---
title: "Voorafgaande beslissing 2020.1718 · Optionele btw-heffing van onroerende verhuur"
description: "Optionele btw-heffing van onroerende verhuur, Gebouw of gedeelte van een gebouw. Belgische voorafgaande beslissing nr. 2020.1718 van 15 september 2020."
url: "https://juriel.be/nl/rulings/2020-1718-optionele-btw-heffing-onroerende-verhuur-4682"
lang: "nl"
---

# Optionele btw-heffing van onroerende verhuur · Btw - Optionele btw-heffing van onroerende verhuur - Gebouw of gedeelte van een gebouw - Kunstgrasveld - Normale waarde

**Nummer**

2020.1718

**Datum**

15 september 2020

## Over het document

**Verzameling**

Voorafgaande beslissingen

**Taal van de tekst**

Nederlands

## Tekst

34 paragrafen

Fiche van de FOD Financiën

Voorafgaande beslissing nr. 2020.1718 d.d. 15.09.2020

*Btw* · *Optionele btw-heffing bij onroerende verhuur* · *Gebouw of gedeelte van een gebouw* · *Kunstgrasveld* · *Normale waarde*

## Samenvatting

X kan overeenkomstig [artikel 44, §3, 2° d) btw-wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-44) het nieuw aan te leggen kunstgrasveld met bijhorende constructies aan Y verhuren met toepassing van de btw.

## Tekst van de beslissing

## I. Voorwerp van de aanvraag

1\. De aanvraag strekt ertoe bevestiging te krijgen dat:

• de optie tot BTW-heffing voor de verlening van het recht op toegang en gebruik van het kunstgrasveld valt onder het toepassingsgebied van het [artikel 44, § 3, 2°, d) WBTW](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-44), zodat ook de BTW op de inkomende facturen voor de bouw principieel aftrekbaar is ([art. 45 WBTW](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-45));

## II. Beslissing

2\. Met de rulingaanvraag wenst X te vernemen of het nieuw aan te leggen kunstgrasveld kan verhuurd worden aan Y met toepassing van btw overeenkomstig [artikel 44, §3, 2° d) btw-wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-44).

3\. [Artikel 44, §3, 2° van het btw-wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-44) bepaalt dat de verpachting en de verhuur van uit hun aard onroerende goederen van de belasting is vrijgesteld, met uitzondering van:

…

d)de verhuur van een gebouw of een gedeelte van een gebouw, dat door de huurder uitsluitend wordt gebruikt voor de economische activiteit die hem de hoedanigheid van belastingplichtige verleent, mits de verhuurder en de huurder gezamenlijk opteren om die verhuur te belasten. Als een gebouw of een gedeelte van een gebouw tegelijk wordt verhuurd met het bijhorend terrein, moet de optie worden uitgeoefend ten aanzien van beide onroerende goederen samen.

De optie geldt voor de gehele duur van de overeenkomst.

De optie kan enkel worden uitgeoefend voor overeenkomsten die betrekking hebben op gebouwen of gedeelten van gebouwen waarvoor de belasting op de handelingen bedoeld in artikel 19, § 2, derde lid, met betrekking tot het gebouw zelf en die bijdragen tot de oprichting ervan, ten vroegste op 1 oktober 2018 voor de eerste keer opeisbaar is. Deze voorwaarde is niet van toepassing op de overeenkomsten tot terbeschikkingstelling van ruimten voor het opslaan van goederen bedoeld onder punt a), tweede streepje waarvoor de optie kan worden uitgeoefend.

Voor de toepassing van het eerste lid wordt verstaan onder "bijhorend terrein", het kadastraal perceel of de kadastrale percelen waarop het gebouw of het gedeelte van het gebouw is opgericht en dat of die tegelijk met dat gebouw of gedeelte van dat gebouw door éénzelfde persoon wordt of worden verhuurd.

De Koning bepaalt het tijdstip waarop de optie moet worden uitgeoefend en de vormvereisten die daarbij moeten worden nagekomen;

4\. In [Circulaire 2019/C/25](https://juriel.be/nl/omzendbrieven/2019-c-25-wijziging-btw-wetboek-vlak-onroerende-a58b) van 21 maart 2019 wordt in FAQ nr. 1 vermeld dat als basisregel voor de toepassing van [artikel 44, §3, 2° d) van het btw-wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-44) geldt dat de optie voor de belastingheffing slechts van toepassing is op bepaalde gebouwen naargelang hun aard en ouderdom.

