---
title: "Voorafgaande beslissing 2019.0839 · Vennootschapsbelasting, Abnormaal of goedgunstig voordeel"
description: "Vennootschapsbelasting, Abnormaal of goedgunstig voordeel, Winstbegrip. Belgische voorafgaande beslissing nr. 2019.0839 van 10 december 2019."
url: "https://juriel.be/nl/rulings/2019-0839-vennootschapsbelasting-abnormaal-goedgunstig-voordeel-winstbegrip-b58d"
lang: "nl"
---

# Vennootschapsbelasting, Abnormaal of goedgunstig voordeel, Winstbegrip, Verkoop van aandelen · Vennootschapsbelasting - Abnormaal of goedgunstig voordeel - BTW - Winstbegrip - Verkoop van aandelen - Anti-misbruik

**Nummer**

2019.0839

**Datum**

10 december 2019

## Over het document

**Verzameling**

Voorafgaande beslissingen

**Taal van de tekst**

Nederlands

## Tekst

99 paragrafen

Fiche van de FOD Financiën

Voorafgaande beslissing nr. 2019.0839 d.d. 10.12.2019

*Vennootschapsbelasting* · *Abnormaal of goedgunstig voordeel*

*BTW* · *Winstbegrip* · *Verkoop van aandelen* · *Anti-misbruik*

## Samenvatting

1\. De verkopers omtrent de fiscale behandeling van toepassing op hun persoonlijke situatie bij de verkoop van de aandelen van TargetCO bevestiging kunnen bekomen via een afzonderlijke individuele aanvraag tot voorafgaande beslissing.

2\. De inbrengen in genot door TargetCo en een nieuw op te richten operationele vennootschap ("OpCo") in een stille handelsvennootschap niet als een verwezenlijking in de zin van artikel 43 WIB dienen te worden beschouwd en bijgevolg geen aanleiding geven tot een belastbare meerwaarde in hoofde van TargetCo of OpCo.

3\. De verscheidene partijen niet kunnen worden beschouwd als verbonden partijen zodat de wederzijdse betalingen dienen te worden geacht marktconform te zijn. Zelfs indien partijen zouden worden geacht een band van afhankelijkheid te hebben door de voorgenomen transactie, zijn de vergoedingen die de verkopers, TargetCo en OpCo zullen ontvangen, alsmede de verdeling van de eventuele nieuwe activa die tot stand zouden komen door toedoen van de stille handelsvennootschap, in het kader van de voorgenomen samenwerking in de vorm van een stille handelsvennootschap in ieder geval conform met het arm's length principe en geven ze geen aanleiding tot het ontstaan van een abnormaal of goedgunstig voordeel in de zin van artikelen 26, 79 en 207 WIB.

4\. Bij toepassing van de proportionele integratiemethode zoals beschreven in CBN-advies 3-3 van 31 januari 2008 voor de boekhouding van de stille handelsvennootschap, het fiscaal recht het boekhoudrecht zal volgen. Het aandeel in de winst van de stille handelsvennootschap afgestaan door OpCo aan TargetCo behoort niet tot haar belastbare winst, in de zin van artikel 185 WIB jo. 183 WIB en 24 WIB, en is bijgevolg niet onderworpen aan de voorwaarden opgelegd door artikel 49 WIB. De verdeling van de winst is bovendien geen belastbare dienst in de zin van artikel 2 W.BTW waardoor er geen btw verschuldigd is op zulke verdelingen.

5\. [Aanschrijving nr. 17 van 22.01.1971](https://juriel.be/nl/omzendbrieven/17-1971-aanschrijving-vervangen-777a) (71/017) van toepassing is op de onderhavige situatie en de stille handelsvennootschap bijgevolg niet kwalificeert als belastingplichtige voor btw-doeleinden in de zin van artikel 4 W.BTW. Voor handelingen gesteld in naam van de stille handelsvennootschap, dient OpCo, als actieve vennoot, als belastingplichtige in de zin van artikel 4 W.BTW dient te worden beschouwd.

6\. TargetCo kwalificeert als belastingplichtige in de zin van artikel 4 W.BTW en de inbrengen die ze in de stille handelsvennootschap verricht kwalificeren als een btw-belaste dienst in de zin van artikel 18 W.BTW. De maatstaf van heffing gebruikt voor het bepalen van de verschuldigde btw op dergelijke inbrengen zal bepaald worden op basis van de deelname in de winst van de stille handelsvennootschap.

