---
title: "16 juni 2006 · Werkingssfeer, dienst · Rechtbank van eerste aanleg te Brussel"
description: "Werkingssfeer, dienst, belastbare handeling, vrijstelling, andere vrijstelling. Rechtbank van eerste aanleg te Brussel (België), 16 juni 2006."
url: "https://juriel.be/nl/rechtspraak/werkingssfeer-dienst-belastbare-handeling-vrijstelling-rechtbank-brussel-2006-06-16-4080"
lang: "nl"
---

# Werkingssfeer, dienst, belastbare handeling, vrijstelling, andere vrijstelling · Belasting over de toegevoegde waarde

**Rechtscollege**

Rechtbank van eerste aanleg

**Zetel**

Brussel

**Datum**

16 juni 2006

## Over het document

**Verzameling**

Belgische rechtspraak

**Taal van de tekst**

Nederlands

## Tekst

79 paragrafen

### Fiche van de FOD Financiën

Vonnis van de Rechtbank van Eerste aanleg te Brussel d.d. 16.06.2006

Samenvatting niet beschikbaar

**Tekst van het vonnis**

### Tekst van de beslissing

**RECHTBANK VAN EERSTE AANLEG TE BRUSSEL, 33****ste** **KAMER**

**AR 04/15964/A**

\- *Fiscale zaken – BTW*

\- *op tegenspraak*

\- *eindvonnis*

In zake van :

**V. E. NV**, met maatschappelijke zetel te …, …, ingeschreven in het register der ondernemingen onder het nummer …,

**eisende partij,**

vertegenwoordigd door Mr. **I. V. D.**, advocaat te …, …

**tegen :**

**De BELGISCHE STAAT**, Administratie van de BTW, registratie en domeinen op vervolging en benaarstiging van de eerstaanwezend inspecteur van het BTW-ontvangkantoor te Vilvoorde, waarvan de kantoren gevestigd zijn te 1800 Vilvoorde, Groenstraat 51,

**verwerende partij,**

vertegenwoordigd door Mr. **L. V. B.** loco Mr. **M. V. A.**, advocaat te …, … (ref. : …)

---

De rechtbank spreekt het navolgend vonnis uit :

---

De partijen hebben hun middelen en besluiten voorgedragen in de openbare terechtzitting van 28 april 2006 waarna het debat werd gesloten. De rechtbank nam vervolgens de zaak in beraad.

De rechtbank houdt in het bijzonder rekening met de volgende documenten :

• de akte van verzet van 20 februari 2001 betekend door gerechtsdeunvaarder Meester **B.** met standplaats te …, ….

• de conclusie voor de Belgische Staat neergelegd op 4 april 2001.

Bovendien heeft de rechtbank de overtuigingsstukken van verweerder ingezien.

---

## 1. FEITEN

Eiseres is BTW-belastingplichtige geregistreerd sinds 1 januari 1971 en als dusdanig onderworpen aan het wetboek van de belasting over de toegevoegde waarde en de in het kader ervan genomen uitvoeringsbesluiten.

De BTW-administratie voert bij eiseres een controle uit voor de periode van 1 januari 1994 tot 31 december 1996. De gedane vaststellingen en verschuldigde sommen worden opgenomen in een proces-verbaal van 13 april 1999.

Uit voornoemd proces-verbaal blijkt dat eiseres aan de BTW-administratie de·volgende sommen verschuldigd is : 8.104.880 BEF BTW plus 1.172.000 BEF wettelijke boete plus de interest op grond van [artikel 91, § 1 van het BTW-wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-91) te berekenen vanaf 21 april 1997 aan 0,8 % per maand over 8.104.000 BEF.

Verweerder vaardigt op 16 april 1999 een dwangbevel uit dat op 16 april 1999 wordt geviseerd en uitvoerbaar verklaard door de eerstaanwezend inspecteur bij een fiscaal bestuur te Vilvoorde, aangewezen door de gewestelijk directeur van de BTW te Mechelen. Dit dwangbevel wordt middels een deurwaardersexploot op 15 januari 2001 aan eiseres betekend.

## 2. VORDERING

Eiseres verzoekt de rechtbank *het verzet ontvankelijk en gegrond te verklaren : het genoemde dwangbevel te vernietigen en de vordering van de Belgische Staat ongegrond te verklaren*.

Verweerder concludeert tot de ongegrondheid van het verzet.

