Verlaagd btw-tarief, Uitbreiding assistentiewoningen · Voorafgaande beslissingen

Naar de tekst
Juriel

2021.0105 23 maart 2021

Zoeken

Verlaagd btw-tarief, Uitbreiding assistentiewoningenBtw - Verlaagd btw-tarief - Uitbreiding assistentiewoningen - Rubriek XXXVI, tabel A, KB nr. 20 - Studio’s voor personen met een handicap - Rubriek XXXII, tabel A, KB nr 20

https://juriel.be/nl/rulings/2021-0105-verlaagd-btw-tarief-uitbreiding-assistentiewoningen-fb03

Nummer
2021.0105
Datum
23 maart 2021

Over het document

Verzameling
Voorafgaande beslissingen
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

81 paragrafen

Fiche van de FOD Financiën

Voorafgaande beslissing nr. 2021.0105 d.d. 23.03.2021

Btw · Verlaagd btw-tarief · Uitbreiding assistentiewoningen · Rubriek XXXVI, tabel A, KB nr. 20 · Studio’s voor personen met een handicap · Rubriek XXXII, tabel A, KB nr 20

Samenvatting

X zal een uitbreidingsnieuwbouw met assistentiewoningen realiseren dat deel zal uitmaken van de site van het bestaande woonzorgcentrum Y. Het oude gedeelte blijft betekenisvol ten aanzien van het nieuwe gedeelte, dat niet onafhankelijk van het oude gedeelte kan functioneren en dat er een coherent en complementair geheel mee vormt.

Het verlaagd tarief van 6% zoals bedoeld in rubriek XXXVI van tabel A van de bijlage bij KB nr. 20 dd. 20 juli 1970 is van toepassing op in de §§1 en 3 van die rubriek bedoelde handelingen.

Verder worden er studio’s opgericht die specifiek aangepast zijn om door een gehandicapte als privé-woning te worden gebruikt. X zal als vereniging zonder winstoogmerk of coöperatieve vennootschap erkend als sociale onderneming overeenkomstig artikel 8:5 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen, deze studio’s verhuren aan personen met een handicap die een tegemoetkoming genieten van een fonds of een agentschap voor personen met een handicap dat door de bevoegde overheid is erkend. Het verlaagd tarief van 6% bij toepassing van rubriek XXXII van tebal A bij KB nr 20 als voormeld is van toepassing.

Tekst van de beslissing

I. Voorwerp van de aanvraag

De aanvraag heeft betrekking op de toepassing van het verlaagde BTW-tarief van 6% als beoogd in rubriek XXXI en XXXII,, van tabel A van de bijlage bij het koninklijk besluit nr. 20 van 20 juli 1970, voor de oprichting van een uitbreidingsnieuwbouw omvattende vier assistentiewoningen en acht studio’s voor personen met een mentale beperking.

II. Omschrijving van de verrichtingen

2. Op de site zijn volgende diensten en gebouwen opgetrokken met de volgende erkenningen:

2.1 87 woongelegenheden met een erkenning als woonzorgcentrum, waarvan 12 met een bijzondere erkenning voor de residentiële opvang van mensen met jongdementie;

2.2 3 woongelegenheden erkend als centrum voor kortverblijf;

2.3 23 erkende assistentiewoningen.

3. De uitbreidingsnieuwbouw bestaat uit twee delen :

3.1 Een eerste deel van het complex is een erkend centrum voor dagverzorging voor mensen met jongdementie, waarop het BTW-tarief van 21% van toepassing is. Dit deel maakt niet het voorwerp uit van onderhavige aanvraag.

3.2 Het tweede deel van het project is een geïntegreerd woonproject met vier assistentiewoningen en 8 studio’s voor personen met een licht tot matig verstandelijke beperking. Voor de personen met beperking wordt de minimumleeftijd van 65 jaar niet gehanteerd. Het doelpubliek zijn volwassen personen met licht tot matig verstandelijke beperkingen.