7\. bijgevolg overeenkomstig artikel 53 W.BTW:

a) TargetCo aan OpCo facturen dient uit te reiken voor de inbrengen in de stille handelsvennootschap die door haar worden verricht;

b) OpCo facturen op haar naam dient uit te reiken voor de diensten die in naam van de stille handelsvennootschap worden verricht.

8\. de inbrengen van OpCo in de stille handelsvennootschap, conform de hiervoor bedoelde en geciteerde aanschrijving, niet onderworpen zijn aan btw.

9\. TargetCo, in toepassing van artikel 45, §1, 1° W.BTW, de btw geheven van de goederen en diensten die aan haar worden geleverd, volgens de gangbare regels volledig in aftrek zal kunnen brengen voor zover deze goederen en diensten worden aangewend om inbrengen te realiseren in de stille handelsvennootschap. Zoals hiervoor al uiteengezet maken dergelijke inbrengen immers een btw-belaste dienst uit in de zin van artikel 18 W.BTW. In de mate dat de betreffende inbrengen van btw zouden zijn vrijgesteld, zal het recht op aftrek van btw door de bedoelde belastingplichtige volgens de gangbare regels slechts kunnen worden uitgeoefend volgens de regel van het algemeen verhoudingsgetal of volgens de regel van het werkelijk gebruik.

10\. in de veronderstelling dat TargetCo ook een onroerend goed ter beschikking zou stellen van de stille handelsvennootschap, het weze onder de vorm van verhuur of onderverhuur, TargetCo in zijn naam bij de DVB een aanvraag om een voorafgaande beslissing zal moeten indienen om rechtszekerheid te verkrijgen over de btw-regeling van toepassing op de door haar gedane inbrengen en over haar recht op aftrek van de voorbelasting en de omvang ervan.

11\. de intenties die aan de grondslag liggen van de bovenvermelde handelingen kunnen beschouwd worden als zakelijke overwegingen voor de toepassing van artikel 344, §1 WIB.

## I. Voorwerp van de aanvraag

1\. De aanvrager wenst bevestiging dat:

a) Er bij de geplande verkoop door de verkopers van de aandelen van hun vennootschap ("TargetCo") aan X meerwaarden worden gerealiseerd die in hoofde van de verkoper al dan niet kunnen kwalificeren als een normale verrichting van het beheer van zijn privévermogen overeenkomstig artikel 90, 1° en 9° WIB.

b) De beoogde structuur, die noodzakelijk is om de deontologische wetgeving ter zake te kunnen respecteren, niet in de weg staat van de kwalificatie van de verkoop van de aandelen als een verrichting van normaal beheer van privévermogen voor de toepassing van art. 90, 1° en 90, 9° WIB.

c) De inbrengen in genot door TargetCo en een nieuw op te richten operationele vennootschap ("OpCo") in een stille handelsvennootschap niet als een verwezenlijking in de zin van art. 43 WIB dienen te worden beschouwd en bijgevolg geen aanleiding geven tot een belastbare meerwaarde in hoofde van TargetCo of OpCo;

d) De verscheidene partijen (nl. verkopers, TargetCo en Opco) niet kunnen worden beschouwd als verbonden partijen zodat de wederzijdse betalingen dienen te worden geacht marktconform te zijn. Zelfs indien partijen zouden worden geacht een band van afhankelijkheid te hebben door de voorgenomen transactie, zijn de vergoedingen die de partijen zullen ontvangen, alsmede de verdeling van de eventuele nieuwe activa die tot stand zouden komen door toedoen van de stille handelsvennootschap, in het kader van de voorgenomen samenwerking in de vorm van een stille handelsvennootschap in ieder geval conform met het arm's length principe en geven ze geen aanleiding tot het ontstaan van een abnormaal of goedgunstig voordeel in de zin van art. 26, 79 en 207 WIB;