## 3. ONTVANKELIJKHEID

Partijen werpen geen specifieke gronden van niet-ontvankelijkheid van de vordering op. De rechtbank ziet evenmin redenen om ambtshalve te besluiten tot de niet-ontvankelijkheid van de vordering. Deze is ontvankelijk.

## 4. BESPREKING TEN GRONDE

Eiseres is privaatrechtelijk uitbater van een door de Vlaamse Gemeenschap, departement Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur, onder nummer … erkend rusthuis.

[Artikel 44, § 2, 2° van het BTW-wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-44) bepaalt dat diensten en leveringen van goederen die nauw samenhangen met maatschappelijk werk verstrekt door instellingen die de bejaardenzorg tot doel hebben en als zodanig zijn erkend door de bevoegde overheid en die, indien het gaat om privaatrechtelijke instellingen, handelen onder sociale voorwaarden welke vergelijkbaar zijn met die welke gelden voor de publiekrechtelijke instellingen, vrijgesteld zijn van de belasting over de toegevoegde waarde.

Bij ministeriële beslissing nummer E.T. 80.511 van 19 april 1994 (document B) worden privaatrechtelijke instellingen die de bejaardenzorg tot doel hebben, voor de toepassing van de BTW geacht te handelen onder sociale voorwaarden welke vergelijkbaar zijn met die welke gelden voor publiekrechtelijke instellingen, wanneer ze door de overheid zijn erkend en wanneer ze prijzen toepassen die goedgekeurd zijn door de Minister van Economische zaken.

Eiseres stelt bejaardenhelpsters, verpleegsters en verpleegkundigen, een coördinator verzorging, poetsvrouwen, arbeidsters, een kok, een nachtwaker en een bediende ter beschikking van een andere vennootschap, de BVBA **T. T.**, …, …. Voor deze terbeschikkingstelling worden facturen uitgereikt.

[Artikel 18, § 1, 2° van het BTW-wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-18) beschouwt als een dienst de uitvoering van een contract dat tot voorwerp heeft de terbeschikkingstelling van personeel.

Luidens [artikel 44, § 1, 2° van het BTW-wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-44) zijn van de belasting vrijgesteld de diensten door de volgende personen verricht in de uitoefening van hun geregelde werkzaamheid : artsen, tandartsen, kinesitherapeuten, vroedvrouwen, verplegers en verpleegsters, verzorgers en verzorgsters, ziekenoppassers en ziekenoppassters, masseurs en masseuses van wie de diensten van persoonsverzorging zijn opgenomen in de nomenclatuur van de geneeskundige verstrekkingen inzake verplichte ziekte- en invaliditeitsverzekering. De vrijstelling geldt niet voor het ander personeel.

Eiseres reikt facturen uit aan de BVBA **T. T.** voor "vergoeding op omzet 20 %”.

Artikel 18, § 1 beschouwt als een dienst elke handeling die geen levering van een goed is.

Krachtens [artikel 45, § 1, van het BTW-wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-45), mag elke belastingplichtige op de belasting die hij verschuldigd is, de belasting in aftrek brengen die wordt geheven op de aan hem geleverde goederen en verleende diensten, van de door hem ingevoerde goederen en de door hem verrichte intracommunautaire verwervingen van goederen, in de mate dat hij die goederen en diensten gebruikt voor het verrichten van belaste handelingen.

[Artikel 46, § 1, van het BTW-wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-46), bepaalt dat wanneer een belastingplichtige, in de uitoefening van zijn economische activiteit ook andere handelingen verricht clan handelingen waarvoor op grond van [artikel 45 van het BTW-wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-45) aanspraak op aftrek bestaat. de belasting op de voor die activiteit gebruikte goederen en diensten in aftrek wordt gebracht naar verhouding van de breuk gevormd door het bedrag van de laatst bedoelde handelingen en het totale bedrag van de door de betrokkene verrichte handelingen.

Krachtens [artikel 12 van het koninklijk besluit nr. 3](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-3-december-betrekking-aftrekregeling-toepassing-belasting-8aeb#ar3-art12), van 10 december 1969, is dit algemeen verhoudingsgetal een breuk met als teller het totaalbedrag, vastgesteld per kalenderjaar, van de handelingen waarvoor aanspraak op aftrek bestaat, en met als noemer het totaalbedrag vastgesteld per kalenderjaar, zowel van de handelingen opgenomen in de teller als van de handelingen waarvoor geen aanspraak op aftrek bestaat. Het algemeen verhoudingsgetal wordt uitgedrukt in percenten. De wijze van berekening en afronding ervan wordt bepaald door of vanwege de Minister van Financiën.

