Fiche van de FOD Financiën
Vonnis van de Rechtbank van Eerste aanleg te Gent d.d. 14.11.2000
Samenvatting niet beschikbaar
Tekst van het vonnis
Tekst van de beslissing
BESLAG RECHTER - OPENBARE TERECHTZITTING VAN 14 NOVEMBER 2000
Algemene rol nr. : 99/665/A
In de zaak van :
D. L. L., zonder beroep, wonende te …, …
eiseres,
voor wie niemand verschijnt.
tegen :
1. BELGISCHE STAAT (BTW GENT II), Adn1inistratie van de Belasting over de toegevoegde waarde, registratie en domeinen. vertegenwoordigd door de e.a. Inspecteur van het BTW-Ontvangkantoor te Gent, wiens kantoor gevestigd is te 9000 Gent, Martelaarslaan 23; welke bij de uitvoering woonst heeft verkozen ter studie van gerechtsdeurwaarder T. E., te …, …;
eerste verweerder,
voor wie optreedt: Mter. E. V. A., advocaat te …, …;
2. J. A., chauffeur, wonende te …, …
tweede gedaagde,
niet verschijnende noch iemand voor hem.
werden partijen gehoord in hun middelen en conclusies op de openbare terechtzitting van 31 oktober 2000, waarna de debatten werden gesloten en de zaak in beraad werd genomen,
Eiseres en tweede gedaagde werden opgeroepen bij toepassing. van artikel 753 Ger. W., zodat het vonnis t.a.v. alle partijen geacht wordt op tegenspraak te zijn gewezen,
De stukken werden ingezien, in het bijzonder de dagvaarding in revindicatie d.d. 16 februari 1999 en het bundel neergelegd door eerste verweerder in verzet;
De vordering van eiseres strekt ertoe te horen zeggen voor recht dat zij de enige eigenaar is van de in beslag genomen goederen, behalve de juke box Wurlitzer, die eigendom is van de NV F. A., gevestigd te …, …,
Tot bewijs van haar eigendom meldt eiseres in de dagvaarding dat zij de meubelen en het TV-toestel heeft aangekocht bij meubelhandel D. R. te …, "zoals blijkt uit de facturen".
Deze facturen worden evenwel niet door eiseres voorgelegd.
De bewering van eiseres dat zij de huishoudtoestellen beeft aangekocht op verschillende data en dat zij het stoomapparaat als nieuwjaarsgeschenk van haar dochter heeft gekregen, wordt evenmin door enig stuk gestaafd.
Bij gebrek aan voorlegging van enig bewijs tot staving van het eigendomsrecht over de gerevindiceerde goederen, ondanks de vermelding van het bestaan ervan in de inleidende dagvaarding, is het niet opportuun in te gaan op het aanbod van eiseres tot het leveren van een bewijs door getuigen (zie DIRIX, E. en BROECKX, K. A.P.R….Beslag, Antwerpen Kluwer, 1992, 306, nr. 588),
De vordering tot revindicatie is ongegrond.
Beschikkend gedeelte
OP DIE GRONDEN,
BESCHIKKENDE OP TEGENSPRAAK, t.a.v. alle partijen overeenkomstig art. 753 Ger. Wb
Met inachtneming van de artikelen 2, 37 en 41 van de wet van 15 juni 1935 op het taalgebruik in gerechtszaken;
Verklaart de vordering en revindicatie toelaatbaar, doch ongegrond;
Veroordeelt eiseres in revindicatie tot de kosten van het geding, aan de zijde van eerste verweerder in revindicatie voorlopig begroot op :
- R.P.V. : 8,600 BEF
Aldus gewezen en uitgesproken op dinsdag 14 november 2000 in openbare terechtzitting door de Beslagrechter in de Rechtbank van Eerste Aanleg te Gent, waar aanwezig zijn : K. B., rechter, aangewezen als beslagrechter bij de rechtbank van eerste aanleg te Gent, bij bevelschrift van de voorzitter d.d. 26 juni 2000, bijgestaan door A. V. W., griffier.
A. V. W. K. B.
Aangehaalde referentie
Sneltoetsen
Niet actief tijdens het typen in een veld.
- Zoeken in de tekst
- /Ctrl/⌘ F
- Volgende / vorige treffer
- EnterShift Enter
- Volgende / vorige sectie
- JK
- Leesmodus
- L
- Een paneel sluiten
- Esc
De leesmodus verbergt de inhoudsopgave en de kerncijfers, vergroot de tekst en centreert de kolom.