---
title: "Voorafgaande beslissing 2020.2024 · Terbeschikkingstelling van zalen"
description: "Terbeschikkingstelling van zalen. Belgische voorafgaande beslissing nr. 2020.2024 van 23 maart 2021."
url: "https://juriel.be/nl/rulings/2020-2024-terbeschikkingstelling-zalen-artikel-18-eerste-5ed5"
lang: "nl"
---

# Terbeschikkingstelling van zalen · Btw - Terbeschikkingstelling van zalen - Artikel 18, § 1, eerste lid W.BTW jo. artikel 44, § 3, 2° W.BTW

**Nummer**

2020.2024

**Datum**

23 maart 2021

## Over het document

**Verzameling**

Voorafgaande beslissingen

**Taal van de tekst**

Nederlands

## Tekst

111 paragrafen

Fiche van de FOD Financiën

Voorafgaande beslissing nr. 2020.2024 d.d. 23.03.2021

*Btw* · *Terbeschikkingstelling van zalen* · *Artikel 18, § 1, eerste lid W.BTW jo. artikel 44, § 3, 2° W.BTW*

## Samenvatting

De aanvraag om een voorafgaande beslissing wordt ingediend door X, een nieuw op te richten uitbatingsvzw. X zal in een te renoveren gebouw gemeubelde en gebruiksklaar ingerichte zalen, tegen vergoeding ter beschikking stellen aan wisselende derde partijen voor dagdelen of hoogstens één kalenderdag. X voorziet onthaal en een technische beheersdienst voor de gebruikers van deze zalen. Deze terbeschikkingstelling van de betreffende zalen gaat gepaard en hoort samen met een aanzienlijk bijkomend dienstenpakket dat X aanbiedt aan zijn klanten. De klanten betalen één forfaitaire prijs (vaste vergoeding) per dagdeel of kalenderdag per zaal die de kost van het gebruik van de zaal en daarenboven alle bijkomende verplichte diensten omvat. X rekent zijn klanten een bijkomende vergoeding aan voor optionele diensten.

De terbeschikkingstelling die gepaard gaat en samenhoort met de bedoelde bijkomende dienstverleningen, van de gemeubelde en gebruiksklaar ingerichte zalen aan wisselende gebruikers voor een dagdeel of niet meer dan één kalenderdag, door X, die het (de) door haar voorziene onthaal en een beheersdienst aanbiedt voor de gebruikers van deze zalen, die verplicht zijn de door X aangeboden dranken af te nemen, kan niet worden aangemerkt als een verplicht met btw te belasten globale handeling in de zin van artikel 18, § 1, eerste lid W.BTW en de administratieve regeling rond de kortetermijnverhuur van de bedoelde zalen met btw van niet meer dan één kalenderdag.

In de gegeven omstandigheden waarin niet alle toepassingsvoorwaarden van de hiervoor bedoelde administratieve regeling worden vervuld, aanvaardt de DVB ook niet dat de terbeschikkingstelling van een dergelijke zaal, aan te merken is als een verplicht met btw te belasten globale handeling, omdat op zicht van de realiteit van de cijfers niet wordt aangetoond dat andere diensten dan de diensten die betrekking hebben op de loutere terbeschikkingstelling van de zaal én op de diensten die eraan bijkomstig zijn (onderhoudsdiensten, verstrekken van meubilair en basisuitrusting), meer dan 50% van de vraagprijs vertegenwoordigen.

## Tekst van de beslissing

## I. Voorwerp van de aanvraag

1\. De aanvraag om een voorafgaande beslissing wordt ingediend door X, een nieuw op te richten uitbatingsvzw.

2\. X zal in een te renoveren gebouw gemeubelde en gebruiksklaar ingerichte zalen tegen vergoeding ter beschikking stellen aan wisselende derde partijen voor dagdelen of hoogstens één kalenderdag.

3\. X voorziet onthaal en een technische beheersdienst voor de gebruikers van deze zalen.

4\. Deze terbeschikkingstelling van de betreffende zalen gaat gepaard en hoort samen met een aanzienlijk bijkomend verplicht af te nemen dienstenpakket.

De klanten betalen één prijs (vaste vergoeding) per dagdeel of per kalenderdag per zaal die de kost van het gebruik van de zaal en daarenboven alle bijkomende verplichte diensten omvat.

