---
title: "Voorafgaande beslissing 2012.012 · Vennootschapsbelasting, Belastingneutrale partiële splitsing"
description: "Vennootschapsbelasting, Belastingneutrale partiële splitsing, Zakelijke overwegingen. Belgische voorafgaande beslissing nr. 2012.012 van 3 april 2012."
url: "https://juriel.be/nl/rulings/2012-012-vennootschapsbelasting-belastingneutrale-partiele-splitsing-zakelijke-7175"
lang: "nl"
---

# Vennootschapsbelasting, Belastingneutrale partiële splitsing, Zakelijke overwegingen, Belastingfraude of -ontwijking · Vennootschapsbelasting - Belastingneutrale partiële splitsing - Zakelijke overwegingen - Belastingfraude of -ontwijking - Registratierechten - Bedrijfsafdeling - Vrijstelling - BTW - Bedrijfsafdeling - Vrijstelling

**Nummer**

2012.012

**Datum**

3 april 2012

## Over het document

**Verzameling**

Voorafgaande beslissingen

**Taal van de tekst**

Nederlands

## Tekst

219 paragrafen

Fiche van de FOD Financiën

*Vennootschapsbelasting*

*Belastingneutrale partiële splitsing* · *Zakelijke overwegingen* · *Belastingfraude of -ontwijking*

*Registratierechten* · *Bedrijfsafdeling* · *Vrijstelling*

*BTW* · *Bedrijfsafdeling* · *Vrijstelling*

## Samenvatting

De partiële splitsing van VN X (i) beantwoordt aan de bepalingen van artikel 211, § 1, vierde lid, WIB 92 en artikel 183*bis*, WIB 92, (ii) kwalificeert als een overdracht van een bedrijfsafdeling in de zin van de artikelen [11](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-11), en [18, § 3](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-18), WBTW, en (iii) vindt plaats met vrijstelling van het evenredig registratierecht op grond van artikel 117, § 2, juncto artikel 120, W.Reg.

## I. Voorwerp van de aanvraag

1\. De aanvraag strekt ertoe bevestiging te bekomen dat de partiële splitsing van VN X:

1.1 voldoet aan de vereisten van artikel 211, § 1, vierde lid, WIB 92 en artikel 183bis, WIB 92, en in het bijzonder dat de verrichting plaatsvindt op grond van zakelijke overwegingen en niet als hoofddoel of een der hoofddoelen belastingfraude of -ontwijking heeft;

1.2 kwalificeert als van een overdracht van een bedrijfsafdeling in de zin van [artikel 11](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-11), en [18, § 3](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-18) van het Wetboek BTW (hierna "WBTW");

1.3 plaatsvindt met vrijstelling van het evenredig registratierecht op grond van artikel 117, § 2, juncto artikel 120, van het Wetboek der Registratie-, Hypotheek- en Griffierechten ("W. Reg.").

2\. De aanvraag is niet gericht op het verkrijgen van een voorafgaande beslissing met betrekking tot de verrekenprijsaspecten van de reorganisatie.

## II . Omschrijving van de verrichting door de aanvrager

## *II* *. A. Beschrijving van de bij de herstructurering betrokken partijen*

3\. Groep A heeft enkele jaren geleden door de overname van Groep B, waartoe VN X behoorde, haar wereldwijde toonaangevende marktpositie versterkt.

4\. Bij VN X werken momenteel enkele honderden personen. VN X neemt deel aan de ontwikkeling van producten (destijds van de Groep B) en doet dienst als volwaardig fabrikant van verbruiksartikelen voor de Label Manager productlijn. Daarnaast exploiteert VN X een magazijn om zowel grondstoffen als afgewerkte producten te stockeren.

5\. VN X heeft ook financiële en boekhoudkundige, marketing, aankoop en supply chain medewerkers ter ondersteuning van de activiteiten van VN X.

6\. VN X verkoopt producten aan de verbonden entiteiten van de Groep A met het oog op de distributie aan klanten. VN X is tevens eigenaar van productgebaseerde immateriële vaste activa (zoals patenten, design rights, know-how) en betaalt royalty's aan een verbonden onderneming van de Groep A voor het recht om de merknaam van destijds de Groep B te gebruiken.

7\. Newco 1 en Newco 2 werden opgericht specifiek met het oog op de voorgenomen verrichting die het voorwerp uitmaakt van onderhavige beslissing.

## *II* *. B. Beschrijving van de voorgenomen verrichting*

8\. Groep A is binnen de EMEA regio het "European Principal Company" operationeel model aan het invoeren, dit met het oog op het stroomlijnen van haar bedrijfsorganisatie en het verminderen van diversiteit qua bedrijfsmodellen tussen en binnen de GBUs (i.e. Global Busnisess Units).

9\. In het kader van de invoering van het EPC-model zullen de activiteiten van de Belgische filialen worden gestroomlijnd en juridisch en operationeel worden geherstructureerd om ze op één lijn te brengen met het nieuwe EPC-model.

10\. VN X is in het verleden een winstgevende onderneming geweest en zal dit naar verwachting ook zijn gedurende de komende jaren. Omwille hiervan heeft VN X geen overgedragen verliezen, noch overgedragen investeringsaftrek per 31 december 2009 en 2010. Er wordt niet verwacht dat de onderneming enige overdraagbare fiscale verliezen of investeringsaftrek zal hebben voor het boekjaar afgesloten per 31 december 2011. De VN X heeft een aantal belastingvrije reserves.

11\. De geplande partiële splitsingen worden niet geacht een positief effect te hebben op de geconsolideerde notionele intrestaftrek, er rekening mee houdende dat de juridische reorganisatie de vorm aanneemt van een partiële splitsing tussen "zuster" vennootschappen en dat alle vennootschappen (VN X, Newco 1 en Newco 2) worden geacht winstgevend te zijn in de toekomst. Dit wordt geïllustreerd door de financiële plannen van VN X, Newco 1 en Newco 2 voor 2012 en 2013 die door de aanvrager werden verstrekt. VN X zal eigenaar blijven van de IP en een marktconforme vergoeding ontvangen voor het in licentie geven en het beheer van deze intellectuele eigendomsrechten. VN X heeft geen overgedragen notionele interestaftrek per 31 december 2009 en 2010, en zal naar verwachting ook geen overdraagbare notionele interestaftrek hebben per 31 december 2011.

12\. Om de beoogde Belgische structuur te bekomen, zouden ondermeer onderstaande transacties worden uitgevoerd: VN X splitst dienstverleningsactiviteiten af naar Newco 2 en de productieactiviteiten naar Newco 1. Newco 2 en Newco 1 zullen de inbreng door VN X, naar aanleiding van de partiële splitsingen, volledig vergoeden met de uitgifte van nieuwe aandelen.

13\. Als gevolg van de juridische en operationele herstructurering, zullen de Belgische vennootschappen volgende functies in de toekomst uitoefenen via de geplande herstructurering :

## Belgische productie activiteiten

1.4 De toekomstige Belgische productie-eenheid, Newco 1 zal functioneren als een Toll Manufacturer onder het EPC Model. Als Toll Manufacturer zal deze productie-eenheid verantwoordelijk zijn voor het omvormen van grondstoffen in eindproducten. De buitenlandse EPC wordt eigenaar van de gehele voorraad met inbegrip van de grondstoffen, goederen in bewerking en eindproducten. De Toll Manufacturer wordt eigenaar van de productie-uitrusting en zal de lokale arbeidskrachten te werk stellen. De Toll Manufacturer zal tevens verantwoordelijk zijn voor het onderhoud van deze uitrusting, het inplannen van de werknemers en het uitwerken van productieschema's gebaseerd op productieverzoeken van de buitenlandse EPC. Op basis van de geraamde productie hoeveelheden, zullen de Toll Manufacturer en de buitenlandse EPC een budget overeenkomen. De Toll Manufacturer zal verantwoordelijk zijn voor de productieafwijkingen gebaseerd op de begrote productie hoeveelheden. De Toll Manufacturer wordt vergoed door de buitenlandse EPC uitgaande van het budget, en rekening houdend met verschillen tussen de werkelijke productie orders en de geschatte / gebudgetteerde orders. De productie eenheid wordt eigenaar van al de onroerende goederen op de site, maar zal de ruimtes die gebruikt worden door andere operationele entiteiten in België verhuren aan deze laatsten.

