---
title: "Recht op aftrek · Rechtbank van eerste aanleg te Antwerpen, 28 maart 2025"
description: "Recht op aftrek, Verhuur op korte termijn met toepassing van btw, recht op aftrek van Btw. Rechtbank van eerste aanleg te Antwerpen (België), 28 maart 2025."
url: "https://juriel.be/nl/rechtspraak/recht-aftrek-verhuur-korte-termijn-rechtbank-antwerpen-2025-03-28-ae3d"
lang: "nl"
---

# Recht op aftrek

**Rechtscollege**

Rechtbank van eerste aanleg

**Zetel**

Antwerpen

**Datum**

28 maart 2025

## Over het document

**Verzameling**

Belgische rechtspraak

**Taal van de tekst**

Nederlands

## Tekst

116 paragrafen

### Fiche van de FOD Financiën

Vonnis van de Rechtbank van eerste aanleg Antwerpen, afdeling Antwerpen d.d. 28.03.2025 - Rolnr. 24/387/A

\[ Gunstig vonnis \]

*Belasting over de toegevoegde waarde – Recht op aftrek - Verhuur op korte termijn met toepassing van btw*

## Wettelijke bepalingen

Artikelen [45, §1](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-45) WBTW

## Samenvatting van het vonnis

1\. Feiten en voorgaande procedure

Eiseres is als btw-belastingplichtige geregistreerd onder het nummer voor de activiteit van ‘hotels en dergelijke accommodatie’, ‘adviesbureaus op het gebied van public relations en communicatie’, ‘organisatie van congressen en beurzen’ en ‘overige zakelijke dienstverlening. Op 12 december 2018 kocht eiseres een woning aan gelegen te Knokke-Heist inclusief inboedel en meubels. Op diezelfde datum wordt in de statuten van eiseres het doel uitgebreid met onder meer “het verschaffen van logies voor gemeubeld, kortstondig verblijf, al dan niet in combinatie met het verschaffen van maaltijden, met of zonder restaurant of waar uitsluitend een ontbijt wordt geserveerd”. Aan de woning worden verschillende werken uitgevoerd waarvan de btw in aftrek wordt gebracht. Bij een controle wordt vastgesteld dat niet is aangetoond dat eiseres de intentie had om een btw-activiteit uit te oefenen middels het aangekochte onroerend goed en wordt de btw-aftrek verworpen.

2\. Vonnis

De rechtbank stelt vast dat uit de fiscale controle van eiseres onder meer is gebleken dat het pand na het beëindigen van de renovatiewerken niet werd verhuurd, dat er geen publiciteit werd gemaakt voor het concept en er verschillende elementen naar voor kwamen die erop wezen dat er sprake was van privégebruik door de bestuurder van eiseres in de betrokken periode. Er was sprake van een verhuisfactuur, een abonnement op Play Sports en uit de energiefacturen werd vastgesteld dat er een intensief elektriciteits- en gasverbruik was in de betrokken periode, wat wijst op een doorlopend gebruik. De rechtbank besluit dat de aftrek van de btw op grond van [artikel 45, §1 WBTW](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-45) terecht werd verworpen.

**Volledige tekst:**

### Tekst van de beslissing

**Vonnis van de Rechtbank van eerste aanleg Antwerpen, afdeling Antwerpen dd. 28.03.2025 -**

**Rolnr. 24/387/A**

Inzake:

**F.** met zetel te …, KBO: 08…96

eiseres

\- vertegenwoordigd ter zitting door meester M.D., advocaat, met kantoor te …

\- meester M.D. verschijnt eveneens loco meester M.D., advocaat, met

kantoor te …,

\- de heer F.J., met rijksregisternummer 52…, in

hoedanigheid van bestuurder

TEGEN:

**DE BELGISCHE STAAT,**

Federale Overheidsdienst Financiën, Algemene Administratie van de Fiscaliteit,

\- vertegenwoordigd door de Adviseur-generaal, Directeur van het KMO Centrum Antwerpen

764, met kantoren gevestigd te 2000 Antwerpen, Italiëlei 4 bus 2,

\- vertegenwoordigd door Adviseur-Invordering-Ontvanger van het Team Invordering

Rechtspersonen Antwerpen 1, met kantoor te 2000 Antwerpen, Italiëlei 4 bus 1

met als correspondentieadres te 9050 Ledeberq (Gent), Gaston Crommenlaan 6 bus 764, KBO:

0308.357.159

verweerder

\- vertegenwoordigd door N.D., in hoedanigheid van rijksambtenaar voor de Federale Overheidsdienst Financiën.