e) De [aanschrijving nr. 17 van 22.01.1971](https://juriel.be/nl/omzendbrieven/17-1971-aanschrijving-vervangen-777a) van toepassing is op de onderhavige situatie en de stille handelsvennootschap bijgevolg niet kwalificeert als belastingplichtige in de zin van [artikel 4 van het Btw-wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-4) (hierna aangeduid als “W.BTW”) en dat voor handelingen gesteld in naam van de stille handelsvennootschap OpCo, als actieve vennoot, als verkoopcommissionair van TargetCo dient te worden beschouwd overeenkomstig de artikelen 13, §2 en 20, §1 W.BTW;

f) TargetCo kwalificeert als belastingplichtige in de zin van artikel 4 W.BTW en de inbrengen in genot die zij in de stille handelsvennootschap verricht, kwalificeren als een btw-belaste dienst in de zin van artikel 18 W.BTW en de maatstaf van heffing gebruikt voor het bepalen van de verschuldigde btw op dergelijke inbrengen wordt bepaald door de waarde van de ingebrachte gebruiksrechten en zal gelijk zijn aan de deelname in de winst van de stille handelsvennootschap;

g) bijgevolg overeenkomstig artikel 53 W.BTW:

i. TargetCo aan OpCo facturen dient uit te reiken voor de inbrengen in de stille handelsvennootschap die door haar worden verricht.

ii. OpCo facturen op haar naam dient uit te reiken voor de diensten die in naam van de stille handelsvennootschap worden verricht.

h) de inbrengen in genot van OpCo in de stille handelsvennootschap conform voornoemde aanschrijving niet aan btw onderworpen zijn;

i) TargetCo op grond van artikel 45, §1, 1° W.BTW de btw geheven van de goederen en diensten die aan haar worden geleverd, volgens de gangbare regels volledig in aftrek zal kunnen brengen voor zover deze goederen en diensten worden aangewend om inbrengen te realiseren in de stille handelsvennootschap;

j) De intenties die aan de grondslag liggen van de bovenvermelde handelingen kunnen beschouwd worden als zakelijke overwegingen voor de toepassing van artikel 344, §1 WIB.

## II. Beslissing

### *II.A. Betreffende de verkoop van de aandelen TargetCo*

*II.A.1. Normale verrichting van beheer van privévermogen*

2\. Bij de verkoop van de aandelen TargetCo zullen de verkopers een meerwaarde realiseren. De meerwaarde die wordt gerealiseerd ten gevolge van de verkoop van de aandelen van TargetCo kan in hoofde van de verkoper al dan niet kwalificeren als een normale verrichting van het beheer van zijn privévermogen overeenkomstig artikel 90, 1° en 9° WIB. Echter zal elke verkoper die hierover bevestiging wenst, een afzonderlijke aanvraag tot voorafgaande beslissing moeten indienen.

*II.A.2. Meerwaarde buiten professionele activiteit*

3\. Zoals hoger aangegeven zullen de verkopers een meerwaarde realiseren bij de verkoop. Overeenkomstig artikel 23 en volgende WIB zal een meerwaarde die wordt gerealiseerd op activa gebruikt voor het uitoefenen van de beroepswerkzaamheid kwalificeren als een beroepsinkomen.

4\. Het beroepsmatig karakter dient in concreto te worden beoordeeld. Er kan rekening worden gehouden met verschillende factoren van de handelingen zoals frequentie, verbondenheid tussen handelingen, het eventueel doorlopend karakter. Daarnaast wordt gekeken naar de link met de professionele activiteit, de organisatie en de ingezette middelen.

5\. De aanvrager voert aan dat meerdere elementen hier wijzen op een handeling zonder professioneel karakter.

6\. Elke verkoper die bevestiging wil dat de verkoop van zijn aandelen in TargetCo al dan niet kadert binnen zijn professionele activiteit, dit zal moeten bekomen via een afzonderlijke aanvraag tot voorafgaande beslissing.

### *II.B. Betreffende de oprichting van de stille handelsvennootschap*

*II.B.1. Inkomstenbelastingen*

7\. TargetCo zal in de stille handelsvennootschap een inbreng doen van het recht op gebruik van goodwill en cliënteel, know-how en de SLA. TargetCo zal bijgevolg geen meerwaarde realiseren in de zin van artikel 43 WIB aangezien het recht van gebruik impliceert dat TargetCo steeds alle zakelijke rechten zal behouden.

