---
title: "Rechtbank van eerste aanleg te Brugge, 6 november 2006"
description: "Rechtbank van eerste aanleg te Brugge (België), 6 november 2006."
url: "https://juriel.be/nl/rechtspraak/rechtbank-brugge-2006-11-06-507b"
lang: "nl"
---

# Rechtbank van eerste aanleg te Brugge, 6 november 2006 · Belasting over de toegevoegde waarde

**Rechtscollege**

Rechtbank van eerste aanleg

**Zetel**

Brugge

**Datum**

6 november 2006

## Over het document

**Verzameling**

Belgische rechtspraak

**Taal van de tekst**

Nederlands

## Tekst

68 paragrafen

### Fiche van de FOD Financiën

Vonnis van de Rechtbank van Eerste aanleg te Brugge d.d. 06.11.2006

Samenvatting niet beschikbaar

**Tekst van het vonnis**

### Tekst van de beslissing

**De Rechtbank van eerste aanleg te Brugge, VIERDE KAMER, heeft het hierna volgend vonnis verleend :**

In de zaak **04/2663/A** Rep.nr.2006/13965

de NV **S.**, (Ondernemingsnr. …), met ondernemingszetel te …, …,

**eiseres,**

voor wie optreedt Meester **P. C.**, advocaat met kantoor te …, …,

**tegen :**

**1.** **DE BELGISCHE STAAT, FOD FINANCIËN**, Sector Invordering BTW, in de persoon van de rekenplichtige van het BTW-Ontvangkantoor te Brugge, met kantoren te 8000 Brugge, G. Vincke Dujardinstraat 4,

**2.** **DE BELGISCHE STAAT, FOD FINANCIËN**, in de persoon van de waarnemend e.a. inspecteur van het BTW-controlekantoor te 8370 Blankenberge, Groenestraat 86,

**verweerders, hierna genoemd 'verweerder'**

voor wie is opgetreden Meester **F. N.** (balie …) loco Meester **J. V. d. P.**, advocaat met kantoor te …, …,

## I. RECHTSPLEGING

Gelet op de inleidende dagvaarding de dato 18 augustus 2004.

De rechtbank nam kennis van het dossier van de rechtspleging en van de door partijen overgelegde bundels.

Partijen werden gehoord in hun middelen bij monde van hun raadsman in de openbare terechtzitting van 9 oktober 2006.

Artikel 2 en volgende van de wet van 15 juni 1935 op het gebruik der talen in gerechtszaken werden in acht genomen.

## ll. BIJZONDERSTE GEGEVENS VAN DE ZAAK

**2.1.** Eiseres is ingeschreven als BTW-belastingplichtige onder het BTW­registratienummer …, ingevolge haar activiteit van organisator van manifestaties. Zij is derhalve onderworpen aan de bepalingen van de BTW-wetgeving en de ter uitvoering ervan genomen besluiten.

Op 14 november 2002 werd door **B. E.**, ambtenaar bij de administratie van de BTW, Registratie en Domeinen, een toezicht uitgevoerd over de toepassing van de wetgeving en de reglementering inzake de belasting over de toegevoegde waarde over de periode van 1 januari 2002 t.e.m. 30 juni 2003.

Op 19 februari 2004 werd door **E. B.** voornoemd een proces-verbaal opgesteld waarin de door eiseres begane overtredingen werden geacteerd.

Op 18 augustus 2004 tekent eiseres verzet aan tegen voormeld proces-verbaal.

**2.2.** Eiseres vraagt dat de vordering ontvankelijk en gegrond wordt verklaard en dat dienvolgens het op basis van een nietig proces-verbaal gevorderde en ingehouden bedrag wordt terugbetaald, thans provisioneel begroot op … EUR, te vermeerderen met de wettelijke rente en de gedingkosten. Verder vordert zij dat verweerder wordt veroordeeld tot een schadevergoeding van … EUR wegens tergend en roekeloos optreden en wederrechtelijk ageren door het onrechtmatig inhouden van bedragen en het melden aan derden van het beweerdelijk bestaan van vorderingen. Tevens vordert zij dat verweerder wordt veroordeeld tot de gedingkosten, inbegrepen de dagvaardingskosten en de rechtsplegingsvergoeding ten bedrage van … EUR. en dat het vonnis uitvoerbaar bij voorraad wordt verklaard.

