---
title: "Rechtbank van eerste aanleg te Antwerpen, 9 november 2011"
description: "Rechtbank van eerste aanleg te Antwerpen (België), 9 november 2011."
url: "https://juriel.be/nl/rechtspraak/rechtbank-antwerpen-2011-11-09-2890"
lang: "nl"
---

# Rechtbank van eerste aanleg te Antwerpen, 9 november 2011 · Belasting over de toegevoegde waarde

**Rechtscollege**

Rechtbank van eerste aanleg

**Zetel**

Antwerpen

**Datum**

9 november 2011

## Over het document

**Verzameling**

Belgische rechtspraak

**Taal van de tekst**

Nederlands

## Tekst

117 paragrafen

### Fiche van de FOD Financiën

Vonnis van de Rechtbank van Eerste aanleg te Antwerpen d.d. 09.11.2011

Samenvatting niet beschikbaar

**Tekst van het vonnis**

### Tekst van de beslissing

**V O N N I S gewezen en uitgesproken in het gerechtsgebouw te Antwerpen, op negen november tweeduizend en elf in openbare zitting van de 4 F kamer van de rechtbank van eerste aanleg van het gerechtelijk arrondissement Antwerpen, al waar zetelden :**

**L. B.**, enig rechter,

**N. D.**, griffier.

**In zake : AR nr. 04/259/A**

**V. H. P. NV**, ingeschreven in de kruispuntbank der ondernemingen onder nummer …, met vennootschapszetel gevestigd te …, ….

**eisende partij,**

verschijnende bij meester **H. V. D.**, advocaat, kantoorhoudende te …, ….

**tegen :**

**DE BELGISCHE STAAT**, Federale Overheidsdienst Financiën, Administratie van de ondernemings- en inkomensfiscaliteit - controlecentrum Mechelen-Lier, met kantoren gevestigd zijn te 2800 Mechelen, Zwartzustersvest 24 bus 35.

**verwerende partij,**

verschijnende bij de heer **G. M.**, in hoedanigheid van eerstaanwezend inspecteur.

## In zake : AR nr. 09/7036/A (03/91/A)

**V. H. P. NV**, ingeschreven in de k:ruispuntbank der ondernemingen onder nummer …, met vennootschapszetel gevestigd te …, ….

**eisende partij,**

verschijnende bij meester **H. V. D.**, advocaat, kantoorhoudende te …, ….

**tegen :**

**DE BELGISCHE STAAT**, Federale Overheidsdienst Financiën, Administratie van de Ondernemings- en Inkomensfiscaliteit, sector BTW, vertegenwoordigd door de Minister van Financiën, wiens burelen gevestigd zijn te Brussel, vertegenwoordigd door de Rekenplichtige van het BTW-ontvangkantoor te Mechelen, met burelen gevestigd te 2800 Mechelen, Zwartzustersvest 24 bus 32.

**verwerende partij,**

verschijnende bij meester **G. V. D.** loco meester **P. S.**, advocaat, kantoorhoudende te …, ….

---

Gezien de stukken in het dossier der rechtspleging, onder meer :

**In zake : AR nr. 04/259/A**

\- het verzoekschrift neergelegd ter griffie op 13 januari 2004,

\- de beschikking verleend overeenkomstig artikel 747, § 2 van het Gerechtelijk Wetboek op 22 november 2010,

\- de besluiten van partijen.

## In zake : AR nr. 09/7036/A (03/91/A)

\- het geïnventariseerd dossier van de rechtspleging gekend onder het algemeen rolnummer 03/91/A (weggelaten van de algemene rol op 4 december 2006) waarin vervat o.a. :

\- het exploot van rechtsingang, betekend door het ambt van gerechtsdeurwaarder **P. S.** te … op 31 december 2002,

\- de conclusie van verwerende partij neergelegd ter griffie op 15 september 2009,

\- de beschikking verleend overeenkomstig artikel 747, § 2 van het Gerechtelijk Wetboek op 8 maart 2010,

\- de besluiten van partijen.

Gelet op de wet van 15 juni 1935 op het gebruik van talen in gerechtszaken.

Gelet op de verordeningen van de Raad van de ministers nummer 974/98 van 03 mei 1998 en nummer 1103/97 van 17 juni 1997 en de wetten van 26 juni 2000 en 30 juni 2000 ter invoering van de euro.

