Fiche van de FOD Financiën
Vennootschapsbelasting
Belastingneutrale partiële splitsing · Zakelijke overwegingen · Belastingfraude of -ontwijking
BTW · Bedrijfsafdeling
Samenvatting
De voorgenomen partiële splitsing van vennootschap X, waarbij de niet-uitgedrukte intellectuele eigendomsrechten en enkele samenhangende activa worden afgesplitst naar vennootschap Y, die zal instaan voor de verdere ontwikkeling van de intellectuele eigendomsrechten, beantwoordt aan zakelijke overwegingen en heeft niet als hoofddoel of één der hoofddoelen belastingfraude of -ontwijking in de zin van artikel 183bis, WIB 92.
De door de aanvrager voorgestelde werkwijze voor de omdeling van de fiscale vermogensbestanddelen is conform het bepaalde in artikel 213, WIB 92.
De boekhoudkundige retroactiviteit van voormelde partiële splitsing kan op het vlak van de vennootschapsbelasting worden aanvaard.
Er is in casu geen sprake van een geheel aan lichamelijke en onlichamelijke zaken die tezamen een autonoom bedrijfsonderdeel vormen, bijgevolg zijn de artikelen 11 en 18, §3, WBTW niet van toepassing. De overdracht van de vermelde intellectuele rechten moet echter als een overdracht om niet worden beschouwd die buiten de werkingssfeer van de btw valt, in de zin van artikel 2, WBTW.
I. Voorwerp van de aanvraag
1. De aanvraag strekt ertoe de bevestiging te verkrijgen dat:
1.1. de voorgenomen partiële splitsing van de vennootschap X (hierna: aanvrager) voldoet aan de voorwaarden van artikel 211, §1 juncto 183bis van het Wetboek van de inkomstenbelastingen (WIB 92) en niet als hoofddoel of een van de hoofddoelen belastingfraude of -ontwijking heeft;
1.2. de methode die voor de toewijzing van het eigen vermogen gehanteerd wordt, zoals theoretisch beschreven in de aanvraag, in overeenstemming is met artikel 213, WIB 92;
1.3. de voorgenomen retroactiviteit van de partiële splitsing per 1 januari 2017 voor de toepassing van de directe belastingen aanvaardbaar is;
1.4. de voorgenomen partiële splitsing van X aan de BTW zal worden onderworpen volgens de algemene regels (geen toepassing van het 'niet-levering'-beginsel in de zin van artikel 11 en 18, §3, van het Wetboek van de belasting over de toegevoegde waarde (WBTW).
II. Omschrijving van de verrichtingen
2. De vennootschap X is sinds geruime tijd in handen van de heer A, VZW B en de organisatie C. Haar activiteiten zijn toegespitst op het verrichten van specifieke studies in de sector a.
3. X is medeoprichter van vennootschap Y, die hoofdzakelijk in handen is van derde investeerders. Y is eveneens actief in sector a en zet zich eveneens in voor de verdere ontwikkeling en commercialisering van het product.
4. Tussen beide vennootschappen werd een overeenkomst gesloten om de kennis uit de gedane studies van X daartoe te kunnen aanwenden.
5. De partiële splitsing beoogt het afsplitsen van specifieke studieresultaten (uit de experimenten xxx tot en met yyy) en de ermee gepaard gaande intellectuele eigendomsrechten.
6. Het voorstel waarover het voorafgaand schriftelijk akkoord van de Dienst Voorafgaande Beslissingen in fiscale zaken wordt gevraagd omhelst de partiële splitsing waarbij de niet-uitgedrukte intellectuele eigendomsrechten (IP) en enkele daarmee samenhangende activa worden overgedragen aan vennootschap Y.
III. Beslissing
7. De aanvragers hebben in hun aanvraag de voorwaarden vervat in de artikelen 21 en 22 van de voormelde wet van 24 december 2002 nageleefd.
