---
title: "Voorafgaande beslissing 2011.351 · Vennootschapsbelasting"
description: "Vennootschapsbelasting, Grensoverschrijdende fusie door opslorping, Partiële splitsing. Belgische voorafgaande beslissing nr. 2011.351 van 27 september 2011."
url: "https://juriel.be/nl/rulings/2011-351-vennootschapsbelasting-grensoverschrijdende-fusie-opslorping-partiele-edc4"
lang: "nl"
---

# Vennootschapsbelasting, Grensoverschrijdende fusie door opslorping, Partiële splitsing · Vennootschapsbelasting - Grensoverschrijdende fusie door opslorping - Partiële splitsing - Belgische vaste inrichting - Zakelijke overwegingen - Belastingfraude of –ontwijking - Terugwerkende kracht van de verrichtingen - Fiscale verliezen - BTW - BTW-eenheid - Registratierechten - Inbreng - Kapitaalsdotatie aan de vaste inrichting

**Nummer**

2011.351

**Datum**

27 september 2011

## Over het document

**Verzameling**

Voorafgaande beslissingen

**Taal van de tekst**

Nederlands

## Tekst

87 paragrafen

Fiche van de FOD Financiën

*Vennootschapsbelasting*

*Grensoverschrijdende fusie door opslorping* · *Partiële splitsing* · *Belgische vaste inrichting* · *Zakelijke overwegingen* · *Belastingfraude of -ontwijking* · *Terugwerkende kracht van de verrichtingen* · *Fiscale verliezen*

*BTW* · *BTW-eenheid*

*Registratierechten* · *Inbreng* · *Kapitaalsdotatie aan de vaste inrichting*

## Samenvatting

De grensoverschrijdende fusie door opslorping van X door Y met toewijzing van alle activa en passiva aan een nieuw opgericht Belgisch bijkantoor van Y (Y BB), beantwoordt aan de bepalingen zoals uiteengezet in de artikelen 183bis en 211, § 1, 4de lid, 3°, WIB 92. De partiële splitsing van Y waarbij de Belgische activiteit (Y BB) wordt overgedragen naar Z met toewijzing van alle activa en passiva aan Z reeds bestaand Belgisch bijkantoor (Z BB), beantwoordt aan de bepalingen zoals uiteengezet in artikel 231, § 2, WIB 92. De voorwaarden voor vrijstelling inzake registratierechten zijn vervuld, zowel voor de grensoverschrijdende fusie (artikel 117, § 1, en artikel 120, W. Reg.) als voor de partiële splitsing (artikel 117, § 2, en artikel 120, laatste lid W. Reg.). Eveneens vinden beide verrichtingen plaats binnen dezelfde BTW-eenheid en vallen dus buiten het toepassingsgebied van de BTW. De principes die gelden voor de BTW-aftrek zoals momenteel gehanteerd door de BTW-groep kunnen worden voortgezet na implementatie van de transacties.

## I. Voorwerp van de aanvraag

1\. De aanvraag strekt ertoe te vernemen of:

1.1. de grensoverschrijdende fusie door opslorping van X door Y met toewijzing van alle verkregen activa en passiva aan een nieuw opgericht Belgisch bijkantoor van Y, m.n. Y Belgisch bijkantoor (Y BB), beantwoordt aan de bepalingen zoals uiteengezet in de artikelen 183bis en 211, § 1, 4de lid, 3°, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 (WIB 92);

1.2. de partiële splitsing van Y waarbij de Belgische activiteit (Y BB) wordt overgedragen naar Z met toewijzing van alle verkregen activa en passiva aan Z reeds bestaand Belgisch bijkantoor (Z BB), beantwoordt aan de bepalingen zoals uiteengezet in artikel 231, § 2, WIB 92;

1.3. de fiscale (en boekhoudkundige) terugwerkende kracht voor de transacties van niet meer dan zeven maanden tegenstelbaar is aan de Fiscale Administratie;

1.4. de overgedragen verliezen van Z BB als gevolg van de partiële splitsing zullen worden beperkt in overeenstemming met artikel 240bis, § 1, 2°, WIB 92;