Gezien de stukken in het dossier der rechtspleging, onder meer:

\- het verzoekschrift toegekomen ter griffie op 25 januari 2024, ingeschreven op 26 januari

2024,

\- de beschikking verleend overeenkomstig artikel 747, §1 van het Gerechtelijk Wetboek op 1

maart 2024,

\- de besluiten van partijen.

Gelet op de wet van 15 juni 1935 op het gebruik van talen in de gerechtszaken.

Gehoord partijen in hun middelen en gezegden ter zitting van 28 februari 2025.

---

## 1. Feiten en procedurele voorgaanden

Huidige betwisting betreft de btw-schuld met schuldnummer 50…13, opgenomen in het innings-en invorderingsregister op 27 december 2022 en uitvoerbaar verklaard op 28 december 2022 en het proces-verbaal van regularisatie van 29 november 2022 zoals bevestigd door de administratieve beslissing van 26 oktober 2023.

Eiseres is ais btw-belastingplichtige geregistreerd onder het nummer BE… voor de activiteit van 'hotels en dergelijke accommodatie', 'adviesbureau's op het gebied van public relations en communicatie', 'organisatie van congressen en beurzen' en \`overige zakelijke dienstverlening, n.e.g.'.

Op 12 december 2018 kocht eiseres een woning aan gelegen te K•••••-H••••, V•••••••• • inclusief inboedel en meubels voor een prijs van 2.025.000,00 euro (stuk 19 AD).

Op 12 december 2018 werd bij buitengewone algemene vergadering het doel van eiseres uitgebreid met onder meer "het verschaffen van logies voor gemeubeld, kortstondig verblijf, al dan niet in combinatie met het verschaffen van maaltijden, met of zonder restaurant of waar uitsluitend een ontbijt wordt geserveerd" (artikel 3 van de statuten) (stuk 2 eiseres). Deze activiteiten werden tevens toegevoegd in de KBO en ter kennis gebracht aan de btw-administratie (stuk 3 eiseres).

Op 14 december 2021 werd een fiscale controle aangekondigd voor de aanslagjaren 2020 en 2021 betreffende de toepassing van de wetgeving en de regiementering inzake de belasting over de toegevoegde waarde voor de periode van 01/01/2019 tot 31/12/2020 (stuk 5 AD), waarbij werd verzocht een back-up van de corresponderende boekhouding te bezorgen.

De belastingadministratie verstuurde verschillende vragen om inlichtingen aan eiseres, waarop telkens tijdig werd geantwoord met voeging van documenten (stukken 5 t.e.m. 12 AD).

Op 29 november 2022 heeft de belastingadministratie een proces-verbaal van regularisatie opgesteld waaruit blijkt dat zij van oordeel is dat er sprake is van i) inbreuken op de aftrekregeling ten aanzien van handelingen die de belastingplichtige niet gebruikt voor het verrichten van in [artikel 45 §1 WBTW](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-45) bedoelde handelingen, ii) inbreuken op de aftrekregeling ten aanzien van kosten van onthaal en iii) inbreuken op de aftrekregeling ten aanzien van handelingen die de belastingplichtige niet gebruikt voor het verrichten van in [artikel 45, §1 WBTW](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-45) bedoelde handelingen (stuk 1 AD). Dit proces-verbaal werd eiseres ter kennis gebracht per aangetekend schrijven van 1 december 2022.