## Belgische verkoopsactiviteiten

1.5 De verkoopsentiteiten in de EMEA Regio zullen opereren als een commissionair onder het EPC Model. Deze commissionair zal lokale verkopers tewerk stellen en zal de relaties met lokale klanten onderhouden. Bij het sluiten van een verkoop met een klant zal de commissionair een factuur opstellen in eigen naam. De eigendom van de goederen zal echter rechtstreeks overgaan van de buitenlandse EPC naar de klant. De EPC zal de facturen en eventuele prijsaanpassingen goedkeuren. Gemaakte kosten met betrekking tot reclame en promotie zullen worden gedragen door de EPC. De commissionair zal worden vergoed door de EPC op basis een commissie (zijnde een percentage van de omzet).

## Belgische activiteiten in verband met intellectuele eigendom

1.6 De Belgische IP vennootschap, i.e. VN X, zal verantwoordelijk zijn voor het bezit, het in licentie geven en het beheer van de intellectuele eigendomsrechten met betrekking tot patenten voor de Label Maker, en zal hieruit marktconforme royalty inkomsten verwerven.

1.7 Met betrekking tot octrooien en octrooi gerelateerde immateriële vaste activa voor de Label Maker, zal de Belgische IP vennootschap ook verantwoordelijk zijn voor:

\- Het voorbereiden van samenvattingen van de driemaandelijkse strategische vergaderingen omtrent octrooien, budgetten en jaarlijkse annuïteitinstructies voor patenten met betrekking tot de Label Maker;

\- Verwerven van informatie over uitvindingen in het kader van de voorbereiding van patentaanvragen, en het opvolgen van patentaanvragen en octrooitoepassingen voor octrooien;

\- Indienen van patentaanvragen;

\- Opvolgen van patentaanvragen, met inbegrip van verzoeken tot onderzoek, kantooracties en heronderzoek;

\- Verweer tegen inbreuken op octrooien, met inbegrip van patent claim analyse, geschillenstrategie, minnelijke schikkingen en het beantwoorden van discovery requests;

\- Verzenden en beantwoorden van "cease and desist" correspondentie inzake patenten;

\- Communicatie met buitenlandse correspondenten met betrekking tot de opvolging van buitenlandse octrooi toepassingen;

\- Opstellen van opinies, evaluaties, en contracten die relevant zijn voor de intellectuele eigendom binnen het bedrijf;

\- Het uitvoeren van due diligence met betrekking tot intellectuele eigendom in geval van nieuwe acquisities en desinvesteringen alsook nazicht van dossiers nieuwe acquisities;

\- Overdracht van documenten voor liquidaties en desinvesteringen;

\- Interpretatie van onderzoek naar patenteerbaarheid;

\- Interpretatie van onderzoek naar "freedom-to-operate";

\- Ondertekenen van documenten in verband met volmachten, eden / verklaringen, beëdigde verklaringen, licentieovereenkomsten, schikkingovereenkomsten, documenten omtrent geschillen en opdrachten.

## Belgische diensten activiteiten

1.8 De diensten entiteit, Newco 2, zal verantwoordelijk zijn voor het verlenen van intercompany diensten aan de lokale verkoop- en productie entiteiten evenals aan de buitenlandse EPC. Intercompany diensten omvatten klantenservice, demand planning, financiële en boekhoudkundige diensten, human resources en payroll, juridische, marketing, aankoop, onderzoek & ontwikkeling, supply chain en magazijn, distributie diensten en diensten omtrent informatiesystemen. Voor het verlenen van deze diensten ontvangt de dienstenentiteit een arm's length vergoeding. Bovendien zal deze entiteit een lokaal magazijn exploiteren, maar ze zal zelf geen voorraden bezitten. Al het uitgevoerde onderzoek & ontwikkeling zal worden verricht voor rekening van de eigenaar van de immateriële goederen en bijgevolg zal de diensten entiteit geen eigen onlichamelijke goederen bezitten ingevolge de verrichte onderzoeksdiensten.

14\. VN X splitst dienstverleningsactiviteiten af naar Newco 2 en de productieactiviteiten naar Newco 1. Newco 2 en Newco 1 zullen de inbreng door VN X, naar aanleiding van de partiële splitsingen, volledig vergoeden met de uitgifte van nieuwe aandelen. Deze aandelen alsmede de bestaande aandelen van VN X zullen niet worden overgedragen aan een derde partij gedurende de drie jaren volgend op de juridische datum van de verrichting.

15\. Groep A heeft geen plannen om werknemers in België te ontslaan na de go-live datum van de nieuwe structuur. Integendeel, de activiteiten in België verlopen op dit moment zeer efficiënt. Daarom is het mogelijk dat er in de toekomst extra medewerkers aangenomen worden in België, maar tot op heden zijn er geen concrete plannen om dergelijke extra werknemers aan te werven.

16\. Op dit moment zijn er geen plannen voor specifieke toekomstige investeringen. Echter, Newco 1 zal de operationele en productie uitrusting blijven actualiseren om producten in België te vervaardigen. In de afgelopen jaren, sinds de overname van VN X, heeft de groep belangrijke investeringen gedaan en nieuwe machines gekocht voor de productieactiviteit van VN X.

## Onroerend goed

17\. Het onroerend goed van VN X wordt op dit moment voornamelijk gebruikt voor productie activiteiten en in mindere mate voor de opslag van goederen en andere diensten activiteiten.

18\. De kantoorruimte wordt gebruikt om O&O en financiële en boekhoudkundige activiteiten uit te voeren, terwijl het magazijn grondstoffen bevat, die gebruikt worden in de productie, en afgewerkte producten die zullen worden verzonden voor distributie.

19\. O&O en financiële en boekhoudkundige diensten maken deel uit van de activiteiten die zullen worden afgesplitst naar de nieuwe dienstverleningsvennootschap, Newco 2. De productie vennootschap, Newco 1, zal na de afsplitsing het belangrijkste (niet aan derden verhuurd) deel van het gebouw bezetten.

20\. De aanvrager heeft een plan van de huidige indeling van het gebouw van VN X per functie/activiteit verstrekt met een uitsplitsing van de aanwending van het gebouw. De onroerende goederen (inclusief de kantoorruimte, magazijn en fabriek) van VN X zullen afgesplitst worden naar Newco 1. Het gebruik van de onroerende goederen zal ongewijzigd blijven.

21\. Er zullen huurovereenkomsten worden gesloten tussen Newco 1 en de andere Belgische entiteiten die reeds nu of in de toekomst gebruik zullen maken van de onroerende goederen zodat deze laatsten de onroerende goederen kunnen blijven gebruiken voor hun activiteiten. De huurprijzen zullen marktconform zijn. Een bevestiging van het marktconforme karakter maakt echter geen deel uit van huidige rulingaanvraag.

## Rulingprocedures in andere landen dan België

22\. Rulingprocedures inzake de huidige reorganisatie zijn, naast België, ook hangende in andere landen.

## III . Motivering van de aanvraag door de aanvrager

## *III* *. A. Wat betreft de vennootschapsbelasting*

23\. Artikel 211, § 1, vierde lid, WIB 92 bepaalt dat de volgende voorwaarden moeten vervuld zijn opdat een partiële splitsing niet zou kwalificeren als een partiële liquidatie inbreng en belastingvrij kan plaatsvinden:

23.1. De verkrijgende vennootschappen moeten binnenlandse of intra-Europese vennootschappen zijn; en

23.2. De partiële splitsing wordt verwezenlijkt overeenkomstig de bepalingen van het Wetboek van vennootschappen en, desgevallend, conform vennootschapsrechtelijke bepalingen van gelijke aard die van toepassing zijn op de overnemende of verkrijgende vennootschap; en

23.3. De verrichting beantwoordt aan het bepaalde in artikel 183bis, WIB 92.

24\. Artikel 183*bis*, WIB 92 bepaalt dat een partiële splitsing niet als hoofddoel of een der hoofddoelen belastingfraude of -ontwijking mag hebben. Indien de partiële splitsing niet plaatsvindt op grond van zakelijke overwegingen, zoals herstructurering of rationalisering van de activiteiten van de bij de partiële splitsing betrokken vennootschappen, kan dit doen vermoeden, behalve het bewijs van het tegendeel, dat die partiële splitsing als hoofddoel of een van de hoofddoelen belastingsfraude of belastingontwijking heeft.

