---
title: "Valse facturen, valse factuur · Rechtbank van eerste aanleg, 1 juni 2026, 24/4832/A"
description: "Valse facturen, valse factuur. Rechtbank van eerste aanleg (België), 1 juni 2026, 24/4832/A."
url: "https://juriel.be/nl/rechtspraak/valse-facturen-factuur-rechtbank-2026-06-01-1c2a"
lang: "nl"
---

# Valse facturen, valse factuur

**Rechtscollege**

Rechtbank van eerste aanleg

**Rolnummer**

24/4832/A

**Datum**

1 juni 2026

## Over het document

**Verzameling**

Belgische rechtspraak

**Taal van de tekst**

Nederlands

**Strekking volgens de FOD**

gunstig voor de Belgische Staat

## Tekst

138 paragrafen

### Fiche van de FOD Financiën

Vonnis van de rechtbank van eerste aanleg te Antwerpen d.d. 01.06.2026 (24/4832/A)

FIN 54957604/01

*Valse facturen*

## Samenvatting

Niet beschikbaar

**Volledige tekst**

***Enkel beschikbaar in de taal van het vonnis.***

### Tekst van de beslissing

**Rechtbank van eerste aanleg te Antwerpen**

**Afdeling Antwerpen**

**Kamer AFi1 – Sectie burgerlijke rechtbank**

**Vonnis**

**01.06.2026**

**24/4832/A**

Inzake:

**Cie1**,

met maatschappelijke zetel voorheen te ..., thans te ..., (cfr. Kruispuntbank van Ondernemingen), KBO: ...,

*eiseres*

\- waarvoor niemand verschijnt,

**TEGEN:**

**DE BELGISCHE STAAT,**

Federale Overheidsdienst Financiën, Algemene Administratie van de Bijzondere Belastinginspectie (AABBI), vertegenwoordigd door de Adviseur-generaal, van de 5de Directie BBI, Cel Geschillen, met kantoren gevestigd te 9050 LEDEBERG (GENT), Gaston Crommenlaan 6 bus 805, KBO: ...,

*verweerder*

\- vertegenwoordigd ter zitting door mevrouw D.C., in hoedanigheid van rijksambtenaar voor de Federale Overheidsdienst Financiën.

Gezien de stukken in het dossier der rechtspleging, onder meer:

•het verzoekschrift toegekomen ter griffie op 6 december 2024, ingeschreven ter griffie op 9 december 2024;

•de beschikking gewezen overeenkomstig artikel 747, §1, Ger. W. op 17 januari 2025, waarbij de conclusietermijnen en de rechtsdag werden bepaald;

•de besluiten van partijen.

Gelet op de wet van 15 juni 1935 op het gebruik van talen in gerechtszaken.

Gehoord verwerende partij in zijn middelen en gezegden, op 4 mei 2026.

Voor eisende partij, alhoewel behoorlijk opgeroepen conform artikel 747§1 Ger.W. is niemand verschenen.

## 1. Feiten en procedurele voorgaanden

Voorwerp van de betwisting is de btw- opgenomen in het innings- en invorderingsregister van 8 mei 2023 en uitvoerbaar verklaard op 12 mei 2023 (stuk 2 verweerder).

Eiseres leverde poetsdiensten aan bedrijven.

Naast eigen personeel, zou eiseres beroep hebben gedaan op onderaannemers.

In de gecontroleerde periode, 1 januari 2020 tot en met 31 januari 2022, werden de volgende onderaannemers opgenomen in de boekhouding van eiseres voor de volgende bedragen:

|  | Naam | bedrag |
| --- | --- | --- |
| 1 | M.S. | 24.100,00 |

|  | Naam | bedrag |
| --- | --- | --- |
| 2 | T.T. | 75.600,00 |
| 3 | W.R. | 151.200,00 |
| 4 | A.C. | 275.400,00 |
| 5 | M.G. | 237.600,00 |
| 6 | M.C. | 108.000,00 |
| 7 | M.M. | 263.180,00 |
| 8 | S.R. | 793.655,16 |
| 9 | R.T. | 162.810,00 |
| 10 | K.C. | 162.000,00 |
| 11 | N.C. | 75.600,00 |
| 12 | A.G. | 64.914,75 |
|  |  | 2.394.059,91 |

Eiseres was het voorwerp van een btw‑controle die op 15 september 2022 plaatsvond op het adres van het boekhoudkantoor.