Krachtens [artikel 15](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-3-artikel-15-b659) van voormeld koninklijk besluit wordt voor ieder kalenderjaar het algemeen verhoudingsgetal voorlopig vastgesteld aan de hand van het bedrag van de handelingen die in de loop van het vorige jaar werden verricht. Het definitieve verhoudingsgetal wordt voor ieder jaar vastgesteld uiterlijk op 20 april van het volgende jaar.

Luidens [artikel 16, § 1](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-3-artikel-16-92e4), van hetzelfde koninklijk besluit wordt ten aanzien van de belasting geheven op bedrijfsmiddelen, de oorspronkelijke aftrek verricht aan de hand van het voorlopig verhoudingsgetal van het jaar waarin het recht op aftrek ontstaat. Die aftrek wordt herzien, op de wijze bepaald in voormeld artikel 15, aan de hand van het definitieve verhoudingsgetal van dat jaar. Deze eerste herziening heeft betrekking op het totaalbedrag van de oorspronkelijk in aftrek gebrachte belasting. De volgende herzieningen hebben jaarlijks betrekking op een vijfde of een vijftiende (van 1 januari 1993 tot 31 december 1995 geldende tekst : een vijfde of een tiende), naargelang de aard van het goed (roerend of onroerend), van de overeenkomstig het eerste definitieve verhoudingsgetal gedane aftrek. De belastingplichtige verricht deze herzieningen door dat verhoudingsgetal te vergelijken met het definitieve verhoudingsgetal van ieder van de vier of veertien (van 1 januari 1993 tot 31 december 1995 geldende tekst : van ieder van de vier of negen) in aanmerking te nemen jaren.

Voor de oprichting en de inrichting van het rusthuis in de periode van 1987 tot 1996 brengt eiseres de BTW geheven op de investeringen volledig in aftrek. Dit zonder toepassing van het algemeen verhoudingsgetal, bepaald op de wijze zoals voorzien in artikel 46, § 1 en koninklijk besluit nr. 3.

Voor 1993, 1994 en 1995 doet eiseres de aftrek zonder rekening te houden met de bepalingen van artikel 46. Voor 1996 was dit eveneens het geval, met dien verstande dat voor dit jaar eiseres de aftrek voor sommige facturen zelf beperkt tot 50 % van de betaalde BTW.

Naar aanleiding van de controle berekent de administratie het algemeen verhoudingsgetal. Vervolgens berekent de administratie per aankoopfactuur van investeringen hoeveel BTW in 1993, 1994, 1995 en 1996 aftrekbaar was bij toepassing van dit verhoudingsgetal en jaarlijkse herziening à rato van een vijfde of een tiende, naargelang het geval. Het verschil tussen afgetrokken en aftrekbare BTW in het voordeel van de Staat wordt thans teruggevorderd.

Op de door eiseres aan de BVBA **T. T.** uitgereikte facturen voor het ter beschikking stellen van niet-verplegend personeel en voor vergoedingen ontvangen op omzet rekent eiseres geen BTW aan. Naar aanleiding van de controle worden de administratie de verschuldigde BTW terug.

Eiseres voert aan niet te handelen onder sociale voorwaarden vergelijkbaar met deze van een publiekrechtelijke instelling, omdat zij een winstoogmerk heeft.

De privaatrechtelijke instelling die door de bevoegde overheid is erkend. Wordt echter voor de BTW geacht te handelen onder sociale voorwaarden, vergelijkbaar met die welke gelden voor publiekrechtelijke instellingen (beslissing ET 80.511 van 19/4/1994, zie document B).

Eiseres is door de bevoegde overheid erkend als rusthuis (zie document A).

Artikel 44, § 2, 2° is dus wel degelijk van toepassing, ongeacht het winstoogmerk van eiseres. De betreffende prestaties moeten worden opgenomen in de noemer van het algemeen verhoudingsgetal.

Eiseres werpt vervolgens op dat zij enkel voeding en logies verstrekt. De verzorging zou worden verstrekt door de BVBA **T. T.**. De kosten van het verzorgend en verplegend personeel zouden door eiseres worden voorgeschoten en gerecupereerd bij BVBA **T. T.**.

Vooreerst stelt de rechtbank vast dat eiseres deze bewering niet staaft aan de hand van stukken.

