---
title: "Verplichting tot voorlegging van boeken en documenten · Hof van beroep te Luik, 25 september 2015, 2013/RG/194"
description: "Verplichting tot voorlegging van boeken en documenten. Hof van beroep te Luik (België), 25 september 2015, 2013/RG/194."
url: "https://juriel.be/nl/rechtspraak/verplichting-voorlegging-boeken-documenten-onder-hof-van-beroep-luik-2015-09-25-5924"
lang: "nl"
---

Tekst in het Frans

# Verplichting tot voorlegging van boeken en documenten

**Rechtscollege**

Hof van beroep

**Zetel**

Luik

**Rolnummer**

2013/RG/194

**Datum**

25 september 2015

## Over het document

**Verzameling**

Belgische rechtspraak

**Taal van de tekst**

Frans

**Nederlandse versie**

niet door de FOD gepubliceerd

De tekst van dit document is in het Frans. De FOD publiceert er geen Nederlandse versie van.

## Tekst

61 paragrafen

### Fiche van de FOD Financiën

Arrest van het hof van beroep Luik dd. 25.09.2015 (2013/RG/194)

*Belasting over de toegevoegde waarde – Verplichting tot voorlegging van boeken en documenten – Boeken en documenten onder elektronische vorm – Niet verstrekken van inlichtingen*

*Belasting over de toegevoegde waarde – Niet proportionele boeten – Toetsingsrecht van de rechter – Motivatie en proportionaliteit*

*Belasting over de toegevoegde waarde – Niet proportionele boete – Uitstel*

## Wetgeving

[Art. 60](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-60), [61](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-61) et [63](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-63) en [70, § 4](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-70) WBTW

## Samenvatting

**1**. Het voeren van een geïnformatiseerde boekhouding mag niet leiden tot een verschil in behandeling van de belastingplichtige dan wanneer hij ertoe gehouden was een manuele boekhouding te voeren. Hij mag zich niet achter zijn softwareleverancier verschuilen om de nodige inlichtingen voor de controle niet te verstrekken. Ook kan hij zich niet beroepen op het bestaan van een meerkost die hem door de leverancier wordt aangerekend om de noodzakelijke gestructureerde informatie te kunnen verstrekken. Deze Staat moet deze meerkost geenszins dragen.

**2.** De boete is voorzien in [art. 70 §4 WBTW](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-70) en in de schalen van rubriek XVI van de bijlage van het Koninklijk Besluit Nr. 44 van het WBTW (in haar van toepassing zijnde versie ten tijde van de feiten). De boete werd gemotiveerd in het proces-verbaal

Het is duidelijk dat deze volledig wettelijke boete in verhouding is met tot de ernst van de inbreuk, zeker omdat op dat moment een controle nog steeds onmogelijk was, zeker daar de nodige inlichtingen nog steeds niet zijn verstrekt.

**3.** De voor de controle noodzakelijke inlichtingen en documenten zijn door de belastingplichtige - ondanks herhaaldelijke en gepreciseerde verwittigingen, zowel vóór als na het uitvaardigen van het dwangbevel met betrekking tot de boete– nog steeds niet verstrekt.

Gezien de ernst van de feiten in hoofde van de overtreder stelt het hof van beroep dat zij geen uitstel moet verlenen indien dit door de wet voorzien zou zijn.

## Opmerkingen

Krachtens [artikel 61, § 1, derde lid, WBTW](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-61) moeten de op informatiedragers geplaatste gegevens in een leesbare en verstaanbare vorm te inzage worden voorgelegd.

Welnu, in deze zaak wordt niet betwist of is het niet betwistbaar dat de belastingplichtige een aantal gedigitaliseerde gegevens verstrekt heeft aan de administratie, het is echter de leesbaarheid en de verstaanbaarheid van deze gegevens dat ter discussie staan.

Hieruit blijkt dat de belastingplichtige, op vraag van de ambtenaren, geen kopieën heeft gemaakt van alle of van een deel van de gegevens zoals voorgeschreven door de wet.

