---
title: "11 januari 2008 · Voldoening van de belasting, vervolging · Rechtbank van eerste aanleg te Leuven"
description: "Voldoening van de belasting, vervolging, geding, rechten en voorrechten schatkist. Rechtbank van eerste aanleg te Leuven (België), 11 januari 2008."
url: "https://juriel.be/nl/rechtspraak/voldoening-belasting-vervolging-geding-rechten-rechtbank-leuven-2008-01-11-46b9"
lang: "nl"
---

# Voldoening van de belasting, vervolging, geding · Belasting over de toegevoegde waarde

**Rechtscollege**

Rechtbank van eerste aanleg

**Zetel**

Leuven

**Datum**

11 januari 2008

## Over het document

**Verzameling**

Belgische rechtspraak

**Taal van de tekst**

Nederlands

## Tekst

47 paragrafen

### Fiche van de FOD Financiën

Vonnis van de Rechtbank van Eerste aanleg te Leuven d.d. 11.01.2008

Samenvatting niet beschikbaar

**Tekst van het vonnis**

### Tekst van de beslissing

## RECHTBANK VAN EERSTE AANLEG LEUVEN - AFDELJNG BURGERLIJKE RECHTBANK, twaalfde kamer

**zitting : 11 januari 2008**

**eindvonnis**

**Rol nr. : 05/2393/A**

Inzake :

**A. BVBA**, met ondernemingsnummer …, met zetel te …, ….

**eiseres,**

ter zitting verstekdoende

**tegen :**

**DE BELGISCHE STAAT**, Federale Overheidsdienst Financiën, in de persoon van de minister van Financiën, met kabinet te 1000 Brussel, Wetstraat 12, vertegenwoordigd door de e.a. inspecteur van het BTW-ontvangkantoor te 3300 Tienen, Goossensvest 3.

**verweerster,**

ter zitting vertegenwoordigd door meester **E. D. N.**, advocaat te …, ….

## I. Procedure

De bepalingen van de wet van 15 juni 1935 op het taalgebruik in gerechtszaken werden nageleefd.

De rechtbank nam onder meer kennis van :

\- het verzoekschrift op tegenspraak op 16 november 2005 ter griffie neergelegd;

\- de neergelegde conclusies en stukken;

\- de overige stukken van het rechtsplegingsdossier.

De advocaat van verweerster werd gehoord op de openbare zitting van 14 december 2007. Eiseres was op deze zitting niet aanwezig, noch vertegenwoordigd. De zaak werd regelmatig vastgesteld met toepassing van artikel 750, § 2 (oud) van het Gerechtelijk Wetboek.

## II. De feiten

Eiseres is BTW-belastingplichtige.

Op 3 augustus 2005 werd door het ontvangkantoor Tienen een dwangbevel uitgevaardigd, dat op 3 augustus 2005 uitvoerbaar werd verklaard. Dit dwangbevel werd opgemaakt op grond van door eiseres gedane aangiftes, waarvan de verschuldigde BTW niet betaald werd.

Op 2 augustus 2005 werd door het ontvangkantoor Tienen een dwangbevel uitgevaardigd, dat op 3 augustus 2005 uitvoerbaar werd verklaard. Dit dwangbevel werd opgesteld op grond van een door eiseres voor akkoord ondertekende correctieopgave.

## III. De vorderingen

Eiseres vraagt de nietigverklaring van de dwangbevelen.

In ondergeschikte orde vraagt zij kwijtschelding van boetes en intresten.

## IV. Beoordeling

1\. De correctieopgave werd opgesteld omdat in het vak 62 ten onrechte bepaalde sommen werden opgenomen.

2\. Eisers heeft deze correctieopgave voor akkoord ondertekend.

3\. Eiseres blijft volledig in gebreke aan te tonen dat zij een vergissing zou begaan hebben en dat de correctieopgave niet correct is.

4\. Eiseres toont evenmin aan dat zij een vergissing zou begaan hebben en dat de aangifte niet correct was.

5\. De opgelegde boetes zijn in evenredigheid met de begane inbreuk en in overeenstemming met de wet. Deze boetes zijn verschuldigd ook zonder dat er sprake is van fraude of kwaad opzet.

6\. De rechtbank heeft geen rechtsmacht met betrekking tot de vraag tot vrijstelling van nalatigheidsintresten.

7\. De wet van 21 april 2007 betreffende de verhaalbaarheid van de erelonen en de kosten verbonden aan de bijstand van een advocaat treedt in werking op 1 januari 2008 (artikel 10 van het Koninklijk Besluit van 26 oktober 2007 tot vaststelling van het tarief van de rechtsplegingsvergoeding). Deze wet is van toepassing op de zaken die hangende zijn op het moment dat ze in werking treedt. Een zaak die, zoals onderhavige zaak, in beraad werd genomen vóór 1 januari 2008, maar waarin nog geen uitspraak gedaan werd op 1 januari 2008, is op 1januari 2008 nog steeds hangende, zodat de wet van 21 april 2007 en het Koninklijk Besluit van 26 oktober 2007 dienen te worden toegepast.

Verweerster (eiseres was afwezig) heeft ter zitting haar standpunt hierover kunnen uiteenzetten, evenals over het bedrag van de verschuldigde rechtsplegingsvergoeding.

Verweerster heeft aangevoerd dat het bedrag van de vordering gelegen is tussen 10.000,01 en 20.000,00 euro zodat het basisbedrag van de rechtsplegingsvergoeding 1.100,00 euro is.

### Beschikkend gedeelte

## V. Uitspraak

Dit vonnis wordt gewezen bij verstek ten aanzien van eiseres, op tegenspraak ten aanzien van verweerster, en in eerste aanleg.

De vordering is ontvankelijk, maar ongegrond.

De rechtbank veroordeelt eiseres tot de kosten, die voor haar niet moeten begroot worden omdat ze ten hare laste blijven, en die voor verweerster begroot worden op 1.100,00 euro (rechtsplegingsvergoeding).

Aldus gedaan en uitgesproken in de openbare terechtzitting van de **twaalfde kamer** der rechtbank van eerste aanleg, zitting houdende te Leuven op **vrijdag 11 januari 2008**, waar zetelden :

mijnheer **L. W.**, alleenzetelend rechter;

mevrouw **M. R.**, adjunct-griffier.

**M. R.** **L. W.**