5\. Overeenkomstig [artikel 1, § 9, van het btw-wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-1) dient te worden verstaan onder het begrip “gebouw of een gedeelte van een gebouw” ieder bouwwerk dat vast met de grond is verbonden. Dit begrip veronderstelt in de eerste plaats dus het onroerend uit zijn aard maken van grondstoffen (beton, asfalt, …) of van materialen (buizen, palen, vloerstenen, …).

6\. Een ruimte voor het opslaan van goederen zoals een geasfalteerd opslagterrein bestemd voor opslag van containers, beantwoordt aan het begrip gebouw of gedeelte van een gebouw.

De loutere verhuur van een terrein zonder vasthechtend wegdek (een terrein voorzien van een steenlaag of een groene ruimte) beantwoordt niet aan dit begrip en is uitgesloten van het toepassingsgebied van de optionele belastingheffing.

7\. In casu dient derhalve te worden onderzocht of het nieuw aan te leggen kunstgrasveld beantwoordt aan het begrip gebouw of gedeelte van een gebouw.

8\. Voor het aanleggen van dit kunstgrasveld en het oprichten van bijhorende constructies werd een omgevingsvergunning aangevraagd. Hierin worden de werken (en voorwerp van de optionele onroerende verhuur) als volgt omschreven: de voorliggende aanvraag betreft het aanleggen van een kunstgrasveld, het oprichten van een tribune, 4 verlichtingspalen, 2 dugouts, een materiaalberging met scorebord en 2 ballenvangers.

9\. Hiermee rekening houdende dient te worden besloten dat de verhuur van het nieuw aan te leggen kunstgrasveld niet louter betrekking heeft op een terrein maar beantwoordt aan het begrip gebouw of gedeelte van een gebouw zoals bedoeld in [artikel 44, § 3, 2° d) btw-wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-44). Dit kunstgrasveld is bovendien afzonderlijk toegankelijk waardoor de reeds bestaande oude gebouwen buiten de optionele btw-heffing zullen blijven.

10\. Daarnaast zullen ook de andere toepassingsvoorwaarden van [artikel 44, § 3, 2° d) btw-wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-44) vervuld zijn.

11\. De huurder, Y, zal het gebouw uitsluitend gebruiken in het kader van de economische activiteit die hem de hoedanigheid van belastingplichtige verleent. In casu zal de huurder het gebouw immers gebruiken voor zowel vrijgestelde sportactiviteiten als btw belaste activiteiten (verkoop van dranken, sponsoring, …). De omstandigheid dat de huurder een gemengde btw-belastingplichtige is, is geen beletsel voor de toepassing van de optionele btw-heffing.

12\. Aan de DVB werd bevestigd dat verhuurder, X, en de huurder, Y, in de overeenkomst houdende verlening van recht op toegang en recht op gebruik van het kunstgrasveld, gezamenlijk zullen opteren om de verhuur aan btw te onderwerpen.

13\. De bouwwerkzaamheden worden uitgevoerd in 2020 waardoor geen btw opeisbaar is geworden op de eigenlijke materiele bouwwerkzaamheden voor 1 oktober 2018.

14\. Er wordt bevestigd dat de verhuurder van het kunstgrasveld, X, verbonden is met de huurder, Y, in de zin van [artikel 33, § 2bis btw-wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-33). De huurprijs van het nieuw aan te leggen kunstgrasveld zal marktconform worden vastgelegd (naar gelijkaardige voorbeelden uit de sector van vergoedingen door voetbalclubs voor kunstgrasvelden). Deze normale waarde mag echter niet lager zijn dan de door de verhuurder gemaakte uitgaven.

15\. Overeenkomstig [artikel 45 btw-wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-45) geniet de verhuurder, X, een recht op btw-aftrek met betrekking tot de aanleg van het kunstgrasveld en de bijhorende constructies.

## Aangehaalde teksten

4

[WBTW art. 44](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-44) 7 voorkomens

[WBTW art. 45](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-45) 2 voorkomens

[WBTW art. 1](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-1) 1 voorkomen

[WBTW art. 33](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-33) 1 voorkomen