5\. X rekent zijn klanten een bijkomende vergoeding aan voor optionele diensten. De gebruikers van de zalen zijn verplicht de door X aangeboden dranken af te nemen.

6\. Mogelijke klanten van X voor de terbeschikkingstelling van de betreffende zalen zijn natuurlijke personen die het onroerend goed niet aanwenden voor de uitoefening van hun economische activiteit, organisaties (al dan niet met rechtspersoonlijkheid) zonder winstoogmerk en bepaalde organisaties die vallen onder de medische, sociale of cultureler vrijstellingen op grond van artikel 44, § 2 W.BTW.

## II. Vraagstelling

7\. Gelet op de argumentatie en motivering uiteengezet in de aanvraag om een voorafgaande beslissing, strekt deze aanvraag ertoe van de DVB de bevestiging te verkrijgen dat:

• de terbeschikkingstelling die gepaard gaat en samenhoort met de hierna bedoelde bijkomende dienstverleningen, van de hierna bedoelde gemeubelde en gebruiksklaar ingerichte zalen aan wisselende gebruikers voor een dagdeel of niet meer dan één kalenderdag, door X, die onthaal en een technische beheersdienst voorziet voor de gebruikers van deze zalen, die verplicht zijn de door X aangeboden dranken af te nemen, dient te worden aangemerkt als een onbenoemde btw-belaste complexe dienst beoogd door artikel 18, § 1, eerste lid W.BTW, die onderworpen is aan het standaard btw-tarief van 21%, en niet als een op grond van artikel 44, § 3, 2° W.BTW vrijgestelde onroerende verhuur;

• X onder voornoemde omstandigheden en voorwaarden op grond van artikel 45, § 1 W.BTW de hoedanigheid bezit van belastingplichtige met volledig recht op aftrek van voorbelasting volgens de gangbare regels.

## III. Beslissing

Uit het door de DVB verrichte onderzoek blijkt wat volgt.

8\. De aanvraag voldoet aan de voorwaarden van de artikelen 21 en 22 van de Wet van 24.12.2002 tot wijziging van de vennootschapsregeling inzake inkomstenbelastingen en tot instelling van een systeem van voorafgaande beslissingen in fiscale zaken.

### *III.A. Terbeschikkingstelling van zalen: algemeen*

1\. Er kunnen zich verschillende situaties voordoen die vanuit het oogpunt van de btw als volgt worden behandeld.

2\. In de Belgische context kan op basis van de beoordelingscriteria die gewoonlijk gehanteerd worden in de Europese en nationale rechtspraak een onderscheid worden gemaakt tussen de volgende mogelijke scenario’s:

i. klassieke ‘passieve’ onroerende verhuur;

ii. onroerende verhuur met economisch splitsbare, bijkomende diensten;

iii. complexe ‘passieve’ onroerende verhuur met bijkomende diensten die bijkomstig zijn aan de verhuur en de verhuur “niet actief” maken;

iv. complexe ‘actieve’ onroerende verhuur met economisch onsplitsbare diensten.

#### III.A.1. Onroerende verhuur met economisch splitsbare, bijkomende diensten (verschillende afzonderlijke hoofddiensten)

3\. Wanneer uit de feiten blijkt dat in hoofde van de begunstigde, die als een modale consument (gemiddelde, doorsnee afnemer) wordt beschouwd, zowel de passieve huur van een beurs- of tentoonstellingsruimte, een vergader-, seminarie-, conferentie- of congresruimte of een feestzaal als de verbonden diensten die nuttig of zelfs noodzakelijk zijn voor het genot van dat gebouw, een doel op zich vormen en een belangrijk element in zijn keuze om die zaal te huren, gaat het over verschillende afzonderlijke hoofddiensten.

4\. Zijn inzonderheid bedoeld, de volgende diensten verstrekt door de zaaluitbater:

• de verhuur van goederen die niet de basisuitrusting of infrastructuur van de zaal vormen zoals vaatwerk of keukengerei (artikel 18, § 1, tweede lid, 4° W.BTW);

• het optioneel verschaffen van spijzen en/of dranken voor verbruik ter plaatse (artikel 18, § 1, tweede lid, 11° W.BTW (zie circulaire nr. 2017/C/70 van 06.11.2017 betreffende het geregistreerde kassasysteem, punt 2.5.2.7.), voor spijzen en/of dranken verstrekt door de organisator aan deelnemers van een seminarie);

• de optionele levering van dranken zonder diensten (artikel 10, § 1 W.BTW).