III.A. Vennootschapsbelasting
III.A.1. Inzake de toepassing van artikel 211, §1 juncto 183bis, WIB 92
8. De voorgenomen herstructurering zorgt ervoor dat de totaliteit van de benodigde IP voor de verdere uitbouw gecentraliseerd zal zijn binnen Y, het geen bijdraagt tot een juridische vereenvoudiging van de onderlinge verhoudingen tussen X en Y.
9. Met het oog op het aantrekken van (internationale) externe financiering door Y is de centralisatie van cruciaal economisch belang voor de verdere uitbreiding van de activiteiten.
10. Na deze verrichting zal X zich verder richten op studies, het ontwikkelen en begeleiden van samenwerkingsprojecten en het opstellen en beheren van dossiers.
11. De partiële splitsing zal geen impact hebben op het personeelsbestand.
12. De vennootschap X heeft een belastbare basis en beschikt niet over overgedragen fiscaal aftrekbare bestanddelen. Er zal worden afgesplitst naar vennootschap Y die sinds geruime tijd verlieslatend is. In het licht van artikel 206, §2, WIB 92 werd becijferd dat er naar aanleiding van de partiële splitsing verliezen definitief verloren gaan ten bedrage van x EUR. De verrichting houdt bijgevolg geen optimalisatie in op het vlak van de overgedragen fiscaal aftrekbare bestanddelen.
13. De verrichting brengt geen voordeel met zich mee op het vlak van de aftrek voor risicokapitaal.
14. Door de aanvrager werd bevestigd dat er geen intentie bestaat om de aandelen X of Y na de partiële splitsing over te dragen aan derden.
15. Op basis van de door de aanvrager verstrekte inlichtingen en het door de DVB gevoerde onderzoek kan worden aangenomen dat de partiële splitsing van X zal plaatsvinden op basis van zakelijke overwegingen en niet als hoofddoel of één der hoofddoelen belastingfraude of -ontwijking heeft in de zin van artikel 183bis, WIB 92.
16. De verkrijgende vennootschap Y is een binnenlandse vennootschap.
17. De aanvrager heeft bevestigd dat de partiële splitsing zal plaatsvinden overeenkomstig de bepalingen van het Wetboek van Vennootschappen.
18. Derhalve kan worden besloten dat aan de voorwaarden zoals gesteld in artikel 211, §1, 4e lid, WIB 92 is voldaan, zodat de geplande partiële splitsing kan worden verricht onder het belastingneutraal regime zoals bedoeld in artikel 211, §1, WIB 92.
III.A.2. Inzake de toepassing van artikel 213, WIB 92
19. Ingeval van een (partiële) splitsing in toepassing van artikel 211, § 1, WIB 92 worden de verkrijgende vennootschappen, overeenkomstig de bepalingen van artikel 213, WIB 92, bij het bepalen van het gestorte kapitaal en van de voorheen gereserveerde winst die ingeval van (partiële) splitsing bij elk van de overnemende of verkrijgende vennootschappen in aanmerking worden genomen, geacht het gestorte kapitaal, de belaste reserves en de vrijgestelde reserves van de (partieel) gesplitste vennootschap evenredig met de fiscale nettowaarde van de door deze laatste aan elk van hen gedane inbreng te hebben overgenomen of verkregen. Dit houdt in dat de drie componenten van het fiscaal eigen vermogen (gestort kapitaal, belaste reserves en vrijgestelde reserves) elk afzonderlijk moeten worden verdeeld in verhouding tot het gedeelte van de fiscale nettowaarden dat aan elk van de vennootschappen wordt toebedeeld (zie ook arrest van het Hof van Beroep te Gent van 1 maart 2011 inzake Villa 2000 CVA).
20. De door de aanvrager voorgestelde werkwijze voor de omdeling van de fiscale vermogensbestanddelen is in overeenstemming met het bepaalde in artikel 213, WIB 92.