1.5. de methodiek betreffende het toewijzen van kapitaal aan Y BB als gevolg van de grensoverschrijdende fusie in overeenstemming is met de geldende OESO bepalingen terzake. Het dotatiekapitaal kan derhalve als marktconform ("at arm's length") worden beschouwd vanuit Belgisch fiscaal perspectief en kan worden gebruikt in de context van de fiscale nettowaarde formule voor de bepaling van de overblijvende overgedragen verliezen van Z BB na de partiële splitsing;

1.6. de voorwaarden voor vrijstelling inzake registratierechten zijn vervuld, zowel voor de grensoverschrijdende fusie (artikel 117, § 1, en artikel 120, W. Reg.) als voor de partiële splitsing (artikel 117, § 2, en artikel 120, laatste lid W. Reg.);

1.7. beide transacties plaatsvinden binnen dezelfde BTW-eenheid en dus buiten het toepassingsgebied van de BTW vallen;

1.8. de principes die gelden voor de BTW-aftrek zoals momenteel gehanteerd door de BTW-groep kunnen worden voortgezet na implementatie van de transacties.

## II. Beslissing

## II. A. Wat betreft de vennootschapsbelasting

**II. A. 1. Wat betreft het beantwoorden aan het bepaalde in artikel 183bis, WIB 92 in de zin van artikel 211, § 1, 4de lid, 3°, WIB 92 en 231, § 2, WIB 92**

*Algemeen*

2\. Op Europees vlak heeft de groep de strategische beslissing genomen om haar Europees netwerk van dochterondernemingen te herstructureren. Deze strategie is bedrijfseconomisch geïnspireerd.

3\. De voorgenomen herstructurering zal uitgevoerd worden a.d.h.v. twee verschillende stappen, nl:

3.1. Stap 1: grensoverschrijdende fusie door overneming van X door Y;

3.2. Stap 2: partiële splitsing van Y waarbij Y BB wordt ingebracht in de bestaande Intra-Europese vennootschap Z.

4\. De aanvrager heeft eveneens omstandig gemotiveerd waarom de voorgenomen reorganisatie in twee stappen zal gebeuren evenals de zakelijke overwegingen toegelicht.

5\. De voorgenomen globale reorganisatie heeft eveneens geen impact op het personeelsbestand van X en Z BB.

6\. De globale reorganisatie heeft een negatieve invloed op de aftrek voor risicokapitaal.

*Stap 1: grensoverschrijdende fusie door overneming van X door Y*

7\. De eerste stap betreft de opslorping van X door Y (een intra-Europese vennootschap), waardoor X in beginsel wordt omgevormd tot een Belgisch bijkantoor van Y.

8\. Wanneer de overnemende of verkrijgende vennootschap een intra-Europese vennootschap (i.e. Y) is, geldt de neutraliteit enkel voor zover de overgenomen bestanddelen van de Belgische overgenomen vennootschap (i.e. X) aangewend en behouden worden binnen een Belgische inrichting zoals bedoeld in art. 229, § 1, WIB 92.

9\. De aanvrager heeft bevestigd dat alle activa- en passivabestanddelen die reeds aanwezig zijn in X toegewezen worden aan Y BB. Hierdoor zal Y BB onderworpen worden aan de BNI-Venn. overeenkomstig artikel 233, WIB 92.

10\. De vrijgestelde en belaste reserves van de overgenomen vennootschap (i.e. X) worden binnen de Belgische inrichting (Y BB) in aanmerking genomen als respectievelijke vrijgestelde en belaste reserves van de inrichting (i.e. Y BB).

11\. X beschikt per XX.XX.XXXX niet over fiscale attributen (i.e. overgedragen aftrek voor risicokapitaal, overgedragen investeringsaftrek, overgedragen fiscale verliezen, excessieve DBI's).

12\. De kapitaalsvermindering die door X zal doorgevoerd worden heeft geen impact op haar fiscale positie. Voor boekjaar XXXX heeft dit zelfs een negatieve impact op haar aftrek voor risicokapitaal tot gevolg.

13\. De grensoverschrijdende fusie door opslorping van X door Y met toewijzing van alle verkregen activa en passiva aan een nieuw opgericht Belgisch bijkantoor van Y, m.n. Y Belgisch bijkantoor (Y BB), beantwoordt aan de bepalingen zoals uiteengezet in de artikelen 183bis en 211, § 1, 4de lid, 3°, WIB 92.

