---
title: "Voorafgaande beslissing 2021.0886 · Personenbelasting, Meerwaarde op aandelen"
description: "Personenbelasting, Meerwaarde op aandelen, Divers inkomen, Normaal beheer privévermogen. Belgische voorafgaande beslissing nr. 2021.0886 van 26 oktober 2021."
url: "https://juriel.be/nl/rulings/2021-0886-personenbelasting-meerwaarde-aandelen-divers-inkomen-dbff"
lang: "nl"
---

# Personenbelasting, Meerwaarde op aandelen, Divers inkomen, Normaal beheer privévermogen · Personenbelasting - Meerwaarde op aandelen - Divers inkomen - Normaal beheer privévermogen - Verkoop van aandelen - Vennootschapsbelasting -Belastingneutrale partiële splitsing - Zakelijke overwegingen - Belastingfraude of -ontwijking - Investeringsaftrek - Antimisbruikbepaling - BTW - Overdracht van een bedrijfsafdeling - Verhuur van onroerende goederen

**Nummer**

2021.0886

**Datum**

26 oktober 2021

## Over het document

**Verzameling**

Voorafgaande beslissingen

**Taal van de tekst**

Nederlands

## Tekst

136 paragrafen

Fiche van de FOD Financiën

Voorafgaande beslissing nr. 2021.0886 d.d. 26.10.2021

*Personenbelasting* · *Meerwaarde op aandelen* · *Divers inkomen* · *Normaal beheer privévermogen* · *Verkoop van aandelen* · *Vennootschapsbelasting* · *Belastingneutrale partiële splitsing* · *Zakelijke overwegingen* · *Belastingfraude of -ontwijking* · *Investeringsaftrek* · *Antimisbruikbepaling*

*BTW* · *Overdracht van een bedrijfsafdeling* · *Verhuur van onroerende goederen*

## Samenvatting

De partiële splitsing van X BV, waarbij haar exploitatieactiviteit zal worden overgedragen aan een nieuw op te richten vennootschap (hierna Exploco genaamd) met het oog op de overdracht van een minderheidsparticipatie in Exploco aan een key-medewerker van het bedrijf, beantwoordt aan het bepaalde in artikel 183bis van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 (WIB 92) en kan plaatsvinden onder het belastingneutraal stelsel als bedoeld in artikel 211, § 1, WIB 92. De voormelde partiële splitsing valt onder de toepassing van de artikelen [11](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-11) en [18, § 3](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-18) van het Wetboek van de belasting over de toegevoegde waarde (W.BTW).

De op de partiële splitsing volgende verkoop door de huidige aandeelhouders van een minderheidsparticipatie in Exploco aan een vennootschap die door een key-medewerker van het bedrijf hiertoe zal worden opgericht, kwalificeert als een normale verrichting van het beheer van privévermogen zodat de meerwaarde niet zal belast worden als divers inkomen in de zin van de artikelen 90, eerste lid, 1° en 9°, eerste gedachtestreepje, WIB 92 en ook niet belastbaar is als beroepsinkomen op grond van artikel 23 WIB 92.

Voor zover het verbouwde en uitgebreide pand in handen van X BV voor btw-doeleinden kwalificeert als een nieuw gebouw, kan dit onroerend goed met toepassing van btw worden verhuurd overeenkomstig artikel 44, § 3, 2°, d), W.BTW;

X BV (na partiële splitsing) heeft met betrekking tot de verbouwings- en uitbreidingsinvesteringen aan het bedrijfsgebouw recht op investeringsaftrek op basis van artikel 68 WIB 92 e.v. en specifiek op basis van artikel 75, 3°, WIB 92.

De keuze voor het geheel van de voorgenomen verrichtingen (partiële splitsing gevolgd door een gedeeltelijke verkoop van aandelen) is verantwoord door andere motieven dan het ontwijken van inkomstenbelastingen in de zin van artikel 344, § 1, derde lid, WIB 92 en maakt derhalve geen fiscaal misbruik uit als bedoeld in artikel 344, § 1, eerste lid, WIB 92.

## I. Voorwerp van de aanvraag

1\. De aanvraag strekt er toe de bevestiging te krijgen dat:

1.1. de partiële splitsing van X BV, waarbij haar exploitatieactiviteit zal worden overgedragen aan een nieuw op te richten vennootschap (hierna Exploco genaamd), beantwoordt aan het bepaalde in artikel 183bis van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 (WIB 92) en aan de voorwaarden zoals gesteld in artikel 211, § 1, WIB 92;

1.2. de voormelde partiële splitsing niet kan worden aanzien als een handeling bedoeld in artikel 184quater, derde lid, WIB 92, waardoor de verrichting niet geacht wordt gepaard te gaan met een fictieve dividenduitkering, en voor de bepaling van het toepasselijke tarief van de roerende voorheffing op de eventuele toekomstige uitkeringen van deze reserves zoals bedoeld in artikel 269, § 1, 8°, WIB 92, rekening wordt gehouden met de datum waarop deze reserves initieel werden aangelegd binnen X BV;

