder bij te spijkeren.

### *III.C. Conclusie*

28\. In lijn met het Europees rechtersrecht en tendensen in de nationale fiscale rechtspraak en ook rekening houdend met de hedendaagse technologische ontwikkelingen op het gebied van sportbeoefening, deelt de rulingdienst in de gegeven omstandigheden de visie van de aanvrager dat de diensten verstrekt door X in het kader van de exploitatie van het bedoelde sportbelevingscentrum, moeten worden aangemerkt als één complexe dienstprestatie die in hoofdzaak betrekking heeft op het verlenen van het recht op toegang tot een sportinrichting alsmede de toekenning van het recht er gebruik van te maken, die voor het geheel onderworpen is aan het verlaagde btw-tarief van 6% overeenkomstig rubriek XXVIII van tabel A van de bijlage bij Btw-KB nr. 20.

[Artikel 1 van Btw-KB nr. 20](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-20-juli-vaststelling-tarieven-belasting-toegevoegde-52d3#ar20-art1) bepaalt uitdrukkelijk dat het verlaagde btw-tarief van 6% niet van toepassing is wanneer goederen en diensten onderworpen aan het btw-tarief van 6% deel uitmaken van een complexe handeling waarbij andere handelingen de hoofdprestatie vormen. De rulingdienst noteert dat het in casu gaat om een spiegelbeeldsituatie, de hoofdprestatie is onderworpen aan het verlaagde btw-tarief van 6% overeenkomstig rubriek XXXVIII van tabel A van de bijlage bij Btw-KB nr. 20.

Het Hof van Justitie van de Europese Unie oordeelt dat de kwalificatie als complexe dienst zelf al veronderstelt dat voor deze handeling slechts één en hetzelfde btw-tarief geldt, met name dat van de hoofdhandeling, in casu het bedoelde 6%-tarief. De handeling mag niet kunstmatig opgesplitst worden met het oog op een onderscheiden tarifering per deelprestatie. Het feit dat de elementen waaruit de complexe dienst is samengesteld elk afzonderlijk waardeerbaar zijn en individueel beschouwd onderworpen zouden zijn aan een verschillend btw-tarief is in deze van geen belang.

### *III.D. Eindconclusie*

29\. De hiervoor bedoelde en toegelichte diensten verricht door X, moeten worden aangemerkt als één complexe dienstprestatie die in hoofdzaak betrekking heeft op de toekenning van het recht op toegang tot de sportinrichting van de aanvrager alsmede de toekenning van het recht er gebruik van te maken, en die in de hiervoor gegeven omstandigheden eigen aan de zaak voor het geheel onderworpen is aan één en hetzelfde btw-tarief, te weten het verlaagde btw-tarief van 6% overeenkomstig rubriek XXVIII van tabel A van de bijlage bij Btw-KB nr. 20.

30\. De tussenkomst van de personeelsleden van X, enkel in geval van onduidelijkheden of technische storingen, die beperkt is tot het verlenen van technische assistentie of het verschaffen van uitleg over het correcte gebruik van de virtuele coach en/of de sportuitrusting die aanwezig is in het innovatief hoogtechnologisch sportbelevingscentrum, doet hieraan in de omstandigheden eigen aan de zaak geen afbreuk, gelet op de vaststelling dat deze tussenkomst niet kwalificeert als echte sportlessen, individuele/persoonlijke sportieve begeleiding/coaching of groepsbegeleiding gegeven aan de in dit centrum aanwezige bezoekers.

## Aangehaalde teksten

2

[KB nr. 20 art. 1](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-20-juli-vaststelling-tarieven-belasting-toegevoegde-52d3) 3 voorkomens

[C-463/16, arrest van 18 januari 2018](https://juriel.be/nl/rechtspraak-unie/c-463-16-arrest) 1 voorkomen