8\. OpCo zal daarnaast enkel arbeid inbrengen en bijgevolg ook geen meerwaarde realiseren.

*II.B.2. BTW*

9\. Een stille handelsvennootschap blijft onbekend aan derden. Ze heeft geen gemeenschappelijke naam en ook geen rechtspersoonlijkheid. Derden handelen slechts met de beheerder (zaakvoerder) van de vennootschap en hebben geen rechtstreekse vordering tegen de vennoten

10\. [Aanschrijving nr. 17 van 22.01.1971](https://juriel.be/nl/omzendbrieven/17-1971-aanschrijving-vervangen-777a) (71/017) beschrijft de behandeling van een stille handelsvennootschap op het stuk van btw. Als uitgangspunt geldt dat de stille handelsvennootschap niet wordt aangemerkt als een btw-belastingplichtige in de zin van [artikel 4 van het Btw-Wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-4) (hierna aangeduid als “W.BTW”) *(1)*.

---

*\[(1) Btw-Commentaar, editie 01.07.2018, Boek I, Hoofdstuk 1, Afdeling 9, punt 1, (1) 28 (43).\]*

---

11\. In de aanschrijving wordt een onderscheid gemaakt tussen inbrengen gedaan door de stille vennoot (partner) en inbrengen gedaan door de actieve vennoot (partner) *(2)*. De regeling die de aanschrijving uiteenzet is als volgt. Inbrengen gedaan door de stille vennoot worden geacht te zijn gedaan aan de actieve vennoot. Indien btw van toepassing is op de inbreng zal deze verschuldigd zijn in de relatie van de inbrenger tot de actieve vennoot volgens de regels van gemeen recht. Zo zal de stille vennoot een factuur moeten uitreiken aan de actieve vennoot en hem desgevallend de btw verschuldigd op de inbreng in rekening brengen overeenkomstig artikel 53 W.BTW. Op de inbrengen van de actieve vennoot is geen btw verschuldigd. Het is namelijk onmogelijk om een levering aan zichzelf te verrichten.

---

*\[(2)* [*Aanschrijving nr. 17 van 22.01.1971*](https://juriel.be/nl/omzendbrieven/17-1971-aanschrijving-vervangen-777a)*, nr. 4.\]*

---

12\. Om als btw-belastingplichtige in de zin van artikel 4 W.BTW te kwalificeren dient men zelfstandig handelingen beschreven in het BTW-Wetboek te stellen in de uitoefening van een economische activiteit.

13\. Wat de aanwezigheid van een economische activiteit betreft, beschouwt [artikel 9, §1, tweede lid van de btw-richtlijn](https://juriel.be/nl/unierecht/btw-richtlijn-2006-112/artikel-9) nr. 2006/112/EEG "de exploitatie van een lichamelijke of onlichamelijke zaak om er duurzaam opbrengst uit te verkrijgen" als een dergelijke activiteit. *(3)* De term exploitatie heeft betrekking op alle handelingen, ongeacht hun rechtsvorm, die bedoeld zijn om uit het betrokken goed duurzaam een opbrengst te verkrijgen. *(4)* De inbreng van het recht van genot op de goodwill, het cliënteel, de know-how en de diensten ontvangen onder de SLA dient dus als een economische activiteit te worden beschouwd.

---

*\[(3) Zie ook in die zin Btw-Commentaar, editie 01.07.2018, Boek I, Hoofdstuk 1, Afdeling 3, punt 3, (1) 3 (43).\]*

*\[(4) H.v.J. 04.12.1990,* [*C-186/89*](https://juriel.be/nl/rechtspraak-unie/c-186-89-arrest)*, van Tiem, http://curia.europa.eu.\]*

---

14\. Voorts dient deze economische activiteit op zelfstandige wijze te worden uitgeoefend. In dat verband heeft het Hof van Justitie van de Europese Unie al aangenomen dat, wanneer een persoon die als enige economische activiteit heeft de verhuur van een zaak aan een vennootschap zonder rechtspersoonlijkheid waarvan hij ook een vennoot is, de verhuur moet worden geacht zelfstandig te worden verricht. *(5)* De juridische effecten van een inbreng van een gebruiksrecht in een stille handelsvennootschap zijn sterk vergelijkbaar met de juridische effecten van verhuring. Bijgevolg kan worden gesteld dat TargetCo haar inbrengen op zelfstandige wijze zal verrichten.