1.3. het feit dat de vrijgestelde reserve, die door de vennootschap is aangelegd met het oog op het bekomen van de vrijstelling zoals voorzien in artikel 194ter WIB 92 (tax shelter voor audiovisuele werken), ingevolge de voormelde partiële splitsing wordt verdeeld over de 2 vennootschappen overeenkomstig artikel 213 WIB 92, niet tot gevolg heeft dat de voorheen vrijgestelde winst wordt aangemerkt als winst van het belastbare tijdperk waarin de verrichting heeft plaatsgevonden;

1.4. de voormelde partiële splitsing onder de toepassing valt van de artikelen [11](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-11) en [18, § 3](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-18) van het Wetboek van de belasting over de toegevoegde waarde (W.BTW);

1.5. de op de partiële splitsing volgende verkoop door de heren A en B van elk een minderheidsparticipatie in Exploco aan de vennootschap van de heer C, kwalificeert als een normale verrichting van het beheer van privévermogen zodat de meerwaarde niet zal belast worden als divers inkomen in de zin van de artikelen 90, eerste lid, 1° en 9°, eerste streepje, WIB 92 en ook niet belastbaar is als beroepsinkomen op grond van artikel 23 WIB 92;

1.6. het verbouwde en uitgebreide pand in handen van X BV (na partiële splitsing, hierna X Immo BV) verhuurd kan worden met toepassing van btw overeenkomstig artikel 44, § 3, 2°, d), W.BTW;

1.7. X Immo BV met betrekking tot deze investeringen recht heeft op investeringsaftrek op basis van artikel 68 WIB 92 e.v. en specifiek op basis van artikel 75, 3°, WIB 92;

1.8. het geheel van de voorgenomen verrichtingen geen fiscaal misbruik uitmaakt in de zin van artikel 344, § 1, WIB 92.

## II. Omschrijving van de verrichtingen

2\. X BV is een exploitatievennootschap waarvan de aandelen elk voor de helft in handen zijn van de heren A en B. De exploitatievennootschap is tevens eigenaar van het bedrijfsgebouw waarin zij haar activiteit uitoefent.

3\. De beoogde verrichting betreft de partiële splitsing van X BV, waarbij haar exploitatieactiviteit zal worden overgedragen aan een nog op te richten vennootschap, hierna Exploco genaamd, tegen uitgifte van nieuwe aandelen aan de twee bestaande aandeelhouders, meer bepaald A-aandelen en een minderheidsparticipatie B-aandelen aan elke aandeelhouder. Deze verrichting beantwoordt aan de definitie van een met een splitsing gelijkgestelde verrichting als vermeld in artikel 2, § 1, 6°/1, g), WIB 92.

4\. Deze partiële splitsing zal worden gevolgd door een verkoop door de heren A en B van de B-aandelen van Exploco aan een derde partij.

5\. Tevens zal X BV (na partiële splitsing) aanzienlijke verbouwings- en uitbreidingswerken uitvoeren aan het bedrijfsgebouw dat via huur ter beschikking zal worden gesteld van Exploco voor het uitoefenen van haar bedrijfsactiviteit.

## III. Beslissing

### *III.A. Inzake de partiële splitsing*

*Wat betreft de toepassing van artikel 183bis en 211, § 1, WIB 92*

6\. De voorgenomen partiële splitsing heeft tot doel de exploitatieactiviteit van X BV onder te brengen in een afzonderlijke vennootschap om deze op die manier af te zonderen van het bedrijfsgebouw, dat verder zal worden beheerd vanuit X BV, hierna X Immo BV.

7\. Door het onderbrengen van de exploitatieactiviteit van X BV in een afzonderlijke vennootschap wenst men de intrede van een derde partij, met name de heer C, financieel mogelijk te maken. De heer C, die middels een nog op te richten vennootschap zal intreden in Exploco, is een kernmedewerker die de nodige knowhow bezit om de geplande vernieuwing van de toonzaal en verdere ontwikkeling van de exploitatieactiviteit mee te helpen ondersteunen.

8\. Verder zal binnen X Immo BV het bestaande bedrijfsgebouw, dat zal worden verhuurd aan Exploco, grondig worden gerenoveerd en tevens worden uitgebreid. Hierdoor zal kunnen worden voldaan aan de vraag tot bijkomende ruimte door Exploco in het kader van de ontwikkeling van nieuwe activiteiten. Door de partiële splitsing worden de risico’s van het vastgoedbeheer en de bedrijfsexploitatie afgescheiden van elkaar. In dit verband heeft de aanvrager bevestigd dat er geen rechtsvorderingen rusten op X BV, zodat de afsplitsing van de exploitatie niet tot doel heeft om zich te onttrekken aan bepaalde toekomstige financiële verplichtingen.

9\. De aanvragers hebben bevestigd dat het personeel zal worden overgedragen aan de verkrijgende vennootschap Exploco, waaruit blijkt dat de overgedragen activiteit bij voortduur zal worden verdergezet.

10\. Tevens werd bevestigd dat een marktconforme vergoeding zal worden aangerekend door X Immo BV voor het gebruik van het bedrijfsvastgoed door Exploco.

11\. Door de aanvragers werd verder bevestigd dat bij de verdeling van de eigen vermogensbestanddelen ingevolge de geplande partiële splitsing rekening zal worden gehouden met de toepassing van artikel 213 WIB 92 en met de voorschriften van de fiscale administratie terzake.