*Stap 2: partiële splitsing van Y waarbij Y BB wordt ingebracht in de bestaande (Intra-Europese) vennootschap Z*

14\. De tweede stap betreft de partiële splitsing van Y waarbij Y BB wordt ingebracht in de bestaande (Intra-Europese) vennootschap Z.

15\. Artikel 231, § 2, WIB 92 voorziet fiscale neutraliteit waarbij een intra-Europese vennootschap (i.e. Z) van een andere intra-Europese vennootschap (i.e. Y) een Belgische inrichting (i.e. Y BB) verwerft in het kader van een belastingvrije reorganisatie.

16\. Rekening houdend dat Z reeds over een vaste inrichting beschikt in België, nl. Z BB, worden de bestanddelen van beide vaste inrichtingen (i.e. Y BB en Z BB) van rechtswege samengevoegd. Na deze partiële splitsing zal er dus nog één vaste inrichting in België aanwezig zijn, nl. Z BB. Hierdoor wordt het vooropgestelde einddoel van de herstructurering bereikt.

17\. Zoals toegelicht door de aanvrager beschikt Z BB over overgedragen fiscale verliezen.

18\. De partiële splitsing van Y waarbij de Belgische activiteit (Y BB) wordt overgedragen naar Z met toewijzing van alle verkregen activa en passiva aan Z reeds bestaand Belgisch bijkantoor (Z BB), beantwoordt aan de bepalingen zoals uiteengezet in artikel 231, § 2, WIB 92.

## II. A. 2. Wat betreft de boekhoudkundige retroactiviteit

19\. Het boekhoudkundig retroactiviteitsbeding kan slechts worden aanvaard wanneer de bedoelde retroactiviteitsclausule met de werkelijkheid overeenstemt en betrekking heeft op een korte periode. In dit verband wordt opgemerkt dat een boekhoudkundige retroactiviteitsclausule van meer dan zeven maand in normale omstandigheden niet als een korte periode kan worden aangemerkt. De aanvrager heeft bevestigd dat beide verrichtingen zullen plaatsvinden na het verkrijgen van een voorafgaande beslissing van de DVB, rekeninghoudend dat voormelde termijn van zeven maanden niet zal worden overschreden.

20\. Het boekhoudkundig retroactiviteitsbeding kan eveneens slechts worden aanvaard, voor zover de bedoelde retroactiviteitsclausule een juiste toepassing van de belastingwetgeving niet in de weg staat. Terzake wordt inzonderheid de aandacht er op gevestigd dat de toepassing van de voormelde retroactiviteitsclausule ten aanzien van de aftrekbeperking of overdrachtregeling van de vorige beroepsverliezen zoals bedoeld in artikel 206, § 2, WIB 92 (hiermee wordt eveneens bedoeld de aftrekbeperking zoals opgenomen in artikel 240, § 1, 2de lid, WIB 92) slechts mag worden aanvaard indien daardoor het totaal bedrag van de na de verrichting nog aftrekbare beroepsverliezen, nagenoeg niet wordt gemanipuleerd, door met name bij de diverse berekeningen van de breuken, fiscale nettowaarden in aanmerking te nemen die zijn vastgesteld op de bewuste retroactiviteitsdatum in plaats van op de datum van de verrichting. De aanvrager heeft verklaard dat het gebruik van de retroactiviteit geen belastingsvoordelen beoogt. De fluctuaties van het kapitaal, waardoor de fiscale netto-waarden worden beïnvloed, kunnen moeilijk gezien worden als een creatie van belastingsvoordelen. Zoals reeds uitgewerkt, is deze eigen aan de sector waarin de groep actief is en zal zij hieromtrent de OESO-richtlijnen en de vigerende buitenlandse wetgeving hieromtrent volgen.

21\. De fiscale (en boekhoudkundige) terugwerkende kracht voor de transacties van niet meer dan zeven maanden is tegenstelbaar aan de Fiscale Administratie.

## II. A. 3. Wat betreft de overgedragen fiscale verliezen ten name van Z BB

22\. Z BB heeft overgedragen fiscale verliezen.

