---
title: "F.12.0029.N · 27 maart 2015 · Verjaring, Verlengde termijn van 5 jaar · Hof van Cassatie van België"
description: "Verjaring, Verlengde termijn van 5 jaar, Vermoedens van belastingontduiking, Voorafgaande kennisgeving. Hof van Cassatie van België, 27 maart 2015, F.12.0029.N."
url: "https://juriel.be/nl/rechtspraak/verjaring-verlengde-termijn-jaar-vermoedens-cassatie-brussel-2015-03-27-b386"
lang: "nl"
fr: "https://juriel.be/fr/jurisprudence/prescription-delai-prolonge-cinq-ans-cassation-bruxelles-2015-03-27-0a1c"
---

# Verjaring, Verlengde termijn van 5 jaar, Vermoedens van belastingontduiking

**Rechtscollege**

Hof van Cassatie

**Rolnummer**

F.12.0029.N

**Datum**

27 maart 2015

## Over het document

**Verzameling**

Belgische rechtspraak

**Taal van de tekst**

Nederlands

**Strekking volgens de FOD**

gunstig voor de Belgische Staat

## Tekst

63 paragrafen

### Fiche van de FOD Financiën

Arrest van het Hof van Cassatie dd. 27.03.2015 (F.12.0029.N)

*Verjaring - Verlengde termijn van 5 jaar - Vermoedens van belastingontduiking - Voorafgaande kennisgeving - Tijdstip van verzending*

## Wettelijke bepalingen

Artt. 81bis, § 1, eerste en tweede lid (oud), en 84ter, W.Btw

## Samenvatting

Wanneer de administratie zich wenst te beroepen op de verlengde verjaringstermijn van vijf jaar, moet de in [artikel 84ter van het BTW-wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-84ter) bedoelde kennisgeving van de vermoedens van belastingontduiking slechts worden verricht voorafgaandelijk aan de vordering van de belasting in de aanvullende termijn van twee jaar.

Het verlopen van een relatief lange termijn alvorens de administratie overgaat tot de opstelling en toezending van het proces-verbaal houdt niet automatisch een miskenning van het recht van verdediging in; het staat aan de rechter daarover in feite te oordelen terwijl het Hof toetst of de rechter uit de gedane feitelijke vaststellingen wettig kon afleiden dat het recht van verdediging van de belastingplichtige al dan niet werd miskend door de verlopen termijn tussen de gedane vaststellingen, de correctieopgave en het opstellen van het proces-verbaal.

**Tekst van het arrest**

### Tekst van de beslissing

S. nv, met zetel te … , eiseres, vertegenwoordigd door mr. H.G., advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te … , waar de eiseres woonplaats kiest,

tegen

BELGISCHE STAAT, vertegenwoordigd door de minister van Financiën, met kabinet te 1000 Brussel, Wetstraat 12-14, voor wie optreedt de rekenplichtige eerstaanwezend inspecteur, hoofd van het Btw-ontvangkantoor te Brugge, met kantoor te 8000 Brugge, G. Vincke-Dujardinstraat 4, en de gewestelijk directeur van de administratie van de bijzondere belastinginspectie te Gent, met kantoor te 9050 Gent (Ledeberg), Gaston Crommenlaan 8, bus 801, verweerder, vertegenwoordigd door mr. A.B., advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te … , waar de verweerder woonplaats kiest.

## I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Gent van 19 april 2011.

Advocaat-generaal Dirk Thijs heeft op 4 november 2014 een schriftelijke conclusie neergelegd.

Raadsheer Koen Mestdagh heeft verslag uitgebracht.

Advocaat-generaal Dirk Thijs heeft geconcludeerd.

## II. CASSATIEMIDDELEN

De eiseres voert in haar verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, drie middelen aan.

## III. BESLISSING VAN HET HOF

*Beoordeling*

*Eerste middel*

1\. [Artikel 81bis, § 1, eerste lid, Btw-wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-81bis) bepaalt dat er verjaring is van de vordering tot voldoening van de belasting, van de interesten en van de administratieve geldboeten, na het verstrijken van het derde kalenderjaar volgend op dat waarin de oorzaak van de opeisbaarheid van die belasting, interesten en administratieve geldboeten zich heeft voorgedaan.