Op 27 december 2022 werd de btw-schuld met schuldnummer 500.2644.16013 opgenomen

in het innings- en invorderingsregister en uitvoerbaar verklaard op 28 december 2022. Middels

het betaalbericht d.d. 27 februari 2023 werden volgende bedragen gevorderd (stuk 2 AD):

\- btw in hoofdsom: 70.440,99 euro

\- geldboete (10%): 7.040,00 euro

\- interesten (vanaf 21/01/2021): 4.475,18 euro

Totaal: 81.956,17 euro

De raadsman van eiseres diende op 28 februari 2023 een bezwaarschrift in tegen voormelde navordering, met uitzondering van het onderdeel "inbreuken op de aftrekregeling ten aanzien van kosten van onthaal", waarmee eiseres zich akkoord heeft verklaard (stuk 3 AD).

Bij administratieve beslissing van 26 oktober 2023 werd het bezwaar van eiseres gedeeltelijk gegrond verklaard (stuk 4 AD).

Bij verzoekschrift neergelegd ter griffe op 25 januari 2024 stelde eiseres een vordering in rechte in.

## 2. Vorderingen van partiien

De vordering van eiseres strekt ertoe:

\- de vordering van eiseres toelaatbaar, ontvankelijk en gegrond te verklaren;

bijgevolg, de btw-schuld met schuldnummer 500.2644.16013, op 27 december 2022 opgenomen in het innings- en invorderingsregister, uitvoerbaar verklaard op 28 december 2022 en aan eiseres ter kennis gebracht middels het innings- en invorderingsbericht d.d. 27 februari 2023 en het proces-verbaal van regularisatie d.d. 29 november 2022, zoals beide bevestigd door de administratieve beslissing d.d. 26 oktober 2023, te vernietigen, minstens te ontheffen en te zeggen voor recht dat de bedragen erin vermeid ten titel van btw, geldboeten en interesten niet verschuldigd zijn;

\- in ondergeschikte orde, eiseres kwijtscheiding of minstens een aanzienlijke en substantiële vermindering van de nalatigheidsinteresten en de opgelegde boete te verlenen;

\- verweerder te veroordelen tot de terugbetaling aan eiseres van alle bedragen ten titel van btw, geldboeten en interesten, die reeds door eiseres werden betaald of door verweerder werden ingehouden ter dreiging van de beweerde btw-schuld, te verhogen met de wettelijke en gerechtelijke interesten;

\- verweerder te veroordelen tot de kosten van het geding, met inbegrip van de bijdrage aan het begrotingsfonds voor juridische tweedelijnsbijstand t.b.v. 24,00 euro en de (desgevallend geïndexeerde) rechtsplegingsvergoeding t.b.v. 4.500,00 euro.

Verweerder verzoekt de rechtbank:

\- het verzoekschrift van eiseres ontvankelijk te verklaren;

doch de vordering ongegrond te verklaren;

dienvolgens te bevestigen dat de in het innings- en invorderingsregister onder het

nummer 500.2644.16013 opgenomen bedragen verschuldigd zijn;

\- eiseres te veroordelen tot alle kosten van het geding.

## 3. Ontvankelijkheid

De ontvankelijkheid van de vordering van eiseres wordt door verweerder niet betwist. Er zijn evenmin ambtshalve aan te voeren bezwaren betreffende de ontvankelijkheid.

De vordering van eiseres is dan ook ontvankelijk.

## 4. Beoordeling

### 4.1. lnbreuken op [artikel 45, § 1 WBTW](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-45)

Eiseres heeft op 12 december 2018 een onroerend goed aangekocht te Knokke-Heist voor een prijs van 2.025.000,00 euro (inclusief inboedel en meubels) (stuk 19 AD). Gedurende de kalenderjaren 2019 en 2020 werden verschillende kosten gemaakt m.b.t. dit onroerend goed en de betaalde btw hierop werd in aftrek genomen.

Standpunt partijen

De belastingadministratie is van oordeel dat eiseres niet aantoont dat zij de intentie had om een btw-activiteit uit te oefenen middels het aangekochte onroerend goed. De belastingadministratie verwijst o.m. naar het gebrek aan promotie voor het concept, aisook het gebrek aan uitgeschreven facturen, ondanks het feit dat het concept ondertussen al meerdere jaren zou bestaan. Eiseres heeft in 2018 weliswaar het doel van de vennootschap uitgebreid maar dit betekent niet dat zij daadwerkelijk ook een economische activiteit heeft ontplooid. Volgens de belastingadministratie gaat het eerder om privématige kosten, wat wordt bevestigd door de 'herbestemming' van het onroerend goed in 2024.