23\. Artikel 240, § 1, 2°, WIB 92 bepaalt dat wanneer een vennootschap een andere vennootschap door fusie, splitsing of ermee gelijkgestelde verrichting geheel of gedeeltelijk heeft overgenomen met toepassing van artikel 231, WIB 92, de beroepsverliezen die de overnemende of verkrijgende Belgische inrichting vóór die overneming heeft geleden slechts definitief aftrekbaar zijn naar verhouding tot het evenredige aandeel van de fiscale nettowaarde van de overnemende of verkrijgende Belgische inrichting vóór de verrichting in het totaal van de fiscale nettowaarden van die Belgische inrichting en van de ingebrachte of overgenomen bestanddelen, eveneens vóór de verrichting.

24\. De beperking van de vergedragen fiscale verliezen van Z BB als gevolg van de partiële splitsing is in overeenstemming met artikel 240bis, § 1, 2°, WIB 92.

## II. B. Wat betreft de BTW

25\. De eerste verrichting vindt plaats binnen de BTW eenheid en blijft buiten de werkingssfeer van de BTW.

26\. De tweede verrichting waarbij Y BB overgaat in Z BB vindt eveneens plaats binnen de BTW eenheid en blijft buiten de werkingssfeer van de BTW.

27\. De hierboven beschreven verrichtingen hebben geen impact op het recht op aftrek mits belastbare handelingen naar derden toe niet wijzigen.

## II. C. Wat betreft de registratierechten

**II. C. 1. Wat betreft artikelen 117, § 1 en 115, W. Reg.**

28\. Volgens artikel 117, § 1, W. Reg. is het bij artikel 115, W. Reg. bepaalde recht niet verschuldigd in geval van inbreng van de universaliteit der goederen van een vennootschap, bij wijze van fusie, splitsing of anderszins, in een of meer nieuwe of bestaande vennootschappen.

29\. Deze bepaling is evenwel slechts toepasselijk op voorwaarde dat:

29.1. de vennootschap die de inbreng doet de zetel van haar werkelijke leiding of haar statutaire zetel heeft op het grondgebied van een Lidstaat van de Europese Gemeenschappen;

29.2. eventueel na aftrek van de op het tijdstip van de inbreng door de inbrengende vennootschap verschuldigde sommen, de inbreng uitsluitend vergoed wordt, hetzij door toekenning van aandelen of deelbewijzen die maatschappelijke rechten vertegenwoordigen, hetzij door toekenning van aandelen of deelbewijzen die maatschappelijke rechten vertegenwoordigen samen met een storting in contanten die het tiende van de nominale waarde van de toegekende maatschappelijke aandelen of deelbewijzen niet overschrijdt.

30\. De inbreng zal worden gedaan door de Belgische vennootschap X. Hierdoor is er voldaan aan de voorwaarde dat de inbreng gedaan wordt door een vennootschap waarvan de zetel der werkelijke leiding of de statutaire zetel gevestigd is op het grondgebied van een Lidstaat van de Europese Gemeenschappen.

31\. Aangezien de beoogde verrichting een fusie door overneming betreft heeft de inbreng betrekking op de universaliteit van de goederen van de over te nemen vennootschap.

32\. De inbreng zal uitsluitend worden vergoed in aandelen en er zal geen opleg in geld betaald worden door de overnemende vennootschap Y.

33\. De uitzonderingsbepaling vervat in artikel 120, derde lid, W. Reg. is eveneens van toepassing op de inbrengen van de universaliteit van goederen of van een bedrijfstak die voldoen aan de in artikel 117, § 1, tweede lid, W. Reg. of de bij koninklijk besluit van 18 juli 1972 betreffende de uitvoering van artikel 117, § 2, van het Wetboek gestelde voorwaarden, of het nu om een inbreng in een Belgische of in een vreemde vennootschap gaat.

**II. C. 2. Wat betreft artikel 117, § 2, W. Reg.**

34\. De "bedrijfstak" bevat het geheel van de activa en passiva die in oorsprong het geheel van activa en passiva van de Belgische vennootschap X vormden en die ten gevolge van de fusie door overneming van X door Y werden toegewezen aan, beter gezegd ter beschikking gesteld van, Y BB, zijnde de Belgische vaste inrichting van Y.

35\. Door de afsplitsing van deze "bedrijfstak" door Y naar Z, wordt in feite het geheel van activa en passiva van de Belgische vaste inrichting Y BB overgedragen naar Z. Z stelt vervolgens deze activa en passiva ter beschikking van Z BB, zijnde de Belgische vaste inrichting van Z.