12\. X BV is winstgevend en beschikt niet over overgedragen fiscaal aftrekbare bestanddelen. Aangezien de verkrijgende vennootschap een nieuw op te richten vennootschap is, beschikt zij evenmin over dergelijke bestanddelen.

13\. Door de aanvragers werd aangetoond dat zowel X Immo BV als Exploco na de partiële splitsing financieel leefbaar zullen zijn.

14\. De aanvragers-natuurlijke personen hebben tenslotte bevestigd dat er geen intentie bestaat om, behoudens de in de aanvraag beschreven aandelenoverdracht van een minderheidsparticipatie in Exploco, de aandelen van X Immo BV of de overige aandelen van Exploco over te dragen aan derden.

15\. Op basis van de door de aanvragers verstrekte inlichtingen en het door de DVB gevoerde onderzoek kan worden aangenomen dat de partiële splitsing van X BV zal plaatsvinden op basis van zakelijke overwegingen en niet als hoofddoel of één der hoofddoelen belastingfraude of –ontwijking heeft in de zin van artikel 183bis WIB 92.

16\. De verkrijgende vennootschap Exploco zal een binnenlandse vennootschap zijn.

17\. Derhalve kan worden besloten dat aan de voorwaarden zoals gesteld in artikel 211, § 1, vierde lid, WIB 92 is voldaan, zodat de geplande partiële splitsing van X BV kan worden verricht onder het belastingneutraal regime zoals bedoeld in artikel 211, § 1, WIB 92.

*Wat betreft de toepassing van de artikelen 184quater, derde lid en 269, § 1, 8°, WIB 92*

18\. Ingevolge artikel 184quater, eerste lid, WIB 92 kan een vennootschap die op grond van artikel 15, §§ 1 tot 6, van het Wetboek van vennootschappen als kleine vennootschap wordt aangemerkt een liquidatiereserve aanleggen.

19\. Artikel 184quater, derde lid, WIB 92 stelt verder dat de liquidatiereserve op één of meer afzonderlijke rekeningen van het passief moet worden geboekt en blijven en niet mag dienen tot grondslag voor enige beloning of toekenning.

20\. Artikel 269, § 1, 8°, WIB 92 bepaalt dat “de aanslagvoet van de roerende voorheffing is vastgesteld op 5% of 20% voor de dividenden, andere dan deze bedoeld in artikel 209, in de mate dat hun toekenning of betaalbaarstelling voortkomt uit een aantasting van de liquidatiereserve bedoeld in artikel 184quater WIB 92, of voor de dividenden van buitenlandse oorsprong die in België zijn geïnd of verkregen in zoverre hun toekenning of betaalbaarstelling het gevolg is van analoge bepalingen of gelijkaardige gevolgen heeft genomen door een andere lidstaat van de Europese Economische Ruimte, en naargelang het aangetaste gedeelte van deze reserves gedurende ten minste 5 jaar of minder dan 5 jaar, te rekenen vanaf de laatste dag van het betreffende belastbaar tijdperk, behouden is gebleven op de wijze bedoeld in artikel 184quater, derde lid.”

21\. Uit de verstrekte gegevens van de aanvragers blijkt dat X BV een liquidatiereserve heeft aangelegd in de zin van artikel 184quater, WIB 92.

22\. Ten gevolge van de partiële splitsing van X BV gaat een deel van de liquidatiereserve over naar Exploco. Ingevolge artikel 213, eerste lid, WIB 92 dient de liquidatiereserve van X BV immers te worden overgedragen overeenkomstig de fiscale nettowaarde van de bestanddelen die door Exploco worden overgenomen of verkregen.

23\. Zoals reeds gesteld in randnummer 19 bepaalt artikel 184quater, derde lid, WIB 92 dat de liquidatiereserve op één of meer afzonderlijke rekeningen van het passief moet worden geboekt en blijven en niet mag dienen tot grondslag voor enige beloning of toekenning.

24\. Het antwoord van de minister van Financiën op de parlementaire [vraag nr. 2648 van de heer Luk Van Biesen van 11 maart 2015](https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/2648-liquidatiereserve-reserve-mondelinge-luk-biesen-b4f8) stelt dat bij een moeder-dochterfusie, het voordeel van een liquidatiereserve verloren gaat. Bij dergelijke moeder-dochterfusie worden de belaste reserves van de overgenomen vennootschap immers niet meer teruggevonden in het vermogen van de overnemende vennootschap, zodat niet langer voldaan is aan de voorwaarde voor het behoud van de liquidatiereserve.

25\. In casu betreft de verrichting echter een belastingneutrale partiële splitsing. Gezien het feit dat de liquidatiereserves nog steeds zullen teruggevonden worden bij X Immo BV en Exploco na deze partiële splitsing, is er in casu geen sprake van een handeling zoals bedoeld in artikel 184quater, derde lid, WIB 92.

26\. Indien er zich later een aantasting voordoet, andere dan deze bedoeld in artikel 209 WIB 92, bij één van de betrokken vennootschappen, zullen de bepalingen van artikel 269, § 1, 8°, WIB 92, in voorkomend geval, van toepassing zijn op de liquidatiereserve die hen was toebedeeld (of behouden bleef) ingevolge de partiële splitsing.

27\. Voor de bepaling van het toepasselijk tarief van de roerende voorheffing op eventuele uitkeringen van de liquidatiereserve bedoeld in artikel 269, § 1, 8°, WIB 92 moet rekening worden gehouden met de datum waarop deze reserve initieel werd aangelegd door X BV.

