Rechtbank van eerste aanleg te Brugge, 31 maart 2010 · Belgische rechtspraak

Naar de tekst
Juriel

Rechtbank van eerste aanleg Brugge 31 maart 2010

Zoeken

Rechtbank van eerste aanleg te Brugge, 31 maart 2010Belasting over de toegevoegde waarde

https://juriel.be/nl/rechtspraak/rechtbank-brugge-2010-03-31-bf2e

Rechtscollege
Rechtbank van eerste aanleg
Zetel
Brugge
Datum
31 maart 2010

Over het document

Verzameling
Belgische rechtspraak
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

26 paragrafen

Fiche van de FOD Financiën

Vonnis van de Rechtbank van Eerste aanleg te Brugge d.d. 31.03.2010

Samenvatting niet beschikbaar

Tekst van het vonnis

Tekst van de beslissing

De rechtbank van eerste aanleg te Brugge, VIERDE KAMER, heeft het hierna volgend vonnis verleend :

In de zaak 09/897/A Rep. nr. 2010/4667

de heer P. F., bedrijfsleider, wonende te …, …,

eiser,

voor wie is opgetreden Meester C. D. W. (balie Gent) loco Meester D. M., advocaat met kantoor te …, …,

tegen :

de BELGISCHE STAAT, Federale Overheidsdienst Financiën, Administratie van de BTW, Registratie en Domeinen, BTW-Ontvangkantoor te Brugge, met kantoren gevestigd te 8000 Brugge, G. Vincke Dujardinstraat 4,

verweerder,

voor wie optreedt Meester J. V. d. P., advocaat met kantoor te …, …,

Gelet op het fiscaal verzoekschrift ingediend ter griffie op 23.03.2009.

Kennis werd genomen van het dossier van de rechtspleging.

Partijen werden gehoord bij monde van hun raadsman ter openbare terechtzitting de dato 24 maart 2010.

Partijen hebben wederzijds ter zitting om doorhaling van de zaak gevraagd (zie eveneens dossier van de rechtspleging, stuk nr. 9) en overeenkomstig art. 730, 1e lid Ger.W. kan daar op ingegaan worden.

Artikelen 2 en volgende van de wet van 15 juni 1935 op het gebruik der talen in gerechtszaken werden in acht genomen.

Beschikkend gedeelte

OM DEZE REDENEN,

DE RECHTBANK,

Wijzende in eerste aanleg en op tegenspraak,

Haalt de zaak door op de algemene rol

Aldus gewezen en uitgesproken in openbare terechtzitting in het gerechtsgebouw te Brugge op woensdag éénendértig maart tweeduizend en tien.

Aanwezig zijn :

A. H., alleenrechtsprekend rechter;

N. L., griffier.

N. L. A. H.