[Artikel 81bis, § 1, tweede lid, Btw-wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-81bis), zoals hier nog van toepassing, bepaalt dat in afwijking van het eerste lid er evenwel verjaring is na het verstrijken van het vijfde kalenderjaar volgend op dat waarin de oorzaak van opeisbaarheid van de belasting, van de interesten en van de administratieve geldboeten zich heeft voorgedaan, wanneer de overtreding bedoeld in de artikelen 70 of 71 begaan is met bedrieglijk opzet of met het oogmerk te schaden.

Krachtens [artikel 84ter Btw-wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-84ter), zoals hier van toepassing, moet de administratie bevoegd voor de btw, indien zij voornemens is de verjaringstermijn bepaald in artikel 81bis, § 1, tweede lid, toe te passen, op straffe van nietigheid van de rechtzetting, voorafgaandelijk aan de betrokkene schriftelijk en nauwkeurig kennis geven van de vermoedens van belastingontduiking die tegen hem bestaan in de betreffende periode.

2\. Uit de tekst van [artikel 84ter Btw-wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-84ter), de opname van deze bepaling in hoofdstuk XIV "Vervolgingen en gedingen, rechten en voorrechten van de schatkist" en uit de afwezigheid van de notie "onderzoekstermijn" in het btw-recht, volgt dat de administratie de kennisgeving van de vermoedens van belastingontduiking slechts dient te verrichten voorafgaandelijk aan de vordering van de be-lasting in de aanvullende termijn van twee jaar.

3\. Het middel dat aanvoert dat wanneer de administratie zich wenst te beroe-pen op de verlengde verjaringstermijn van vijf jaar, de in [artikel 84ter Btw-wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-84ter) bedoelde kennisgeving moet worden verricht vóór het opstellen van een regularisatieopgave, ook al wordt die regularisatieopgave verzonden binnen de verjaringstermijn van drie jaar, tenzij de feiten die als vermoeden van belasting-ontduiking worden aangezien de administratie op dat ogenblik nog niet bekend waren, berust op een onjuiste rechtsopvatting.

Het middel faalt naar recht.

*Tweede middel*

*Eerste onderdeel*

4\. Het arrest stelt vast en oordeelt dat:

\- er geen reden is waarom het toevertrouwen van de goederen aan B. niet als een consignatie zou te beschouwen zijn;

\- B. ten opzichte van de eiseres een derde is aan wie de edelstenen worden toevertrouwd met het oog op prospectie;

\- het kenmerkend is voor consignatie dat de eiseres het eigendomsrecht behield van de goederen die zij aan B. overhandigde en er geen eigendomsoverdracht plaatsgreep;

\- men er niet omheen kan dat de eiseres in haar stelling goederen op zicht toevertrouwde aan B.;

\- indien de eiseres goederen ter beschikking stelde van B., zij het met het oog op prospectie zoals de eiseres voorhoudt, zij overeenkomstig [artikel 7 van het KB nr. 1](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-1-december-betrekking-regeling-voldoening-belasting-c69c#ar1-art7) van 29 december 1992 consignatienota's had moeten opstellen.

5\. Met die redenen die impliceren dat B. in eigen naam en voor eigen rekening handelt en hij de eigendom van de hem toevertrouwde goederen pas verwerft op het ogenblik dat hij een koper heeft gevonden en beslist de goederen te kopen, stelt het arrest wettig vast dat er sprake is van consignatie.

Het onderdeel kan niet worden aangenomen.

Tweede onderdeel

6\. Anders dan het onderdeel aanvoert, volgt uit de redenen waarmee het arrest vaststelt dat er consignatienota's werden vernietigd, dat die vaststelling ook betrekking heeft op handelingen gesteld tijdens de gecontroleerde periode.

Het onderdeel dat berust op een onjuiste lezing van het arrest, mist feitelijke grondslag.