De controle-ambtenaren werden ontvangen en te woord gestaan door de boekhoudster van eiseres, mevrouw G.A. en door de bestuurder van eiseres, F.Y..

F.Y. was reeds bestuurder geweest voor de periode van 15 februari 2018 t.e.m. 25 maart 2019 en werd opnieuw aangesteld op 25 juli 2022.

F.Y. werd geconfronteerd met de facturen van de onderaannemers en bevestigde geen enkele te kennen.

Op 28 maart 2023 werd een proces‑verbaal van taxatie opgesteld (stuk 1 verweerder).

Daarin werd vastgesteld dat bijna alle onderaannemers van eiseres, ondernemingen zijn die betrokken zijn in ernstige fiscale fraude en/of totaal in gebreke zijn op fiscaal vlak.

Meerdere onderaannemers vertonen hierbij de volgende kenmerken:

•Meestal hebben ze geen personeelsleden en geen enkele onderneming had gekende Belgische onderaannemers (behoudens enkele zeer beperkte uitzonderingen) zodat het niet duidelijk is wie de gefactureerde diensten heeft verricht;

•De facturen aan eiseres werden ofwel niet, ofwel deels aangegeven door de betrokken aannemer;

•Van alle ondernemingen werd het btw-nummer van ambtswege stopgezet. Alle btw-nummers waren slechts een zeer korte periode geldig, van hooguit enkele maanden tot maximaal anderhalf jaar;

•In de korte periode van de geldigheid van het btw-nummer, werd er meestal meteen een miljoenenomzet aangegeven, die dan abrupt weer stopt;

•De meerderheid van de officiële bestuurders zijn van Portugese nationaliteit en relatief jong. Ze waren nog maar zeer recent in België, maar werden ondertussen reeds afgevoerd.

De facturen van de onderaannemers werden in detail onderzocht (zie proces‑verbaal, pagina 5‑26), waarbij ondermeer vastgesteld werd dat de opmaak en de bewoordingen van de facturen op naam van de verschillende onderaannemers bijzonder gelijkaardig is en de omschrijvingen zeer vaag.

Dit contrasteerde met de eigen gedetailleerde facturen uitgaande van eiseres.

Uit dit alles werd geconcludeerd dat de voorgelegde facturen vals of fictief zijn.

De voorgelegde aannemingsovereenkomsten, waarvan niet kon worden nagegaan wanneer ze werden opgesteld, betroffen volgens de taxatie-agent allen standaardovereenkomsten, die niet dienstig waren bij de beoordeling van het (beweerd) reëel karakter van de geleverde prestaties.

Uit de vaststellingen opgenomen in het proces‑verbaal van taxatie werd bovendien de conclusie getrokken dat eiseres betrokken was in fiscale fraude waarbij misbruik werd gemaakt van valse/fictieve facturen, waarbij er geen twijfel over kan bestaan dat eiseres wist, minstens moest hebben geweten dat ze betrokken was in fiscale fraude.

Op basis van dit proces‑verbaal is eiseres btw verschuldigd van 502.752,58 euro, te vermeerderen met de wettelijke interesten; en een boete van 200 % conform artikel 70, §1 W.BTW.

Namens eiseres werd een administratief beroep ingediend (stuk 6 A).

Dit beroep werd afgewezen (stuk 6 B).

Bij verzoekschrift neergelegd ter griffie op 6 december 2024 stelde eiseres een vordering in rechte in.

## 2. Vorderingen van partijen

Eiseres verzoekt de rechtbank:

### In hoofdorde:

•de vorderingen van eiseres ontvankelijk en gegrond te verklaren;

•dienvolgens het proces‑verbaal lastens eiseres opgesteld op 28 maart 2023, met betrekking tot de periode van 1 januari 2020 tot en met 31 januari 2022, door de heer L.V., attaché bij de Federale Overheidsdienst Financiën, Algemene Administratie van de Bijzondere Belastinginspectie, Directie Antwerpen, Inspectie Antwerpen 5, geheel te vernietigen dan wel van onwaarde te verklaren;

•dienvolgens de inschrijving in het innings- en invorderingsregister met schuldnummer 500268618234 en met registernummer 202305NL007 met datum van opmaak d.d. 8 mei 2023 en uitvoerbaar verklaard lastens eiseres d.d. 12 mei 2023 geheel te vernietigen, dan wel van onwaarde te verklaren;

•dienvolgens te horen zeggen voor recht dat eiseres de middels voormelde proces‑verbaal gevorderde bedragen die zijn opgenomen in het innings- en invorderingsregister lastens eiseres niet verschuldigd is en verweerder te horen veroordelen om alle ten onrechte ingehouden en/of alle ten onrechte op de bestreden vorderingen aangerekende bedragen aan eiseres integraal terug te betalen.