Gehoord de partijen in hun middelen en gezegden ter zitting van 12 oktober 2011.

---

Eiseres is groothandelaar in (vis en) mosselen.

De Belgische belastingdienst ontving Nederlandse inlichtingen op 7 mei 2001.

Ze hebben betrekking op Nederlandse mosselen leverancier **'R. van Y.**'.

Ambtenaren van AOIF stelden hierover op 14 juni 2001 proces-verbaal van vaststelling op, met bijlagen.

Ter zake zowel BTW als inkomstenbelastingen bevoegde ambtenaren verrichtten op 5 en 6 maart 2002 aangekondigde controle ter plaatse.

Ter zake BTW betrof het de periode van 1 oktober 1997 tot en met 31 maart 2001.

Ter zake vennootschapsbelasting ging het om controle over aanslagjaar 2001.

In proces-verbaal ter zake BTW van 13 november 2002 wordt enerzijds verwezen naar reeds vermeld proces-verbaal van vaststelling van 14 juni 2001 en anderzijds naar vaststellingen in de boekhouding van eiseres.

Dit proces-verbaal van 13 november 2002 meldt vastgestelde meeromzet en stelt op die basis navordering van rechten, 200 % wettelijke boete, intrest vanaf 21 april 2002 op de rechten.

Ontvanger BTW Mechelen vaardigde op 14 november 2002 dwangbevel uit.

Het werd nog dezelfde dag uitvoerbaar verklaard.

Het werd met het aangehechte proces-verbaal van 13 november 2002 middels exploot van 18 november 2002 betekend aan eiseres, met bevel tot betalen.

Eiseres liet middels exploot van 31 december 2002 verweerder dagvaarden m betwisting van de fiscale vordering.

Dit leidde tot AR 03/91/A.

De zaak werd in december 2006 weggelaten (bij gebrek aan beweging) en ze werd in 2009 op de rol her ingeschreven op verzoek van verweerder.

Er werd laatste geconcludeerd in de loop van 2011.

Eiseres deed tijdige geldige aangiftes in de vennootschapsbelasting voor aanslagjaren 1998 en 1999.

Hierop volgde telkens een conforme aanvankelijke aanslag.

Op 5 en 6 maart 2001 geschiedde controle ter plaatse bij eiseres over aanslagjaar 2001.

Aan de hand van de bevindingen verzond de belastingdienst op 7 maart 2002 naar eiseres een brief (stuk 79 verweerder) met melding dat, bij de controle over aanslagjaar 2001, belangrijke inkomsten uit de boekhouding bleken weggelaten.

De brief vervolgt :

> "Gezien deze onregelmatigheden in het onderzochte jaar regelmatig voorkomen vermoedt de administratie dat dezelfde of analoge praktijk sedert langere tijd wordt toegepast.
>
> Op grond van deze aanwijzingen van kennelijke belastingontduiking wordt U overeenkomstig art. 333, 3de lid (WIB 92) voorafgaandelijk in kennis gesteld dat de onderzoekstermijn tot 5 jaar wordt uitgebreid parallel aan de aanslagtermijn zoals voorzien in artikel 354, 2de lid (WIB 92)".

Gevolmachtigde verzette zich per kerende tegen deze uitbreiding bij stelling van niet voldaan zijn van het voorafgaande karakter ervan.

De belastingdienst reageerde daarop nog ter weerlegging en bevestigde dat de aangekondigde controle doorgang zou vinden, wat geschiedde op 27 maart 2002.

Op 17 oktober 2002 werden over aanslagjaar 1998 (balans per 31 maart 1998), respectievelijk aanslagjaar 1999 (balans per 31 maart 1999) afzonderlijke berichten tot wijziging verzonden.

Ze weerhouden meeromzet, te belasten tegen gewoon tarief en met 50 % belastingverhoging.

Gevolmachtigde verklaarde zich gemotiveerd niet akkoord.

De belastingdienst repliceerde nog middels gemotiveerde beslissing tot taxatie (behoud).

Volgende supplementaire aanslagen werden dan conform gevestigd :

\- artikel 278151 van 23 december 2002 voor aanslagjaar 1998

\- artikel 378001 van 13 januari 2003 voor aanslagjaar 1999.