## Voorwaarde dat de verkrijgende vennootschappen binnenlandse of intra-Europese vennootschappen zijn

25\. De verkrijgende ondernemingen, Newco 2 en Newco 1, zijn beide Belgische ondernemingen.

## Voorwaarde dat de partiële splitsing dient te worden verwezenlijkt overeenkomstig de bepalingen van het Wetboek van Vennootschappen

26\. De partiële splitsingen zullen worden verwezenlijkt in overeenstemming met de bepalingen van het Wetboek van Vennootschappen.

## Voorwaarde dat de verrichting beantwoordt aan het bepaalde in artikel 183*bis* WIB 92

27\. Artikel 183*bis*, WIB 92 bepaalt vervolgens dat de verrichting niet als hoofddoel of een der hoofddoelen belastingfraude of - ontwijking mag hebben. Wanneer de verrichting niet plaatsvindt op grond van zakelijke overwegingen, zoals herstructurering of rationalisering van de activiteiten van de bij de verrichting betrokken vennootschappen, kan dit doen vermoeden, behalve bij bewijs van het tegendeel, dat die verrichting als hoofddoel of een van de hoofddoelen belastingfraude of belastingontwijking heeft.

28\. Ten gevolge de partiële splitsingen, zullen de eigen vermogensbestanddelen (geplaatst kapitaal, belaste reserves, belastingvrije reserves, enz.) van VN X worden verdeeld tussen de drie bedrijven overeenkomstig de verdeelsleutel van artikel 213, WIB 92.

29\. De juridische en operationele herstructurering heeft geenszins het creëren van een basis voor de notionele intrestaftrek tot doel. Bovendien zijn alle bij de herstructurering betrokken ondernemingen winstgevend zonder enige overgedragen belastingsaftrek. Deze ondernemingen worden ook in de toekomst, na de invoering van het nieuwe EPC operationeel model, geacht winstgevend te zijn. Dit wordt aangetoond door de financiële plannen van VN X, Newco 1 en Newco 2 voor 2012 en 2013. VN X zal eigenaar blijven van de IP en een marktconforme vergoeding ontvangen voor het in licentie geven en het beheer van deze intellectuele eigendomsrechten. Daarom wordt verwacht dat de herstructurering geen aanleiding zal geven tot het creëren van fiscale voordelen. Fiscale overwegingen vormen dan ook niet het hoofddoel of een van de hoofddoelen van de herstructurering. In bijlage aan de aanvraag is een berekening van de impact op de notionele interestaftrek toegevoegd.

30\. Als bijlage aan de aanvraag is een overzicht toegevoegd van de indicatieve verdeling van het fiscaal en boekhoudkundig eigen vermogen tussen VN X, Newco 1 en Newco 2 op basis van tussentijdse cijfers per 30 september 2011.

31\. De verrichtingen worden gerealiseerd in het kader van een operationeel gedreven herstructurering die plaatsvindt op Europees niveau en die wordt gedreven door volgende zakelijke overwegingen.

## Stroomlijnen van de bedrijfsorganisatie

31.1. De huidige bedrijfsorganisatie, die het resultaat is van een opeenstapeling van modellen afkomstig van verschillende overnames door de jaren heen, is zeer complex in vergelijking tot de omvang van het bedrijf. Dit is deels te wijten aan het ontbreken van een geïntegreerd systeem teneinde veranderingen in de organisatie te integreren. Deze huidige organisatie draagt sterk bij tot inefficiënties in de EMEA regio.

31.2. Bijvoorbeeld, de Groep A heeft "customer service" activiteiten op verschillende locaties in the EMEA Regio. Deze situatie geeft een voorbeeld van een organisatie die tegengesteld is aan het meer bekend model van centralisatie van dit soort diensten met betrekking tot claims van klanten. Distributie en transport diensten zijn eveneens verspreid over verschillende locaties zonder enige vorm van geografische optimalisatie. Er zijn zelfs distributie en transport functies gevestigd in dezelfde landen of in aangrenzende landen. Hetzelfde geldt voor HR en Payroll diensten die vaak worden gereproduceerd binnen één jurisdictie.

## Verminderen van het aantal bedrijfsmodellen tussen en binnen GBUs

31.3. Een van de belangrijkste knelpunten van de huidige bedrijfsorganisatie is het naast elkaar bestaan van meerdere bedrijfsmodellen doorheen de GBUs (global business unists). Als gevolg hiervan functioneren de verschillende GBU's op vier verschillende wijzen. Het naast mekaar bestaan van meerdere business modellen doet inefficiënties en risico's ontstaan.

31.4. De huidige organisatie van Groep A binnen de EMEA regio leidt tot ongelijkheden en geografisch onderscheid in de manier waarop beslissingen genomen worden en binnen de organisatie getransporteerd en geïmplementeerd worden. Daarnaast bestaan er inconsistenties in de goederenstroom en de facturatiestroom tussen de verschillende entiteiten.

30.5. Vandaar dat de huidige bedrijfsorganisatie verantwoordelijk is voor de inefficiënties in de manier waarop zaken worden gedaan binnen de GBUs en binnen de landen. Dit brengt onnodige kosten en risico's met zich mee, dewelke een rechtstreeks en zeer negatieve impact hebben op de algehele prestaties en het concurrentievermogen van Groep A in de EMEA regio.

31.6. Groep A implementeert het "European Principal Company operating model" in de EMEA Regio om haar bedrijfsorganisatie te stroomlijnen en de diversiteit aan business modellen tussen en binnen de GBUs te verminderen. In combinatie met dit EPC model, is Groep A ook SAP in Europa aan het invoeren. Dit volgt op de SAP implementatie in de V.S. Door het Europees senior management en de strategische besluitvorming op één locatie te centraliseren, is dit senior management in staat om strategieën en de uitvoering ervan in Europa sneller en efficiënter te ontwikkelen en goed te keuren. Onder het voorgaande, meer gedecentraliseerd business model, was dergelijke snelheid van uitvoering van cross borderstrategieën moeilijk te bereiken, gezien de moeilijkheden om de coördinatie te verzorgen van de activiteiten van elk land en elke functie, die alleen handelden op een grotendeels autonome wijze.

31.7. De centralisatie van het management en de besluitvormingsteams op één fysieke locatie biedt belangrijke management- en operationele voordelen, waaronder:

\- Verbeterde samenwerking en een snellere strategische besluitvorming, terwijl afstemming tussen alle Europese operationele disciplines wordt verzekerd;

\- Het beter delen van kennis, het delen en implementeren van best practices, en teambuiling tussen de verschillende functionele eenheden;

\- Standaardisatie en harmonisatie van bedrijfsprocessen;

\- Centraal aankoop beleid; en

\- Centraal voorraadbeheer.

31.8. Bovendien, de centralisatie van de strategische besluitvorming van Groep A Europe (1) verduidelijkt de rol van elk land in verhouding tot de algemene bedrijfsactiviteit, en (2) maakt het mogelijk voor het lokaal management om zich te concentreren op duidelijke doelstellingen met betrekking tot de Groep A klanten en de uivoering van Groep A strategieën.

## Implementatie in andere landen dan België

31.9. De dochterondernemingen van Groep A, gevestigd in andere landen, zullen gelijkaardige herstructureringen ondergaan om de verkoop, productie en diensten functies te scheiden in afzonderlijke juridische entiteiten.