De belastingplichtige kan zich niet verschuilen achter de slechte wil van de leveranciers van zijn boekhoudingsoftware.

Volgens [art. 70, § 4, WBTW](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-70) kan de belastingplichtige, voor elke inbreuk op de verplichting tot indiening van periodieke aangifte, een boete op van 25 tot 2.500 EUR worden opgelegd. In onderhavig geval wordt overeenkomstig rubriek XVI van de bijlage van het Koninklijk Besluit nr. 44, de boete vastgelegd op 2.500 EUR. Deze boete is dus strikt volgens de geldende, wettelijke bepalingen in deze materie bepaald.

Tenslotte is het hier besproken arrest van het hof van beroep in overeenstemming met de rechtspraak van het Grondwettelijk Hof (Arrest nr. 13 /2013 van 21 februari 2013) dat bepaalt dat die vaststelling van ongrondwettigheid echter niet tot gevolg heeft dat die bepaling, in afwachting van een optreden van de wetgever, niet meer zou kunnen worden toegepast door de rechtsinstanties wanneer zij vaststellen dat de overtredingen vaststaan, dat het bedrag van de geldboete niet onevenredig is met de ernst van de overtreding en dat er geen reden zou zijn geweest om uitstel te verlenen zelfs indien de wet in die maatregel had voorzien.

**Volledige tekst**

***Het arrest wordt enkel gepubliceerd in de oorspronkelijke taal***

### Tekst van de beslissing

**Cour d'appel Liège, Arrêt de la NEUVIÈME chambre civile**

**dd. 25.09.2015**

**(2015/5914)**

**EN CAUSE DE:**

1\. **B. H. S.P.R.L.**, dont le siège social est établi à …, …, inscrite à la Banque Carrefour des Entreprises sous le numéro …, partie appelante, représentée par Maître **D. R.**, avocat à …, …

**CONTRE:**

1\. **ETAT BELGE. SPF FINANCES**, représenté par Monsieur l'Inspecteur principal Centre de contrôle de Huy, dont les bureaux sont établis à …, …, partie intimée, Vu les feuilles d'audiences des 26 juin 2015 et de ce jour

**APRÈS EN AVOIR DÉLIBÉRÉ:**

Vu l'arrêt rendu le 22 mai 2015, pour permettre à l'Etat de compléter son dossier en déposant des pièces complémentaires visées à ses conclusions mais ne figurant pas à son dossier;

Entendu la partie appelante en ses explications indiquant que les pièces dont l'absence était déplorée, figurait à son propre dossier ce dont la cour a pu se persuader;

Attendu que la cour peut dès lors statuer au fond;

Que la présente décision est fondée sur les éléments de fait et de droit développés ci-après:

Attendu que le premier juge a largement exposé au jugement querellé le déroulement des faits et de la procédure sous l'intitulé «faits et objet de l'action » ;

Que le litige se résume à la question de savoir si l'amende réclamée est justifiée au regard de l'[article 70 du code TVA](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-70) à défaut pour l'intimée d'avoir respecté les dispositions des articles [60](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-60) à [63](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-63) du code TVA ;

Qu'après examen de la cause la cour ne peut que se référer à la motivation judicieuse du premier juge qui a fait une juste application tant en fait qu'en droit des dispositions légales applicables en la matière;

Qu'il résulte du déroulement des contrôles multiples des 12 mars 2010 et 10 novembre 2011 narré par l'administration dans ses conclusions, de la lettre de rappel du centre de contrôle de Huy du 8 octobre 2011 et de l'exposé des faits repris de manière détaillée par le premier juge que les renseignements et documents nécessaires au contrôle n'ont pas été fournis par la redevable en dépit des demandes répétées et précises qui lui ont été adressées et cela tant avant qu'après que la contrainte relative à l'amende;

Que la cour constate que les données nécessaires au contrôle ne sont encore actuellement pas fournies;