Afzonderlijke bezwaarschriften door gevolmachtigde kwamen - beide op 26 maart 2003 - ter gewestelijke directie in.

De gewestelijk directeur AOIF Mechelen-Lier nam op 14 oktober 2003 directeursbeslissing.

Hij wees in deze gezamenlijke beslissing de bezwaarschriften ten gronde af.

Raadsman legde op 13 januari 2004 ter griffie verzoekschrift op tegenspraak neer.

Afschrift van vermelde beslissing is aan het gedinginleidend verzoekschrift gehecht.

Dit leidde tot AR 04/259/A.

Er werd hierin laatst geconcludeerd in de loop van 2011.

Het past vooreerst de zaken samen te voegen uit oorzaak van klaarblijkelijke samenhang.

Toelaatbaarheid der rechtsvorderingen staat niet in betwisting, ook niet desnoods ambtshalve aan te voeren.

BTW

Het proces-verbaal van 13 november 2002 heeft - krachtens [art. 59, § 1 in fine Wetboek BTW](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-59) - bewijskracht tot bewijs van het tegendeel.

In Nederland was vastgesteld dat mosselleverancier '**R. van Y.**' op twee wijzen aan eiseres leveringen had gedaan, met name door inlandse facturatie met BTW en met facturatie voor intracommunautaire leveringen zonder BTW.

Hiertoe waren aldaar diverse maar aan elkaar verbonden klantnummers gebruikt.

De bevindingen in Nederland werden aldaar opgenomen en uiteengezet in een ambtsedige verklaring naar Nederlands recht (stuk 144 verweerder).

Het geheel wordt gedetailleerd uiteengezet in het proces-verbaal van vaststelling van 14 juni 2001.

Dit proces-verbaal heeft in België door overname van de in Nederland gedane vaststellingen minstens de waarde van overeenstemmende vermoedens.

Eiseres laat na hierop ook maar enig gedetailleerd concreet tegenbewijs aan te bieden.

Concreet geldt, onder meer, het volgende.

Eiseres is een regelmatig afnemer van '**R. van Y.**'.

De intracommunautaire leveringen staan bij eiseres telkens geboekt als intracommunautaire verwervingen.

De op naam van eiseres in Nederland met 6 % BTW uitgeschreven facturen staan verbonden met aldaar klantnummers op naam van eiseres.

Het gaat telkens om leveringen van dezelfde aard.

\[Uit de navordering werden die facturen weggelaten waarvoor een creditnota was opgesteld.\]

\[De belastingdienst blijkt nooit te hebben voorgehouden dat eiseres mosselen in Catalaanse saus bij **R. van Y.** had aangekocht.\]

Aan eiseres werd bij de controle zelf een minnelijke regeling voorgesteld en bovendien blijkt haar op 2 oktober 2002 correctieopgave met het oog op minnelijke regeling te zijn gezonden.

Vennootschapsbelasting

Eiseres betwist ten onrechte de voorafgaandheid van de brief van 7 maart 2002 ter voldoening van art. 333 3 de lid WIB 92.

De bevindingen van 5 en 6 maart behelzen immers BTW waarover toen geldige controle werd gedaan, zodat eiseres hierover onterecht verwarring tracht te zaaien.

Voor de vennootschapsbelasting gebeurde toen controle voor aanslagjaar 2001 (wat overigens later leidde tot wijzigingsprocedure en supplementaire aanslag voor dat jaar).

Uit de vaststelling door gerechtsdeurwaarder van 6 maart 2002 blijkt niet dat het anders was.

Middels brief van 1 februari 2002 was BTW-controle aangezegd (stuk 146 verweerder).

Het is niet omdat iemand van de directe belastingen (collega van en in AOIF) op 5 en 6 maart 2002 aanwezig was, dat deze toen reeds controle verrichtte in de vennootschapsbelasting voor bepaaldelijk aanslagjaren 1998 en 1999, wel alvast voor het aangekondigde aanslagjaar 2001.

De BTW op meeromzetten was die dagen door de BTW bevonden in bedragmatig onderzoek.