5\. De huur van beurs- of tentoonstellingsruimtes, vergader-, seminarie-, conferentie- of congresruimtes of feestzalen en de levering van deze bijkomende diensten ondergaan elk hun eigen btw-regeling (plaatsbepaling, tarief, e.a.):

o de loutere passieve verhuur van de zaal is in principe van de btw vrijgesteld (artikel 44, § 3, 2° W.BTW).

o de aanvullende diensten, mits ze in België plaatsvinden, moeten verplicht worden belast omdat het onderscheiden en zelfstandige diensten betreft die onder verschillende modaliteiten kunnen worden verstrekt, onder andere door een derde.

6\. Deze regeling waarbij de prijs moet worden opgesplitst over een vrijgestelde onroerende verhuur (voor de zaal zelf) en een belaste roerende verhuur (voor de uitrusting) is sinds 01.01.2019 grotendeels voorbijgestreefd. Sinds die datum moet deze verhuur op grond van artikel 44, § 3, 2°, a), zevende streepje W.BTW verplicht met btw worden belast indien deze ruimte of zaal wordt verhuurd voor een periode van niet meer dan zes maanden aan eenieder, behalve aan:

o natuurlijke personen die deze goederen aanwenden voor hun privédoeleinden of, meer in het algemeen, voor andere doeleinden dan die van hun economische activiteit;

o verenigingen zonder winstoogmerk met of zonder rechtspersoonlijkheid;

o personen die deze goederen aanwenden voor handelingen die vallen onder de medische, sociale of culturele vrijstellingen bedoeld in artikel 44, § 2 W.BTW (artikel 44, § 3, 2°, a), zevende streepje W.BTW).

**III.A.2. Complexe passieve onroerende verhuur met bijkomende diensten die bijkomstig zijn aan de onroerende verhuur en de verhuur niet actief maken - bijkomstige diensten: in principe één enkele dienst**

7\. Wanneer uit de feiten blijkt dat het verrichten van bepaalde diensten geen doel op zich is in hoofde van de begunstigde, beschouwd als een modale consument (gemiddelde, doorsnee afnemer), maar slechts een middel is om de hoofdactiviteit, namelijk het louter passief ter beschikking stellen van een beurs- of tentoonstellingsruimte, een vergader-, seminarie-, conferentie- of congresruimte of een feestzaal, aantrekkelijker te maken, worden dergelijke diensten slechts als bijkomend bij die hoofdhandeling beschouwd.

8\. In de cassatierechtspraak werd bevestigd dat een onroerende verhuur niet ‘automatisch’ ‘actief’ wordt doordat de verhuurder bijkomende diensten verricht die kennelijk bijkomstig zijn bij de onroerende verhuur (Cass. 04.06.2010, AR [C.09.0285.F](https://juriel.be/nl/rechtspraak/aftrek-verhuur-onroerende-goederen-hof-cassatie-brussel-2010-06-04-1200), Mons Expo, www.cass.be).

9\. De btw-administratie geeft in haar btw-commentaar (Btw-Commentaar, editie 01.07.2019, Boekwerk VI, Hoofdstuk 16, Afdeling 2, titel 4, rubriek D., subrubriek d.) een opsomming van dergelijke bijkomende diensten die bijkomstig zijn bij de verhuur van het onroerend goed:

• onderhoudsdiensten (de verwarming en de airconditioning van de lokalen, de verlichting van de lokalen, de watervoorziening, de bewaking van het onroerend goed; het reinigen van de privé gebruikte lokalen, met inbegrip van het glazenwassen aan de buitenzijde, diensten van personeel belast met vestiaire en toiletten, het gebruik van gemeenschappelijke diensten, zoals de ontvangstdiensten, de telefoon en de andere telecommunicatiediensten, het gebruik van gemeenschappelijke diensten, zoals de ontvangstdiensten, de telefoon en de andere telecommunicatiediensten);

• sinds 01.07.2016 de terbeschikkingstelling van meubilair voor de inrichting van het gehuurde onroerend goed (roerende lichamelijke zaken of onroerende goederen door bestemming), zoals tafels, stoelen en uitrusting die de infrastructuur of de basisuitrusting (multimedia-apparatuur e.a.) van het onroerend goed vormen, wanneer die terbeschikkingstelling als bijkomstig bij de onroerende verhuur wordt beschouwd. Dit is het geval wanneer het voor de huurder geen doel op zich is, maar een middel om de hoofddienst, namelijk de verhuur van het gebouw, aantrekkelijker te maken.