28\. Een partiële splitsing onder toepassing van de fiscale neutraliteit heeft niet tot gevolg dat de duur of de berekening van deze periode zal wijzigen.

29\. Derhalve kan worden besloten dat de voormelde partiële splitsing niet kan worden aanzien als een handeling bedoeld in artikel 184quater, derde lid, WIB 92 en dat voor de bepaling van het toepasselijke tarief van de roerende voorheffing op de eventuele toekomstige uitkeringen van de liquidatiereserves zoals bedoeld in artikel 269, § 1, 8°, WIB 92, rekening wordt gehouden met de datum waarop deze reserves initieel werden aangelegd binnen X BV.

*Wat betreft de toepassing van artikel 194ter WIB 92*

30\. Ingeval van een (partiële) splitsing in toepassing van artikel 211, § 1, WIB 92 worden de verkrijgende vennootschappen, overeenkomstig de bepalingen van artikel 213 WIB 92, bij het bepalen van het gestorte kapitaal en van de voorheen gereserveerde winst die ingeval van (partiële) splitsing bij elk van de overnemende of verkrijgende vennootschappen in aanmerking worden genomen, geacht het gestorte kapitaal, de belaste reserves en de vrijgestelde reserves van de (partieel) gesplitste vennootschap evenredig met de fiscale nettowaarde van de door deze laatste aan elk van hen gedane inbreng te hebben overgenomen of verkregen.

31\. De voormelde bepaling heeft tot gevolg dat de vrijgestelde reserve die X BV heeft aangelegd met het oog op het verkrijgen van de vrijstelling zoals voorzien in artikel 194ter WIB 92, zal worden verdeeld over de twee verkrijgende vennootschappen in verhouding tot de fiscale nettowaarde van de aan elk van de verkrijgende vennootschappen gedane inbreng.

32\. Gelet op het belastingneutrale karakter van het in artikel 211, § 1, WIB 92 bedoelde stelsel heeft het feit dat een gedeelte van de voormelde vrijgestelde reserve niet langer kan terug gevonden worden in het vermogen van de vennootschap die de verbintenissen van de raamovereenkomst als bedoeld in artikel 194ter, § 1, 2°, WIB 92 (tax shelter) op zich heeft genomen of die in uitvoering van deze raamovereenkomst reeds toegekende leningen of verworven rechten heeft overgenomen, niet tot gevolg dat de voorheen in toepassing van artikel 194ter WIB 92 vrijgestelde winst belastbaar wordt tijdens het belastbare tijdperk waarin de verrichting heeft plaatsgevonden. De tijdelijke en voorwaardelijke vrijstelling van de verbonden of gestorte sommen blijft aldus behouden.

33\. De aandacht wordt er evenwel op gevestigd dat bij het niet langer naleven of ontbreken van één van de in artikel 194ter, § 4, eerste lid, WIB 92 gestelde voorwaarden gedurende enig belastbaar tijdperk :

33.1. het volledige bedrag van de voorheen vrijgestelde winst wordt aangemerkt als winst van het belastbare tijdperk ten name van X Immo BV die naar aanleiding van de partiële splitsing de uit de voormelde raamovereenkomst voortvloeiende verbintenissen op zich heeft genomen of die in uitvoering van deze raamovereenkomst reeds toegekende leningen of verworven rechten heeft overgenomen en dit door het verkregen gedeelte van de vrijgestelde reserve om te zetten in een belastbare reserve en het overschot (zijnde het gedeelte van de belastingvrije reserve dat zich bij Exploco bevindt) ten name van X Immo BV als een verworpen uitgave te belasten onder de rubriek ‘kosten tax shelter erkende audiovisuele werken’;

33.2. teneinde dubbele belasting te vermijden dient op datzelfde moment ten name van Exploco het aan haar toegewezen gedeelte van de vrijgestelde reserves onder de belaste reserves te worden opgenomen tezamen met een aanpassing in meer van de begintoestand van de reserves voor eenzelfde bedrag.

34\. Naar aanleiding van de definitieve en onvoorwaardelijke vrijstelling dient, overeenkomstig de onderrichtingen zoals uiteengezet in het nr. 79 van de administratieve circulaire Ci.RH.421/566.524 van 23 december 2004, ten name van alle bij de partiële splitsing betrokken vennootschappen het aan hen toegewezen gedeelte van de vrijgestelde reserve onder de belaste reserves te worden opgenomen, hetgeen zal worden gecompenseerd door een aanpassing in meer van de begintoestand van de reserves voor eenzelfde bedrag.

*Wat betreft de artikelen 11 en 18, § 3, W.BTW*

35\. Overeenkomstig artikel 11, W.BTW wordt niet als levering beschouwd, de overdracht van een algemeenheid van goederen of van een bedrijfsafdeling, onder bezwarende titel of om niet, bij wege van inbreng in een vennootschap of anderszins, wanneer de overnemer een belastingplichtige is die de belasting, indien ze ingevolge de overdracht zou verschuldigd zijn, geheel of gedeeltelijk zou kunnen aftrekken. In dat geval wordt de overnemer geacht de persoon van de overdrager voort te zetten. Artikel 18, § 3, W.BTW bevat hetzelfde principe met betrekking tot diensten.