**2.3.** Verweerder vordert dat het vordering ontvankelijk en ongegrond wordt verklaard en dat eiseres wordt veroordeeld tot de kosten van het geding, in zijn hoofde begroot op … EUR. rechtsplegingsvergoeding.

## III. BEOORDELING

### 3.1. nopens de ontvankelijkheid

Verweerder voert geen redenen aan die tot de onontvankelijkheid van de vordering kunnen leiden. Nu de rechtbank evenmin middelen van onontvankelijkheid, die hij ambtshalve zou moeten opwerpen, ontwaart, is de vordering ontvankelijk.

### 3.2. nopens de grond

#### *3.2.1. nopens de bewijskracht van de boekhouding*

**3.2.1.1.** [Artikel 14, § 1 van het K.B. nr. 1](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-1-artikel-14-c210) van 29 december 1992 bepaalt het volgende "De belastingplichtigen moeten een aan de omvang van hun activiteiten aangepaste boekhouding voeren om de belasting over de toegevoegde waarde te kunnen toepassen en controleren. Artikel 15, § 2 van datzelfde K.B. stelt dat de inschrijvingen met betrekking tot de boekhouding moeten gesteund zijn op verantwoordingsstukken die gedateerd zijn en waarvan, naargelang het geval, een origineel exemplaar of een dubbel dient te worden bewaard.

Voor iedere boeking in de boekhouding moet derhalve een verantwoordingsstuk bestaan. De wetgever laat de belastingplichtige echter vrij in het bepalen van de vorm en soort van de verantwoordingsstukken en laat haar zelf bepalen hoe zij de stukken aan haar beroepsactiviteit zal aanpassen.

Het Hof van Cassatie heeft in haar arrest van 19 april 1990 gesteld dat het Hof van Beroep op rechtsgeldige wijze heeft kunnen besluiten dat de boekhouding van een belastingplichtige kapper niet bewijskrachtig was omdat de individuele fiches die op naam van elke cliënt werden gehouden, vernietigd werden naargelang hun inschrijvingen in het ontvangstenboek en omdat het kasboek, dat het enig boekhoudkundig document uitmaakte, slechts het globale bedrag van de dagelijkse ontvangst vermeldde, zonder dat het minste bewijskrachtige gegeven aanwezig was m.b.t. de aard en de belangrijkheid van de geleverde dienst.

De boekhouding moet derhalve een geheel vormen van samenhangende, nauwkeurige en controleerbare gegevens. De boekhouding die niet de nodige verantwoordingsstukken bevat om een precieze, objectieve en controleerbare boekhouding te zijn, heeft zodoende ook geen enkele bewijskracht.

**3.2.1.2.** De in casu voorgelegde losse bladen, opgesteld met een computer, waarop naast een volgnummer, de dag van de week en de datum, een uitgesplitst overzicht te zien is van de dagelijkse ontvangsten per soort en per kassa kunnen verweerder niet in staat stellen de boekhouding en specifiek de omzet te controleren op haar juistheid en getrouwheid. Ze heeft dan ook geen enkele bewijskracht.

Samen met verweerder stelt de rechtbank verder vast dat eiseres geen verantwoordingsstukken voor het als dienst doende dagontvangstenboek zoals een kasboek, dagelijkse verzamelstaten, kasregisterbladen, ontvangstenbladen of kasticketten voorlegt.

Eiseres kon nochtans naast het eventueel gebruik van kasregisters dewelke de vereiste verantwoordingsstukken produceren (kasticketten), een aantal andere methoden uitwerken opdat het voor verweerder mogelijk zou geweest zijn om op elk moment de kastoestand correct te bepalen en te toetsen mei de effectieve verkopen.