*Principe: ‘bijzaak volgt hoofdzaak’ (complexe passieve verhuur)*

10\. Wanneer er sprake is van een passieve onroerende verhuur van beurs- of tentoonstellingsruimtes, vergader-, seminarie-, conferentie- of congresruimtes of feestzalen waarbij de verhuurder zich tegenover de huurder verbindt, tegen een enige, forfaitaire prijs, hem bijkomende diensten te verlenen, is de handeling in principe volledig vrijgesteld van de belasting (artikel 44, § 3, 2° W.BTW), op voorwaarde dat de verhuur van onroerende goederen en de aan deze verhuur verbonden bijkomstige diensten uit het oogpunt van de btw als één complexe dienst worden aangemerkt.

De prijs van die diensten is dan in de relatie van de verhuurder tot de huurder niet met btw te belasten, tenzij de partijen onder de voorwaarden van artikel 44, § 3, 2°, d) W.BTW zouden kiezen voor optionele belastingheffing.

Deze passieve verhuur met bijkomstige diensten moet echter sinds 01.01.2019, bij wijze van uitzondering op de voornoemde vrijstelling, verplicht worden belast (de verplichte verhuur met btw primeert op de optionele verhuur met btw) indien de zaal voor een periode van niet meer dan zes maanden wordt verhuurd aan wie dan ook, behalve aan:

o natuurlijke personen die deze goederen aanwenden voor hun privédoeleinden of, meer in het algemeen, voor andere doeleinden dan die van hun economische activiteit;

o verenigingen zonder winstoogmerk met of zonder rechtspersoonlijkheid;

o personen die deze goederen aanwenden voor handelingen die vallen onder de medische, sociale of culturele vrijstellingen bedoeld in artikel 44, § 2 W.BTW (artikel 44, § 3, 2°, a), zevende streepje W.BTW).

*Administratieve tolerantie: onderscheiden en zelfstandige diensten*

11\. Zelfs indien de hoofdhandeling, namelijk de onroerende verhuur, effectief is vrijgesteld van btw (artikel 44, § 3, 2° W.BTW) kunnen de zogenaamde bijkomstige diensten, bij wijze van tolerantie, onder de volgende voorwaarden met btw worden belast:

• ze worden verstrekt door de verhuurder zelf of door zijn tussenkomst;

• voor deze diensten werd er contractueel een van de huurprijs afzonderlijke prijs bedongen ([Aanschrijving nr. 4/1973 van 12.01.1973](https://juriel.be/nl/omzendbrieven/4-1973-aanschrijving-location-immobiliere-689c), randnrs. 95 en 96; Beslissing nr. E.T. 15.928 van 17.02.2005; Btw-Commentaar, editie 01.07.2019, Boekwerk VI, Hoofdstuk 16, Afdeling 2, titel 4, rubriek D., subrubriek d.).

12\. Voornoemde mogelijkheid om de bijkomende prestaties met btw te belasten verleent de verhuurder niet het recht om de btw op de infrastructuur voor verwarming, water, elektriciteit en airconditioning, die voor de levering van deze prestaties worden gebruikt, in aftrek te brengen (Beslissing nr. E.T. 15.928 van 17.02.2005).

#### III.A.3. Complexe actieve verhuur met economisch onsplitsbare diensten: één enkele dienst

13\. De verhuur van beurs- of tentoonstellingsruimtes, vergader-, seminarie-, conferentie- of congresruimtes of feestzalen voor één vaste prijs (enige, forfaitaire prijs), door de organisator van het feest of evenement aan de deelnemers of gebruikers, gaat vaak gepaard met diensten die vreemd zijn aan het loutere gebruik van het gebouw:

o technisch beheer

o simultane vertaling

o onthaal

o geluidssysteem

o projectie

o documenten

o hostessen

o parkeergelegenheid

o verschaffen van spijzen en dranken voor verbruik ter plaatse (lunch, catering), enzovoort.

14\. In hoofde van de afnemer, beschouwd als een modale consument (gemiddelde, doorsnee afnemer), vormt elk van deze verschillende diensten geen doel op zich. Het ene is niet nuttig zonder het ander.