36\. Deze artikelen zijn de omzetting in het Belgisch BTW Wetboek van de artikelen [19](https://juriel.be/nl/unierecht/btw-richtlijn-2006-112/artikel-19) en [29](https://juriel.be/nl/unierecht/btw-richtlijn-2006-112/artikel-29) van de Richtlijn 2006/112/CE van de Raad van 28 november 2006 betreffende het gemeenschappelijke stelsel van belasting over de toegevoegde waarde (vroeger artikelen [5, paragraaf 8](https://juriel.be/nl/unierecht/zesde-richtlijn-77-388/artikel-5), en [6, paragraaf 5](https://juriel.be/nl/unierecht/zesde-richtlijn-77-388/artikel-6), van de zesde richtlijn 77/388/CE van de Raad van 17 mei 1977 betreffende de harmonisatie van de wetgevingen der Lid-Staten inzake omzetbelasting - Gemeenschappelijk stelsel van belasting over de toegevoegde waarde: uniforme grondslag).

37\. In haar arrest van 27 november 2003 – zaak [C-497/01](https://juriel.be/nl/rechtspraak-unie/c-497-01-arrest), Zita Modes Sarl c. Administration de l’enregistrement et des domaines heeft het Europese Hof van Justitie verduidelijkt dat het begrip “overgang van het geheel of een gedeelte van een algemeenheid van goederen onder bezwarende titel, om niet of in de vorm van een inbreng in een vennootschap” moet worden uitgelegd dat daaronder valt de overdracht van een handelszaak of van een autonoom bedrijfsonderdeel met lichamelijke en eventueel ook onlichamelijke zaken, welke tezamen een onderneming of een gedeelte van een onderneming vormen waarmee een autonome economische activiteit kan worden uitgeoefend, en dat daaronder niet valt de verkoop van goederen zonder meer, zoals de verkoop van een voorraad producten.

38\. De artikelen 11 en 18, § 3, W.BTW zijn derhalve van toepassing wanneer de overdracht betrekking heeft op een geheel van elementen bestaande uit lichamelijke en eventueel ook onlichamelijke zaken, welke tezamen een onderneming of een gedeelte van een onderneming vormen waarmee een autonome economische activiteit kan worden uitgeoefend.

39\. Naar aanleiding van de hierboven beschreven overdracht van de exploitatieactiviteit worden alle activa en passiva, rechten en verplichtingen die verbonden zijn aan deze exploitatieactiviteit (behoudens het onroerend goed en de daarop betrekking hebbende schulden) overgedragen aan een nieuw op te richten vennootschap Exploco. Meer bepaald gaat het om immateriële vaste activa bestanddelen, installaties, machines en uitrusting, meubilair en rollend materieel, voorraden, vorderingen, financiële vaste activa, liquide middelen... die specifiek betrekking hebben op de in te brengen exploitatieactiviteit. Daarnaast zal het personeel werkzaam in de exploitatieactiviteit eveneens worden overgedragen naar Exploco.

40\. Het onroerend goed waarin de exploitatieactiviteit wordt uitgeoefend, maakt echter geen deel uit van de overdracht teneinde de instap van een key-medewerker in de exploitatievennootschap financieel mogelijk te maken. Als uit een globale beoordeling van de feitelijke omstandigheden blijkt dat een bedrijfsgebouw waarover de overdrager beschikt, noodzakelijk is voor de voortzetting van de betrokken economische activiteit van de nieuw op te richten vennootschap, zoals in het onderhavige geval, dan verzet zich in beginsel niets ertegen dat de ter beschikkingstelling ervan wordt verkregen via een huurovereenkomst die de partijen afsluiten en niet via een eigendomsoverdracht (H.v.J. 10.11.2011, Christel Schriever, [C-444/10](https://juriel.be/nl/rechtspraak-unie/c-444-10-arrest), r.o. 36, http://curia.europa.eu). In casu zal Exploco ingevolge de afgesloten huurovereenkomst met X BV verder over het gebruik van het bedrijfspand kunnen beschikken. Het feit dat het onroerend goed dienstig voor de exploitatieactiviteit niet wordt overgedragen aan Exploco, verhindert aldus niet de toepassing van de artikelen 11 en 18, § 3, W.BTW.

41\. De overgedragen bestanddelen zullen Exploco derhalve in staat stellen om autonoom en onafhankelijk deze exploitatieactiviteiten verder te zetten.

42\. Deze overdracht van de exploitatieactiviteiten heeft derhalve betrekking op een geheel van verschillende elementen die op technisch en organisatorisch gebied een autonome activiteit uitmaakt en op eigen kracht kan werken.

43\. Er wordt tevens bevestigd dat de overnemer, Exploco, een btw-plichtige is die de btw, indien ze ingevolge de overdracht verschuldigd zou geweest zijn, volgens de normale regels in aftrek kan brengen.

44\. Rekening houdende met het bovenstaande dient te worden besloten dat de artikelen 11 en 18, § 3, W.BTW van toepassing zijn op de in de rulingaanvraag beschreven overdracht van de exploitatieactiviteiten.

