Vervolging, geding, rechten en voorrechten schatkist · Belgische rechtspraak

Naar de tekst
Juriel

Rechtbank van eerste aanleg Gent 23 april 2013

Zoeken

Vervolging, geding, rechten en voorrechten schatkistBelasting over de toegevoegde waarde

https://juriel.be/nl/rechtspraak/vervolging-geding-rechten-voorrechten-schatkist-rechtbank-gent-2013-04-23-0a6f

Rechtscollege
Rechtbank van eerste aanleg
Zetel
Gent
Datum
23 april 2013

Over het document

Verzameling
Belgische rechtspraak
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

42 paragrafen

Fiche van de FOD Financiën

Vonnis van de Rechtbank van Eerste aanleg te Gent d.d. 23.04.2013

Samenvatting niet beschikbaar

Tekst van het vonnis

Tekst van de beslissing

RECHTBANK VAN EERSTE AANLEG TE GENT, ZESDE FISCALE KAMER - OPENBARE TERECHTZITTING VAN 23 APRIL 2013

Rolnummer AR 13/801/A

In de zaak van :

1. DE BELGISCHE STAAT, Federale Overheidsdienst Financiën, Wetstraat 12 te 1000 Brussel,

2. DE BELGISCHE STAAT, Federale Overheidsdienst Financiën, Algemene Administratie van de Fiscaliteit – Ondernemings- en Inkomensfiscaliteit, Controlecentrum Gent 1, met kantoren te 9050 Gent, Gaston Crommenlaan 6 bus 702,

eisers,

hebbende als raadsman Mter. E. V. A., met kantoor te …, …

tegen :

V. B. BVBA, gevestigd te …, …, met ondernemingsnummer …

verweerster,

hebbende als raadsman Mter. T. L. met kantoor te …, …

Vonnist de rechtbank als volgt :

1. De rechtspleging

De partijen werden gehoord in hun middelen op de openbare terechtzitting van 12 maart 2013 waarna het debat gesloten werd en de zaak in beraad genomen. Het dossier van de rechtspleging en de overtuigingsstukken werden ingezien in het bijzonder de geding inleidende dagvaarding d.d. 14 februari 2013.

2. De vordering

De eisers wensen het vonnis d.d. 15 oktober 2012 verleend door deze 6de kamer van de Rechtbank van Eerste aanleg te Gent, in de zaak BVBA V. B. tegen de Belgische Staat, BTW (AR nr. 11/1659/A) te laten verbeteren. In het dispositief van dit vonnis werd vermeld dat slechts een belasting over de toegevoegde waarde verschuldigd is van 35.568,72 EUR, terwijl dat 45.826,28 EUR moest zijn.

3. Beoordeling

De eisers lichten op een uitvoerige wijze uiteen dat een verkeerd bedrag was vermeld in hun syntheseconclusie, namelijk dat in de tabel op pagina 26 van deze conclusie, het bedrag van 35.568,72 EUR was vermeld in de plaats van 45.826,28 EUR.

Uit het nazicht van de dagvaarding blijkt dat het verzoek van de eisers gegrond is. Hoewel uit het overwegende gedeelte van het vonnis duidelijk blijkt dat de verweerster het totale bedrag van 45.826,28 EUR verschuldigd is aan de eisers, werd per vergissing in het beschikkend gedeelte van het vonnis het verkeerde bedrag van 35.568,72 EUR overgenomen.

3.2.

Ondanks deze duidelijke vergissing heeft de verweerster geweigerd zich te gedragen naar de werkelijke bedoeling van het vonnis, alsook geweigerd haar medewerking te verlenen aan een minnelijke vrijwillige verbetering van het vonnis. De verweerster is de in ongelijk gestelde partij. Om deze reden dient de verweerster te worden veroordeeld tot de kosten van het geding.

Beschikkend gedeelte

OP DEZE GRONDEN,

DE RECHTBANK,

Recht doende op tegenspraak.

Melding makende van het feit dat de bepalingen van artikel 2 en volgende van de wet van 15 juni 1935 op het gebruik der talen in gerechtszaken werden nageleefd.

Alle meeromvattende en strijdige conclusies verwerpend als niet terzake dienend.

Verbetert het volgende onderdeel van het beschikkend gedeelte van het vonnis van deze rechtbank en kamer d.d. 15 oktober 2012 met rolnummer 11/1659/A als volgt :

"Zegt voor recht dat op grond van het bestreden dwangbevel RCIV nr. …, uitgevaardigd op 23 november 2012, geviseerd en uitvoerbaar verklaard op 15 december 2012, een belasting over de toegevoegde waarde verschuldigd is van 45.826,28 EUR, en een proportionele geldboete van 6.730,00 EUR, meer de interesten conform artikel 91, § 1 W.BTW op de som van 45.820,00 EUR, vanaf 21 januari 2009;"

Zegt voor recht dat het vonnis van de zesde burgerlijke kamer d.d. 15 oktober 2012 voor de rest integraal wordt overgenomen.

Beveelt de kantmelding van het beschikkend gedeelte van deze beslissing in de rand van voornoemd vonnis met verbod enige uitgifte of afschrift uit te reiken zonder die melding.

Veroordeelt de verweerster tot de kosten van het geding.

Begroot deze kosten als volgt :

- aan de zijde van de eisers :

- dagvaardingskosten : 194,81 EUR;

- de geïndexeerde rechtsplegingsvergoeding : 1.210,00 EUR.

Aldus gewezen en uitgesproken in openbare terechtzitting door de zesde fiscale kamer van de rechtbank van eerste aanleg te Gent, op drieëntwintig april tweeduizend dertien, waar aanwezig waren :

De heer S. R., alleenrechtsprekend rechter, voorzitter van deze kamer,

Mevrouw G. L., griffier.

G. L. S. R.