15\. Het gaat over een onlosmakelijk geheel van diensten die samen een actieve dienst vormen die ruimer is dan de loutere passieve terbeschikkingstelling van een onroerend goed. Deze dienst kan omschreven worden als één enkele complexe (samengestelde, gebundelde) dienst (artikel 18, § 1, eerste lid W.BTW).

16\. De terbeschikkingstelling van een dergelijke ruimte of zaal in het kader van voornoemde globale dienst is volgens de btw-administratie verplicht met btw te belasten als de volgende voorwaarden gezamenlijk worden vervuld:

o de duur van de terbeschikkingstelling is niet langer dan één kalenderdag (een dag of een dagdeel (voormiddag, namiddag of avond));

o het verstrekken van een minimale onthaaldienst en technische beheersdienst van de ruimte of zaal (waaronder een permanente aanwezigheid van een technicus ter plaatse) is inbegrepen;

o een cateringdienst, rechtstreeks verstrekt door dezelfde dienstverrichter, is inbegrepen.

17\. Sinds de invoering van de nieuwe regeling van artikel 44, § 3, 2°, a), 7de streepje W.BTW met verplichte belastingheffing voor de verhuur voor een periode van niet meer dan 6 maanden, blijft de administratieve regeling rond de complexe actieve verhuur van zalen voor niet meer dan één dag (uiteraard mits naleving van alle hiervoor door de btw-administratie ter zake gestelde voorwaarden), logischerwijze bestaan, nu het hier in feite niet gaat om een overeenkomst van onroerende verhuur maar om een andere complexe btw-belaste dienst waarvan de terbeschikkingstelling van onroerend goed slechts een onderdeel is.

18\. Als de hiervoor bedoelde voorwaarden niet gezamenlijk worden vervuld, aanvaardt de btw-administratie dat de terbeschikkingstelling van een beurs- of tentoonstellingsruimte, een vergader-, seminarie-, conferentie- of congresruimte of een feestzaal, dient te worden aangemerkt als een verplicht met btw te belasten handeling voor zover wordt aangetoond dat andere diensten dan de diensten die betrekking hebben op de loutere terbeschikkingstelling van de zaal én op de diensten die eraan bijkomstig zijn (onderhoudsdiensten (bedoeld worden de verwarming en de airconditioning van de lokalen, de verlichting van de lokalen, de watervoorziening, de bewaking van het onroerend goed; het reinigen van de privé gebruikte lokalen, met inbegrip van het glazenwassen aan de buitenzijde, diensten van personeel belast met vestiaire en toiletten, het gebruik van gemeenschappelijke diensten, zoals de ontvangstdiensten, de telefoon en de andere telecommunicatiediensten, het gebruik van gemeenschappelijke diensten, zoals de ontvangstdiensten, de telefoon en de andere telecommunicatiediensten), verstrekken van meubilair (tafels, stoelen, e.a.) en basisuitrusting (multimedia-apparatuur e.a.)), een overwegend aandeel (dus meer dan 50%) in de vraagprijs vertegenwoordigen (Btw-Commentaar, editie 01.07.2019, Boekwerk VI, Hoofdstuk 16, Afdeling 2, titel 4, rubriek D, subrubriek d).

De btw-administratie verwijst in dit verband naar het arrest Régie Autonome Communale du Stade Luc Varenne van het Hof van Justitie van de Europese unie (H.v.J. 22.01.2015, [C-55/14](https://juriel.be/nl/rechtspraak-unie/c-55-14-arrest), Régie Communale Autonome du Stade Luc Varenne).

## *III.B Toepassing in casu*

19\. De kwalificatie van de terbeschikkingstelling van beurs- of tentoonstellingsruimtes, vergader-, seminarie-, conferentie- of congresruimtes of feestzalen met bijkomende diensten is een feitenkwestie die geval per geval dient te worden onderzocht. Het resultaat van de analyse kan verschillen naargelang de sector waarin de betrokken onderneming actief is.

20\. Gelet op de feitelijke context en op voorgaande analyse, hebben de dienstverleningen en faciliteiten die naast de terbeschikkingstelling van de hiervoor bedoelde gebouwen, zullen worden verstrekt door X, volgens de aanvrager de aard van een complexe actieve verhuur.

21\. X streeft er immers naar om de gebruikers van de feestzalen een flexibele kant-en-klare oplossing aan te bieden voor hun activiteiten of events.