Land 1: Groep A zal zijn drie voornaamste operationele entiteiten fuseren in één enkele entiteit (VN X1). Deze zal vervolgens de verkoop en productie activa, middels een belastingneutrale verrichting, inbrengen in twee nieuw opgerichte dochterondernemingen, in ruil voor aandelen.

Land 2: VN X2 zal de verkoop functie, middels een belastingneutrale verrichting, inbrengen in een nieuw opgerichte entiteit.

Land 3: VN X3 zal de verkoop functie belastingneutraal afsplitsen naar een andere groepsvennootschap in Land 3.

Land 4: VN X4 zal de verkoop en diensten functies belastingneutraal afsplitsen aan 2 andere groepsvennootschappen in land 4.

Land 5: De verkoop, productie en diensten functies zullen belastingneutraal worden overgedragen tussen de leden van de fiscale eenheid die bestaat in Land 5.

Land 6: De verkoop, productie en diensten functies zullen belastingneutraal worden overgedragen tussen de leden van de tax capital groep van Land 6.

## *III* *. B. Wat betreft de btw*

32\. De overdracht van activa en passiva in het kader van een partiële splitsing, geeft in principe aanleiding tot een handeling die onderworpen is aan de toepassing van de BTW. Op dit principe voorzien de artikelen [11](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-11), en [18, § 3](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-18), WBTW in een afwijkende regeling, voor zover (i) de overdracht betrekking heeft op een bedrijfsafdeling, en (ii) voor zover de overnemer een belastingplichtige is die de BTW, indien ze ingevolge de overdracht zou verschuldigd zijn, geheel of gedeeltelijk zou kunnen aftrekken.

33\. Krachtens [artikel 11, WBTW](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-11) wordt niet als levering beschouwd "de overdracht van een algemeenheid van goederen of van een bedrijfsafdeling, onder bezwarende titel of om niet, bij wege van inbreng in vennootschap of anderszins, wanneer de overnemer een belastingplichtige is die de belasting, indien ze ingevolge de overdracht zou verschuldigd zijn, geheel of gedeeltelijk zou kunnen aftrekken. In dat geval wordt de overnemer geacht de persoon van de overdrager voort te zetten".

34\. Krachtens [artikel 18, § 3, WBTW](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-18) worden niet als diensten beschouwd "de in § 1 bedoelde handelingen die, bij de overdracht van een algemeenheid van goederen of van een bedrijfsafdeling, bij wege van inbreng in een vennootschap of anderszins, onder de voorwaarden van artikel 11 worden verricht".

35\. Deze wetsartikelen implementeren de regeling die is voorzien in [artikel 19, eerste lid, van de Richtlijn 2006/112/EG](https://juriel.be/nl/unierecht/btw-richtlijn-2006-112/artikel-19) van de Raad van 28 november 2006 (hierna 'BTW-richtlijn') en [artikel 29 BTW-richtlijn](https://juriel.be/nl/unierecht/btw-richtlijn-2006-112/artikel-29). Artikel 19, eerste lid, bepaalt dat de lidstaten, "in geval van overgang van het geheel of een gedeelte van een algemeenheid van goederen onder bezwarende titel, om niet of in de vorm van een inbreng in een vennootschap, zich op het standpunt kunnen stellen dat geen levering van goederen heeft plaatsgevonden en dat degene op wie de goederen overgaan, in de plaats treedt van de overdrager". [Artikel 29 BTW-richtlijn](https://juriel.be/nl/unierecht/btw-richtlijn-2006-112/artikel-29) breidt de toepassing van het principe van artikel 19 uit tot diensten.

36\. Deze artikelen hebben tot gevolg dat op de overdracht van een algemeenheid van goederen of van een bedrijfsafdeling geen BTW wordt geheven indien aan de gestelde voorwaarden wordt voldaan. Deze voorwaarden houden in dat:

36.1. de overdracht betrekking moet hebben op een algemeenheid van goederen of op een bedrijfsafdeling

36.2. de overnemer de hoedanigheid moet hebben van belastingplichtige die de BTW, indien deze van toepassing zou zijn op de overdracht, volledig of gedeeltelijk in aftrek zou kunnen brengen.

37\. Uit de omschrijving van de structuur, blijkt dat Newco 1 en Newco 2 als overnemer de hoedanigheid hebben van belastingplichtige met een volledig recht op aftrek. Derhalve is aan de tweede voorwaarde in casu voldaan. De elementen hierna hebben dan ook verder enkel nog betrekking op de kwalificatie van de overgedragen activa en passiva als een 'bedrijfsafdeling' in de zin van de artikelen [11](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-11), en [18, § 3](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-18), WBTW.

38\. In de Belgische wetsartikelen is er sprake van een "bedrijfsafdeling", terwijl in de artikelen van de BTW-richtlijn sprake is van een "geheel of een gedeelte van een algemeenheid van goederen". Uit Europese rechtspraak blijkt evenwel dat deze begrippen autonome begrippen van het Gemeenschapsrecht zijn en dus in alle lidstaten identiek geïnterpreteerd dienen te worden. Bijgevolg is de draagwijdte van de Europese en de Belgische termen identiek. Dit principe heeft ook tot gevolg dat inzake BTW geen rekening moet worden gehouden met de omschrijving van het begrip 'bedrijfstak' in het Wetboek Vennootschappen (1), maar met de eigen omschrijving die geldt voor BTW-doeleinden.

39\. Volgens rechtspraak van het Europese Hof van Justitie geldt het 'niet-leveringsbeginsel' voor elke overdracht van een handelszaak of van een autonoom gedeelte van een onderneming met lichamelijke en eventueel ook onlichamelijke zaken, welke tezamen een onderneming of een bedrijfsonderdeel vormen waarmee een autonome economische activiteit kan worden uitgeoefend. Bij een dergelijke overdracht moet de verkrijger evenwel de bedoeling hebben om de aldus overgedragen handelszaak of bedrijfsonderdeel te exploiteren, en niet om de betrokken activiteit onmiddellijk zonder meer te vereffenen en in voorkomend geval de voorraden te verkopen (2)" (H.v.J., 27 november 2003, zaak [C-497/01](https://juriel.be/nl/rechtspraak-unie/c-497-01-arrest), Zita Modes Sárl).

40\. Dit standpunt van het Hof van Justitie is uitdrukkelijk overgenomen in de administratieve [circulaire nr. E.T. 110.663](https://juriel.be/nl/omzendbrieven/46-2009-aoif-revision-bien-immeuble-activite-7958) (AOIF nr. 46/2009) van 30 september 2009. Op grond van de voormelde rechtspraak, zoals hernomen in de [circulaire nr. E.T. 110.663](https://juriel.be/nl/omzendbrieven/46-2009-aoif-revision-bien-immeuble-activite-7958), zijn de volgende elementen van belang bij de beoordeling of een overdracht onder de regeling van de 'niet-levering' valt:

40.1. Het is niet vereist dat alle elementen van het bedrijf of van de bedrijfsafdeling worden overgedragen. Het volstaat het dat een geheel van elementen of een combinatie van elementen die de verderzetting van een autonome economische activiteit toelaten, wordt overgedragen om het bijzonder stelsel van 'niet-levering' te kunnen toepassen. Het begrip 'totale of gedeeltelijke algemeenheid van goederen' slaat niet op een of meer losse elementen uit een goederenlijst (materiaal, werktuigen, voorraad, huurcontract, uithangbord, octrooien, cliënteel, winst uit bestaande contracten, …), maar op een combinatie van voldoende elementen daaruit, om een economische activiteit mogelijk te maken, ook al vormt die activiteit slechts een onderdeel van een groter bedrijf, waaruit het is losgemaakt.

40.2. Het begrip 'totale of gedeeltelijke algemeenheid van goederen' moet worden beoordeeld in hoofde van de overnemer en niet in hoofde van de overdrager.

40.3. De regeling van 'niet-levering' kan dan ook van toepassing zijn wanneer de overdrager naar aanleiding van de overdracht sommige activa van de algemeenheid van goederen of van de bedrijfsafdeling behoudt, op voorwaarde dat het de overnemer niet verhindert om aan de hand van de overgelaten elementen een autonome economische activiteit uit te oefenen.