---

*\[(5) H.v.J. 27.01.2000,* [*C-23/98*](https://juriel.be/nl/rechtspraak-unie/c-23-98-arrest)*, Heerma, http://curia.europa.eu.\]*

---

15\. In casu betreft het inbrengen in genot van (i) de al opgebouwde goodwill en het cliënteel, (ii) know-how en (iii) de SLA. De inbrengen die TargetCo aan OpCo, optredend in naam van de stille handelsvennootschap, verricht, zijn dus diensten in de zin van artikel 18 W.BTW (o.a. ‘het verlenen van rechten op een cliënteel’ (artikel 18, §1, tweede lid, 5° W.BTW)) en, meer algemeen, ‘het genot van een ander dan in artikel 9, tweede lid W.BTW, bedoeld goed’ (artikel 18, §1, tweede lid, 4° W.BTW; de in artikel 9, tweede lid W.BTW bedoelde goederen zijn (1) elektriciteit, gas, warmte en koude, en, (2) de andere zakelijke rechten dan het eigendomsrecht die aan de rechthebbende de bevoegdheid verschaffen om een onroerend goed te gebruiken).

16\. Uit het voorgaande blijkt dus dat TargetCo zal kwalificeren als een btw-belastingplichtige die belastbare handelingen stelt. Haar inbrengen zullen dus onderworpen zijn aan btw.

17\. Uit het voorgaande blijkt dus dat TargetCo zal kwalificeren als een btw-belastingplichtige die btw-belaste handelingen stelt. Haar inbrengen zullen dus onderworpen zijn aan btw. Het spreekt voor zich dat in de mate dat deze inbrengen ook betrekking zouden hebben op de terbeschikkingstelling van een onroerend goed, het niet uitgesloten is dat deze terbeschikkingstelling wordt aangemerkt als een vrijgestelde onroerende verhuur, met als gevolg een eventuele herziening van de in aftrek gebrachte btw in hoofde van de inbrenger en een opdeling van de inbrengen in een met btw belast en een van btw vrijgesteld gedeelte.

18\. Het concreet gevolg hiervan is dat TargetCo voor haar inbrengen verplicht zal zijn alle verplichtingen na te leven die rusten op een belastingplichtige die een dienst levert. TargetCo zal onder andere een factuur moeten uitreiken aan OpCo met vermelding van de verschuldigde btw op haar inbreng. Voornoemde aanschrijving stelt dat, voor het bepalen van de verschuldigde btw op inbrengen, de maatstaf van heffing het bedrag is dat de vennoot verkrijgt als tegenprestatie voor de inbreng. *(6)* In het onderhavige geval zal de tegenprestatie die TargetCo voor haar inbreng zal krijgen haar aandeel in de winst van de stille handelsvennootschap zijn. Er zal maandelijks een voorlopige verdeling van de winst van de stille handelsvennootschap plaatsvinden. TargetCo zal maandelijks een factuur opmaken voor haar inbreng (namelijk het hiervoor vermeld recht van gebruik) waarbij de winst die wordt toegewezen aan TargetCo als maatstaf van heffing zal worden genomen.

---

*\[(6)* [*Aanschrijving nr. 17 van 22.01.1971*](https://juriel.be/nl/omzendbrieven/17-1971-aanschrijving-vervangen-777a)*, nr. 4, www.fisconetplus.be.\]*

---

19\. Op grond van artikel 45, §1, 1° W.BTW mag elke belastingplichtige de btw van de aan hem geleverde goederen en verleende diensten in aftrek brengen, op voorwaarde dat hij die goederen en diensten gebruikt voor het verrichten van btw-belaste handelingen.