Het gerenoveerde gebouw wordt een moderne, multifunctionele accommodatie, die voorziet in de behoefte aan ruimte en faciliteiten voor feesten en evenementen voor de lokale verenigingen, particulieren, bedrijven en andere (rechts)personen en instellingen.

X voorziet in de technische omkadering en ontzorgt op dit vlak de gebruikers van de bedoelde zalen en die dan ten volle kunnen focussen op hun activiteiten of events.

22\. De klanten betalen één prijs (vaste vergoeding) per dagdeel of per dag per zaal, die de kost van het gebruik van de zaal en alle bijkomende verplichte diensten omvat. Deze prijs is een enige, forfaitaire prijs. De klant heeft niet de mogelijkheid om af te zien van één of meerdere van laatstbedoelde diensten tegen een prijsvermindering.

De schoonmaakbijdrage (gemene delen, grote schoonmaak en lappen van ramen inbegrepen) en de afvalverwerking zijn begrepen in de vaste forfaitaire prijs die X aanrekent aan haar klanten.

De gebruikers van de zalen zijn verplicht de door X aangeboden dranken af te nemen.

23\. De terbeschikkingstelling van een feestzaal in het kader van de door de aanvrager verleende globale dienst is volgens de btw-administratie verplicht met btw te belasten als de volgende voorwaarden gezamenlijk worden vervuld:

• de duur van de terbeschikkingstelling is niet langer dan één kalenderdag;

• het verstrekken van een minimale onthaaldienst en technische beheersdienst van de ruimte of zaal (waaronder een permanente aanwezigheid van een technicus ter plaatse), is inbegrepen;

• een cateringdienst, rechtstreeks verstrekt door dezelfde dienstverrichter, is inbegrepen.

De actieve verhuur met btw primeert op de optionele verhuur met btw. De verplichte verhuur met btw primeert op de optionele verhuur met btw.

De administratieve regeling rond de verplichte kortetermijnverhuur met btw van niet meer dan één kalenderdag (uiteraard mits naleving van alle hiervoor door de btw-administratie ter zake gestelde voorwaarden), blijft overeind, ook na de invoering van de verplichte kortetermijnverhuur met btw van niet meer dan 6 maanden.

*Eerste voorwaarde: hoogstens één kalenderdag*

24\. De duur van de terbeschikkingstelling door X is volgens de verklaringen van de aanvrager altijd beperkt tot één dagdeel (voormiddag, namiddag of avond) of hoogstens één kalenderdag.

*Tweede voorwaarde: minimale onthaaldienst en technische beheersdienst*

25\. Het onthaal bestaat er in casu voor de gebruikers van de zalen in dat zij zich telefonisch vooraf moeten aanmelden bij een vrijwillige medewerker die instaat voor de reservaties en bij wie zij tal van praktische afspraken kunnen maken zoals het ophalen van de toegangssleutel van de geboekte zaal en die hen kan doorverwijzen naar een in de onmiddellijke buurt van de zaal (op stapafstand) wonende vrijwilliger die instaat voor het sleutelbeheer.

De technicus die als vrijwillige medewerker optreedt voor X is weliswaar niet permanent ter plaatse aanwezig maar is wel permanent bereikbaar en beschikbaar voor vragen en continue bijstand in geval van technische mankementen (aan podium, licht- en geluidsinstallatie, e.a.). Bij diens afwezigheid is bovendien altijd een lid van het kerncomité van X in back-up beschikbaar voor enigerlei informatie of bij problemen, welke ook, met de accommodatie van de klanten.

Het door de btw-administratie nodig geachte minimaal onthaal wordt in casu niet gerealiseerd door X en de technische beheersdienst van X voldoet evenmin aan de door de btw-administratie gestelde criteria.

*Derde voorwaarde: cateringdienst*

26\. Restaurant- en cateringdiensten worden gekenmerkt door een reeks van handelingen, waarvan de levering van voedsel en/of dranken maar een onderdeel vormt en waarbij de samenhangende diensten een ruim aandeel hebben. Hierbij kan het gaan om het bereiden of opwarmen van de spijzen, het opzetten van een buffet of, en vooral, de diensten in de verbruiksruimte (Btw-Commentaar, editie 01.10.2020, Hoofdstuk 3, Afdeling 3, titel 11, rubriek B; artikel 6.1. van de Uitvoeringsverordening (EU) nr. 282/2011 van 15.03.2011).