40.4. De intentie van de overnemer om de autonome economische activiteit verder te zetten is een essentieel element om de toepassing van deze bepalingen toe te staan. Het is wel niet vereist dat de economische activiteit die door de overnemer zal worden voortgezet identiek is aan die van de overdrager.

41\. Zoals uiteengezet in de omschrijving van de context en de geplande verrichting, zullen de betrokken divisies van de onderneming (respectievelijk de diensten en productie activiteiten) in staat zijn om op een autonome manier te functioneren na de overdracht, aangezien alle essentiële elementen die nodig zijn om de activiteiten van de divisies verder te zetten, zoals activa en passiva, klanten, leveranciers, medewerkers etc. worden overgedragen aan respectievelijk Newco 2 en Newco 1. Bijgevolg kunnen de divisies van de onderneming elk afzonderlijk worden beschouwd als een tak van werkzaamheid in de zin van de BTW-wetgeving. Daarnaast zal Newco 2 en Newco 1, na de verrichting, de verschillende activiteiten van de onderneming verder zetten.

## *III* *. C. Wat betreft de registratierechten*

42\. Artikel 117, § 2 juncto artikel 120 W. Reg. bepaalt dat het bij artikel 115 bepaalde evenredige recht eveneens niet verschuldigd is, onder de voorwaarden die de Koning bepaalt, voor de inbrengen gedaan door een vennootschap waarvan de zetel der werkelijke leiding of de statutaire zetel gevestigd is op het grondgebied van een Lidstaat van de Europese Gemeenschappen, van goederen die één of meer van haar bedrijfstakken uitmaken.

## Partiële afsplitsing van de productieactiviteiten van VN X naar Newco 1

43\. Krachtens artikel 117, §§ 1-2 W.Reg. is het inbrengrecht "niet verschuldigd in geval van inbreng van de universaliteit der goederen van een vennootschap, bij wijze van fusie, splitsing of anderszins, in een of meer nieuwe of bestaande vennootschappen.

44\. Deze bepaling is evenwel slechts toepasselijk op voorwaarde:

44.1. dat de vennootschap die de inbreng doet de zetel van haar werkelijke leiding of haar statutaire zetel heeft of het grondgebied van een Lid-Staat van de Europese Gemeenschappen;

44.2. dat, eventueel na aftrek van de op het tijdstip van de inbreng door de inbrengende vennootschap verschuldigde sommen, de inbreng uitsluitend vergoed wordt, hetzij door toekenning van aandelen of deelbewijzen die maatschappelijke rechten vertegenwoordigen, hetzij door toekenning van aandelen of deelbewijzen die maatschappelijke rechten vertegenwoordigen samen met een storting in contanten die het tiende van de nominale waarde van de toegekende maatschappelijke aandelen of deelbewijzen niet overschrijdt.

45\. Het bij artikel 115 bepaalde recht is eveneens niet verschuldigd, onder de voorwaarden die de Koning bepaalt, voor de inbrengen gedaan door een vennootschap waarvan de zetel der werkelijke leiding of de statutaire zetel gevestigd is op het grondgebied van een Lid-Staat van de Europese Gemeenschappen, van goederen die één of meer van haar bedrijfstakken uitmaken."

46\. In dit verband kan worden gewezen op Europese rechtspraak inzake de Richtlijn 2008/7/EEG van de Raad van 12 februari 2008 betreffende de indirecte belastingen (3) wordt aangegeven dat een bedrijfstak "een deel van een onderneming omvat dat bestaat uit een georganiseerd geheel van vermogensbestanddelen en personen die tot de uitoefening van een bepaalde bedrijvigheid kunnen bijdragen". "Deze regeling hangt niet af van het aantal activiteiten die de vennootschap waartoe de overgedragen eenheid behoorde, ten tijde van de overdracht uitoefende, maar van de vraag of die eenheid door haar bedrijvigheid kan bijdragen tot de ontwikkeling van de onderneming waaraan zij is overgedragen". Ten slotte wijst het Hof erop dat "de vaststelling of een deel van een onderneming een tak van bedrijvigheid is, alleen op de uitoefening van die bedrijvigheid aankomt, ook wanneer deze met middelen van de hoofdvestiging wordt gefinancierd of door de betrokken eenheid volgens aanwijzingen van de hoofdvestiging wordt uitgeoefend".

47\. Daarom wordt voorgesteld, zoals het geval is in de BTW-wetgeving, dat het feit of de entiteit zelfstandig kan functioneren moet worden geanalyseerd met betrekking tot de verkrijgende vennootschap. In het onderhavige geval is aan deze voorwaarde voldaan door de productiedivisie van het bedrijf zoals hiervoor reeds aangetoond inzake btw, waarvan de redenering mutatus mutandis kan worden toegepast op artikel 117, §§ 1 en 2 van het Wetboek der Registratie, Hypotheek en Griffierechten.

48\. Op basis van deze elementen zijn wij dan ook van mening dat de overdracht van de productieactiviteiten valt onder de toepassing van artikel 117, § 2 van het Wetboek der Registratie, Hypotheek en Griffierechten.

## Partiële splitsing van de dienstenactiviteiten van VN X naar Newco 2

49\. Krachtens artikel 117, §§ 1-2 W.Reg. is het inbrengrecht "niet verschuldigd in geval van inbreng van de universaliteit der goederen van een vennootschap, bij wijze van fusie, splitsing of anderszins, in een of meer nieuwe of bestaande vennootschappen.

50\. Deze bepaling is evenwel slechts toepasselijk op voorwaarde:

50.1. dat de vennootschap die de inbreng doet de zetel van haar werkelijke leiding of haar statutaire zetel heeft of het grondgebied van een Lid-Staat van de Europese Gemeenschappen;

50.2. dat, eventueel na aftrek van de op het tijdstip van de inbreng door de inbrengende vennootschap verschuldigde sommen, de inbreng uitsluitend vergoed wordt, hetzij door toekenning van aandelen of deelbewijzen die maatschappelijke rechten vertegenwoordigen, hetzij door toekenning van aandelen of deelbewijzen die maatschappelijke rechten vertegenwoordigen samen met een storting in contanten die het tiende van de nominale waarde van de toegekende maatschappelijke aandelen of deelbewijzen niet overschrijdt.

51\. Het bij artikel 115 bepaalde recht is eveneens niet verschuldigd, onder de voorwaarden die de Koning bepaalt, voor de inbrengen gedaan door een vennootschap waarvan de zetel der werkelijke leiding of de statutaire zetel gevestigd is op het grondgebied van een Lid-Staat van de Europese Gemeenschappen, van goederen die één of meer van haar bedrijfstakken uitmaken."

52\. In dit verband kan worden gewezen op Europese rechtspraak inzake de Richtlijn 2008/7/EEG van de Raad van 12 februari 2008 betreffende de indirecte belastingen. In deze rechtspraak (4) wordt aangegeven dat een bedrijfstak "een deel van een onderneming omvat dat bestaat uit een georganiseerd geheel van vermogensbestanddelen en personen die tot de uitoefening van een bepaalde bedrijvigheid kunnen bijdragen". "Deze regeling hangt niet af van het aantal activiteiten die de vennootschap waartoe de overgedragen eenheid behoorde, ten tijde van de overdracht uitoefende, maar van de vraag of die eenheid door haar bedrijvigheid kan bijdragen tot de ontwikkeling van de onderneming waaraan zij is overgedragen". Ten slotte wijst het Hof erop dat "de vaststelling of een deel van een onderneming een tak van bedrijvigheid is, alleen op de uitoefening van die bedrijvigheid aankomt, ook wanneer deze met middelen van de hoofdvestiging wordt gefinancierd of door de betrokken eenheid volgens aanwijzingen van de hoofdvestiging wordt uitgeoefend".

53\. Daarom wordt voorgesteld, zoals in de BTW wetgeving, dat het gegeven dat de entiteit zelfstandig kan functioneren moet worden geanalyseerd met betrekking tot de verkrijgende vennootschap. In onderhavig geval is aan deze voorwaarde voldaan door de divisie van het bedrijf (de diensten activiteiten) zoals hierboven aangetoond inzake btw, waarvoor de verklaring mutatis mutandis kan worden toegepast op artikel 117 §§ 1 en 2 van het Wetboek der Registratie, Hypotheek en Griffierechten.