Niets belette dat die wettig verkregen informatie reeds toen zonder meer werd ingekeken door de aanwezige collega-ambtenaar directe belastingen (van AOIF).

Ook inhoudelijk beantwoordt de voorafgaande kennisgeving aan art. 333, 3 de lid WIB 92.

Bij eiseres is naderhand, op 27 maart 2002, in verhouding tot de gecontroleerde periode zeer belangrijke meeromzet vastgesteld, niet verantwoord door geboekte inkomende leveringen (hoeveelheidcontrole als stukken 97-109 van verweerder in AR 04/259/A).

Ook de winstmarges bij eiseres werden toen uitgebreid geverifieerd.

Naar aanleiding van die bevindingen werd er terecht getaxeerd, gelet op de binding tussen de in Nederland bevonden zwarte facturatie en de bij eiseres bevonden meeromzet.

De belastingverhoging met 50 % beantwoordt volop aan de feiten en is er mee evenredig.

### Beschikkend gedeelte

## OM DEZE REDENEN

**DE RECHTBANK,**

Rechtdoende op **tegenspraak**,

Alle andere en strijdige conclusies verwerpend,

Voegt de zaken onder AR 09/7036/A en AR 04/259/A samen en beoordeelt ze in een en het zelfde vonnis,

Verklaart beide rechtsvorderingen toelaatbaar, maar ongegrond,

Veroordeelt eiseres tot de kosten in beide zaken,

Vereffent de kosten in hoofde van verweerder in AR 09/7036/A op 990,00 (negenhonderd negentig) EUR bij wijze van wettelijk geïndexeerde rechtsplegingvergoeding,

Vereffent de kosten in hoofde van verweerder in AR 04/259/A niet bij gebrek aan opgave en begroting van eigen kosten in conclusie.

**N. D.** **L. B.**

## Aangehaalde teksten

1

[WBTW art. 59](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-59) 1 voorkomen

## Vergelijkbare beslissingen

8

[Recht op aftrek, Facturen van onderaannemers, Verplichte vermeldingen](https://juriel.be/nl/rechtspraak/recht-aftrek-facturen-onderaannemers-verplichte-rechtbank-bergen-2019-04-09-0896) 1 gemeenschappelijke bepalingen

[Recht op aftrek, Percentage van het beroepsmatig gebruik](https://juriel.be/nl/rechtspraak/recht-aftrek-percentage-beroepsmatig-gebruik-hof-van-beroep-bergen-2023-05-31-09c2) 1 gemeenschappelijke bepalingen

[Wedersamenstelling van het omzetcijfer, Forfait caféhouders, Motivering van bestuurshandelingen](https://juriel.be/nl/rechtspraak/wedersamenstelling-omzetcijfer-forfait-cafehouders-motivering-hof-van-beroep-luik-2021-10-08-0aae) 1 gemeenschappelijke bepalingen

[Horecasector, Geregistreerd kassasysteem, Gebrek aan een kassa](https://juriel.be/nl/rechtspraak/horecasector-geregistreerd-kassasysteem-gebrek-kassa-rechtbank-namen-2020-12-10-0baa) 1 gemeenschappelijke bepalingen

[Wedersamenstelling van het omzetcijfer](https://juriel.be/nl/rechtspraak/wedersamenstelling-omzetcijfer-bewijs-grond-feitelijke-rechtbank-luik-2022-03-01-1554) 1 gemeenschappelijke bepalingen

[Omzetberekening, Onttrekking, Bewijskracht van de boekhouding](https://juriel.be/nl/rechtspraak/omzetberekening-onttrekking-bewijskracht-boekhouding-sociale-hof-van-beroep-gent-2022-06-14-170e) 1 gemeenschappelijke bepalingen

[Recht op aftrek, Uitgaven zonder bedrijfskarakter, Gebouw, Gedeeltelijk beroepsgebruik](https://juriel.be/nl/rechtspraak/recht-aftrek-uitgaven-zonder-bedrijfskarakter-hof-van-beroep-luik-2020-09-04-17c5) 1 gemeenschappelijke bepalingen

[Fiscale controle, Proces-verbaal](https://juriel.be/nl/rechtspraak/fiscale-controle-proces-verbaal-rechten-rechtbank-namen-2021-06-23-191f) 1 gemeenschappelijke bepalingen