III.A.3. Inzake de boekhoudkundige retroactiviteit
21. De terugwerkende kracht van een vennootschapsakte is in de regel niet tegenstelbaar aan de Administratie. Van dit beginsel mag, inzonderheid ten aanzien van voormeld retroactiviteitsbeding, slechts worden afgeweken wanneer de retroactiviteitsclausule:
21.1. met de werkelijkheid overeenstemt en betrekking heeft op een korte periode: in dit verband wordt opgemerkt dat een boekhoudkundige retroactiviteitsclausule van meer dan zeven maanden, in normale omstandigheden niet als een korte periode kan worden aangemerkt; en
21.2. een juiste toepassing van de belastingwetgeving niet in de weg staat.
22. In casu kan er worden gesteld dat deze boekhoudkundige retroactiviteitsclausule een correcte toepassing van de belastingwetgeving niet in de weg staat en dat deze op fiscaal vlak kan worden aanvaard.
III.B. BTW
23. De artikelen 11 en 18, § 3, van het Btw-Wetboek zijn de omzetting in het Belgisch btw-wetboek van de in artikel 19, eerste lid, van de Richtlijn 2006/112/EG van de Raad van 28 november 2006 betreffende het gemeenschappelijke stelsel van de belasting over de toegevoegde waarde, geboden mogelijkheid om als lidstaat:
"in geval van overgang van het geheel of een gedeelte van een algemeenheid van goederen onder bezwarende titel, om niet of in de vorm van een inbreng in een vennootschap, zich op het standpunt te stellen dat geen levering van goederen heeft plaatsgevonden en dat degene op wie de goederen overgaan, in de plaats treedt van de overdrager.”
24. Volgens het Hof van Justitie geldt dit "niet-leveringsbeginsel" voor elke overdracht van een handelszaak of van een autonoom gedeelte van een onderneming met lichamelijke en eventueel ook onlichamelijke zaken, welke tezamen een onderneming of een bedrijfsonderdeel vormen waarmee een "autonome economische activiteit" kan worden uitgeoefend (HvJ, 27 november 2003, Zita Modes Sarl, C-497/01).
25. Voormelde houdt in dat opdat de artikelen 11 en 18, §3 van het btw-wetboek uitwerking zouden krijgen, men vooreerst moet onderzoeken of de overdracht betrekking heeft op een algemeenheid van goederen en diensten dan wel op een bedrijfsafdeling.
26. Uit de in de randnummers 4 tem 6 opgenomen omschrijving van de verrichting blijkt dat de overname van de resultaten weliswaar zeer belangrijk is voor de overnemer in het kader van het aantrekken van bijkomende investeerders en de verdere ontwikkeling van zijn eigen economische activiteit, maar dat voormelde "resultaten xxx en yyy" op zich geen activiteit vormen. Maar eerder het gevolg zijn van een eerder uitgevoerd onderzoek, waarvan noch het onderzoek noch de aangewende methode deel uitmaken van de overdracht.
27. Om voormelde redenen beslist de DVB dat de elementen die middels partiële splitsing overgedragen worden geen bedrijfsafdeling vormen en derhalve de andere voorwaarden teneinde de overdracht te laten plaatsvinden bij toepassing van artikel 11 en 18, §3 van het btw-wetboek, niet verder onderzocht dienen te worden.
28. Onderhavige beslissing is gebaseerd op de elementen zoals deze door de aanvragers vermeld worden. De DVB spreekt zich in deze beslissing, ondanks de vermelding in randnummer 14, niet uit over de mogelijke toepassing van antimisbruikbepalingen (artikel 183bis, WIB 92 of artikel 344, §1, WIB 92) ten gevolge van verrichtingen die niet omschreven zijn in deze beslissing, zoals de eventuele toekomstige overdracht van de aandelen van de vennootschap X of Y.
Aangehaalde referentie
Sneltoetsen
Niet actief tijdens het typen in een veld.
- Zoeken in de tekst
- /Ctrl/⌘ F
- Volgende / vorige treffer
- EnterShift Enter
- Volgende / vorige sectie
- JK
- Leesmodus
- L
- Een paneel sluiten
- Esc
De leesmodus verbergt de inhoudsopgave en de kerncijfers, vergroot de tekst en centreert de kolom.