54\. Op basis van deze elementen zijn wij dan ook van mening dat de overdracht van de diensten activiteiten valt onder de toepassing van artikel 117 § 2 van het Wetboek der Registratie, Hypotheek en Griffierechten.

## IV . Beslissing

## *IV* *. A. Wat betreft de inkomstenbelastingen*

55\. De activiteit van VN X bestaat uit:

55.1. het deelnemen aan de ontwikkeling van producten van de voormalige Groep B en dienst doen als volwaardig fabrikant van verbruiksartikelen voor de Label Manager productlijn;

55.2. een magazijn exploiteren om zowel grondstoffen als afgewerkte producten te stockeren;

55.3. de verkoop van producten aan de verbonden Groep A entiteiten met het oog op de distributie aan klanten.

56\. VN X is tevens eigenaar van productgebaseerde immateriële vaste activa (zoals patenten, design rights, know-how) en betaalt royalty's aan een verbonden onderneming van de Groep A groep voor het recht om de merknaam van de voormalige Groep A te gebruiken.

57\. Het onroerend goed van VN X wordt gebruikt voor productie activiteiten en in mindere mate voor de opslag van goederen en andere dienstenactiviteiten.

58\. VN X heeft ook financiële en boekhoudkundige, marketing, aankoop en supply chain medewerkers ter ondersteuning van de activiteiten van VN X.

59\. Middels de partiële splitsingen zal VN X haar dienstverleningsactiviteiten (waaronder diensten inzake onderzoek en ontwikkeling en financiële en boekhoudkundige diensten) afsplitsen naar Newco 2 en de productieactiviteiten, samen met de onroerende goederen, naar Newco 1.

60\. De voorgenomen verrichtingen worden gerealiseerd in het kader van een operationeel gedreven herstructurering die plaatsvindt op Europees niveau en die wordt gedreven door de volgende aangehaalde zakelijke overwegingen:

60.1. Het stroomlijnen van de huidige bedrijfsorganisatie die het resultaat is van een opeenstapeling van modellen afkomstig van verschillende overnames door de jaren heen;

60.2. Het verminderen van het aantal bedrijfsmodellen tussen en binnen de zogenaamde 'global business units' aangezien het naast elkaar bestaan van meerdere business modellen inefficiënties en risico's doet ontstaan. Groep A implementeert het 'European Principal Company operating model' in de EMEA Regio om haar bedrijfsorganisatie te stroomlijnen.

60.3. Door het Europees senior management en de strategische besluitvorming op één locatie te centraliseren, is dit senior management in staat om strategieën en de uitvoering ervan in Europa sneller en efficiënter te ontwikkelen en goed te keuren;

60.4. De reorganisatie in België kadert in een groter geheel. De dochterondernemingen van Groep A gevestigd in andere landen, zullen gelijkaardige herstructureringen ondergaan om de verkoop, productie en diensten functies te scheiden in afzonderlijke juridische entiteiten.

61\. De aanvrager heeft meegedeeld geen plannen te hebben om werknemers in België te ontslaan ingevolge de implementatie van de nieuwe structuur doch dat integendeel, de activiteiten in België op dit moment zeer efficiënt verlopen. Daarom is het mogelijk dat er in de toekomst extra medewerkers aangeworven worden in België.

62\. Newco 2 en Newco 1 zijn nieuw opgerichte vennootschappen; VN X heeft geen (i) overgedragen investeringsaftrek, (ii) overgedragen aftrek voor risicokapitaal en (iii) fiscaal overgedragen verliezen. De verrichting brengt voor de aanvrager geen voordeel met zich mee op het stuk van de aftrek voor risicokapitaal.

63\. Ten gevolge van de partiële splitsingen zullen de eigen vermogensbestanddelen (geplaatst kapitaal, belaste reserves, belastingvrije reserves) van VN X worden verdeeld tussen de drie vennootschappen in overeenstemming met artikel 213, WIB 92.

64\. Uit de door de aanvrager verstrekte prognoses blijkt dat de voorgenomen partiële splitsingen geen negatieve impact hebben op de belastbare materie van de bij de partiële splitsingen betrokken vennootschappen.

65\. Newco 2 en Newco 1 zullen de inbreng door VN X, naar aanleiding van de partiële splitsingen, volledig vergoeden met de uitgifte van nieuwe aandelen. Deze nieuw uitgegeven aandelen en de bestaande aandelen van VN X zullen niet worden overgedragen aan een derde partij gedurende de drie jaren volgend op de juridische datum van de verrichting.

66\. De aanvrager heeft bevestigd dat de verkrijgende ondernemingen, Newco 2 en Newco 1, Belgische vennootschappen zijn en dat de partiële splitsingen zullen worden verwezenlijkt in overeenstemming met de bepalingen van het Wetboek van Vennootschappen.

67\. Op basis van de door de aanvrager verstrekte inlichtingen, de zakelijke overwegingen en het door de DVB gevoerde onderzoek kan worden aangenomen dat de beschreven partiële splitsing van VN X niet als hoofddoel of één der hoofddoelen belastingfraude of -ontwijking heeft in de zin van artikel 183 bis, WIB 92 en beantwoordt aan het bepaalde in artikel 211, § 1, vierde lid, WIB 92.

*IV. B. Wat betreft de btw*

68\. De overdracht van activa en passiva in het kader van een partiële splitsing, geeft in principe aanleiding tot een handeling die onderworpen is aan de toepassing van de BTW. Op dit principe voorzien de artikelen [11](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-11), en [18, § 3](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-18), WBTW in een afwijkende regeling, voor zover (i) de overdracht betrekking heeft op een bedrijfsafdeling, en (ii) voor zover de overnemer een belastingplichtige is die de BTW, indien ze ingevolge de overdracht zou verschuldigd zijn, geheel of gedeeltelijk zou kunnen aftrekken.

69\. Krachtens [artikel 11, WBTW](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-11) wordt niet als levering beschouwd "de overdracht van een algemeenheid van goederen of van een bedrijfsafdeling, onder bezwarende titel of om niet, bij wege van inbreng in vennootschap of anderszins, wanneer de overnemer een belastingplichtige is die de belasting, indien ze ingevolge de overdracht zou verschuldigd zijn, geheel of gedeeltelijk zou kunnen aftrekken. In dat geval wordt de overnemer geacht de persoon van de overdrager voort te zetten".

70\. Krachtens [artikel 18, § 3, WBTW](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-18) worden niet als diensten beschouwd "de in § 1 bedoelde handelingen die, bij de overdracht van een algemeenheid van goederen of van een bedrijfsafdeling, bij wege van inbreng in een vennootschap of anderszins, onder de voorwaarden van artikel 11 worden verricht".

71\. Deze artikelen hebben tot gevolg dat op de overdracht van een algemeenheid van goederen of van een bedrijfsafdeling geen BTW wordt geheven indien aan de gestelde voorwaarden wordt voldaan. Deze voorwaarden houden in dat:

71.1. de overdracht betrekking moet hebben op een algemeenheid van goederen of op een bedrijfsafdeling;

71.2. de overnemer de hoedanigheid moet hebben van belastingplichtige die de BTW, indien deze van toepassing zou zijn op de overdracht, volledig of gedeeltelijk in aftrek zou kunnen brengen.

72\. Uit de omschrijving van de structuur, blijkt dat Newco 1 en Newco 2 als overnemer de hoedanigheid hebben van belastingplichtige met een volledig recht op aftrek. Derhalve is aan deze voorwaarde in casu voldaan.