### In ondergeschikte orde:

•minstens de geldboete van 200% te vernietigen, minstens substantieel te verminderen, dan wel met uitstel op te leggen, of vast te stellen dat de voorwaarden van uitstel zijn voldaan en de sanctie disproportioneel is met de vooropgestelde inbreuk waardoor de geldboete ontheven moet worden.

### In elk geval:

•eiseres te ontslaan van betaling van de in de proces‑verbaal gevorderde bedragen die zijn opgenomen in de innings- en invorderingsregister lastens eiseres en verweerder te horen veroordelen tot integrale terugbetaling van alle bedragen die ten onrechte werden betaald of ingehouden en toegerekend op de sommen vermeld in de processen-verbaal en opgenomen in het innings- en invorderingsregister waarvan thans de vernietiging wordt gevorderd, en dit vermeerderd met moratoire interesten overeenkomstig artikel 91 W.BTW.;

•verweerder te veroordelen tot de kosten van het geding, inclusief de rechtsplegingsvergoeding, dewelke wordt begroot op 23.546,51 euro en inclusief de verplichte bijdrage aan het Fonds voor de Juridische Tweedelijnsbijstand van 24 euro.

Verweerder verzoekt de vordering van eiseres ontvankelijk, doch ongegrond te verklaren, en eiseres te veroordelen tot de kosten van het geding.

## 3. Vordering van eiseres is ontvankelijk

De ontvankelijkheid van de vordering van eiseres wordt door verweerder niet betwist en er zijn geen ambtshalve door de rechtbank in te roepen middelen.

## 4. Beoordeling

Op grond van [artikel 45 van het Btw‑Wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-45) is het aan de belastingplichtige die het recht op aftrek uitoefent om de aard en de echtheid van de geleverde diensten te bewijzen. Dit bewijs moet geleverd worden door een geheel van documenten en elementen die op ondubbelzinnige wijze het bestaan en de echtheid van de bewuste transactie aantonen. Het loutere bezit van de factuur toont niet aan dat de wettelijke voorwaarden voor het recht op aftrek zijn vervuld.

Uit het voorgelegd proces‑verbaal van taxatie blijkt duidelijk dat op basis van de hierin ogenomen vaststellingen, die niet worden weerlegd door eiseres (eiseres geeft geen enkele onderbouwing van de facturen), dat de betwiste facturen voor de periode 1 januari 2020 tot en met 31 januari 2022 zoals opgenomen in de boekhouding van eiseres, niet beantwoorden aan reële prestaties en bijgevolg fictief zijn.

Eiseres kan niet worden gevolgd in haar argumentatie dat het onderzoek van de fiscale administratie enkel gebaseerd is op een fiscale controle bij het accountantskantoor van eiseres.

De vaststelling dat eiseres beroep deed op andere onderaannemers, waarvan de facturen, niet werden betwist door de belastingadministratie, heeft geen enkele relevantie anders dan eiseres voorhoudt.

De rechtbank stelt vast dat de voorgelegde overeenkomsten met enkele onderaannemers (zie stuk 7 verweerder), allen standaardovereenkomsten betreffen, waarvan bovendien niet kan worden nagegaan wanneer ze werden opgesteld en, of deze overeenkomsten effectief werden ondertekend door de bestuurder van de onderaannemer.

Deze overeenkomsten komen bijgevolg niet in aanmerking als bewijskrachtige stukken.

Nu eiseres niet aantoont dat de facturen beantwoorden aan werkelijke prestaties, bracht zij de btw op deze facturen dan ook ten onrechte in aftrek.

Bovendien is de rechtbank van oordeel dat gelet op geheel van de door verweerder gedane vaststellingen voornoemd, eiseres gedurende verschillende jaren op een frauduleuze wijze van een onrechtmatige aftrek van de btw heeft genoten.