36\. Enerzijds moet vastgesteld worden dat het Belgische registratierecht enkel van toepassing kan zijn bij inbrengen in vennootschappen waarvan hetzij de zetel der werkelijke leiding in België, hetzij de statutaire zetel in België en de zetel der werkelijke leiding buiten het grondgebied van de EU lidstaten is gevestigd.

37\. In casu betreft deze afsplitsing in se een zuivere situatie die plaatsvindt in Europese lidstaat - verrichting tussen Y en Z - vermits de zetel van werkelijke leiding en tevens de statutaire zetel - van Y BB en Z BB in Europa is gevestigd, en niet in België.

38\. Anderzijds betreft het wel activa en passiva die in België gelokaliseerd worden, met name eerst bij Y BB en later bij Z BB, beiden vaste inrichtingen, waaraan de "bedrijfstak" door de respectievelijke Europese (moeder)vennootschap wordt ter beschikking gesteld.

39\. Volgens artikel 117, § 2, W. Reg. is het bij artikel 115 bepaalde recht niet verschuldigd, onder de voorwaarden die de Koning bepaalt, voor de inbrengen gedaan door een vennootschap waarvan de zetel der werkelijke leiding of de statutaire zetel gevestigd is op het grondgebied van een lidstaat van de Europese Gemeenschappen, van goederen die één of meer van haar bedrijfstakken uitmaken.

40\. De inbreng van de bedrijfsafdeling zal worden gedaan door Y aan Z, beiden vennootschappen zijn gelegen in hetzelfde Europees land. Hierdoor is er voldaan aan de voorwaarde dat de inbreng wordt gedaan door een vennootschap waarvan de zetel der werkelijke leiding of de statutaire zetel gevestigd is op het grondgebied van een Lidstaat van de Europese Gemeenschappen.

41\. De vrijstelling kan worden genoten op voorwaarde dat de inbreng het geheel omvat van de goederen die door de inbrengende vennootschap worden aangewend tot een of meer afdelingen van haar onderneming welke, uit technisch oogpunt, ieder een onafhankelijk uitbatinggeheel vormen (K.B. 18 juli 1972, art. 1) en de ingebrachte of afgesplitste bedrijfstak een geheel is dat op technisch en organisatorisch gebied een autonome activiteit uitoefent en op eigen kracht kan werken.

42\. Op grond van de door de aanvrager geleverde informatie dat door de afsplitsing het gehele vermogen van de Belgische X - niets meer, niets minder - welke na de fusie door overneming terug te vinden is bij Y BB, volledig afgesplitst wordt naar Z, is er onbetwistbaar sprake van een bedrijfstak.

43\. Deze inbreng zal volledig vergoed worden door de toekenning van aandelen die maatschappelijke rechten vertegenwoordigen. Hieruit kan worden besloten dat aan de voorwaarde wordt voldaan dat, eventueel na aftrek van de bij de inbreng door de inbrengende vennootschap verschuldigde sommen die betrekking hebben op de ingebrachte bedrijfstakken, de inbreng uitsluitend vergoed wordt door toekenning van aandelen of deelbewijzen die maatschappelijke rechten vertegenwoordigen, al dan niet samen met een storting in contanten die het tiende van de nominale waarde van de toegekende maatschappelijke aandelen niet overschrijdt (K.B. 18 juli 1972, art. 1). In casu wordt er geen geldopleg betaald.

44\. De uitzonderingsbepaling vervat in artikel 120, 3de lid, W. Reg. is eveneens van toepassing op de inbrengen van de universaliteit van goederen of van een bedrijfstak die voldoen aan de in artikel 117, § 1, tweede lid of de bij koninklijk besluit van 18 juli 1972 betreffende de uitvoering van artikel 117, § 2, van het Wetboek gestelde voorwaarden, of het nu om een inbreng in een Belgische of in een vreemde vennootschap gaat.

45\. De voorwaarden voor vrijstelling inzake registratierechten zijn vervuld, zowel voor de grensoverschrijdende fusie (artikel 117, § 1, en artikel 120, W. Reg.) als voor de partiële splitsing (artikel 117, § 2, en artikel 120, laatste lid W. Reg.).

## II. D. Kapitaalsdotatie

46\. Wat betreft de 'allocatie van kapitaal aan de vaste inrichting' kan de DVB besluiten dat, op basis van de bezorgde documenten en verstrekte toelichting, de voorgestelde methode aanvaard kan worden.
