Rechtbank van eerste aanleg, 26 maart 2001 · Belgische rechtspraak

Naar de tekst
Juriel

Rechtbank van eerste aanleg 26 maart 2001

Zoeken

Rechtbank van eerste aanleg, 26 maart 2001Belasting over de toegevoegde waarde

https://juriel.be/nl/rechtspraak/rechtbank-mechelen-2001-03-26-b383

Rechtscollege
Rechtbank van eerste aanleg
Datum
26 maart 2001

Over het document

Verzameling
Belgische rechtspraak
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

29 paragrafen

Fiche van de FOD Financiën

Vonnis van de Rechtbank van Eerste aanleg te Mechelen d.d. 26.03.2001

Samenvatting niet beschikbaar

Tekst van het vonnis

Tekst van de beslissing

De rechtbank van eerste aanleg te Mechelen, tweede kamer, rechtsprekende in burgerlijke zaken, wijst het volgende vonnis :

AR nr. 01/344/A

Inzake :

V. B. P., handelaar, handeldrijvende onder de benaming "R. D. W.", ingeschreven in het handelsregister te Mechelen onder het nummer …, wonende te …, …, die woonst keuze doet op het kantoor van gerechtsdeurwaarder B. M., …, …;

eiser,

hebbende als raadslieden Mrs M., V. R. en V., advocaten te …, …;

tegen :

De BELGISCHE STAAT, administratie van de belastingen over de toegevoegde waarde, registratie en domeinen, in de persoon van de eerstaanwezende inspecteur van het BTW-ontvangkantoor te Mechelen, waarvan de burelen gevestigd zijn te 2800 Mechelen, NekkerspoeIstraat 21-23;

verweerder,

Hebbende als raadsman Mr L. C., advocaat te …, …;


Gezien het geding inleidend exploot van dagvaarding d.d. 23 februari 2001;

De vordering strekt tot het verzet ontvankelijk en gegrond te verklaren en geëiste hoofdsom van 212.000 fr. kwijt te schelden;

De krachtens art. 70, par. 1 en art. 70, par. 1bis van het BTW-Wetboek geëiste 41.000 fr. eveneens kwijt te schelden alsook alle intresten, moratoire intresten en vervolgingskosten en alle andere kosten verbonden uitvloeiende uit het voorgestelde dwangbevel ook kwijt te schelden;

Verweerder ter veroordelen tot de gedingkosten;

Gehoord de advocaten van de procespartijen op de terechtzitting van 12 maart 2001;

Partijen vragen de verzending van deze zaak naar de rechtbank van eerste aanleg te Antwerpen;

Beschikkend gedeelte

OM DEZE REDENEN,

DE RECHTBANK,

Vermeldende de toepassing van de artikelen 2, 34, 36, 37, 40 en 41 van de wet van 15 juni 1935 op het gebruik van de talen in gerechtszaken;

Rechtsprekende op tegenspraak;

Verwijst de zaak naar de RECHTBANK VAN EERSTE AANLEG TE ANTWERPEN.

Aldus uitgesproken in openbare terechtzitting op zesentwintig maart tweeduizend en één.

Aanwezig :

D. V. O., alleenzetelend toegevoegd rechter,

H. B., griffier.

H. B. D. V. O.