---
title: "F.17.0120.F · 17 januari 2019 · Tarieven, Verlaagd tarief · Hof van Cassatie van België"
description: "Tarieven, Verlaagd tarief, Werken in onroerende staat, Bubbelbaden, Massagebaden, Fiscale geldboeten. Hof van Cassatie van België, 17 januari 2019, F.17.0120.F."
url: "https://juriel.be/nl/rechtspraak/tarieven-verlaagd-tarief-werken-in-cassatie-brussel-2019-01-17-81d6"
lang: "nl"
fr: "https://juriel.be/fr/jurisprudence/taux-reduit-travaux-immobiliers-spas-cassation-bruxelles-2019-01-17-f354"
---

# Tarieven, Verlaagd tarief, Werken in onroerende staat, Bubbelbaden, Massagebaden

**Rechtscollege**

Hof van Cassatie

**Zetel**

Brussel

**Rolnummer**

F.17.0120.F

**Datum**

17 januari 2019

## Procesverloop

2 stappen · 1 jaar 9 maanden

1. [Bestreden beslissing Hof van beroep te Luik 21.03.2017](https://juriel.be/nl/rechtspraak/tarieven-verlaagd-tarief-werken-in-hof-van-beroep-luik-2017-03-21-a4db)
2. Weergegeven beslissing Hof van Cassatie van België 17.01.2019

## Over het document

**Verzameling**

Belgische rechtspraak

**Taal van de tekst**

Nederlands

**Strekking volgens de FOD**

gunstig voor de Belgische Staat

## Tekst

65 paragrafen

### Fiche van de FOD Financiën

Arrest van het Hof van Cassatie d.d. 17.01.2019 (F.17.0120.F)

WF 704-15-14/001167

\[Gunstig voor de administratie\]

*Belasting over de toegevoegde waarde - Tarieven – Verlaagd tarief – Werken in onroerende staat – spa – Bubbelbaden – Massagebaden – Fiscale geldboeten - Ontwettigheid*

## Wettelijke bepalingen

[Artikel 98 van richtlijn 2006/112/EU](https://juriel.be/nl/unierecht/btw-richtlijn-2006-112/artikel-98) van de Raad van 28 november 2006 betreffende het gemeenschappelijke stelsel van belasting over de toegevoegde waarde

[Artikel 70, lid 1, WBTW](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-70)

Artikel 1 en rubriek XXXI van tabel A van de bijlagen bij het Koninklijk besluit nr. 20 van 20 juli 1970 tot vaststelling van de tarieven van de belasting over de toegevoegde waarde en tot indeling van de goederen en de diensten bij die tarieven.

Beslissingen nr. E.T. nr. 94.492 van 18 juni 1999 en nr. E.T. 113 .109 van 4 september 2009 die voorzien in een administratieve toegeving inzake tarieven.

## Samenvatting

## I.Voorafgaande feiten

Het geschil werd reeds uiteengezet bij de samenvatting van het bestreden arrest (Luik, 21 maart 2017, 2015/RG/1503, Fisconetplus). Het wordt hierna opnieuw weergegeven.

Appelante is een btw-belastingplichtige voor zijn activiteit die bestaat uit de verkoop en plaatsing van zwembaden, spa’s, sauna’s, en infrarood cabines.

De beslissing nr. ET 94.492 van 18 juni 1999 (Btw-revue, mei juni 2000, nr. 145, p. 15, nr. 1086) stelt bubbelbaden en massagebaden, onder strikte voorwaarden gelijk met de sanitaire installaties zoals bedoeld in rubriek XXXI van tabel A van de bijlage bij het koninklijk besluit nr. 20 inzake btw-tarieven, zodat de levering en plaatsing ervan eveneens kan genieten van het verlaagd tarief van 6%.

Ingevolge een controle, heeft de administratie vastgesteld dat verkoopfacturen voor de levering en plaatsing (zonder de aansluiting van de elektrische voorzieningen) van spa’s niet voldeden aan de wettelijke voorwaarden om te kunnen genieten van het verlaagd btw-tarief van 6%.

Volgens de administratie mochten deze handelingen niet beschouwd worden als werk in onroerende staat omdat het niet gaat om de levering met plaatsing van de bestanddelen of een gedeelte van de bestanddelen van een sanitaire installatie van een gebouw en, meer algemeen, van al de vaste toestellen voor sanitair of hygiënisch gebruik aangesloten op een waterleiding of een riool. Meer nog, het betreft verplaatsbare spa’s en het merendeel werd niet geplaatst in een badkamer. Derhalve waren de toepassingsvoorwaarden van de administratieve toepassing voorzien in de voornoemde beslissing ET. Nr. 94.492 van 18 juni 1999 niet vervuld.

## II.Bestreden arrest

Het bestreden arrest is het arrest van het hof van beroep te luik van 21 maart 2017, (2015/RG/150, Fisconetplus).

