---
title: "10 oktober 2000 · Werkingssfeer, levering van goederen · Hof van beroep te Antwerpen"
description: "Werkingssfeer, levering van goederen, belastbare handeling. Hof van beroep te Antwerpen (België), 10 oktober 2000."
url: "https://juriel.be/nl/rechtspraak/werkingssfeer-levering-goederen-belastbare-handeling-hof-van-beroep-antwerpen-2000-10-935f"
lang: "nl"
---

# Werkingssfeer, levering van goederen, belastbare handeling · Belasting over de toegevoegde waarde

**Rechtscollege**

Hof van beroep

**Zetel**

Antwerpen

**Datum**

10 oktober 2000

## Over het document

**Verzameling**

Belgische rechtspraak

**Taal van de tekst**

Nederlands

## Tekst

69 paragrafen

### Fiche van de FOD Financiën

Arrest van het Hof van beroep te Antwerpen d.d. 10.10.2000

Samenvatting niet beschikbaar

**Tekst van het arrest**

### Tekst van de beslissing

**Het Hof van beroep te Antwerpen, zitting houdend te Antwerpen, ZESDE KAMER,**

Recht doende in burgerlijke zaken,

Heeft het volgende arrest gewezen :

In zake : **1999/AR/975**

**De BELGISCHE STAAT**, Administratie van de BTW, registratie en domeinen, vertegenwoordigd door de heer Minister van Financiën, wiens burelen gevestigd zijn te Brussel, op vervolging en benaarstiging van de heer Gewestelijke Directeur van de BTW, registratie en domeinen te Antwerpen, in de persoon van de rekenplichtige van het Tweede BTW-Ontvangkantoor te Antwerpen, waarvan de burelen gevestigd zijn te Antwerpen, Italiëlei 4 bus 4;

**appellant,**

tegen het vonnis gewezen door de rechtbank van eerste aanleg te Antwerpen van 1 februari 1999;

vertegenwoordigd door Meester **J P.** loco Meester **M. v. H.**, advocaat te …, …;

**tegen :**

1\. **B. V. G.**, huisvrouw, wonende te …, …;

**geïntimeerde,**

vertegenwoordigd door Meester **G. S.** loco Meester **F. V.**, advocaat te …, …;

2\. **L. L.**, zelfstandig gerante, wonende te …, …

**geïntimeerde,**

vertegenwoordigd door Meester **J. D.** loco Meester **B. C.**, advocaat te …, …,

---

Gelet op de door de wet vereiste processtukken in behoorlijke vorm overgelegd waaronder het bestreden vonnis van de rechtbank van eerste aanleg te Antwerpen van 1 februari 1999, waarvan geen akte van betekening wordt voorgelegd, alsmede het verzoekschrift in hoger beroep neergelegd ter griffie van dit Hof op 30 maart 1999, waarbij een naar vorm en termijn regelmatig en ontvankelijk hoger beroep wordt ingesteld.

Overwegende dat de feitelijke vereniging ". **V. G. – L. L.**” een videotheek uitbaatte te …, …, dat beiden op 30 april 1990, ieder voor de helft, de handelszaak overlieten aan de CV **O.**, zijnde een vennootschap van mevrouw **V. G.**;

dat volgens artikel 2 van de akte van overlating van handelsfonds deze overlating omvat "·het cliënteel, de handelsnaam, het recht op de nog lopende huurceel, het meubilair en het uitbatingsmaterieel, alles in de staat waarin het zich bevindt. Wat betreft de gedetailleerde inventaris komen de partijen overeen dat deze in de prijs inbegrepen is";

dat zij ieder een factuur opstelden als volgt :

“Betreffende het handelsfonds gelegen te …, …. Huidige verkoop wordt gedaan in volstrekte naleving van artikel 11 van de wet op de BTW en is dus vrijgesteld van BTW. voor het volgende ;

1\. Cliënteel …

2\. Inventaris van de koopwaar

3\. Materieel en mobilier …

Totale waarde van het handelsfonds …

Verkoop gedaan in vrijstelling van BTW ingevolge artikel 11 van het BTW-recht.

Datum waarop de factuur wordt opgesteld : 30.04.90.

Datum van de verkoop en levering van het handelsfonds, 30.04.90.

