---
title: "Rechtbank van eerste aanleg te Antwerpen, 24 juni 2011"
description: "Rechtbank van eerste aanleg te Antwerpen (België), 24 juni 2011."
url: "https://juriel.be/nl/rechtspraak/rechtbank-antwerpen-2011-06-24-852d"
lang: "nl"
---

# Rechtbank van eerste aanleg te Antwerpen, 24 juni 2011 · Belasting over de toegevoegde waarde

**Rechtscollege**

Rechtbank van eerste aanleg

**Zetel**

Antwerpen

**Datum**

24 juni 2011

## Over het document

**Verzameling**

Belgische rechtspraak

**Taal van de tekst**

Nederlands

## Tekst

38 paragrafen

### Fiche van de FOD Financiën

Vonnis van de Rechtbank van Eerste aanleg te Antwerpen d.d. 24.06.2011

Samenvatting niet beschikbaar

**Tekst van het vonnis**

### Tekst van de beslissing

**V O N N I S gewezen en uitgesproken in het gerechtsgebouw te Antwerpen op vierentwintig juni tweeduizend en elf in openbare zitting van de eerste F kamer van de rechtbank van eerste aanleg van het gerechtelijk arrondissement Antwerpen, waar zetelden :**

**P.W.**, rechter,

**N. Y.**, griffier,

Inzake AR nr. **10/2941/A**

**NV P.**, ingeschreven in de kruispuntbank der ondernemingen onder nummer …, met maatschappelijke zetel gevestigd te …, ….

**eisende partij,**

verschijnende bij meester **J. H.** loco meester **D. S.**, advocaat, kantoorhoudende te …, …, ….

**tegen :**

**de BELGISCHE STAAT**, Federale Overheidsdienst Financiën, Administratie van de Belasting over de Toegevoegde Waarde, Registratie en Domeinen, vertegenwoordigd door de Minister van Financiën, wiens burelen gevestigd zijn te Brussel, op vervolging en benaarstiging van de Gewestelijk Directeur van de Administratie van de Belasting over de Toegevoegde Waarde, Registratie en Domeinen te Antwerpen in de persoon van de eerstaanwezend inspecteur van het eerste BTW-ontvangkantoor te Antwerpen, met burelen gevestigd te 2000 Antwerpen, Italiëlei 4 bus 4.

**verwerende partij,**

verschijnende bij meester **R. V.** loco meester **A. v. L. d. J.**, advocaat, kantoorhoudende te …, ….

Gezien de stukken in het dossier van de rechtspleging, onder meer :

\- het voor eensluidend verklaard afschrift van het tussenvonnis van deze kamer van 5 november 2010,

\- de conclusies van partijen,

\- de akte van neerlegging van stukken conform artikel 877 van het Gerechtelijk Wetboek van 16 juni 2011,

\- de stukken van partijen.

Gelet op de wet van 15 juni 1935 op het gebruik van talen in gerechtszaken.

Gelet op de verordeningen van de Raad van ministers nummer 974/98 van 3 mei 1998 en nummer 1103/97 van 17juni 1997 en de wetten van 26 juni 2000 en 30 juni 2000 ter invoering van de euro.

Gehoord partijen in hun middelen en gezegden ter zitting van 17 juni 2011.

Gelet op het tegensprekelijk tussenvonnis van 5 november 2010 van deze rechtbank waarbij aan eiseres in toepassing van de artikelen 877 en volgende Ger. W. werd bevolen de vereiste stavingstukken of een eensluidend verklaard afschrift ervan bij het dossier van de rechtspleging te voegen en waarbij in toepassing van artikel 774, lid 1 Ger. W. ambtshalve de heropening der debatten werd bevolen teneinde partijen toe te laten te besluiten omtrent voornoemde stavingstukken.

## Beoordeling

Bij tegensprekelijk tussenvonnis van 5 november 2010 heeft deze rechtbank beslist dat eiseres haar recht op aftrek kon uitoefenen tot en met 31 december 2010, hetgeen zij deed met haar laattijdige aangifte op 6 januari 2010, zelfs wanneer deze aangifte vormgebreken zou vertonen, en met haar inleidend verzoekschrift op 29 april 2010, doch dat zij om haar recht op aftrek te kunnen uitoefenen de vereiste stavingstukken dient voor te leggen, hetgeen zij inmiddels deed.

Uit de door eiseres voorgelegde aankoopfacturen blijkt dat het totaal bedrag aan BTW 80.744,80 EUR bedraagt, doch dat een aantal aankoopfacturen totaal geen betrekking hebben op het desbetreffende verkochte appartement en een aantal andere aankoopfacturen slechts voor een gedeelte betrekking hebben op het desbetreffende verkochte appartement.

Bijgevolg bedraagt de aftrekbare BTW slechts 50.024,92 EUR (stuk 11 van verweerder).

### Beschikkend gedeelte

**OM DEZE REDENEN,**

**DE RECHTBANK,**

rechtdoende op tegenspraak,

alle andere en strijdige conclusies verwerpend,

Verklaart de vordering toelaatbaar en als volgt gegrond.

Verklaart het bestreden dwangbevel van nul en generlei waarde in de mate dat geen rekening werd gehouden met de aftrekbare BTW ten bedrage van 50.024,92 EUR.

Beveelt de herberekening van het dwangbevel.

Veroordeelt verweerder tot terugbetaling van alle dientengevolge geïnde bedragen, vermeerderd met de moratoriumintresten overeenkomstig artikel 91 W.BTW.

Veroordeelt verweerder tot de kosten van het geding tot op heden door eiseres begroot op 5.000,00 EUR rechtsplegingsvergoedingen door de rechtbank ambtshalve vereffend op 1.320,00 EUR rechtsplegingsvergoeding.

Wijst het meer en/of anders gevorderde af.

**N. V.** **P. W.**