Eiseres meent dat de in het proces-verbaal van regularisatie d.d. 29 november 2022 geviseerde goederen en diensten wel degelijk bestemd zijn voor de economische activiteit van eiseres, namelijk het verschaffen van gemeubeld logies in 'Villa Time Out' te Knokke-Heist. Eiseres werpt op dat het wel degelijk de bedoeling was dat het onroerend goed zoveel mogelijk verhuurd zou worden (verhuur op korte termijn, met toepassing van btw) om op jaarlijkse basis aanzienlijke inkomsten te verwerven en zodoende ook op deze activiteit een positief exploitatieresultaat te realiseren. De coronapandemie vanaf midden maart 2020 heeft de plannen die ze had voor de exploitatie van het pand volledig doorkruist. Nadien bleek het concept niet aan te slaan en werd n.a.v. de fiscale controle besloten om het onroerend goed - in afwachting van een verkoop wanneer de marktomstandigheden optimaal zijn - te laten gebruiken door eiseres en tevens ter beschikking te stellen van de bestuurder van eiseres ais bezoldiging in natura (stukken 11 en 12 eiseres). Op 31 januari 2024 heeft de bestuurder van eiseres er zijn domicilie gevestigd (stuk 17 AD). De bestuurder van eiseres heeft op 21 maart 2024 een gedeelte van de meubels en inrichtingswerken overgekocht van eiseres (stuk 14 eiseres). Begin 2024 heeft eiseres ook haar btw-statuut aangepast en spontaan de nodige herzieningen doorgevoerd (stukken 3 en 13 eiseres).

Beoordeling

Overeenkomstig [artikel 45, §1 WBTW](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-45) mag een btw-belastingplichtige, op de belasting die hij verschuldigd is, de belasting geheven van de aan hem geleverde goederen en verleende diensten, van de door hem ingevoerde goederen en de door hem verrichte intracommunautaire verwervingen van goederen in aftrek brengen, in de mate dat hij die goederen en diensten gebruikt voor het verrichten van handelingen onderworpen aan de btw.

Op grond van [artikel 45, §1 WBTW](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-45) en van [artikel 1, §2 KB nr. 3](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-3-december-betrekking-aftrekregeling-toepassing-belasting-8aeb#ar3-art1) van 10 december 1969, komt in geen geval voor aftrek in aanmerking, de btw geheven van de goederen en diensten die een

belastingplichtige bestemt voor privédoeleinden of voor andere doeleinden dan die van de economische activiteit. Wanneer een goed of een dienst bestemd is om gedeeltelijk voor zulke doeleinden te worden gebruikt, is het recht op aftrek naar verhouding van dat gebruik uitgesloten.

De rechtbank stelt vast dat uit de fiscale controle van eiseres voor de betrokken periode o.m. is gebleken dat:

\- het pand na het beëindigen van de renovatiewerken niet werd verhuurd in de betrokken aanslagjaren. Voor de jaren nadien werden er slechts drie facturen voorgelegd m.b.t. een verhuur (stuk 13 AD). Eén factuur uitgereikt aan D.O. BV betrof een vakantieverhuur (1/8/2021-20/8/2021). De twee overige facturen werden uitgeschreven aan de verbonden vennootschap BV O. voor de verhuur van een kantoorruimte, hoewel deze vennootschap al een kantoor had en niet over personeel beschikte (stuk 20 AD). De facturen waren bovendien vaag en er werden geen huurovereenkomsten voorgelegd. Geen enkele verhuur kaderde bovendien in het concept van ‘V.T.O.’;

er geen publiciteit werd gemaakt voor het concept ‘V.T.O’. Er wordt door eiseres verwezen naar de website ,evenwel werd vastgesteld, en dit wordt door eiseres ter zitting ook bevestigd, dat deze pas actief was sedert februari 2021. Eiseres verwijst verder naar promotie via professionele netwerken zoals Linkedln, hiervan werden evenwel geen stukken voorgelegd. De bewering dat de gratis evenementen zoals de wijndegustatie d.d. 26 september 2020 (stuk 14 AD) en het try-out event d.d. 18 juni 2021 (stuk 16 AD), bedoeld waren om potentiële huurders te laten kennis maken met het concept wordt niet onderbouwd met stukken;

er verschillende elementen naar voor kwamen die erop wezen dat er sprake was van privégebruik door de bestuurder van eiseres in de betrokken periode:

