Kortingbonnen, Recht op teruggaaf, teruggaaf van belasting · Voorafgaande beslissingen

Naar de tekst
Juriel

2017.034 6 juli 2017

Zoeken

Kortingbonnen, Recht op teruggaaf, teruggaaf van belastingBtw - Kortingbonnen - Recht op teruggaaf

https://juriel.be/nl/rulings/2017-034-kortingbonnen-recht-teruggaaf-belasting-kortingbon-3513

Nummer
2017.034
Datum
6 juli 2017

Over het document

Verzameling
Voorafgaande beslissingen
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

27 paragrafen

Fiche van de FOD Financiën

Voorafgaande beslissing nr. 2017.034 dd. 06.07.2017

Btw · Kortingbonnen · Recht op teruggaaf

Samenvatting

Het recht op teruggaaf (op grond van artikel 77, §1, 2° Wbtw) in hoofde van de kortingbon-uitgever (leverancier) van de btw begrepen in het bedrag van de nominale waarde van de door hem uitgegeven kortingbonnen, wezen het in digitale of in papieren vorm, en die effectief door de kortingbon-uitgever (leverancier) of namens hem aan de distributeur of aan een door deze laatste aangestelde persoon werden terugbetaald, is verzekerd en kan rechtsgeldig worden uitgeoefend in hoofde van de kortingbon-uitgever (leverancier,) indien deze kortingbonnen aangemaakt en verwerkt werden door het beschreven couponsysteem met als resultante het redemptierapport en voor zover voldaan aan de modaliteiten opgenomen in de administratieve beslissing nr. E.T. 120.112 van 15 december 2011.”.

I. Voorwerp van de aanvraag

1. De aanvraag strekt ertoe te vernemen of:

“Het recht op teruggaaf (op grond van artikel 77, §1, 2° Wbtw) in hoofde van de kortingbon-uitgever (leverancier) van de btw begrepen in het bedrag van de nominale waarde van de door hem uitgegeven kortingbonnen, wezen het in digitale of in papieren vorm, en die effectief door de kortingbon-uitgever (leverancier) of namens hem aan de distributeur of aan een door deze laatste aangestelde persoon werden terugbetaald, is verzekerd en kan rechtsgeldig worden uitgeoefend in hoofde van de kortingbon-uitgever (leverancier,) indien deze kortingbonnen aangemaakt en verwerkt werden door het beschreven couponsysteem met als resultante het redemptierapport bevattende de gegevens zoals beschreven in de aanvraag, en rekening houdend met de administratieve verwerking zoals beschreven in deze aanvraag.”

II. Omschrijving van de verrichtingen

2. Het betreft een aanvraag betreffende de na te komen verplichtingen in het kader van een systeem, dat voorziet in de elektronische aanmaak, verwerking en clearing van verschillende types kortingbonnen.

3. De aanvrager X ontwikkelt standaarden voor identificatie en elektronische communicatie en productinformatie uitwisseling via een centrale data bank.

4. In diezelfde lijn ontwikkelde X een systeem voor het aanmaken, verwerken en clearen van verschillende types kortingbonnen.

5. Dit systeem bestaat uit verschillende stappen afhankelijk van wie precies de opdracht geeft voor de aanmaak van de promotiecampagne in het systeem (de leverancier, dan wel de distributeur).

6. Van belang is dat de kortingbon-uitgever (leverancier/distributeur) en de distributeur (indien de leverancier kwalificeert als kortingbon-uitgever) een elektronisch redemptierapport zullen ontvangen houdende een gedetailleerd overzicht van de gebruikte kortingbonnen. Dit rapport verschilt naargelang het wordt uitgereikt aan de kortingbon-uitgever (leverancier/distributeur) of de distributeur (indien de leverancier

kwalificeert als kortingbon-uitgever). Deze onderscheiden redemptierapporten moeten steeds onderling gelinkt kunnen worden en zouden steeds worden toegevoegd in bijlage van de factuur, die wordt uitgereikt door X, de distributeur of het clearinghouse, afhankelijk van de tussen partijen gemaakte afspraken. Dit redemptierapport zou, in hoofde van de leverancier-kortingbon-uitgever, het document vormen op basis waarvan het recht op teruggaaf van de btw begrepen in de waarde van de terugbetaalde kortingbonnen zal worden uitgeoefend.

