Bedrijvencentrum · Voorafgaande beslissingen

Naar de tekst
Juriel

2017.420 6 juli 2017

Zoeken

BedrijvencentrumBtw - Bedrijvencentrum - Circulaire 39/2005

https://juriel.be/nl/rulings/2017-420-bedrijvencentrum-e436

Nummer
2017.420
Datum
6 juli 2017

Over het document

Verzameling
Voorafgaande beslissingen
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

35 paragrafen

Fiche van de FOD Financiën

Voorafgaande beslissing nr. 2017.420 dd. 06.07.2017

Btw · Bedrijvencentrum · Circulaire 39/2005

Samenvatting

Een burgerlijke vennootschap X is btw-plichtige en huurt een casco kantoorplatform, dat zij integraal ingericht en aangepast heeft aan de specifieke noden, eigen aan het uitoefenen van een welbepaald vrij beroep.

X als de contracterende partijen oefenen allen hetzelfde vrij beroep uit, waardoor ze gebonden zijn door hetzelfde beroepsgeheim als deontologische code.

In dit kader biedt zij aan diverse confraters een dienstenpakket aan, specifiek afgestemd op het uit te oefenen vrije beroep, gaande van kantoorinfrastructuur, centraal onthaal tot het ter beschikking stellen van specifieke beroepsmatige materialen.

Het loutere feit dat de aanvrager als beoefenaar van een vrij beroep, het dienstenpakket verstrekt aan diens confraters, ertoe bijdraagt dat zij allen op deze wijze hun overheadkosten kunnen drukken en toch in alle onafhankelijkheid hun beroepsactiviteit kunnen uitoefenen. Dit in een omgeving waarbij het op hun allen van toepassing zijnde beroepsgeheim en deontologische code, geen afbreuk doet aan het gegeven dat X een geheel aan diensten aanbiedt aan andere btw-plichtigen.

I. Voorwerp van de aanvraag

1. Met deze aanvraag wenst X te vernemen of de terbeschikkingstelling en dienstverlening van X opzichtens Derde Partijen, beantwoordt aan de voorwaarden voor een “bedrijven-en dienstencentrum” activiteit overeenkomstig Administratieve Aanschrijving nr. 39/2005 (E.T. 108.816) van 27 september 2005 en aldus onderworpen is aan de btw.,

II. Omschrijving van de verrichtingen

2. De aanvrager is een btw-plichtige die een casco kantoorplateau huurt van Y waarmee zij een btw-eenheid vormt.

3. De inrichtingskosten (kasten, burelen, stoelen, vergaderzalen, telefonie, kopieertoestellen, ontvangstbalie etc.) van de kantoren werden volledig gedragen door X.

4. De nieuwe kantoren omvatten 4 vergaderruimtes, 22 burelen, een ontvangstbalie en ruimte voor secretariaatsmedewerkers, een bibliotheek, sanitaire ruimtes, een keuken alsook 16 ondergrondse parkings.

De burelen zijn volledig door X ingericht op identieke wijze.

5. X stelt ter beschikking als volgt :

5.1 haar ganse infrastructuur, 6 burelen en 4 parkeerplaatsen aan A;

5.2 haar ganse infrastructuur, 2 burelen aan B;

5.3 haar ganse infrastructuur, 1 bureel en 1 parkeerplaats aan C;

hierna samen genoemd de “Derde Partijen”

6. X is voornemens om met elk van de Derde Partijen een overeenkomst af te sluiten, waarbij X de dienstprestaties verleent zoals voorzien in de BTW-circulaire over het bedrijven- en dienstencentrum.

III. Beslissing

7. Op grond van de Europese rechtspraak (1) inzake de verhuur van onroerende goederen werd er beslist dat de door een bedrijven- en dienstencentrum verleende diensten onder bepaalde voorwaarden één geheel uitmaken, dat bij toepassing van artikel 18, § 1, eerste lid, van het Wetboek voor het geheel aan de btw is onderworpen.