Anders is het wanneer de verrichting betrekking heeft op het enkel verschaffen van bereide maaltijden of op voedingsmiddelen die worden vervoerd of afgehaald en met geen enkele dienst gepaard gaan die het onmiddellijke verbruik moet veraangenamen. In dat geval gaat het om een goederenlevering (Circulaire nr. 2017/C/70 van 06.11.2017 betreffende het geregistreerde kassasysteem, punt 2.5.2.2.; Beslissing nr. E.T. 100.714 van 24.06.2014; Beslissing nr. E.T. 100.714/2 van 26.09.2014; artikel 6.2. van de Uitvoeringsverordening (EU) nr. 282/2011 van 15.03.2011).

27\. Er is in het onderhavige geval geen sprake van een cateringdienst maar van de loutere levering van in koelcellen gekoelde dranken. Bij de verhuurder worden geen restaurant- of cateringdiensten afgenomen. De door de gebruikers van de feestzalen bij de verhuurder verplicht af te nemen dranken worden zonder bediening ervan door de verhuurder aangeboden.

28\. Twee van de drie hiervoor bedoelde voorwaarden worden in casu dus niet vervuld.

29\. De DVB is dan ook van oordeel dat de terbeschikkingstelling die gepaard gaat en samenhoort met de hiervoor bedoelde bijkomende dienstverleningen, van de gemeubelde en gebruiksklaar ingerichte zalen aan wisselende gebruikers voor een dagdeel of niet meer dan één kalenderdag, door X, die het (de) door haar voorziene onthaal en technische beheersdienst aanbiedt aan de gebruikers van de zalen, die verplicht zijn de door X aangeboden dranken af te nemen, niet kwalificeert als een verplicht met btw te belasten globale handeling in de zin van artikel 18, § 1, eerste lid W.BTW en de hiervoor bedoelde administratieve regeling (zie randnr. 23 supra).

30\. Als de hiervoor bedoelde voorwaarden (zie randnr. 23 supra) niet gezamenlijk worden vervuld, zoals in het onderhavige geval, aanvaardt de btw-administratie echter dat de terbeschikkingstelling van een beurs- of tentoonstellingsruimte, een vergader-, seminarie-, conferentie- of congresruimte of een feestzaal, aan te merken is als een verplicht met btw te belasten globale handeling voor zover wordt aangetoond dat andere diensten dan de diensten die betrekking hebben op de loutere terbeschikkingstelling van de zaal én op de diensten die eraan bijkomstig zijn (onderhoudsdiensten (bedoeld worden de verwarming en de airconditioning van de lokalen, de verlichting van de lokalen, de watervoorziening, de bewaking van het onroerend goed; het reinigen van de privé gebruikte lokalen, met inbegrip van het glazenwassen aan de buitenzijde, diensten van personeel belast met vestiaire en toiletten, het gebruik van gemeenschappelijke diensten, zoals de ontvangstdiensten, de telefoon en de andere telecommunicatiediensten, het gebruik van gemeenschappelijke diensten, zoals de ontvangstdiensten, de telefoon en de andere telecommunicatiediensten), verstrekken van meubilair (tafels, stoelen, e.a.) en basisuitrusting (multimedia-apparatuur e.a.); zie randnr. 9 supra), een overwegend aandeel (dus meer dan 50%) in de vraagprijs vertegenwoordigen (Btw-Commentaar, editie 01.07.2019, Boekwerk VI, Hoofdstuk 16, Afdeling 2, titel 4, rubriek D, subrubriek d).

31\. Op basis van de aan de DVB ter beschikking gestelde feitelijke gegevens, besluit zij dat deze 50%-regel in de gegeven omstandigheden op zicht van de realiteit van de cijfers niet aantoonbaar wordt nageleefd. De meeste door X verleende diensten zijn bijkomstig aan de terbeschikkingstelling van de zalen (zoals bedoeld en opgesomd in randnr. 9 supra). De door de gebruikers van de zalen bij de verhuurder verplicht af te nemen dranken worden zonder bediening ervan door X aangeboden en zijn te kwalificeren als goederenleveringen.

## Aangehaalde teksten

1

[C-55/14, arrest van 22 januari 2015](https://juriel.be/nl/rechtspraak-unie/c-55-14-arrest) 1 voorkomen