In dat arrest benadrukt het hof van beroep te Luik dat rubriek XXXI, § 4, 2° van tabel A van de bijlagen bij het koninklijk besluit nr. 20 het werk in onroerende staat en andere onroerende handelingen die tot voorwerp hebben de bestanddelen of een gedeelte van de bestanddelen van zwembaden, sauna's, midget-golfbanen, tennisterreinen en dergelijke installaties van de toepassing van het verlaagd tarief van 6% uitsluit.

Zij is van mening dat spa’s en bubbelbaden, in principe, rechtsreeks bedoeld worden met deze uitsluiting, dus door te voorzien in een niet-limitatieve lijst van installaties bedoeld in de uitsluiting van het verlaagd tarief, door de invoeging van de begrippen “ en dergelijke installaties” in de tekst van rubriek XXXI, § 4, 2°, heeft de wetgever, noodzakelijk en vrijwillig andere installaties van dezelfde aard bedoeld.

Het hof van beroep bevestigt dat de administratieve beslissing nr. E.T. 94.492 van 18 juni 1999 die, weliswaar indicatief, de levering met aanhechting aan een woning, in een badkamer, van een massage- of bubbelbad met een inhoud van maximum 1000 liter onderwerpt aan het tarief van 6%, niet in strijd is met de wettekst.

Het hof van beroep voegt er aan toe dat, in ieder geval, de belastingplichtige die het bewijs moet leveren, niet aantoont dat de spa’s aangehecht werden aan het gebouw en aangesloten werden op de waterleiding of een riool: de betwiste facturen bevatten geen vermelding van prestaties die wijzen op een dergelijke aansluiting (behalve elektrische aansluiting).

## III.Arrest van het Hof van Cassatie

1.Volgens eiseres, schendt het bestreden arrest de artikelen 1349 en 1353 van het Burgerlijk Wetboek. Er bestonden namelijk geen ernstige, nauwkeurige en overeenstemmende vermoedens waaruit afgeleid kan worden dat de vermelding van het begrip “Plaatsing (behalve elektrische aansluiting)” op verschillende facturen dat ook de aansluiting op een waterkraan of een waterafvoer is uitgesloten.

Het Hof van Cassatie herinnert eraan dat vermoedens een manier zijn om bewijs te leveren van een onbekend feit. De artikelen 1349 tot 1353 van het Burgerlijk Wetboek, die dit bewijs regelen,

Zijn vreemd aan de bewijskracht van de stukken die voorgelegd worden aan de rechter.

2.Eiseres betoogde voor het eerst in de beroepsconclusies dat indien het hof de boete integraal behield, het arrest niet in overeenstemming zou zijn met de arresten van het grondwettelijk Hof, zonder vermelding van de onwettigheid die werd begaan.

Het Hof van Cassatie beslist dat het hof van beroep niet verplicht was te antwoorden om op een dergelijke bewering die, gezien ze algemeen en onnauwkeurig was, niet kon worden weerlegd.

Verband met het voorgaand arrest: [Liège, 21 mars 2017, 2015/RG/1503](https://juriel.be/nl/rechtspraak/tarieven-verlaagd-tarief-werken-in-hof-van-beroep-luik-2017-03-21-a4db)

**Tekst van het arrest**

### Tekst van de beslissing

Arrêt de la Cour de cassation du 17.01.2019 (F.17.0120.F)

N° F.17.0120.F

**H.N.R, société anonyme**, dont le siège social est établi à …, demanderesse en cassation, ayant pour conseil Maître …, avocat au barreau de…, où il est fait élection de domicile,

**contre**

**ÉTAT BELGE**, représenté par le ministre des Finances, dont le cabinet est établi à Bruxelles, rue de la Loi, 12, défendeur en cassation, représenté par Maître … avocat à la Cour de cassation, dont le cabinet est établi à …, où il est fait élection de domicile.

## I.La procédure devant la Cour

Le pourvoi en cassation est dirigé contre l'arrêt rendu le 21 mars 2017 par la cour d'appel de Liège.

Le conseiller Michel Lemal a fait rapport.

Le premier avocat général André Henkes a conclu.

## Il.Les moyens de cassation

Dans la requête en cassation, jointe au présent arrêt en copie certifiée conforme, la demanderesse présente deux moyens.

## III.La décision de la Cour Sur le premier moyen :

## *Quant à la première branche :*

En considérant qu'« en tout état de cause, \[la demanderesse\], à qui incombe la charge de la preuve, ne démontre pas que les spas auraient été 'fixés au bâtiment et branchés sur une conduite d'eau ou d'égout' ; que le libellé des factures litigieuses ne mentionne en effet aucune prestation effective relative à un tel raccordement (hors raccordement électrique)», l'arrêt répond, en leur opposant le contenu des factures litigieuses, aux conclusions de la demanderesse faisant valoir que le dossier photographique et les attestations de clients qu'elle produisait établissaient un tel raccordement.