### *III.B. Inzake de verkoop van aandelen*

*Wat betreft artikel 23 WIB 92*

45\. De aandelen X BV behoren tot het privévermogen van de aanvragers, zodat zij niet onder het toepassingsgebied van artikel 23 WIB 92 vallen.

*Wat betreft artikel 90, eerste lid, 1° en 9°, eerste streepje, WIB 92*

46\. De geplande verkoop door de heren A en B van een minderheidsparticipatie Exploco aan een derde partij vormt een overdracht onder bezwarende titel als bedoeld in artikel 90, eerste lid, 9°, eerste streepje, WIB 92.

47\. De aandelen Exploco behoren tot het privévermogen van de aanvragers-natuurlijke personen.

48\. De geplande aandelenoverdracht kan, gelet op de hierna vermelde overwegingen, worden aangemerkt als een normale verrichting van beheer van het privévermogen in de zin van artikel 90, eerste lid, 9°, eerste streepje, WIB 92:

48.1. de aanvragers – natuurlijke personen zullen de aandelen Exploco bezitten ingevolge de belastingneutrale partiële splitsing van X BV, waarvan zij reeds meerdere jaren de enige aandeelhouders zijn;

48.2. door de groei van X BV en de geplande uitbreiding van haar activiteiten, welke gepaard gaan met een vernieuwing van de toonzaal en uitbreiding van het bedrijfsgebouw, wenst X BV, ter ondersteuning van de huidige bestuurders, haar key-medewerker aan zich te binden door deze te laten toetreden tot het kapitaal van de vennootschap;

48.3. de geplande verkoop door de heren A en B van een minderheidsparticipatie Exploco aan de nog op te richten vennootschap van de heer C is dan ook ingegeven door bedrijfseconomische noden. Door de toetreding van de key-medewerker in Exploco kan de continuïteit ervan gegarandeerd worden en kan deze verder worden uitgebouwd, samen met de heer C, die hiervoor over de nodige know how beschikt;

48.4. om de toetreding van de heer C financieel haalbaar te maken zal X BV voorafgaandelijk aan de aandelenverkoop partieel gesplitst worden waardoor de exploitatieactiviteit en het bedrijfsgebouw in afzonderlijke vennootschappen worden ondergebracht;

48.5. het betreft geen geheel van complexe verrichtingen, noch spitsvondig feitencomplex;

48.6. de meerwaarde die bij de voorgenomen aandelenoverdracht zal worden gerealiseerd is, gelet op de bezitsduur van de aandelen, de afwezigheid van financieringen en van hoge risico's, niet het gevolg van speculatie als bedoeld in artikel 90, eerste lid, 1°, WIB 92;

48.7. bij de partiële splitsing die aan de verkoop voorafgaat zal een aanzienlijk bedrag aan liquiditeiten worden behouden in X Immo BV, waar dit zal worden gebruikt voor de geplande verbouwingswerken. De liquide middelen die worden afgesplitst naar Exploco kunnen, gelet op de in de aanvraag verstrekte motivatie, beschouwd worden als werkkapitaal.

### *III.C. Inzake de verbouwing en terbeschikkingstelling van het onroerend goed*

*Wat betreft de toepassing van de artikelen 68 en 75, 3°, WIB 92*

49\. Op basis van artikel 68 WIB 92 worden winst en baten vrijgesteld tot een deel van de aanschaffings- of beleggingswaarde van de materiële vaste activa die in nieuwe staat zijn verkregen of tot stand gebracht en van de nieuwe immateriële vaste activa, indien die vaste activa in België voor het uitoefenen van de beroepswerkzaamheid worden gebruikt.

50\. Op basis van artikel 184 WIB 92 is dit regime in beginsel eveneens van toepassing in de vennootschapsbelasting. Evenwel kan de investeringsaftrek enkel worden toegepast met betrekking tot binnenlandse vennootschappen die op grond van artikel 1:24, §§ 1 tot 6, van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen (WVV) als kleine vennootschappen worden aangemerkt voor het aanslagjaar dat verbonden is aan het belastbaar tijdperk waarin de vaste activa zijn verkregen of tot stand gebracht.

51\. Daarnaast zijn op basis van artikel 75, 3°, WIB 92 de vaste activa waarvan het gebruik aan een belastingplichtige is overgedragen op een andere wijze dan via een leasing-, erfpacht-, opstal- of soortgelijke overeenkomst (bijvoorbeeld via verhuur) uitgesloten van het voordeel van de gewone investeringsaftrek, tenzij de overdracht gebeurt aan een natuurlijke persoon of aan een vennootschap, die zelf aan de voorwaarden, criteria en grenzen voor de toepassing van de investeringsaftrek tegen eenzelfde of een hoger percentage voldoet.

52\. X BV is een kleine vennootschap in de zin van artikel 1:24, §§ 1 tot 6, WVV en zal aan haar bedrijfsgebouw omvangrijke vernieuwingswerken uitvoeren en verdiepingen bij bouwen. De werken zullen plaatsvinden in het najaar van 2021 en in 2022. De gedane investeringen zullen in België gebruikt worden voor de uitoefening van de beroepswerkzaamheid.

53\. X BV zal partieel worden gesplitst waarbij haar exploitatieactiviteit zal worden overgedragen aan Exploco, terwijl het bedrijfsgebouw in X BV (na partiële splitsing X Immo BV) zal behouden blijven. X Immo BV zal vervolgens het bedrijfsgebouw via huur ter beschikking stellen van Exploco.