Zoals reeds eerder gesteld is eiseres, en niet de BVBA **T. T.**, erkend als rusthuis. Er worden dus niet enkel voeding en logies verstrekt. Eiseres verleent aan de residenten een geheel van diensten en leveringen dat nauw samenhangt met maatschappelijk werk verstrekt door een erkend rusthuis en waarover de vrijstelling van artikel 44, § 2, 2°, voormeld, van toepassing is Het verschaffen van voeding en logies is een element van de vrijgestelde prestaties die deel uitmaken van de noemer van het algemeen verhoudingsgetal.

Artikel 15, § 2, van het Besluit van de Vlaamse executieve tot coördinatie van de decreten inzake de voorzieningen voor bejaarden van 18/12/1991 bepaalt dat de exploitatie van een rusthuis moet gebeuren door één enkele natuurlijke of rechtspersoon die zowel verantwoordelijk is voor de individuele opnames of verhuring als voor de organisatie van de zorg- en dienstverlening. Dit houdt noodzakelijkerwijze in dat enkel de door de bevoegde overheid erkende persoon op grond van artikel 44, § 2, 2° vrijgestelde diensten en leveringen kan verstrekken aan de in het rusthuis verblijvende bejaarden. De verzorging wordt dus verstrekt door eiseres die handelt als erkend rusthuis.

[Artikel 28, 5° van het BTW-wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-28) beschouwt als voorschotten die niet behoren tot de maatstaf van heffing voor de BTW : sommen voorgeschoten door de leverancier of dienstverrichter, gedaan ten name en voor rekening van de medecontractant. Wanneer het gaat om leveringen van goederen of diensten door de leverancier bij een derde besteld op naam en voor rekening van zijn medecontractant kan er maar sprake zijn van een voorschot indien de prijs door de derde wordt gefactureerd op naam en voor rekening van de medecontractant.

De aan de BVBA **T. T.** aangerekende bedragen voor de terbeschikkingstelling van verzorgend personeel zijn geen voorschotten in de zin van artikel 28, 5°. De betreffende personeelsleden staan op de loonlijsten van eiseres (zie document C), die haar personeel tegen betaling ter beschikking stelt van de BVBA **T. T.**. Er is geen derde partij betrokken in de handelingen. De handelingen catalogeren wel degelijk onder prestaties vrijgesteld bij toepassing van artikel 44, § 1, 2°, op te nemen in de noemer van het algemeen verhoudingsgetal.

Het volstaat te verwijzen naar de argumentatie in het vorige punt. Het personeel staat op de loonlijsten van eiseres. Eiseres bewijst niet het tegendeel. Er is geen derde partij betrokken in de handelingen. Het gaat om belastbare prestaties zoals bedoeld in [artikel 18, § 1, 2°, van het BTW-wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-18). De BTW werd terecht gevorderd.

Eiseres voert aan dat de kosten en honoraria voor dokters worden voorgeschoten namens de residenten en nadien worden gerecupereerd.

Terecht voert verweerder aan dat wanneer medici diensten verstrekken aan de bejaarden die in het rusthuis verblijven, er enkel sprake kan zijn van een voorschot in de zin van [artikel 28, 5°, van het BTW-wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-28), wanneer eiseres de betaling van de geleverde prestaties voorschiet aan de medici en vervolgens terugvordert van de residenten. De afrekening dient door de medici te worden opgesteld op naam en voor rekening van de residenten.

Eiseres toont niet aan dat dit het geval is. Bovendien maakt de resultatenrekening van eiseres melding van een kostenrekening 602001 ''Dokterskosten" (document D). De betreffende prestaties worden dus door de medici verricht op naam en voor rekening van eiseres, die deze kosten onder eigen naam doorrekent aan de residenten.

De bedragen van de medische kosten en de honoraria voor dokters, betaald door de residenten, zijn dus geen voorschotten. Het betreft ingevolge artikel 44, § 1, 2°, vrijgestelde prestaties die in de noemer van het algemeen verhoudingsgetal moeten worden opgenomen.

Tenslotte stelt eiseres dat indien er toch sprake zou zijn van terbeschikkingstelling van personeel het enkel gaan om verzorgend personeel. vrijgesteld bij toepassing van [artikel 44, § 2, 1, 2° van het BTW-wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-44).

Zoals eerder gesteld is de vrijstelling van artikel 44, § 1, 2°, enkel van toepassing voor artsen, tandartsen, kinesitherapeuten, vroedvrouwen, verplegers en verpleegsters. verzorgers en verzorgsters, ziekenoppassers en ziekenoppassters, masseurs en masseuses van wie de diensten van persoonsverzorging zijn opgenomen in de nomenclatuur van de geneeskundige verstrekkingen inzake verplichte ziekte- en invaliditeitsverzekering. De vrijstelling geldt niet voor ander personeel.