Derde middel

7\. Krachtens [artikel 59, § 1, Btw-wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-59), zoals hier van toepassing, kunnen de overtreding van de bepalingen van dit wetboek of van de ter uitvoering ervan gegeven regelen, alsmede feiten die de verschuldigdheid van de belasting of van een geldboete aantonen of ertoe bijdragen die aan te tonen, door de administratie worden bewezen volgens de regelen en door alle middelen van gemeen recht, ge-tuigen en vermoedens inbegrepen, doch uitgezonderd de eed, en daarenboven door de processen-verbaal van de ambtenaren van het Ministerie van Financiën, die bewijs opleveren zolang het tegendeel niet is bewezen.

8\. Het verlopen van een relatief lange termijn alvorens de administratie over-gaat tot de opstelling en toezending van het proces-verbaal houdt niet automatisch een miskenning van het recht van verdediging in.

Het staat aan de rechter daarover in feite te oordelen.

9\. Het arrest stelt vast en oordeelt dat:

\- de goederenvoorraad van de eiseres in aanwezigheid van haar afgevaardigde bestuurder en een bestuurster geïnventariseerd werd en zij daarover geen opmerkingen hebben geformuleerd;

\- de vertegenwoordigers van de eiseres bij de weging en inventarisatie hun medewerking hebben verleend en bovendien hebben bevestigd dat alles werd gewogen, wat zij maar konden bevestigen indien zij permanent de weging volgden;

\- de eiseres de gelegenheid kreeg al haar opmerkingen te laten gelden bij de weging zelf en trouwens via haar afgevaardigde bestuurder een nota aan de verbalisanten heeft overgemaakt met betrekking tot edelstenen die zich niet ter plaatse bevonden, wat er nog eens op wijst dat de vertegenwoordigers van de eiseres de weging nauwgezet hebben gevolgd;

\- al deze gegevens leiden tot het besluit dat de weging en de inventariscontrole op een tegensprekelijke wijze zijn gebeurd, met eerbiediging van de rechten van verdediging van de eiseres;

\- het proces-verbaal noodzakelijk werd opgesteld op basis van de door de verbalisanten genomen nota's en van de voorhanden zijnde stukken;

\- de eiseres door middel van de correctieopgave van 27 juli 2000 schriftelijk in kennis werd gesteld van de berekening van het tekort op basis van de tegensprekelijke weging en de voorhanden zijnde stukken;

\- de raadsman van de eiseres bij brief van 12 oktober 2000 opmerkingen heeft geformuleerd op de correctieopgave en de aangeklaagde fout niet meer terug te vinden is in het proces-verbaal van 1 oktober 2002;

\- het tekort in het proces-verbaal niet wordt berekend op basis van voor de eiseres nieuwe gegevens, maar wel op basis van de tegensprekelijke weging, stukken uit de boekhouding van de eiseres en door de eiseres zelf verstrekte gegevens;

\- vóór de opstelling van het proces-verbaal ook werd overgegaan tot opvraging van stukken bij de eiseres, dit ingevolge de opmerkingen geformuleerd in de brief van haar raadsman van 12 oktober 2000, en het proces-verbaal pas werd opgesteld nadat deze stukken door de raadsman van de eiseres werden bezorgd.

10\. Het arrest kon uit de vermelde omstandigheden wettig afleiden dat het recht van verdediging van de eiseres niet werd miskend door de verlopen termijn tussen de gedane vaststellingen, de correctieopgave en het opstellen van het proces-verbaal.

Het middel kan niet worden aangenomen.

### Beschikkend gedeelte

## Dictum

**Het Hof,**

Verwerpt het cassatieberoep.

Veroordeelt de eiseres tot de kosten.

Bepaalt de kosten voor de eiseres op 609,21 euro en voor de verweerder op 370,61 euro.

Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samengesteld uit … en in openbare rechtszitting van 27 maart 2015 uitgesproken door … , met bijstand van griffier …

Ondertekeningen

## Aangehaalde teksten

4

[WBTW art. 84ter](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-84ter) 4 voorkomens

[WBTW art. 81bis](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-81bis) 2 voorkomens

[KB nr. 1 art. 7](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-1-december-betrekking-regeling-voldoening-belasting-c69c) 1 voorkomen

[WBTW art. 59](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-59) 1 voorkomen

## Rechtspraak

8

### België

8

Grondwettelijk Hof 19.01.2017

#### [Vervolgingen en gedingen](https://juriel.be/nl/rechtspraak/vervolgingen-gedingen-verjaring-vordering-voldoening-grondwettelijk-hof-all-2017-01-19-840b)

Hof van Cassatie F.14.0113.N 26.11.2015

#### [Verjaring, Verlengde termijn van 5 jaar, Vermoedens van belastingontduiking](https://juriel.be/nl/rechtspraak/verjaring-verlengde-termijn-jaar-vermoedens-cassatie-brussel-2015-11-26-dd4b)

Hof van beroep te Brussel 28.06.2023

#### [Vermoeden van fraude, Zwijgrecht, Valse facturen](https://juriel.be/nl/rechtspraak/vermoeden-fraude-zwijgrecht-valse-facturen-hof-van-beroep-brussel-2023-06-28-77bf)

## Administratieve doctrine

2

[Fiches van de administratieve commentaar 1](https://juriel.be/nl/rechtspraak/verjaring-verlengde-termijn-jaar-vermoedens-cassatie-brussel-2015-03-27-b386/documenten?type=commentaar) [Omzendbrieven 1](https://juriel.be/nl/rechtspraak/verjaring-verlengde-termijn-jaar-vermoedens-cassatie-brussel-2015-03-27-b386/documenten?type=omzendbrieven)

[Bekijk de 10 documenten](https://juriel.be/nl/rechtspraak/verjaring-verlengde-termijn-jaar-vermoedens-cassatie-brussel-2015-03-27-b386/documenten)

## Vergelijkbare beslissingen

8

[Wedersamenstelling van het omzetcijfer](https://juriel.be/nl/rechtspraak/wedersamenstelling-omzetcijfer-bewijs-grond-feitelijke-rechtbank-luik-2022-03-01-1554) 3 gemeenschappelijke bepalingen

[Wedersamenstelling van het omzetcijfer, Zwarte leveringen](https://juriel.be/nl/rechtspraak/wedersamenstelling-omzetcijfer-zwarte-leveringen-kennisgeving-rechtbank-brussel-2023-09-28-325d) 3 gemeenschappelijke bepalingen

[Nietigheid dwangbevel, Openbare orde karakter van de belasting](https://juriel.be/nl/rechtspraak/nietigheid-dwangbevel-openbare-orde-karakter-hof-van-beroep-antwerpen-2021-10-05-474e) 3 gemeenschappelijke bepalingen

[Fiscale geldboete, Evenredigheid, Genaderecht, fiscale boete](https://juriel.be/nl/rechtspraak/fiscale-geldboete-evenredigheid-genaderecht-boete-cassatie-brussel-2023-03-24-7c10) 3 gemeenschappelijke bepalingen

[Gerechtelijk dossier, Fraude, Expertiseverslag, Computergegevens, Recht van verdediging, Omzetcijfer](https://juriel.be/nl/rechtspraak/gerechtelijk-dossier-fraude-expertiseverslag-computergegevens-rechtbank-luik-2020-02-03-dff9) 3 gemeenschappelijke bepalingen

[Onderzoekstermijnen, Bewijs, Opeenvolging van vermoedens, Wedersamenstelling van de omzet](https://juriel.be/nl/rechtspraak/onderzoekstermijnen-bewijs-opeenvolging-vermoedens-wedersamenstelling-rechtbank-2022-04-25-f84a) 3 gemeenschappelijke bepalingen

[Voorafgaande kennisgeving, bewijs van een dienst door de administratie](https://juriel.be/nl/rechtspraak/kennisgeving-bewijs-dienst-administratie-vermoeden-hof-van-beroep-brussel-2023-05-09-fc7d) 3 gemeenschappelijke bepalingen

[Wettelijk vermoeden, Uitstel, Bedrieglijk opzet, frauduleuze intentie](https://juriel.be/nl/rechtspraak/marge-wettelijk-vermoeden-uitstel-bedrieglijk-rechtbank-namen-2025-09-24-441e) 3 gemeenschappelijke bepalingen