**3.2.1.3.** De overheid kan niet gebonden zijn door een eventuele nalatigheid of onoplettendheid van een controlerende ambtenaar die, zonder een standpunt in te nemen of een interpretatie te geven, bepaalde overtredingen van de wetgeving over het hoofd zou hebben gezien of niet zou hebben gesanctioneerd. De vroegere houding van verweerder kan niet verhinderen dat de wet thans strikt wordt toegepast.

Bovendien is het duidelijk, op grond van de voorliggende stukken, dat verweerder in het verleden geen enkele verkeerde inlichting heeft gegeven, geen uitdrukkelijk standpunt terzake heeft ingenomen en geen interpretatie heeft gegeven die bij eiseres het vertrouwen zou kunnen gewekt hebben dat het gebruik van losse bladen met vermelding van de totale dagelijkse ontvangsten per soort en per kassa, bewijskrachtig was en gold als bewijs van de omzet.

Verweerder heeft derhalve het algemeen beginsel van behoorlijk bestuur van het opgewekt vertrouwen niet geschonden.

#### *3.2.2. bewijs van de meeromzet*

Aangezien verweerder terecht de boekhouding van eiseres als onvoldoende bewijskrachtig bevonden heeft, is het hem toegelaten een objectieve berekening te maken van wat volgens hem de totale omzet van eiseres in de betreffende periode moet geweest zijn.

Op pagina 2 van het proces-verbaal 19 februari 2004 kunnen we m.b.t. die berekening het volgende lezen : "Overeenkomstig de gegevens van een uitgereikte factuur nr. … van 21 oktober 2002 door het VVV Blankenberge VZW 2002 en de brief de dato 21 oktober 2002 van de NV **S.** bedroeg het aantal bezoekers aan het zandsculptuurfestival : 312.179. Overeenkomstig het losbladig dagboek van ontvangsten het verkoopdagboek bestaande uit computerbladen, werden er slechts 182.699 bezoekers geregistreerd voor een totale omzet aan toegangsgelden exclusief BTW van … EUR. Evenredig omgerekend geeft dit voor 312.179 bezoekers een totale omzet van … (= … x … : …).

De rechtbank stelt vast dat er in de brief van 21 oktober 2002 sprake is van een totaal aantal bezoekers ten bedrage van 312.179 en dat dit aantal samengesteld uit 236.622 volwassenen, 54.399 kinderen tot en met 11 jaar, 9.130 De Lijn volwassenen, 1.770 De Lijn kinderen, 6.341 B-dagtrips volwassenen, 960 B-dagtrips kinderen en 2.957 Partnertickets (zie stuk 7 verweerder).

Op basis van deze vaststaande gegevens en rekening houdende met de verschillende toegangstarieven die gelden voor elk van deze categorieën van personen was het voor verweerder niet moeilijk om een vrij exacte berekening te maken van de totale omzet. Verweerder heeft evenwel bij het maken van de berekening van de totale omzet deze uitsplitsing (in de verschillende categorieën) niet gemaakt, maar heeft integendeel gemakshalve een evenredige berekening ( met de regel van drie) gemaakt.

Deze evenredige berekening van de totale omzet heeft dan ook een willekeurig karakter.

De op basis van het proces-verbaal van 19 februari 2004 gevorderde BTW ten bedrage van … EUR en de hierop betrekking hebbende geldboete is dan ook ongegrond.

#### *3.2.3. tergend en roekeloos optreden van verweerder*

Samen met verweerder stelt de rechtbank vast dat alle controles op wettelijke gronden werden verricht en dat de wettelijke voorziene procedureregels werden gevolgd.

De bewering van eiseres dat zij zou behandeld zijn op een manier die geenszins voldoet aan de normale behandeling door een overheidsbestuur is dan ook ongegrond.

### 3.3. nopens de uitvoerbaarheid bij voorraad

Ingevolge artikel 377 WIB '92 en artikel 92bis W.BTW kan een vonnis in fiscale zaken niet uitvoerbaar verklaard worden bij voorraad. Dit werd bevestigd door het Hof van Beroep te Gent in haar arrest van 2 maart 2004, nr. 2002/AR/2691 inzake NV **D.**.