Verweerder vordert clan ook terecht BTW op het ter beschikking stellen van poetsvrouwen, arbeidsters, een kok een nachtwaker en een bediende. De aard van dit personeel blijkt uit de door eiseres verstrekte personeelslijst (document E).

De vordering is ongegrond.

---

### Beschikkend gedeelte

**OM DEZE REDENEN,**

Gelet op de artikelen 4, 37, 41 en 42 van de wet van 15 juni 1935 op het gebruik der talen in gerechtszaken,

Rechtsprekend op **tegenspraak**;

Verklaart de vordering van eiseres ontvankelijk maar ongegrond;

Veroordeelt eiseres tot betaling van de gedingkosten, in hoofde van verweerder begroot op € 364,40 rechtsplegingsvergoeding.

Aldus gevonnist en uitgesproken ter openbare terechtzitting van de **33ste kamer** van de Rechtbank van eerste aanleg te Brussel, op **16 juni 2006**

Waar aanwezig waren en zitting namen :

Mevrouw **N. S.**, alleenrechtsprekend rechter

Mevrouw **I. D.**, griffier.

**I. D.** **N. S.**

## Aangehaalde teksten

9

[WBTW art. 44](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-44) 3 voorkomens

[WBTW art. 18](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-18) 2 voorkomens

[WBTW art. 28](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-28) 2 voorkomens

[WBTW art. 45](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-45) 2 voorkomens

[KB nr. 3 art. 12](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-3-december-betrekking-aftrekregeling-toepassing-belasting-8aeb) 1 voorkomen

[KB nr. 3 art. 15](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-3-artikel-15-b659) 1 voorkomen

[KB nr. 3 art. 16](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-3-artikel-16-92e4) 1 voorkomen

[WBTW art. 46](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-46) 1 voorkomen

[WBTW art. 91](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-91) 1 voorkomen

## Vergelijkbare beslissingen

8

[Voetbalclub, Gemengde belastingplichtige, Werkelijk gebruik](https://juriel.be/nl/rechtspraak/voetbalclub-gemengde-belastingplichtige-werkelijk-gebruik-hof-van-beroep-antwerpen-2021-09-21-28a1) 4 gemeenschappelijke bepalingen

[Passieve of actieve holding, Externe dienstverlening (managementadvies)](https://juriel.be/nl/rechtspraak/passieve-actieve-holding-externe-dienstverlening-rechtbank-nijvel-2022-07-01-69ab) 4 gemeenschappelijke bepalingen

[Gemengde belastingplichtige, Aftrek, Werkelijk gebruik](https://juriel.be/nl/rechtspraak/gemengde-belastingplichtige-aftrek-werkelijk-gebruik-rechtbank-luxemburg-2022-05-11-e285) 4 gemeenschappelijke bepalingen

[Geldigheid van het dwangbevel, Afdoende motivering](https://juriel.be/nl/rechtspraak/geldigheid-dwangbevel-afdoende-motivering-verwijzing-hof-van-beroep-luik-2022-09-14-7774) 4 gemeenschappelijke bepalingen

[Hof van beroep te Gent, 27 september 2011](https://juriel.be/nl/rechtspraak/hof-van-beroep-gent-2011-09-27-0347) 4 gemeenschappelijke bepalingen

[Grondwettigheid en wettelijkheid van koninklijk besluit nr. 3 van 10 december 1969](https://juriel.be/nl/rechtspraak/grondwettigheid-wettelijkheid-december-omvang-recht-hof-van-beroep-brussel-2016-12-15-0448) 4 gemeenschappelijke bepalingen

[Terbeschikkingstelling van bergruimte voor het opslaan van goederen;onroerende verhuur;belastbaar feit](https://juriel.be/nl/rechtspraak/terbeschikkingstelling-bergruimte-opslaan-goederen-onroerende-rechtbank-brussel-2004-05-19-4683) 4 gemeenschappelijke bepalingen

[Bestuurder van vennootschappen, Rechtspersoon, Belastingplicht, Recht op aftrek](https://juriel.be/nl/rechtspraak/bestuurder-vennootschappen-rechtspersoon-belastingplicht-recht-hof-van-beroep-luik-2014-05-21-4e31) 4 gemeenschappelijke bepalingen