73\. In de Belgische wetsartikelen is er sprake van een "bedrijfsafdeling", terwijl in de artikelen van de BTW-richtlijn sprake is van een "geheel of een gedeelte van een algemeenheid van goederen". Uit Europese rechtspraak blijkt evenwel dat deze begrippen autonome begrippen van het Gemeenschapsrecht zijn en dus in alle lidstaten identiek geïnterpreteerd dienen te worden. Bijgevolg is de draagwijdte van de Europese en de Belgische termen identiek. Dit principe heeft ook tot gevolg dat inzake BTW geen rekening moet worden gehouden met de omschrijving van het begrip 'bedrijfstak' in het Wetboek Vennootschappen (5), maar met de eigen omschrijving die geldt voor BTW-doeleinden.

74\. Volgens rechtspraak van het Europese Hof van Justitie geldt het 'niet-leveringsbeginsel' voor elke overdracht van een handelszaak of van een autonoom gedeelte van een onderneming met lichamelijke en eventueel ook onlichamelijke zaken, welke tezamen een onderneming of een bedrijfsonderdeel vormen waarmee een autonome economische activiteit kan worden uitgeoefend. Bij een dergelijke overdracht moet de verkrijger evenwel de bedoeling hebben om de aldus overgedragen handelszaak of bedrijfsonderdeel te exploiteren, en niet om de betrokken activiteit onmiddellijk zonder meer te vereffenen en in voorkomend geval de voorraden te verkopen" (6) (H.v.J., 27 november 2003, zaak [C-497/01](https://juriel.be/nl/rechtspraak-unie/c-497-01-arrest), Zita Modes Sárl).

75\. Dit standpunt van het Hof van Justitie is uitdrukkelijk overgenomen in de administratieve [circulaire nr. E.T. 110.663](https://juriel.be/nl/omzendbrieven/46-2009-aoif-revision-bien-immeuble-activite-7958) (AOIF nr. 46/2009) van 30 september 2009. Op grond van de voormelde rechtspraak, zoals hernomen in de [circulaire nr. E.T. 110.663](https://juriel.be/nl/omzendbrieven/46-2009-aoif-revision-bien-immeuble-activite-7958), zijn de volgende elementen van belang bij de beoordeling of een overdracht onder de regeling van de 'niet-levering' valt:

75.1. Het is niet vereist dat alle elementen van het bedrijf of van de bedrijfsafdeling worden overgedragen. Het volstaat het dat een geheel van elementen of een combinatie van elementen die de verderzetting van een autonome economische activiteit toelaten, wordt overgedragen om het bijzonder stelsel van 'niet-levering' te kunnen toepassen. Het begrip 'totale of gedeeltelijke algemeenheid van goederen' slaat niet op een of meer losse elementen uit een goederenlijst (materiaal, werktuigen, voorraad, huurcontract, uithangbord, octrooien, cliënteel, winst uit bestaande contracten, …), maar op een combinatie van voldoende elementen daaruit, om een economische activiteit mogelijk te maken, ook al vormt die activiteit slechts een onderdeel van een groter bedrijf, waaruit het is losgemaakt.

75.2. Het begrip 'totale of gedeeltelijke algemeenheid van goederen' moet worden beoordeeld in hoofde van de overnemer en niet in hoofde van de overdrager.

75.3. De regeling van 'niet-levering' kan dan ook van toepassing zijn wanneer de overdrager naar aanleiding van de overdracht sommige activa van de algemeenheid van goederen of van de bedrijfsafdeling behoudt, op voorwaarde dat het de overnemer niet verhindert om aan de hand van de overgelaten elementen een autonome economische activiteit uit te oefenen.

75.4. De intentie van de overnemer om de autonome economische activiteit verder te zetten is een essentieel element om de toepassing van deze bepalingen toe te staan. Het is wel niet vereist dat de economische activiteit die door de overnemer zal worden voortgezet identiek is aan die van de overdrager.

76\. Zoals uiteengezet in de omschrijving van de context en de geplande verrichting, zullen de betrokken divisies van de onderneming (respectievelijk de diensten en productie activiteiten) in staat zijn om op een autonome manier te functioneren na de overdracht, aangezien alle essentiële elementen die nodig zijn om de activiteiten van de divisies verder te zetten, zoals activa en passiva, klanten, leveranciers, medewerkers etc. worden overgedragen aan respectievelijk Newco 2 en Newco 1. Daarnaast zal Newco 2 en Newco 1, na de verrichting, de verschillende activiteiten van de onderneming verder zetten.

77\. Uit de gegevens van de aanvraag blijkt bovendien dat het onroerend dat gemengd wordt gebruikt doch voor het grootste gedeelte voor de "productieactiviteiten", zal worden overgedragen naar Newco 1.

78\. Vermits het onroerend goed wordt overgedragen naar de vennootschap Newco 1 moet dit onroerend goed op de één of andere wijze ter beschikking worden gesteld van de andere vennootschappen om hun activiteiten verder te kunnen uitoefenen.

79\. Door de aanvrager werd bevestigd dat er huurovereenkomsten zullen worden gesloten tussen Newco 1 en de andere Belgische entiteiten die reeds nu of in de toekomst gebruik zullen maken van de onroerende goederen zodat deze laatsten de onroerende goederen kunnen blijven gebruiken voor hun activiteiten (i.e. Newco 1 en Newco 2).

80\. Bijgevolg kunnen de divisies van de onderneming elk afzonderlijk worden beschouwd als een bedrijfsafdeling in de zin van de artikelen [11](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-11), en [18, § 3](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-18), WBTW.

## *IV* *. C. Wat betreft de registratierechten*

## Partiële afsplitsing van de productieactiviteiten van VN X naar Newco 1

81\. Volgens artikel 117, § 2, W. Reg. is het bij artikel 115 bepaalde recht niet verschuldigd, onder de voorwaarden die de Koning bepaalt, voor de inbrengen gedaan door een vennootschap waarvan de zetel der werkelijke leiding of de statutaire zetel gevestigd is op het grondgebied van een lidstaat van de Europese Gemeenschappen, van goederen die één of meer van haar bedrijfstakken uitmaken.

82\. De inbreng van de bedrijfsafdeling "productieactiviteiten" zal worden gedaan door VN X, een bestaande Belgische vennootschap. Hierdoor is er voldaan aan de voorwaarde dat de inbreng wordt gedaan door een vennootschap waarvan de zetel der werkelijke leiding of de statutaire zetel gevestigd is op het grondgebied van een Lidstaat van de Europese Gemeenschappen.

83\. De inbreng zal worden gedaan in de Belgische vennootschap Newco 1.

84\. De vrijstelling kan worden genoten op voorwaarde dat de inbreng het geheel omvat van de goederen die door de inbrengende vennootschap worden aangewend tot een of meer afdelingen van haar onderneming welke, uit technisch oogpunt, ieder een onafhankelijk uitbatinggeheel vormen en de ingebrachte of afgesplitste bedrijfstak een geheel is dat op technisch en organisatorisch gebied een autonome activiteit uitoefent en op eigen kracht kan werken.

85\. Uit de gegevens van de aanvraag blijkt dat alle activa en passiva die tot de bedrijfsafdeling "productieactiviteiten" behoren - met bijhorend personeel en met inbegrip van het onroerend goed dat gemengd wordt gebruikt doch voor het grootste gedeelte voor de "productieactiviteiten" -, zullen worden afgesplitst naar de Belgische vennootschap Newco 1. Het betreft duidelijk een georganiseerd geheel van activa en passiva dat als bedrijfsafdeling "productieactiviteiten" zal worden overgedragen.

86\. De administratie van de Patrimoniumdocumentatie aanvaardt dat wanneer het onroerend goed wordt aangewend voor activiteiten die achterblijven en activiteiten die worden ingebracht of afgesplitst het onroerend goed niet mee dient over te gaan naar de inbrenggenietende vennootschap (zie Werdefroy nr. 1081³).

87\. Vermits het onroerend goed wordt overgedragen naar de inbrenggenietende vennootschap Newco 1 moet dit onroerend goed op de één of andere wijze ter beschikking worden gesteld van de andere vennootschappen om hun activiteiten verder te kunnen uitoefenen.

88\. Door de aanvrager werd bevestigd dat er huurovereenkomsten zullen worden gesloten tussen Newco 1 en de andere Belgische entiteiten die reeds nu of in de toekomst gebruik zullen maken van de onroerende goederen zodat deze laatsten de onroerende goederen kunnen blijven gebruiken voor hun activiteiten (i.e. met Newco 1 en Newco 2).