Overwegende dat na een controle van de boekhouding op 1 april 1993 over de periode van 1 januari 1989 tot 1 mei 1990 door appellant op 11 juni 1993 aan geïntimeerden een correctieopgave werd voorgesteld, die door geïntimeerden niet werd aanvaard; dat op 10 juli 1995 door verweerder een proces-verbaal werd opgesteld waarbij de toepassing van [artikel 12, § 1, 3° van het BTW-wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-12) wordt weerhouden omdat op de overlatingsfacturen enkel sprake is van “cliënteel” en “materieel en mobilier” meent appellant dat er geen sprake is van overlating van een voorraad videocassettes, waaruit hij afleidt dat geen rekening werd gehouden met voormeld artikel 12, § 1, 3°;

dat derhalve bij dwangbevel van 12 juli 1995 van de feitelijke vereniging **V. G. – L.** … fr. BTW in hoofdsom, vermeerderd met interesten en geldboetes werd nagevorderd wegens de vermeende onttrekking van de voorraad videocassettes voor privé-doeleinden;

dat dit dwangbevel op 19 juli 1995 aan geïntimeerden werd ter kennis gebracht;

Overwegende dat geïntimeerden bij exploten van 21 augustus 1995 (**V. G.**) en 31 augustus 1995 (**L.**) vorderden het dwangbevel van nul en generlei waarde te horen verklaren en hen te horen ontslaan van de betaling van de in dit dwangbevel gevorderde sommen;

Overwegende dat het bestreden vonnis de zaken heeft samengevoegd en de vorderingen ontvankelijk en gegrond heeft verklaard, dienvolgens het dwangbevel uitgevaardigd op 12 juli 1995 van nul en generlei waarde verklaart en geïntimeerden ontslaat van de betaling van alle in dit dwangbevel gevorderde sommen, appellant veroordeelt tot terugbetaling aan geïntimeerden van alle sommen die ten onrechte werden betaald of ingehouden op de sommen, vermeld in het dwangbevel, vermeerderd met de verwijlintresten overeenkomstig artikel 91 W.BTW en tevens appellant veroordeelt tot de kosten van het geding;

Overwegende dat het hoger beroep ertoe strekt het bestreden vonnis te horen hervormen en de vorderingen van geïntimeerden als ongegrond te horen afwijzen;

dat geïntimeerden concluderen tot de ongegrondheid van het hoger beroep en de bevestiging van het bestreden vonnis.

Overwegende dat appellant voorhoudt dat in hoofde van geïntimeerden een onttrekking zoals omschreven in artikel 12, § 1, 3° oud W.BTW werd verricht, met name de onttrekking van een voorraad videaocassetes van de feitelijke vereniging V. G. – L. voor privé-doeleinden.

dat voormeld artikel 12, § 1, 3° bepaalt dat levering in de zin van artikel 10 geacht wordt ook plaats te hebben wanneer een belastingplichtige aan zijn bedrijf een roerend goed onttrekt voor zijn privé-doeleinden of voor privé-doeleinden van zijn personeel en, meer algemeen, voor andere dan beroepsdoeleinden;

dat appellant de onttrekking afleidt uit het feit dat in de akten van overlating van 30 april 1990 en in de overlatingsfacturen van 30 april 1990 niet uitdrukkelijk sprake is van overlating van een voorraad videocassattes.

Overwegende dat de overdracht van de handelszaak van de feitelijke vereniging aan de CV **O.** gebeurde met vrijstelling van BTW in toepassing van artikel 11 W.BTW;

dat om vrijstelling van BTW te genieten overeenkomstig voormeld artikel 11 vereist is dat alle wezenlijke bestanddelen van het handelsfonds worden overgedragen, zijnde dus alle goederen die gebruikt worden voor het uitoefenen van de beroepswerkzaamheid;

dat vaste activa, zoals investeringen en vlottende activa, zoals voorraden, essentieel deel uitmaken van het handelsfonds;

Overwegende dat zowel de akten van overlating van handelsfonds als de facturen melding maken van het uitbatingsmaterieel, dat de videocassettes ontegensprekelijk deel uitmaken van dit materieel;

dat in de akten van overlating ook melding wordt gemaakt van een "gedetailleerde inventaris waarmee bedoeld wordt het geheel van de aanwezige voorwerpen en goederen, dus ook de videocassettes;

Overwegende dat de BTW-administratie de overdracht met vrijstelling van BTW heeft aanvaard, wat betekent dat zij heeft aanvaard dat het volledig handelsfonds werd overgedragen, dat videocassettes noodzakelijkerwijze behoren tot het handelsfonds van een videotheek en in casu door de administratie dus werd aanvaard dat ook de videocassettes werden overgedragen, zodat er geen sprake kan zijn van onttrekking voor privé-doeleinden;

Dat de betwisting omtrent de kwalificatie van de videocassettes – als voorraad volgens appellant, als investeringen volgens geïntimeerden – dan ook niet relevant is in huidige betwisting.