4. Deze aanvraag heeft uitsluitend betrekking op het tweede deel van het project.

III. Beslissing

III.1 Vier Assistentiewoningen en hun aandeel in de gemeenschappelijke delen

5. Rubriek XXXI, tabel A bij KB nr. 20 genomen ter uitvoering van artikel 37 van het btw-wetboek, voorziet in de toepassing van het btw tarief van 6% voor:

§1 Het werk in onroerende staat en de andere handelingen bedoeld in paragraaf 3 worden onderworpen aan het verlaagd tarief, voor zover de volgende voorwaarden zijn vervuld:

1. de handelingen moeten de omvorming, renovatie, rehabilitatie, verbetering, herstelling of het onderhoud, met uitsluiting van de reiniging, geheel of ten dele van een woning tot voorwerp hebben;

2. de handelingen moeten betrekking hebben op een woning die, na de uitvoering ervan, hetzij uitsluitend, hetzij hoofdzakelijk, als privé-woning wordt gebruikt;

3. de handelingen moeten worden verricht aan een woning waarvan de eerste ingebruikneming ten minste vijftien jaar voorafgaat aan het eerste tijdstip van opeisbaarheid van de btw dat zich voordoet overeenkomstig artikel 22, § 1 of artikel 22bis van het Wetboek;

4. de handelingen moeten worden verstrekt en gefactureerd aan een eindverbruiker […];

5. de door de dienstverrichter uitgereikte factuur en het dubbel dat hij bewaart, moeten, op basis van een duidelijk en nauwkeurig attest van de afnemer, melding maken van het voorhanden zijn van de elementen die de toepassing van het verlaagd tarief rechtvaardigen; behalve in geval van samenspanning tussen de partijen of klaarblijkelijk niet naleven van onderhavige bepaling, ontlast het attest van de afnemer de dienstverrichter van de aansprakelijkheid betreffende de vaststelling van het tarief.

§2 Worden aangemerkt als eindverbruikers in de zin van deze bepaling, voor het werk in onroerende staat en de andere handelingen omschreven in § 3, met betrekking tot de woningen daadwerkelijk gebruikt voor de huisvesting van bejaarden, leerlingen en studenten, minderjarigen, thuislozen, personen in moeilijkheden, personen met een psychische stoornis, mentaal gehandicapten en psychiatrische patiënten, de publiekrechtelijke of privaatrechtelijke personen die beheren:

1° verblijfsinrichtingen voor bejaarden welke door de bevoegde overheid zijn erkend in het kader van de wetgeving inzake bejaardenzorg;

…………

§3 ….

§4 Het verlaagd tarief is in geen geval van toepassing op:

1° werk in onroerende staat en andere onroerende handelingen die geen betrekking hebben op de eigenlijke woning, zoals bebouwingswerkzaamheden, tuinaanleg en oprichten van afsluitingen;

2° werk in onroerende staat en andere onroerende handelingen die tot voorwerp hebben de bestanddelen of een gedeelte van de bestanddelen van zwembaden, sauna's, midget-golfbanen, tennisterreinen en dergelijke installaties.

6. In dit verband wordt verwezen naar beslissingen ET 106.933 dd. 01.09.1994 en ET 106.933/2 dd. 29.03.2006.

7. Overeenkomstig laatstgenoemde beslissing zijn de verlaagde tarieven van 12 pct. en 6 pct., voorzien in de rubrieken X van de tabel B en XXXI van de tabel A van de bijlage bij het koninklijk besluit nr. 20 van 20 juli 1970, van toepassing op de handelingen die deze rubrieken beogen en hebben inzonderheid betrekking op verblijfsinrichtingen voor bejaarden die in het kader van de wetgeving inzake bejaardenzorg erkend zijn door de bevoegde overheid.

8. Het tarief van 12 pct. zoals bedoeld in rubriek X van tabel B van de bijlage bij KB nr. 20 van 20 juli 1970 is in principe eveneens van toepassing op de oprichtingswerken van een serviceflatgebouw dat zich bevindt op dezelfde site als het rusthuis waarmee het een functionele band heeft. Dergelijke werken kunnen evenwel aangemerkt worden als uitbreidingswerken van het bestaande rusthuis en aldus omvormingswerken zijn aan dat rusthuis, overeenkomstig rubriek XXXI van de tabel A vernoemd, onderworpen aan het tarief van 6 pct., rekening houdend met de voorwaarden bepaald in beslissing ET 106.933 dd. 1 september 1994.

9. Voormelde beslissing herinnert er aan dat de toepassing van het tarief van 6% op de uitbreidingswerken aan een woningcomplex niet vereist dat het nieuw gebouwd gedeelte zich bevindt onder hetzelfde dak als het oude gedeelte. De bouw van een nieuwe afzonderlijke vleugel kan worden beschouwd als een omvorming in de zin van de rubriek XXXI voornoemd.