De rechtbank acht de toepassing van de geldboete van 1.005.505,16 euro, zijnde 200% van 502.752,58 euro, rekening houdende met de concrete omstandigheden in huidige zaak, gerechtvaardigd en evenredig met de begane inbreuken.

Het fictieve karakter van de facturen wordt weliswaar betwist door eiseres, doch door eiseres wordt geen enkel onderliggend/onderbouwd stuk voorgelegd dat de waarachtigheid van de beweerd geleverde prestaties met betrekking tot de betwiste facturen aantoont. Bovendien gaat het niet om één factuur maar om een resem van facturen voor hoge bedragen, verspreid over twee jaren, waarbij meerdere (ook malafide) leveranciers werden betrokken.

Van een principiële betwisting is geen sprake.

De rechtbank ziet in deze dan ook geen redenen om de boete te verminderen of uitstel te verlenen mocht de wet in een dergelijke mogelijkheid hebben voorzien.

De vordering van eiseres is ongegrond.

## 5. Kosten van het geding

Eiseres dient als de in het ongelijk gestelde partij veroordeeld te worden tot de kosten van het geding.

Aangezien verweerder niet wordt vertegenwoordigd of wordt bijgestaan door een raadsman, is er geen rechtsplegingsvergoeding verschuldigd.

### Beschikkend gedeelte

## OM DEZE REDENEN

**DE RECHTBANK**

Rechtdoende op tegenspraak.

Alle andere en strijdige conclusies verwerpend.

Verklaart de vordering van eiseres ontvankelijk doch ongegrond.

Veroordeelt eiseres tot de kosten van het geding, in hoofde van de Belgische Staat niet begroot en welke door de rechtbank vereffend worden op 0,00 euro.

Dit vonnis werd uitgesproken op **één juni tweeduizend zesentwintig** in openbare zitting van de Kamer AFi1, die samengesteld was uit:

J. Vanden branden, rechter

C. Lemmens, griffier

## Aangehaalde teksten

1

[WBTW art. 45](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-45) 1 voorkomen

## Vergelijkbare beslissingen

8

[Recht op aftrek, Herziening recht op aftrek](https://juriel.be/nl/rechtspraak/recht-aftrek-herziening-uitoefening-beroepswerkzaamheid-hof-van-beroep-antwerpen-2021-02-0056) 1 gemeenschappelijke bepalingen

[Recht op aftrek, Vaste termijn, Verjaringstermijn, Vordering tot teruggaaf](https://juriel.be/nl/rechtspraak/recht-aftrek-vaste-termijn-verjaringstermijn-rechtbank-luik-2022-04-25-02bf) 1 gemeenschappelijke bepalingen

[Recht op aftrek, Aanwending voor de beroepsactiviteit, Bewijslast](https://juriel.be/nl/rechtspraak/recht-aftrek-aanwending-beroepsactiviteit-bewijslast-hof-van-beroep-luik-2021-01-18-0480) 1 gemeenschappelijke bepalingen

[Recht op aftrek, Facturen van onderaannemers, Verplichte vermeldingen](https://juriel.be/nl/rechtspraak/recht-aftrek-facturen-onderaannemers-verplichte-rechtbank-bergen-2019-04-09-0896) 1 gemeenschappelijke bepalingen

[Recht op aftrek, Percentage van het beroepsmatig gebruik](https://juriel.be/nl/rechtspraak/recht-aftrek-percentage-beroepsmatig-gebruik-hof-van-beroep-bergen-2023-05-31-09c2) 1 gemeenschappelijke bepalingen

[Recht op aftrek, Materiële voorwaarde](https://juriel.be/nl/rechtspraak/recht-aftrek-materiele-voorwaarde-btw-cassatie-brussel-2021-01-29-0dbd) 1 gemeenschappelijke bepalingen

[Teruggaaf, ongerechtvaardigde verrijking, teveel afgedragen btw, teruggave, aangerekende Btw](https://juriel.be/nl/rechtspraak/teruggaaf-ongerechtvaardigde-verrijking-teveel-afgedragen-hof-van-beroep-gent-2023-01-17-13de) 1 gemeenschappelijke bepalingen

[Recht op aftrek, Verhoudingsgetal, Financiële handelingen](https://juriel.be/nl/rechtspraak/recht-aftrek-verhoudingsgetal-financiele-handelingen-rechtbank-hasselt-2021-02-04-167c) 1 gemeenschappelijke bepalingen