20\. Om recht op aftrek van de btw te kunnen genieten dient er dus een rechtstreeks en onmiddellijk verband te bestaan tussen de goederen en de diensten verstrekt aan de btw-belastingplichtige en de btw-belaste handelingen. *(7)*

---

*\[(7) H.v.J. 08.02.2007, Investrand,* [*C-435/05*](https://juriel.be/nl/rechtspraak-unie/c-435-05-arrest)*; H.v.J. 26.05.2005, Kretztechnik,* [*C-465/03*](https://juriel.be/nl/rechtspraak-unie/c-465-03-arrest)*, http://curia.europa.eu.\]*

---

21\. Het Hof van Justitie van de Europese Unie heeft geoordeeld dat voor de aftrek van de btw de volgende twee stappen moeten worden gevolgd:

---

*\[(8) H.v.J. 08.06.2000, Midland Bank,* [*C-98/98*](https://juriel.be/nl/rechtspraak-unie/c-98-98-arrest)*; H.v.J. 22.02.2001, Abbey National,* [*C-408/98*](https://juriel.be/nl/rechtspraak-unie/c-408-98-arrest)*; H.v.J. 27.09.2001, Cibo Participations,* [*C-16/00*](https://juriel.be/nl/rechtspraak-unie/c-16-00-arrest)*,; H.v.J. 29.10.2009, AB SKF,* [*C-29/08*](https://juriel.be/nl/rechtspraak-unie/c-29-08-arrest)*; H.v.J. 22.10.2015, Sveda UAB,* [*C-126/14*](https://juriel.be/nl/rechtspraak-unie/c-126-14-arrest)*, http://curia.europa.eu.\]*

---

22\. Eerste stap: er moet nagegaan worden of de voor de verwerving gedane uitgave werd opgenomen in de prijs van de btw-belaste handelingen in een later stadium waarvoor recht op btw-aftrek bestaat. Indien ontvangen goederen of diensten verband houden met een vrijgestelde handeling of een handeling buiten de werkingssfeer van de btw, is er normaal gezien geen recht op btw-aftrek;

23\. Tweede stap: als er geen rechtstreeks en onmiddellijk verband bestaat met een uitgaande handeling, kan een belastingplichtige toch nog de betaalde btw aftrekken, wanneer de kosten voor de betrokken handelingen deel uitmaken van diens algemene kosten en als zodanig zijn opgenomen in de prijs van de door hem geleverde goederen of verrichte diensten.

24\. Bijgevolg is er bij algemene kosten in beginsel een rechtstreekse en onmiddellijke samenhang tussen dergelijke diensten en de volledige bedrijfsactiviteit van de belastingplichtige.

25\. In het onderhavige geval zal TargetCo als belastingplichtige (cf. supra) de diensten en goederen die ze telkens inbrengen in de stille handelsvennootschap. Zoals hiervoor al uiteengezet maakt een dergelijke inbreng een btw-belaste dienst uit in de zin van artikel 18 W.BTW. Bijgevolg zal TargetCo de btw die ze betaalt op die diensten en goederen volgens de gangbare regels in aftrek kunnen brengen op grond van artikel 45, §1, 1° W.BTW. In de mate dat de betreffende inbrengen van btw zouden zijn vrijgesteld, zal het recht op aftrek van btw door de bedoelde belastingplichtige volgens de gangbare regels slechts kunnen worden uitgeoefend volgens de regel van het algemeen verhoudingsgetal of volgens de regel van het werkelijk gebruik.

26\. Alle kosten die door TargetCo zullen worden gedragen zullen betrekking hebben op deze inbrengen, ook voor diensten die niet rechtstreeks in de stille handelsvennootschap zullen worden ingebracht. Deze diensten maken echter deel uit van de verrichte inbrengen en zijn ook opgenomen in de bepaling van het aandeel van TargetCo in de winst van de stille handelsvennootschap. Bijgevolg wordt aan de voorwaarde voldaan dat dergelijke algemene kosten als zodanig worden opgenomen in de prijs (i.e. het winstaandeel) van de door haar verrichte diensten (i.e. de inbrengen) en zal ook de btw verschuldigd op deze kosten in aftrek kunnen worden gebracht.

### *II.C. Betreffende de werking van de stille handelsvennootschap*

*II.C.1. Winstverdelingssleutel*

27\. Met het arm’s length beginsel wordt verwezen naar het principe waarbij de overeengekomen voorwaarden tussen twee verbonden ondernemingen niet zouden mogen afwijken van de voorwaarden zoals deze zouden worden overeengekomen indien de ondernemingen niet verbonden zouden zijn. *(9)*

---

*\[(9) Artikel 9 §1 OESO-modelverdrag.\]*

---

28\. In casu stelt de aanvrager vast dat de winstverdeling wordt afgesproken op het moment dat de aandelen worden overgedragen en de stille handelsvennootschap wordt opgericht. De vergoeding wordt bijgevolg afgesproken op een moment dat de partijen nog niet verbonden zijn.

