De overgang van de rechten en plichten van een bank · Voorafgaande beslissingen

Naar de tekst
Juriel

2019.0772 15 oktober 2019

Zoeken

De overgang van de rechten en plichten van een bank

https://juriel.be/nl/rulings/2019-0772-overgang-rechten-plichten-bank-lessor-bdf2

Nummer
2019.0772
Datum
15 oktober 2019

Over het document

Verzameling
Voorafgaande beslissingen
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

13 paragrafen

Fiche van de FOD Financiën

Voorafgaande beslissing nr. 2019.0772 d.d. 15.10.2019

Btw · Artikel 44, §3, 2° W.Btw · Overdracht van huur

Samenvatting

De overgang van de rechten en plichten van een bank – als lessor onder een contract van onroerende leasing – aan een derde partij, als gevolg van de overdracht van het recht van erfpacht aan deze laatste partij geeft in de naar voor gebrachte casus geen aanleiding tot de heffing van btw.

Uit het door de DVB gedane onderzoek blijkt het volgende:

1. De aanvraag voldoet aan de voorwaarden van artikel 21 en 22 van de wet van 24 december 2002 tot wijziging van de vennootschapsregeling inzake inkomstenbelastingen en tot instelling van een systeem van voorafgaande beslissingen in fiscale zaken.

2. <…>

3. In gans deze operatie (die reeds het voorwerp heeft uitgemaakt van de rulings 2018.0242 en 2019.0007) heeft de aanvrager vandaag één specifieke subvraag, met name of de overgang van de rechten en plichten van de Banken – als lessors onder de onroerende leasing – aan X NV, als gevolg van de overdracht van het recht van erfpacht aan X NV geen aanleiding geeft tot de heffing van btw.

4. De vraag moet gekaderd worden binnen de recente wetswijziging van 14 oktober 2018 waarbij in artikel 44, §3, 2° WBtw de woorden ‘overdracht van huur’ werden geschrapt.

5. Overeenkomstig artikel 18, § 1, 2e lid, 4° WBtw is de verhuur (daaronder begrepen financieringsverhuur) van uit hun aard onroerende goederen in beginsel een aan btw onderworpen dienst. Artikel 44, § 3, 2° WBtw bepaalt evenwel dat onroerende financieringshuur in de regel is vrijgesteld van btw. Tot voor kort stelde art. 44, § 3, 2° WBtw ook expliciet de ‘overdracht van huur’ vrij van btw. Bij wet van 14 oktober 2018 werd de verwijzing naar ‘overdracht van huur’ in artikel art. 44, § 3, 2° WBtw evenwel geschrapt met ingang vanaf 1 januari 2019. Bijgevolg is de overdracht ten bezwarende titel van een huurovereenkomst sinds 1 januari 2019 principieel een aan btw onderworpen dienst, dit ongeacht of de onderliggende huurovereenkomst al dan niet aan btw is onderworpen.

6. In casu zullen de rechten en plichten van de Banken als lessors onder de overeenkomst van onroerende leasing van rechtswege worden overgedragen ingevolge de overdracht van het erfpachtrecht, na uitoefening van de call-optie. In dergelijke constellatie volgt de DVB de visie van de aanvrager dat dit niet ressorteert onder de noemer ‘overdracht van huur’ zoals omschreven in de vorige paragraaf, waarop mogelijks btw verschuldigd is. Ook in het stelsel van registratierechten zijn er bij een eigenaar die zijn verhuurde pand verkoopt en waarbij de koper in de rechten en de plichten treedt van de verkoper als verhuurder geen registratierechten verschuldigd op basis van ‘overdracht huur’ (artikel 83, 1° W.Reg.). Wat onder ‘overdracht van huur’ bijvoorbeeld wel zou kunnen vallen is een leasingnemer die zijn rechten in het kader van zijn leasingovereenkomst overdraagt aan een derde partij.