10. De toepassing van het verlaagd tarief van 6 pct. vereist daarentegen, mits alle overige voorwaarden vervuld zijn, dat:

10.1 de oppervlakte van het oude gedeelte betekenisvol blijft in vergelijking met het nieuwe gedeelte, dit wil zeggen dat de oppervlakte van het oude gedeelte groter is dan de helft van de totale oppervlakte van het woningcomplex na de uitvoering van de werken;

10.2 het nieuwe gedeelte (de nieuwbouw) niet onafhankelijk van het oude gedeelte kan functioneren maar dat het er integendeel een coherent en complementair geheel mee vormt, wat het gebruik van het gebouw betreft en de diensten verstrekt aan de bewoners van de twee entiteiten. Benevens de regionale en communautaire bepalingen betreft het hier uiteindelijk een feitenkwestie waarbij, naast het criterium van de ligging van de serviceflats en het rusthuis op eenzelfde site, rekening wordt gehouden met een geheel van elementen zoals het bestaan van een gemeenschappelijke eigenaar van de serviceflats en het rusthuis, de mogelijkheid voor de bewoners van de twee entiteiten om gebruik te maken van dezelfde lokalen (keuken, eetzaal van het rusthuis, ontspanningsruimte,…) en om te genieten van gemeenschappelijke diensten, of nog het bestaan van gemeenschappelijk personeel (bewakingspersoneel waarop de bewoners van de serviceflats beroep kunnen doen, onderhoudspersoneel,…).

11. Aangezien de oppervlakte van het oude gedeelte 6.275 m² bedraagt, terwijl de oppervlakte van het nieuwe gedeelte 1.400 m² bedraagt, kan ervan worden uitgegaan dat de oppervlakte van het oude gedeelte betekenisvol is ten aanzien van het nieuwe gedeelte.

12. De aanvrager toont aan, aan de hand van een reeks van elementen, dat de uitbreiding zowel technisch als organisatorisch sterk met het bestaande complex verbonden is.

13. De vier assistentiewoningen, dewelke ondergebracht worden in het nieuw op te richten uitbreidingsgebouw, zullen deel uitmaken van een gebouwencomplex omvattende het bestaande woonzorgcentrum met assistentiewoningen en kan aldus worden beschouwd als een uitbreiding c.q. omvorming van het bestaande complex.

14. De aanvrager toont aan dat de uit te voeren werken verricht worden aan een gebouwencomplex waarvan de eerste ingebruikneming ten minste 15 jaar voorafgaat aan het eerste tijdstip van opeisbaarheid van de btw overeenkomstig artikel 22 van het btw-wetboek.

15. De aanvrager bevestigt dat :

15.1 de assistentiewoningen door haar zullen worden uitgebaat overeenkomstig de geldende regelgeving en zullen worden aangewend voor de huisvesting van bejaarden;

15.2 de handelingen aan haar worden verstrekt en gefactureerd;

15.3 de vier assistentiewoningen deel zullen uitmaken van de reeds bestaande, erkende groep van assistentiewoningen en aangemerkt worden als een uitbreiding van de reeds bekomen erkenning voor assistentiewoningen.

16. Met verwijzing naar randnummer 4 dient opgemerkt dat de toepassing van rubriek XXXI, tabel A bij KB nr. 20 enkel geldt voor de 4 assistentiewoningen en hun aandeel in de gemeenschappelijke delen die mede aangewend zullen worden door de bewoners van de 8 studio’s, zijnde personen met licht tot matig verstandelijke beperking, waarvan de oprichting van de studio’s en hun aandeel in het gemeenschappelijk deel ressorteert onder de toepassing van rubriek XXXII, tabel A bij KB nr 20, en dit met uitsluiting van het bouwdeel als vermeld onder randnummer 3.1 supra.

17. Het spreekt voor zich dat het normale tarief van toepassing is ten aanzien van de handelingen bedoeld in §4 van voormelde rubriek XXXI.

III.2 Studio’s voor personen met een mentale beperking

18. Rubriek XXXII, tabel A bij KB nr 20 bepaalt :

§ 1. Mits voldaan is aan de hierna gestelde voorwaarden, is het verlaagd tarief van toepassing op de werken in onroerende staat in de zin van artikel 19, § 2, tweede lid, van het Wetboek, met uitsluiting van het reinigen, en op de andere handelingen opgesomd in rubriek XXXI, § 3, 3° tot 6°:

1° de handelingen moeten worden verstrekt en gefactureerd aan hetzij :

a) …..

b) …..

c) een vereniging zonder winstoogmerk of een coöperatieve vennootschap erkend als sociale onderneming overeenkomstig artikel 8:5 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen die in het kader van het huisvestingsbeleid van personen met een handicap worden erkend door de bevoegde overheid of door een door haar opgericht agentschap of fonds voor personen met een handicap;

2° de handelingen moeten worden verricht aan een woning die, in ieder geval na de uitvoering ervan, specifiek aangepast is om door een gehandicapte als privé-woning te worden gebruikt;