29\. De afgesproken winstverdeling zal volgens de aanvrager rekening houden met het feit dat de OpCo erkent dat TargetCo in essentie de belangrijkste inbreng doet in de stille handelsvennootschap (goodwill, cliënteel, know-how, apparatuur, …) als gevolg van de overdracht van de aandelen. Daarnaast zal de OpCo enkel nog operationele diensten leveren. Deze verhouding wordt weerspiegeld in de overeenkomst die wordt getekend, waarbij wordt afgesproken dat OpCo recht heeft op een vergoeding voor zijn diensten en TargetCo recht heeft op de winst van de stille handelsvennootschap, na aftrek van de vergoeding voor OpCo.

30\. De aanvrager merkt verder op dat bij de overdracht een call-optie wordt toegekend op de aandelen van OpCo aan de TargetCo. Deze call-optie laat toe om op dat moment de OpCo te verwerven en te fuseren met TargetCo om alsnog tot een klassieke constructie te komen. De prijs van de call-optie zal worden gezet op de eigen vermogenswaarde van de aandelen OpCo.

31\. De aanvrager stelt vast dat bovenstaande afspraken (vergoeding i.c.m. de call-optie) dienen om de klassieke situatie te benaderen waarbij de verkoper als werknemer zou fungeren na de verkoop van zijn praktijk, in ruil voor een salaris. De aanvrager stelt dat de vergoeding die wordt overeengekomen zal worden gebaseerd op de vergoeding die de de verkopers ontvangen vóór de verkoop van de aandelen.

32\. Overwegende het voorgaande kan worden vastgesteld dat de overeengekomen winstallocatie van de stille handelsvennootschap gebeurt tussen (op dat moment) onafhankelijke partijen. De afspraken die worden gemaakt garanderen een marktconforme vergoeding en beogen de situatie van een klassieke verkoop zo goed mogelijk te benaderen.

33\. Op basis van het voorgaande wordt bevestigd dat de vergoeding die wordt overeengekomen zoals hoger beschreven, voldoet aan het arm’s length principe.

34\. Overeenkomstig artikel 26 WIB worden, wanneer een in België gevestigde onderneming abnormale of goedgunstige voordelen verleent, die voordelen bij haar eigen winst gevoegd, tenzij die voordelen in aanmerking komen voor het bepalen van de belastbare inkomsten van de verkrijger. Aan de andere kant worden verkregen abnormale of goedgunstige voordelen krachtens artikel 79 jo. 207 WIB beschouwd als een minimum belastbare basis in hoofde van de verkrijger; voormelde artikelen sluiten namelijk de aftrek van beroepsverliezen en alle aftrekken vermeld in artikel 207 uit voor het deel van de belastbare winst die voorkomt uit dergelijke voordelen die werden ontvangen. Opdat artikels 26, 79 en 207 van toepassing zouden zijn dient echter eerst sprake te zijn van een abnormaal of goedgunstig voordeel.

35\. Een voordeel bestaat wanneer een genieter zich verrijkt zonder een gelijkwaardige tegenprestatie te leveren.

36\. In casu gaat het over de TargetCo die zich zal verrijken door de afgesproken winstallocatie. Evenwel is er ook sprake van een tegenprestatie in de vorm van de omvangrijke inbreng die TargetCo zal doen in de sitlle handelsvennootschap. Er is bijgevolg geen sprake van een abnormaal of goedgunstig voordeel in de zin van de artikelen 26, 79 en 207 WIB.

*II.C.2. Resultaatsverdeling*

37\. Artikel 48 W. Venn. bepaalt dat een stille handelsvennootschap een vennootschap zonder rechtspersoonlijkheid is waarbij één (of meer) personen een belang nemen in de verrichtingen van één (of meer) andere(n) die in eigen naam optreedt. De winst van vennootschappen zonder rechtspersoonlijkheid wordt in hoofde van haar leden of vennoten belast overeenkomstig artikel 29, §1 WIB.