Le moyen, en cette branche, manque en fait.

## *Quant à la deuxième branche :*

Les présomptions constituent un mode de preuve d'un fait inconnu.

Les articles 1349 à 1353 du Code civil, qui règlent ce mode de preuve, sont étrangers à l'appréciation de la valeur probante des pièces soumises au juge.

Le moyen, en cette branche, est irrecevable.

## *Quant à la troisième branche :*

L'arrêt considère qu'« en tout état de cause, \[la demanderesse\], à qui incombe la charge de la preuve, ne démontre pas que les spas auraient été 'fixés au bâtiment et branchés sur une conduite d'eau ou d'égout' ».

Cette considération, vainement critiquée par la deuxième branche du moyen, suffit à fonder la décision de l'arrêt que le taux de 6 p.c. de taxe sur la valeur ajoutée ne peut être appliqué sur les fournitures litigieuses.

Dirigé contre des considérations surabondantes, le moyen, qui, en cette branche, ne saurait entraîner la cassation, est dénué d'intérêt, partant, irrecevable.

## *Sur le second moyen :*

Dans ses conclusions, la demanderesse s'est bornée à affirmer qu'« en tout état de cause, si la juridiction maintenait intégralement l'amende, la décision

rendue ne serait alors pas conforme aux arrêts de la Cour constitutionnelle », sans indiquer l'illégalité ainsi dénoncée.

L'arrêt n'était pas tenu de répondre à cette affirmation qui, en raison de son caractère général et imprécis, n'était pas susceptible d'être réfutée.

Le moyen ne peut être accueilli.

### Beschikkend gedeelte

**Par ces motifs,**

**La Cour**

Rejette le pourvoi;

Condamne la demanderesse aux dépens.

Les dépens taxés à la somme de cent nonante-sept euros trente et un centimes envers la partie demanderesse, y compris la somme de vingt euros au profit du Fonds budgétaire relatif à l'aide juridique de deuxième ligne.

Ainsi jugé par la Cour de cassation, première chambre, à Bruxelles, où siégeaient le président de section …

Signatures

## Aangehaalde teksten

2

[WBTW art. 70](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-70) 2 voorkomens

[btw-richtlijn 2006/112 art. 98](https://juriel.be/nl/unierecht/btw-richtlijn-2006-112/artikel-98) 2 voorkomens

## Vergelijkbare beslissingen

8

[Tarieven, zuurstofconcentratoren, Beginsel van fiscale neutraliteit](https://juriel.be/nl/rechtspraak/tarieven-zuurstofconcentratoren-beginsel-fiscale-neutraliteit-hof-van-beroep-luik-2018-11-14-960c) 2 gemeenschappelijke bepalingen

[Tarieven, Verlaagd tarief, Werken in onroerende staat, Bubbelbaden, Massagebaden](https://juriel.be/nl/rechtspraak/tarieven-verlaagd-tarief-werken-in-hof-van-beroep-luik-2017-03-21-a4db) 2 gemeenschappelijke bepalingen

[Creditnota, Overeenkomst tussen partijen, Neutraliteit, Fiscale geldboete](https://juriel.be/nl/rechtspraak/creditnota-overeenkomst-tussen-partijen-neutraliteit-rechtbank-namen-2022-09-22-0018) 1 gemeenschappelijke bepalingen

[Recht op aftrek, Herziening recht op aftrek](https://juriel.be/nl/rechtspraak/recht-aftrek-herziening-uitoefening-beroepswerkzaamheid-hof-van-beroep-antwerpen-2021-02-0056) 1 gemeenschappelijke bepalingen

[Recht op aftrek, Aanwending voor de beroepsactiviteit, Bewijslast](https://juriel.be/nl/rechtspraak/recht-aftrek-aanwending-beroepsactiviteit-bewijslast-hof-van-beroep-luik-2021-01-18-0480) 1 gemeenschappelijke bepalingen

[Geldboeten, Kwijtschelding van geldboeten, Laattijdige indiening van de btw-aangifte](https://juriel.be/nl/rechtspraak/geldboeten-kwijtschelding-laattijdige-indiening-btw-rechtbank-bergen-2022-02-24-058e) 1 gemeenschappelijke bepalingen

[Motivering van het dwangbevel, Nietigheid dwangbevel](https://juriel.be/nl/rechtspraak/boete-motivering-dwangbevel-nietigheid-openbare-cassatie-brussel-2021-01-29-081b) 1 gemeenschappelijke bepalingen

[Recht op aftrek, Facturen van onderaannemers, Verplichte vermeldingen](https://juriel.be/nl/rechtspraak/recht-aftrek-facturen-onderaannemers-verplichte-rechtbank-bergen-2019-04-09-0896) 1 gemeenschappelijke bepalingen