89\. Aangezien de activiteit van de bedrijfsafdeling "productieactiviteiten" kan worden beschouwd als een reeds bij de inbrenger bestaand georganiseerd geheel van activa en passiva dat op technisch vlak door eigen middelen autonoom kan functioneren bij de inbrenggenieter, is de ingebrachte activiteit te beschouwen als een bedrijfstak.

90\. Deze inbreng zal volledig vergoed worden door de toekenning van aandelen die maatschappelijke rechten vertegenwoordigen in de reeds bestaande vennootschap Newco 1. Hieruit kan worden besloten dat aan de voorwaarde wordt voldaan dat, eventueel na aftrek van de bij de inbreng door de inbrengende vennootschap verschuldigde sommen die betrekking hebben op de ingebrachte bedrijfstakken, de inbreng uitsluitend vergoed wordt door toekenning van aandelen of deelbewijzen die maatschappelijke rechten vertegenwoordigen, al dan niet samen met een storting in contanten die het tiende van de nominale waarde van de toegekende maatschappelijke aandelen niet overschrijdt (K.B. 18 juli 1972, artikel 1). In casu wordt er geen geldopleg betaald.

91\. De vervulling van de voorwaarden (K.B. 18 juli 1972) dient bevestigd te worden in een in de akte gestelde verklaring of bijgevoegd schrijven, die vóór de registratie door de partijen of, in hun naam, door de instrumenterende notaris zal ondertekend worden.

92\. Voor de toepassing van de registratierechten wordt de inbreng beoordeeld op het tijdstip van de inbreng zelf, zijnde de datum waarop de inbreng in België effectief plaatsvindt.

## Partiële splitsing van de dienstenactiviteiten van VN X naar Newco 2

93\. Volgens artikel 117, § 2, W. Reg. is het bij artikel 115 bepaalde recht niet verschuldigd, onder de voorwaarden die de Koning bepaalt, voor de inbrengen gedaan door een vennootschap waarvan de zetel der werkelijke leiding of de statutaire zetel gevestigd is op het grondgebied van een lidstaat van de Europese Gemeenschappen, van goederen die één of meer van haar bedrijfstakken uitmaken.

94\. De inbreng van de bedrijfsafdeling "dienstenactiviteiten" zal worden gedaan door VN X, een bestaande Belgische vennootschap. Hierdoor is er voldaan aan de voorwaarde dat de inbreng wordt gedaan door een vennootschap waarvan de zetel der werkelijke leiding of de statutaire zetel gevestigd is op het grondgebied van een Lidstaat van de Europese Gemeenschappen.

95\. De inbreng zal worden gedaan in de Belgische vennootschap Newco 2.

96\. De vrijstelling kan worden genoten op voorwaarde dat de inbreng het geheel omvat van de goederen die door de inbrengende vennootschap worden aangewend tot een of meer afdelingen van haar onderneming welke, uit technisch oogpunt, ieder een onafhankelijk uitbatinggeheel vormen en de ingebrachte of afgesplitste bedrijfstak een geheel is dat op technisch en organisatorisch gebied een autonome activiteit uitoefent en op eigen kracht kan werken.

97\. Uit de gegevens van de aanvraag blijkt dat alle activa en passiva die tot de bedrijfsafdeling "dienstenactiviteiten" behoren met bijhorend personeel, zullen worden afgesplitst naar de Belgische vennootschap Newco 2. Het betreft duidelijk een georganiseerd geheel van activa en passiva dat als bedrijfsafdeling "dienstenactiviteiten" zal worden overgedragen.

98\. De administratie van de Patrimoniumdocumentatie aanvaardt dat wanneer het onroerend goed wordt aangewend voor activiteiten die achterblijven en activiteiten die worden ingebracht of afgesplitst het onroerend goed niet mee dient over te gaan naar de inbrenggenietende vennootschap (zie Werdefroy nr. 1081³).

99\. Logischerwijze zal dan wanneer het onroerend goed niet wordt overgedragen naar de inbrenggenietende vennootschap Newco 2 dit onroerend goed op de één of andere wijze ter beschikking moeten worden gesteld van deze inbrenggenietende vennootschap teneinde de overgedragen activiteit "dienstenactiviteiten" verder te kunnen uitoefenen.

100\. Door de aanvrager werd bevestigd dat er huurovereenkomsten zullen worden gesloten tussen Newco 1 en onder meer Newco 2 zodat deze gebruik zal kunnen maken van de onroerende goederen voor haar activiteiten.

101\. Aangezien de activiteit van de bedrijfsafdeling "dienstenactiviteiten" kan worden beschouwd als een reeds bij de inbrenger bestaand georganiseerd geheel van activa en passiva dat op technisch vlak door eigen middelen autonoom kan functioneren bij de inbrenggenieter, is de ingebrachte activiteit te beschouwen als een bedrijfstak.

102\. Deze inbreng zal volledig vergoed worden door de toekenning van aandelen die maatschappelijke rechten vertegenwoordigen in de reeds bestaande vennootschap Newco 2. Hieruit kan worden besloten dat aan de voorwaarde wordt voldaan dat, eventueel na aftrek van de bij de inbreng door de inbrengende vennootschap verschuldigde sommen die betrekking hebben op de ingebrachte bedrijfstakken, de inbreng uitsluitend vergoed wordt door toekenning van aandelen of deelbewijzen die maatschappelijke rechten vertegenwoordigen, al dan niet samen met een storting in contanten die het tiende van de nominale waarde van de toegekende maatschappelijke aandelen niet overschrijdt (K.B. 18 juli 1972, artikel 1). In casu wordt er geen geldopleg betaald.

103\. De vervulling van de voorwaarden (K.B. 18 juli 1972) dient bevestigd te worden in een in de akte gestelde verklaring of bijgevoegd schrijven, die vóór de registratie door de partijen of, in hun naam, door de instrumenterende notaris zal ondertekend worden.

104\. Voor de toepassing van de registratierechten wordt de inbreng beoordeeld op het tijdstip van de inbreng zelf, zijnde de datum waarop de inbreng in België effectief plaatsvindt.

## Inzake de registratierechten

105\. De partiële splitsing van VN X vindt plaats met vrijstelling van het evenredig registratierecht op grond van artikel 117, § 2, juncto artikel 120, W.Reg.

---

*\[(1) Art 680 W.Venn.*

*(2) H.v.J. 27 november 2003, zaak* [*C-497/01*](https://juriel.be/nl/rechtspraak-unie/c-497-01-arrest)*, Zita Modes Sárl.*

*(3) H.v.J. 13 oktober 1992, zaak* [*C-50/91*](https://juriel.be/nl/rechtspraak-unie/c-50-91-arrest)*, Commerz - Credit Bank AG.*

*(4) H.v.J. 13 oktober 1992, zaak* [*C-50/91*](https://juriel.be/nl/rechtspraak-unie/c-50-91-arrest)*, Commerz - Credit Bank AG.*

*(5) Art 680 W.Venn.*

*(6) H.v.J. 27 november 2003, zaak* [*C-497/01*](https://juriel.be/nl/rechtspraak-unie/c-497-01-arrest)*, Zita Modes Sárl.\]*

## Aangehaalde teksten

6

[WBTW art. 11](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-11) 8 voorkomens

[WBTW art. 18](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-18) 8 voorkomens

[btw-richtlijn 2006/112 art. 29](https://juriel.be/nl/unierecht/btw-richtlijn-2006-112/artikel-29) 2 voorkomens

[btw-richtlijn 2006/112 art. 19](https://juriel.be/nl/unierecht/btw-richtlijn-2006-112/artikel-19) 1 voorkomen

[C-497/01, arrest van 27 november 2003](https://juriel.be/nl/rechtspraak-unie/c-497-01-arrest) 4 voorkomens

[C-50/91, arrest van 13 oktober 1992](https://juriel.be/nl/rechtspraak-unie/c-50-91-arrest) 2 voorkomens