54\. Uit de aanvraag blijkt dat Exploco zelf ook recht zou hebben op investeringsaftrek indien de vennootschap de investeringen zelf zou dragen. Exploco zal ook een kleine vennootschap zijn overeenkomstig de bepalingen van artikel 1:24, §§ 1 tot 6 WVV. Zij zal zelf ook een aantal inrichtingswerken dragen die op hun beurt recht zullen geven op de toepassing van investeringsaftrek.

55\. Gelet op het feit dat enerzijds het verbouwde en uitgebreide gebouw via verhuur zal worden afgestaan aan Exploco, die deze vaste activa in België zal gebruiken voor het verkrijgen van winst of baten en die het recht van gebruik daarvan geheel noch gedeeltelijk aan een derde zal overdragen en anderzijds Exploco zelf voldoet aan de voorwaarden om in aanmerking te komen voor de investeringsaftrek, kan worden besloten dat de verbouwingswerken die door X Immo BV zullen worden doorgevoerd en geactiveerd, vallen onder de uitzonderingsbepaling van artikel 75, 3°, WIB 92, zodat deze in aanmerking komen voor toepassing van de investeringsaftrek.

*Wat betreft de toepassing van artikel 44, § 3, 2°, d), W.BTW*

56\. Met onderhavige rulingaanvraag wenst aanvrager eveneens bevestiging te bekomen dat het verbouwde en uitgebreide pand in handen van X Immo BV met toepassing van btw overeenkomstig artikel 44, §3, 2°, d), W.BTW verhuurd kan worden aan Exploco.

57\. Artikel 44, § 3, 2°, W.BTW bepaalt dat de verpachting en de verhuur van uit hun aard onroerende goederen van de belasting is vrijgesteld, met uitzondering van:

…

d)de verhuur van een gebouw of een gedeelte van een gebouw, dat door de huurder uitsluitend wordt gebruikt voor de economische activiteit die hem de hoedanigheid van belastingplichtige verleent, mits de verhuurder en de huurder gezamenlijk opteren om die verhuur te belasten. Als een gebouw of een gedeelte van een gebouw tegelijk wordt verhuurd met het bijhorend terrein, moet de optie worden uitgeoefend ten aanzien van beide onroerende goederen samen.

De optie geldt voor de gehele duur van de overeenkomst.

De optie kan enkel worden uitgeoefend voor overeenkomsten die betrekking hebben op gebouwen of gedeelten van gebouwen waarvoor de belasting op de handelingen bedoeld in artikel 19, § 2, derde lid, met betrekking tot het gebouw zelf en die bijdragen tot de oprichting ervan, ten vroegste op 1 oktober 2018 voor de eerste keer opeisbaar is. Deze voorwaarde is niet van toepassing op de overeenkomsten tot terbeschikkingstelling van ruimten voor het opslaan van goederen bedoeld onder punt a), tweede streepje waarvoor de optie kan worden uitgeoefend.

Voor de toepassing van het eerste lid wordt verstaan onder "bijhorend terrein", het kadastraal perceel of de kadastrale percelen waarop het gebouw of het gedeelte van het gebouw is opgericht en dat of die tegelijk met dat gebouw of gedeelte van dat gebouw door éénzelfde persoon wordt of worden verhuurd.

De Koning bepaalt het tijdstip waarop de optie moet worden uitgeoefend en de vormvereisten die daarbij moeten worden nagekomen;

58\. In [Circulaire 2019/C/25](https://juriel.be/nl/omzendbrieven/2019-c-25-wijziging-btw-wetboek-vlak-onroerende-a58b) van 21 maart 2019 wordt in FAQ nr. 3 vermeld dat als basisregel voor de toepassing van artikel 44, § 3, 2°, d), W.BTW geldt dat de optie voor de belastingheffing betrekking moet hebben op een nieuwbouw. Hiermee wordt eveneens bedoeld een oud gebouw dat ingrijpende of belangrijke renovatiewerken heeft ondergaan.

59\. Er dient in casu te worden onderzocht of de gebouwen aanwezig in de vennootschap X Immo BV door het uitvoeren van de beschreven verbouwings -en uitbreidingswerken dergelijke ingrijpende of belangrijke renovatiewerken zullen ondergaan.

60\. In de rulingaanvraag worden deze werken zeer summier omschreven, waaronder het bouwen van twee nieuwe verdiepingen bovenop het bestaande gebouw.

61\. De aanvrager baseert zich vooral op de waarde van de uitgevoerde werken ten opzichte van de verkoopwaarde van het onroerend goed na de werken om aan te tonen dat door de voorgenomen werkzaamheden het verbouwde gebouw de kenmerken verkrijgt van een nieuw gebouw.

62\. Volgens de eigen berekeningen van de aanvrager wordt de 60% zeer nipt overschreden, zijnde 61,93%.

63\. De DVB doet hierbij evenwel geen onderzoek of controle naar de correctheid van de overgemaakte cijfers.

64\. Gelet op het bovenstaande dient te worden besloten dat, voor zover het betreffende onroerend goed door de beschreven renovatiewerken de kenmerken verkrijgt van een nieuw gebouw, het verbouwde oude gebouw bedoeld is door artikel 44, § 3, 2°, d), W.BTW.