### 3.4. nopens de kosten

Verweerder wordt in het ongelijk gesteld. Overeenkomstig artikel 1017, 1 ste lid van het gerechtelijk wetboek moet hij de gerechtskosten dragen.

### Beschikkend gedeelte

**OM DEZE REDENEN,**

**De rechtbank,**

Wijzende in eerste aanleg en op tegenspraak.

Alle verdere middelen van partijen verwerpende als niet dienend.

Verklaart de fiscale vordering ontvankelijk en als volgt gegrond.

Zegt dienvolgens voor recht dat de op basis van het proces-verbaal van 19 februari 2004 gevorderde BTW ten bedrage van … EUR en de hierop betrekking hebbende geldboete ongegrond is.

Beveelt verweerder over te gaan tot terugbetaling van alle sommen die aldus ten onrechte zouden zijn geïnd of ingehouden, vermeerderd met de moratoire interest.

Wijst eiseres van het overige af.

Veroordeelt verweerder tot de gedingkosten, aan zijn zijde niet te begroten aangezien ze hem ten laste blijven, aan de zijde van eiseres begroot op … EUR dagvaardingskosten en … EUR geïndexeerde rechtsplegingsvergoeding.

Aldus gewezen en uitgesproken in openbare terechtzitting in het gerechtshof te Brugge op **zes november tweeduizend en zes**.

Aanwezig zijn :

**H. N.**, alleenrechtsprekend rechter;

**L. N.**, griffier.

**N. L.** **N. H.**

## Aangehaalde teksten

1

[KB nr. 1 art. 14](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-1-artikel-14-c210) 1 voorkomen

## Vergelijkbare beslissingen

8

[Recht op aftrek, Percentage van het beroepsmatig gebruik](https://juriel.be/nl/rechtspraak/recht-aftrek-percentage-beroepsmatig-gebruik-hof-van-beroep-bergen-2023-05-31-09c2) 1 gemeenschappelijke bepalingen

[Recht op aftrek, Tegoed op de rekening-courant](https://juriel.be/nl/rechtspraak/recht-aftrek-tegoed-rekening-courant-rechtbank-brussel-2023-01-18-76d4) 1 gemeenschappelijke bepalingen

[Intracommunautaire levering, Uitvoer, Bewijs, Geldigheid van het dwangbevel](https://juriel.be/nl/rechtspraak/intracommunautaire-levering-uitvoer-omzet-bewijs-hof-van-beroep-antwerpen-2020-12-15-9f0f) 1 gemeenschappelijke bepalingen

[Bezwaartermijn, Recht op aftrek, recht op aftrek van Btw](https://juriel.be/nl/rechtspraak/bezwaartermijn-recht-aftrek-btw-hof-van-beroep-antwerpen-2023-03-23-dc2b) 1 gemeenschappelijke bepalingen

[Organisatie Evenementen, Zakenkantoor, Inbreuken, organisatie van evenementen, overtreding](https://juriel.be/nl/rechtspraak/btw-organisatie-evenementen-zakenkantoor-inbreuken-rechtbank-brussel-2026-04-08-0a1a) 1 gemeenschappelijke bepalingen

[Geen geregistreerd kassasysteem, Herberekening van het omzetcijfer, Niet-bewijskrachtige boekhouding](https://juriel.be/nl/rechtspraak/geen-geregistreerd-kassasysteem-herberekening-omzetcijfer-rechtbank-luik-2025-03-24-3379) 1 gemeenschappelijke bepalingen

[Recht op aftrek, Bewijslast, Niet aangegeven omzet](https://juriel.be/nl/rechtspraak/recht-aftrek-bewijslast-aangegeven-omzet-rechtbank-brussel-2025-04-23-d01d) 1 gemeenschappelijke bepalingen

[Geregistreerd kassasysteem, Horeca, Verplichtingen](https://juriel.be/nl/rechtspraak/geregistreerd-kassasysteem-gks-horeca-verplichtingen-raad-van-state-all-2017-03-16-2bce) 1 gemeenschappelijke bepalingen