3° de handelingen moeten worden verricht aan een woning die bestemd is om te worden verhuurd, door een onder 1° bedoelde instelling, maatschappij, vereniging zonder winstoogmerk of coöperatieve vennootschap erkend als sociale onderneming overeenkomstig artikel 8:5 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen aan een persoon met een handicap die een tegemoetkoming geniet van een fonds of een agentschap voor personen met een handicap dat door de bevoegde overheid is erkend;

4° de door de dienstverrichter uitgereikte factuur en het dubbel dat hij bewaart, moeten, op basis van een duidelijk en nauwkeurig attest van de afnemer, melding maken van het voorhanden zijn van de elementen die de toepassing van het verlaagd tarief rechtvaardigen; behalve in geval van samenspanning tussen de partijen of klaarblijkelijk niet naleven van onderhavige bepaling, ontlast het attest van de afnemer de dienstverrichter van de aansprakelijkheid betreffende de vaststelling van het tarief.

§ 2. Het verlaagd tarief is in geen geval van toepassing op:

1° werk in onroerende staat en de andere onroerende handelingen die geen betrekking hebben op de eigenlijke woning, zoals bebouwingswerkzaamheden, tuinaanleg en oprichten van afsluitingen;

2° werk in onroerende staat en andere onroerende handelingen die tot voorwerp hebben de bestanddelen of een gedeelte van de bestanddelen van zwembaden, sauna's, midget-golfbanen, tennisterreinen en dergelijke installaties.

19. De aanvrager verklaart dat :

19.1 de werkzaamheden verstrekt zullen worden aan vzw X , gekend onder ondernemingsnummer.

19.2. de studio’s specifiek ontworpen zijn in functie van rolwagentoegankelijkheid en veiligheid van leven en wonen voor personen met beperkingen. Waarbij opgemerkt wordt dat de plannen goedgekeurd werden door INTER (www.inter.vlaanderen) op niveau van toegankelijkheid voor mensen met beperkingen, die tevens advies verschaft hebben bij het ontwerpproces.

19.3 de studio’s verhuurd worden aan personen met een mentale beperking die kunnen rekenen op een budget van het VAPH (Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap).

19.4 zij door het VAPH erkend zijn. Zij verwijzen hiervoor naar “Decreet betreffende het Vlaamse integratie- en inburgeringsbeleid, hoofdstuk 2, artikel 7, 4e), zoals hierna geciteerd:

“Het cashbudget kan alleen besteed worden aan zorg en ondersteuning die wordt verleend op basis van een van de volgende overeenkomsten die worden gesloten door de budgethouder:

4° een overeenkomst met een organisatie of dienst die erkend of vergund is door een andere overheidsdienst van het beleidsdomein Welzijn, Volksgezondheid en Gezin, over het verlenen van zorg en ondersteuning en die zorg en ondersteuning organiseert voor maximum vijftien personen met een handicap die deze ondersteuning vergoeden met een budget voor niet-rechtstreeks toegankelijke zorg en ondersteuning als vermeld in hoofdstuk 5 van het decreet van 25 april 2014 houdende de persoonsvolgende financiering voor personen met een handicap en tot hervorming van de wijze van financiering van de zorg en de ondersteuning voor personen met een handicap. De zorg en ondersteuning wordt geboden buiten de capaciteit waarvoor de organisatie of dienst is erkend of vergund;

19.5 zij erkend zijn door het ministerie van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin en bij deze gemachtigd om mensen met een handicap te huisvesten, zolang dit er niet meer dan 15 zijn. In onderhavige situatie betreft het 8 personen, waardoor het toegelaten maximum niet overschreden wordt;

19.6 zij zich ertoe verbindt om op de facturen van de bouwwerken melding te maken van alle elementen vereist voor de toepassing van het verlaagd tarief met verwijzing naar de respectievelijke wetgeving waarop deze gebaseerd is.

20. Er dient aldus geconcludeerd te worden dat :

20.1 de studio’s voldoen aan de voorwaarden gesteld in rubriek XXXII, voormeld, §1, 2° en verhuurd zullen worden aan personen met een handicap die een tegemoetkoming genieten van het Vlaams Agentschap voor personen met een Handicap (VAPH) conform rubriek XXXII, §3, waarbij de aanvrager conform bovenstaande regelgeving die zorg en ondersteuning ook zal verlenen;

20.2 de aanvrager voldoet aan de voorwaarden beoogd in rubriek XXXI, voormeld, §1, 1°, c);

Aangehaalde teksten

4
WBTW art. 191 voorkomen
WBTW art. 221 voorkomen
WBTW art. 22bis1 voorkomen
WBTW art. 371 voorkomen