Overwegende dat artikel 12, § 1, 3° .BTW in casu dan ook niet van toepassing is;

dat de eerste rechter derhalve terecht de vordering van geïntimeerden gegrond heeft verklaard;

dat het hoger beroep dan ook ongegrond is.

### Beschikkend gedeelte

**OM DIE REDENEN,**

**HET HOF,** recht doende op tegenspraak,

Gelet op artikel 24 van de wet van 15 juni 1935.

Verklaart het hoger beroep ontvankelijk doch ongegrond.

Bevestigt het bestreden vonnis.

Veroordeelt appellant tot de kosten van het hoger beroep, begroot op aan de zijde van :

\- eerste geïntimeerde :

\- rechtsplegingsvergoeding : … fr.

dit volgens opgave in conclusie;

\- tweede geïntimeerde :

\- rechtsplegingsvergoeding : … fr.,

dit volgens opgave in conclusie;

Aldus gewezen en uitgesproken in openbare terechtzitting van het **HOF VAN BEROEP te ANTWERPEN** van **TIEN OKTOBER TWEEDUIZEND**,

waar aanwezig waren :

**M. B.**, Voorzitter,

**A. W.** en

**D. W.**, Raadsheren,

**A. v. L.**, Griffier.

**A.V. L.** **D. W.** **A. W.** **M. B.**

## Aangehaalde teksten

1

[WBTW art. 12](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-12) 1 voorkomen

## Vergelijkbare beslissingen

8

[Recht op aftrek, Vaste termijn, Verjaringstermijn, Vordering tot teruggaaf](https://juriel.be/nl/rechtspraak/recht-aftrek-vaste-termijn-verjaringstermijn-rechtbank-luik-2022-04-25-02bf) 1 gemeenschappelijke bepalingen

[Recht op aftrek, Aanwending voor de beroepsactiviteit, Bewijslast](https://juriel.be/nl/rechtspraak/recht-aftrek-aanwending-beroepsactiviteit-bewijslast-hof-van-beroep-luik-2021-01-18-0480) 1 gemeenschappelijke bepalingen

[Omzetberekening, Onttrekking, Bewijskracht van de boekhouding](https://juriel.be/nl/rechtspraak/omzetberekening-onttrekking-bewijskracht-boekhouding-sociale-hof-van-beroep-gent-2022-06-14-170e) 1 gemeenschappelijke bepalingen

[Recht op aftrek, Herziening recht op aftrek](https://juriel.be/nl/rechtspraak/recht-aftrek-herziening-uitoefening-beroepswerkzaamheid-rechtbank-hasselt-2019-06-c4b4) 1 gemeenschappelijke bepalingen

[Antimisbuikbepaling, misbruik](https://juriel.be/nl/rechtspraak/antimisbuikbepaling-misbruik-cassatie-brussel-2020-05-14-fafb) 1 gemeenschappelijke bepalingen

[Recht op aftrek, Herziening van het recht op aftrek](https://juriel.be/nl/rechtspraak/recht-aftrek-herziening-bedrijfsmiddelen-bewijslast-hof-van-beroep-antwerpen-2026-02-17-8101) 1 gemeenschappelijke bepalingen

[Bouwen van een appartementsgebouw, Bestemming voor de beroepsactiviteit](https://juriel.be/nl/rechtspraak/bouwen-appartementsgebouw-bestemming-beroepsactiviteit-wijziging-rechtbank-2025-09-23-a01c) 1 gemeenschappelijke bepalingen

[Boete onvolledig antwoord op VOI, geen spontane rechtzetting](https://juriel.be/nl/rechtspraak/boete-onvolledig-antwoord-voi-geen-hof-van-beroep-gent-2024-11-19-abac) 1 gemeenschappelijke bepalingen