Que le fait qu'il y ait eu un redressement limité tant au niveau IPP que de la TVA ne permet pas de conclure que toutes les données nécessaires au contrôle ont été effectivement communiquées;

Que seules des données partielles ont été remises à l'administration par le Sieur Lafosse (conclusions de l'Etat, p.7) le 7 février 2011 mais que ces informations étaient inexploitables pour un contrôle effectif (voir notamment les fichiers Factures et Notes: format des fichiers, structure de stockage des données contenues dans ceux-ci), même si elles fournissaient quelques indications comme le soulignait le Sieur Ghislain, conseiller informatique de la fiduciaire consultée qui avouait dans sa lettre du 25 février 2011 : «Nous ne sommes pas non plus parvenus à reconstituer ces fichiers de manière globale, nous avons justifiés par coups de sonde et à tâtons, l'exhaustivité des renseignements avec les pièces en notre possession ».... et pour les fichiers Dict... «cette structure n'est en effet pas facile à lire mais donne néanmoins quelques indications» ;

Qu'il résulte des constatations de l'administration que les fichiers transmis n'étaient pas exploitables (conclusions de l'Etat, p.9) ;

Que par exemple le fichier factures comportait apparemment 414.000 lignes reprenant chacune un peu moins de 160 champs différents en sorte que face à cette masse d'information ainsi présentée (66.240.000 rubriques d'information pour un seul fichier !) le contrôle se révèle impossible;

Que donc la présentation des comptes ne permet pas un contrôle approfondi de la situation fiscale de la redevable (absence de reconstitution de la structure des données contenues dans les fichiers) ;

Que seule une analyse sommaire a pu être réalisée par les services de contrôle et que le fait que ce contrôle sommaire ait abouti à un redressement limité ne peut empêcher un éventuel redressement ultérieur sur base d'un contrôle approfondi des opérations de comptabilisation;

Que les fichiers principaux permettant la reconstitution du chiffre d'affaires de l'appelante qui travaille dans le secteur Horeca et livre des boissons à ses clients, n'ont en définitive pu être relus ni par l'administration, ni par la fiduciaire;

Qu'il a donc été impossible de procéder à une analyse exhaustive des données;

Que le fait de recourir à une comptabilité informatisée ne peut avoir pour effet de mettre le contribuable dans une position différente de celle qu'il aurait eue s'il s'en était tenu à une comptabilité manuelle;

Que l'appelante ne peut se retrancher derrière son fournisseur de logiciels pour ne pas fournir les informations nécessaires au contrôle ou derrière l'existence d'un surcoût que celui-ci réclamerait pour fournir les informations structurées nécessaires, surcoût qui n'incombe nullement à l'Etat;

Qu'elle est seule responsable du choix de son fournisseur ;

Qu'en définitive l'appelante n'a pas respecté ses obligations légales définies aux articles [60](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-60) à [63](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-63) du code TVA comme l'a indiqué le premier juge et l'administration le répète dans ses conclusions ;

Attendu que l'amende est prévue par l'[article 70 § 4 du code TVA](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-70) et par la rubrique XVI de l'annexe à l'AR n° 44 du code TVA - tel qu'applicable à l'époque - qui en détermine l'échelle et qu'elle a été motivée dans le procès-verbal du 17 novembre 2010 (pièce n° 12 du dossier administratif) préalable à l'avis de paiement adressé à l'appelante et à la contrainte décernée le 31 mars 2011 (pièce n° 17 du dossier de l'appelante) ;

Qu'il n'apparaît pas que cette amende parfaitement légale soit disproportionnée à la gravité de l'infraction, d'autant qu'à l'heure actuelle encore le contrôle se révèle impossible puisque les informations ne sont toujours pas fournies;

Qu'il n'est pas établi dès lors qu'il y aurait lieu de faire application de la circulaire n° AAF /2002-1026 (AFF/19/2002 du 11 septembre 2002 vantée par l'appelante, dont elle ne démontre pas que les conditions d'application sont réunies en l'espèce et qui ,de toute manière, ne lie en rien la cour chargée de l'application les dispositions normatives applicables en la matière;