III. Beslissing

Uit het door de DVB gedane onderzoek blijkt het volgende:

7. Artikel 77, §1, 2° Wbtw stelt dat de belasting die geheven werd van een levering van goederen, van een dienst of van een intracommunautaire verwerving van een goed tot beloop van het passende bedrag wordt teruggegeven wanneer aan de medecontractant een prijsvermindering is toegestaan;

8. In het arrest van 24 oktober 1996, heeft het Hof van Justitie in de zaak C-317/94, voor recht verklaard dat “artikel 11 A, lid 1, sub a, en C, lid 1, van de Zesde richtlijn aldus moet worden uitgelegd, dat wanneer een fabrikant in het kader van een reclameactie goederen tegen "fabrieksprijs" rechtstreeks aan de detailhandelaar verkoopt; op de verpakking van die goederen een "geld terug"-bon voor een bepaald bedrag is gedrukt, die aan de klant die het bewijs van aankoop van dat artikel levert en aan de andere op de bon vermelde voorwaarden voldoet, het recht geeft de bon voor het aangegeven bedrag bij de fabrikant in te wisselen, en de klant het betrokken artikel bij de detailhandelaar koopt, de bon bij de fabrikant inlevert en het aangegeven bedrag ontvangt, de maatstaf van heffing gelijk is aan de verkoopprijs van de fabrikant, minus het op de bon aangegeven en terugbetaalde bedrag. Dit is ook het geval wanneer de fabrikant de goederen eerst aan een groothandelaar heeft geleverd in plaats van rechtstreeks aan een detailhandelaar”.

9. De administratieve aanschrijving nr. 8, van 27.08.1997, heeft de draagwijdte en de gevolgen van bovngenoemd arrest op het stuk van de btw toegelicht.

10. Deze aanschrijving hield nog geen rekening met de nu reeds operationele technologieën die het scannen en digitaal verwerken van facturen en andere stukken mogelijk maakt. Het hierboven omschreven systeem respecteert evenwel de geldende principes vermeld in de rechtspraak van het Hof van Justitie, in het btw-wetboek en in de geldende aanschrijving.

11. Bij toepassing van de E. Gibbs-leer en bovenvermelde aanschrijving heeft een kortingbonuitgever op grond van artikel 77, §1, 2° Wbtw recht op teruggaaf van de btw berekend over de korting die effectief door de kortingbonuitgever of door een bemiddelend telorganisme aan de distributeur werd terugbetaald. Voor de kortingbonuitgever is de maatstaf van heffing tav de levering van producten waarvoor kortingbonnen worden uitgegeven gelijk aan de verkoopprijs verminderd met het op de kortingbon aangegeven en effectief terugbetaalde bedrag.

12. Artikel 4 van het KB nr.4 van 29 december 1969 met betrekking tot de teruggaven bepaalt de verplichtingen waaraan de kortingbon-uitgever moet voldoen om zijn vordering tot teruggaaf te kunnen uitoefenen.

13. Het KB van 17 januari 2003 tot uitvoering van artikel 22, tweede lid van de wet van 24 december 2002 tot instelling van een systeem van voorafgaande beslissingen in fiscale zaken stelt dat de DVB niet bevoegd is om beslissingen te nemen over het gebruik van bewijsmiddelen.

14. Bijgevolg wordt mbt deze problematiek verwezen naar de individuele beslissing E.T. 120.112 van 15 december 2011 van de Centrale diensten.

15. In de mate dat aan de hierin opgestelde voorwaarden is voldaan kan de kortingbon-uitgever zijn recht op teruggaaf uitoefenen.

Aangehaalde teksten

2