________________________

[(1) arrest van 18 november 2004, zaak C-284/03, Temco Europe]

8. Bedrijven- en dienstencentra hebben als hoofdactiviteit het verlenen van een geheel van niet te scheiden diensten aan ondernemingen, zelfstandigen of beoefenaars van een vrij beroep, door middel van een complete en geïntegreerde infrastructuur. Dit geheel van diensten, dat tegen een forfaitaire prijs wordt aangeboden, omvat tegelijkertijd de terbeschikkingstelling van gemeubelde, privatieve lokalen, het gebruik van een infrastructuur die voor het gemeenschappelijk gebruik van alle "gebruikers" is bestemd (vergaderzalen, sanitair, ontvangst- of ontspanningsruimte, fax, kopieerapparaat, enz.), het gebruik van een telefoon- en bureauticanetwerk, evenals diensten van diverse aard (zoals het onthaal van bezoekers, het ontvangen van de post, het onderhoud van de lokalen, enz.).

9. Een onderzoek van het aangeboden dienstenpakket, als opgenomen in de overeenkomsten en bijkomend toegelicht door de aanvrager, leidt tot de hierna vermelde vaststellingen dat :

9.1 de aanvrager in het door haar gehuurde en ingerichte kantoorplateau een dienstverlening aanbiedt aan derde partijen die in dezelfde sector actief zijn;

9.2 het dienstenpakket aangeboden wordt aan meerdere btw-plichtigen die geen deel uitmaken van één en dezelfde btw-eenheid. Waarbij zowel de aanvrager als de contracterende partijen een vrij beroep uit oefenen binnen eenzelfde sector, gebonden door hetzelfde beroepsgeheim als deontologische code. Hetgeen ertoe bijdraagt dat de aangeboden dienstverlening daar integraal op afgestemd is;

9.3 zowel individuele niet af te sluiten kantoorruimtes, voorzien van meubilair, als vergaderzalen en andere gemeenschappelijke ruimten, sanitair, administratieve lokalen, uitgeruste keuken, bibliotheek, archief als ontvangstruimten en terras ter beschikking gesteld wordt;

9.4 de specifiek op het vrije beroep afgestemde bureautica en ICT infrastructuur in het dienstenpakket opgenomen zijn alsmede de andere diensten gaande van onthaal, zowel telefonisch als fysiek uitsluitend georganiseerd door het personeel van de aanvrager, alsmede andere administratieve diensten typerend voor en vereist in het kader van het door de gebruikers uitgeoefende vrije beroep;

9.5 het dienstenpakket aangeboden wordt tegen een forfaitaire vergoeding per vrije beroeper die gebruik maakt van het dienstencentrum, hierbij vaststellend dat men onder het vrije beroeper begrijpt iedere fysieke persoon die het diploma c.q. titel draagt en dit ongeacht of zij het beroep, al dan niet, uitoefenen via een burgerlijke vennootschap;

9.6 het dienstenpakket – dat minimaal de diensten omvat zoals opgenomen onder punt 3.2 van de administratieve aanschrijving nr. 39/2005, aangeboden wordt tegen een forfaitaire prijs. Dat de in het forfait begrepen kosten voor nutsvoorzieningen zijnde elektriciteit, digitec, post, telefoon en fax, internet uitgaat van een quotum per vrije beroeperr, die bij overschrijding het voorwerp zal uitmaken van een bijkomende facturatie tegen de tussen partijen overeengekomen eenheidsprijzen, niet in strijd is met de door de administratie vooropgestelde forfaitaire vergoeding waarvan niet afgeweken mag worden;

10. dat het loutere feit dat de aanvrager als beoefenaar van een vrij beroep, het dienstenpakket verstrekt aan diens confraters, ertoe bijdraagt dat zij allen op deze wijze enerzijds hun overheadkosten kunnen drukken en anderzijds toch in alle onafhankelijkheid hun beroepsactiviteit kunnen uitoefenen in een omgeving waarbij het op hun allen van toepassing zijnde beroepsgeheim en deonthologische code, geen afbreuk doet aan het gegeven dat een btw-plichtige een geheel aan diensten aanbiedt aan andere btw-plichtigen.

Aangehaalde teksten

1