38\. Overeenkomstig artikel 364 WIB wordt de winst van een stille handelsvennootschap geacht te zijn toegekend aan haar leden, proportioneel naar hun aandeel in de vennootschap. Hiervoor zal de aanvrager de proportionele integratiemethode gebruiken zoals beschreven in CBN-advies 3-3 van 31 januari 2008.

39\. De balans en de resultatenrekening zullen worden opgesteld op naam van OpCo als actieve partner. Daarna zal OpCo het deel dat toekomt aan TargetCo overmaken, dat evenwel niet kwalificeert als kost in de zin van artikel 49 WIB noch deel uitmaakt van de belastbare winst van OpCo. Deze verdeling is voorts ook niet onderhevig aan BTW in de zin van artikel 2 W.BTW.

*II.C.3. BTW*

40\. Nr. 3 van [aanschrijving nr. 17 van 22.01.1971](https://juriel.be/nl/omzendbrieven/17-1971-aanschrijving-vervangen-777a) handelt over de btw-behandeling van aan derden geleverde goederen en diensten door een stille handelsvennootschap. Diensten en goederen die aan derden worden geleverd voor rekening van de stille handelsvennootschap worden geacht door de actieve vennoot (partner), i.e. OpCo, te zijn verricht. Ten opzichte van die handelingen zal OpCo dus alle verplichtingen moeten naleven die gewoonlijk rusten op belastingplichtigen die goederen of diensten leveren. Zij zal onder andere een factuur moeten uitreiken met haar eigen btw-nummer overeenkomstig artikel 53, §2 W.BTW.

### *II.D. Betreffende de antimisbruikbepaling van artikel 344, §1 WIB*

41\. De structuur zoals deze wordt vooropgesteld dient enkel om rekening te houden met de reglementaire en wettelijke beperkingen eigen aan het beroep.

42\. Het oprichten van de OpCo heeft als enig doel om de verkoper toe te laten om zijn aandelen TargetCo te kunnen verkopen.

43\. De oprichting van de stille handelsvennootschap en de bijbehorende afspraken omtrent winstverdeling zijn eveneens enkel geïnspireerd op het idee om de structuur zo dicht mogelijk te laten aanleunen bij de situatie zoals deze zou bestaan bij een klassieke verkoop van aandelen.

44\. Overwegende het voorgaande kan worden vastgesteld dat onderhavige transactie en structuur enkel steunt op rechtmatige economische en zakelijke overwegingen. Bijgevolg kwalificeert dit niet als fiscaal misbruik en is artikel 344 §1 WIB niet van toepassing.

## Aangehaalde teksten

11

[WBTW art. 4](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-4) 2 voorkomens

[btw-richtlijn 2006/112 art. 9](https://juriel.be/nl/unierecht/btw-richtlijn-2006-112/artikel-9) 1 voorkomen

[C-126/14, arrest van 22 oktober 2015](https://juriel.be/nl/rechtspraak-unie/c-126-14-arrest) 1 voorkomen

[C-16/00, arrest van 27 september 2001](https://juriel.be/nl/rechtspraak-unie/c-16-00-arrest) 1 voorkomen

[C-186/89, arrest van 4 december 1990](https://juriel.be/nl/rechtspraak-unie/c-186-89-arrest) 1 voorkomen

[C-23/98, arrest van 27 januari 2000](https://juriel.be/nl/rechtspraak-unie/c-23-98-arrest) 1 voorkomen

[C-29/08, arrest van 29 oktober 2009](https://juriel.be/nl/rechtspraak-unie/c-29-08-arrest) 1 voorkomen

[C-408/98, arrest van 22 februari 2001](https://juriel.be/nl/rechtspraak-unie/c-408-98-arrest) 1 voorkomen

[C-435/05, arrest van 8 februari 2007](https://juriel.be/nl/rechtspraak-unie/c-435-05-arrest) 1 voorkomen

[C-465/03, arrest van 26 mei 2005](https://juriel.be/nl/rechtspraak-unie/c-465-03-arrest) 1 voorkomen

[C-98/98, arrest van 8 juni 2000](https://juriel.be/nl/rechtspraak-unie/c-98-98-arrest) 1 voorkomen