Que vu la gravité des manquements relevés dans le chef de l'appelante, la cour considère qu'elle n'aurait pas accordé le sursis si celui-ci était organisé par la loi;

### Beschikkend gedeelte

**PAR CES MOTIFS et ceux de l'arrêt du 22 mai 2015,**

Vu l'article 24 de la loi du 15 juin 1935,

**La cour**, statuant contradictoirement, arrête que :

1\. l'appel est recevable mais il n'est pas fondé.

2\. le jugement déféré est confirmé dans toutes ses dispositions.

3\. l'appelante supporte ses dépens d'appel et est condamnée aux dépens d'appel de l'intimé liquidés à zéro euro à défaut de l'intervention d'un avocat au profit de l'administration des finances.

Ainsi jugé et délibéré par la NEUVIÈME chambre de la cour d'appel de Liège, où siégeaient le président **J.-P. A.** et les conseillers **P. G.** et **I. D.** et prononcé en audience publique du 25 septembre 2015 par le président **J.-P. A.**, avec l'assistance du greffier **J. B.**.

## Aangehaalde teksten

4

[WBTW art. 70](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-70) 5 voorkomens

[WBTW art. 60](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-60) 3 voorkomens

[WBTW art. 63](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-63) 3 voorkomens

[WBTW art. 61](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-61) 2 voorkomens

## Vergelijkbare beslissingen

8

[Huisvisitatie, Domiciliefraude](https://juriel.be/nl/rechtspraak/huisvisitatie-domiciliefraude-visitatie-hof-van-beroep-gent-2025-02-04-030a) 4 gemeenschappelijke bepalingen

[Sekwester, domiciliefraude, huisvisitatie, dringende en voorlopige maatregelen](https://juriel.be/nl/rechtspraak/sekwester-domiciliefraude-huisvisitatie-dringende-voorlopige-rechtbank-gent-2024-10-02-1e0d) 4 gemeenschappelijke bepalingen

[Kunstmatige opsplitsing van handelingen, misbruik, tarief, splitsing van prestatie](https://juriel.be/nl/rechtspraak/kunstmatige-opsplitsing-handelingen-misbruik-tarief-hof-van-beroep-gent-2024-10-15-26d8) 4 gemeenschappelijke bepalingen

[Recht op toegang, fiscale visitatie, fishing-expeditie, fishing expedition](https://juriel.be/nl/rechtspraak/recht-toegang-fiscale-visitatie-fishing-hof-van-beroep-gent-2024-01-16-6acb) 4 gemeenschappelijke bepalingen

[Bedrijfsvisitatie, Zetel van economische activiteit, Postbusadres](https://juriel.be/nl/rechtspraak/bedrijfsvisitatie-zetel-economische-activiteit-postbusadres-hof-van-beroep-gent-2026-04-21-6d63) 4 gemeenschappelijke bepalingen

[Bewijsmiddelen en controlemaatregelen, voorleggen van boeken en bescheiden](https://juriel.be/nl/rechtspraak/bewijsmiddelen-controlemaatregelen-voorleggen-boeken-bescheiden-hof-van-beroep-gent-2015-01-13-000b) 4 gemeenschappelijke bepalingen

[Bewijskracht proces-verbaal, Verjaring, Rechten van de verdediging, Redelijke termijn](https://juriel.be/nl/rechtspraak/bewijskracht-proces-verbaal-verjaring-rechten-hof-van-beroep-gent-2014-01-21-2c28) 4 gemeenschappelijke bepalingen

[Verplichting tot kennisgeving, Toegang tot de lokalen, Bewaringsplicht](https://juriel.be/nl/rechtspraak/verplichting-kennisgeving-toegang-lokalen-bewaringsplicht-hof-van-beroep-luik-2016-03-15-5f13) 4 gemeenschappelijke bepalingen