65\. De aanvrager dient tevens de bevoegde administratie op de hoogte te brengen van deze ingrijpende bouwwerken zodat dit desgevallend aanleiding geeft tot een wijziging van het kadastraal inkomen dat aan het gebouw was toegekend voor de aanvang van de werken.

66\. Daarnaast zullen ook de andere toepassingswaarden van artikel 44, § 3, 2°, d), W.BTW vervuld zijn.

67\. De toekomstige huurder, zijnde Exploco, zal het gebouw uitsluitend gebruiken voor de economische activiteit die hem de hoedanigheid van btw-belastingplichtige verleent (winkelgedeelte, opslaggedeelte, … ).

68\. De aanvragers engageren zich dat de huurprijs marktconform zal zijn.

69\. Er werd bevestigd dat verhuurder en huurder in de huurovereenkomst zullen opteren voor de optionele onroerende verhuur en dat geen btw opeisbaar geworden is op de eigenlijke materiële bouwwerkzaamheden voor 1 oktober 2018.

70\. Voor zover het verbouwde en uitgebreide pand van X Immo BV voor btw-doeleinden kwalificeert als een nieuw gebouw, kan dit onroerend goed met toepassing van btw verhuurd worden overeenkomstig artikel 44, § 3, 2°, d), W.BTW

### *III.D. Inzake de toepassing van artikel 344, § 1, WIB 92*

71\. Het geheel van de verrichtingen kadert in de continuïteit en verdere uitbouw van de onderneming. Gelet op de groei van het bedrijf, de uitbreiding van haar activiteiten en de nood aan vernieuwing van de toonzaal dientengevolge, wensen de huidige aandeelhouders van X BV een key-medewerker die hen bij dit alles kan ondersteunen, te laten intreden in het kapitaal van de vennootschap.

72\. Door de partiële splitsing wordt de exploitatie afgezonderd van het bedrijfspand en wordt de intrede van de key-medewerker door het verwerven van een minderheidsparticipatie in de exploitatievennootschap financieel haalbaar.

73\. De daaropvolgende verkoop van B-aandelen Exploco heeft tot doel een medewerker te laten intreden in het kapitaal van de exploitatievennootschap, die samen met de huidige aandeelhouders de vennootschap verder zal uitbouwen.

74\. Door naar aanleiding van de partiële splitsing in Exploco 2 categorieën aandelen te creëren, met name A-aandelen die recht hebben op uitkering van liquidatiereserves en B-aandelen die daar geen recht op hebben, en vervolgens enkel de B-aandelen over te dragen, kunnen de huidige aandeelhouders zich het recht voorbehouden op uitkering van de binnen X BV reeds aangelegde liquidatiereserves en van de toekomstige liquidatiereserves die binnen Exploco zullen worden aangelegd.

75\. De aanvragers-natuurlijke personen hebben bevestigd dat zij, behoudens de in de aanvraag omschreven overdracht van een minderheidsparticipatie in Exploco, niet de intentie hebben om de aandelen van X Immo BV of de overige aandelen van Exploco over te dragen.

76\. De keuze van het geheel van de rechtshandelingen is verantwoord door andere motieven dan het ontwijken van inkomstenbelastingen in de zin van artikel 344, § 1, derde lid, WIB 92 en maakt derhalve geen fiscaal misbruik uit als bedoeld in artikel 344, § 1, eerste lid, WIB 92.

77\. Onderhavige beslissing is gebaseerd op elementen zoals deze door de aanvrager vermeld worden. De DVB spreekt zich, ondanks de vermelding in randnummers 14 en 75, in deze beslissing niet uit over de mogelijke toepassing van antimisbruikbepalingen (artikel 183bis, WIB 92 of artikel 344, § 1, WIB 92, ...) ten gevolge van verrichtingen die niet omschreven zijn in deze beslissing, zoals inzonderheid een latere overdracht van de aandelen van X Immo BV of van de overige aandelen van Exploco. Bij een latere overdracht van deze aandelen is de beslissing zoals vermeld in randnummers 17, 29, 32, 48 en 76 niet langer geldig, tenzij de DVB in een avenant aan de beslissing de geldigheid ervan zou bevestigen.

## Aangehaalde teksten

8

[WBTW art. 11](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-11) 2 voorkomens

[WBTW art. 18](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-18) 2 voorkomens

[Zesde richtlijn 77/388 art. 5](https://juriel.be/nl/unierecht/zesde-richtlijn-77-388/artikel-5) 1 voorkomen

[Zesde richtlijn 77/388 art. 6](https://juriel.be/nl/unierecht/zesde-richtlijn-77-388/artikel-6) 1 voorkomen

[btw-richtlijn 2006/112 art. 19](https://juriel.be/nl/unierecht/btw-richtlijn-2006-112/artikel-19) 1 voorkomen

[btw-richtlijn 2006/112 art. 29](https://juriel.be/nl/unierecht/btw-richtlijn-2006-112/artikel-29) 1 voorkomen

[C-444/10, arrest van 10 november 2011](https://juriel.be/nl/rechtspraak-unie/c-444-10-arrest) 1 voorkomen

[C-497/01, arrest van 27 november 2003](https://juriel.be/nl/rechtspraak-unie/c-497-01-arrest) 1 voorkomen