•de verhuisfactuur d.d. 2 maart 2019 m.b.t. 19 verhuisdozen en zijdepapier voor het inpakken van kunstwerken ten tijde van de echtscheiding van de bestuurder van eiseres (stuk 18 AD). Dat deze verhuisfactuur betrekking zou hebben op het demonteren, verhuizen en monteren van een bureelkast en vergadertafel + stoelen die zouden aangewend worden in het onroerend goed te Knokke-Heist en archieven van eiseres blijkt nergens uit;

•de facturen van E. waarbij werd vastgesteld dat er een intensief elektriciteits- en gasverbruik was in de betrokken periode, wat wijst op een doorlopend gebruik;

•de facturen van T. met een abonnement op Play Sports.

Naar het oordeel van de rechtbank blijkt uit het geheel van deze feitelijke elementen wel degelijk dat er geen daadwerkelijke intentie was om een economische activiteit uit te oefenen middels het onroerend goed te Knokke-Heist. De argumentatie van eiseres in conclusie en ter zitting is niet van aard om anderszins te besluiten.

De rechtbank dient aldus te besluiten dat de aftrek van de btw op grond van [artikel 45, §1 WBTW](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-45) terecht werd verworpen. De latere 'herbestemming' van het onroerend goed in 2024 doet hier geen afbreuk aan.

### 4.2. Verzoek tot kwijtschelding van de geldboete

Krachtens [artikel 70, §1bis WBTW](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-70) en tabel H van de bijlage bij het KB nr. 41 van 30 januari 1987 werd een proportionele boete van 10% van het bedrag van de verkeerdelijk in aftrek gebrachte belasting opgelegd.

De rechtbank acht de toepassing van een proportionele geldboete van 10% rekening houdende met de concrete omstandigheden in huidige zaak gerechtvaardigd en evenredig met de begane inbreuken.

De rechtbank ziet dan ook geen reden om de geldboete kwijt te schelden of te verminderen.

### 4.3. Verzoek tot kwijtschelding van de nalatigheidsinteresten

Overeenkomstig artikel 70 WMGI mag in bijzondere gevallen de adviseur-generaal van de administratie van de Federale Overheidsdienst Financiën belast met de inning en de invordering van de fiscale en niet-fiscale schuldvorderingen of zijn gemachtigde ambtenaar, onder de door hem bepaalde voorwaarden, vrijstelling verlenen voor al de nalatigheidsinteresten of een deel ervan verschuldigd op de fiscale en niet-fiscale schuldvorderingen.

De bevoegdheid om vrijstelling van nalatigheidsinteresten toe te kennen komt aldus enkel toe aan de adviseur-generaal. De rechtbank kan enkel nagaan of de beslissing van de adviseur-generaal in overeenstemming met de wet genomen werd en deze desgevallend vernietigen. De rechtbank mag zich niet in de plaats van de adviseur-generaal stellen en in zijn plaats de gevraagde vrijstelling toestaan.

De rechtbank stelt vast dat door eiseres geen verzoek tot vrijstelling of vermindering van nalatigheidsinteresten werd gericht aan de bevoegde adviseur-generaal van de administratie van de inning en invordering. Nu een dergelijke beslissing van de adviseur-generaal niet voorligt, kan de rechtbank aldus niet oordelen over dit onderdeel van de vordering van eiseres.

## 5. Kosten van het geding

Eiseres dient als de in het ongelijk gestelde partij veroordeeld te worden tot de kosten van het geding.

Aangezien verweerder niet wordt vertegenwoordigd of wordt bijgestaan door een raadsman, dient er geen rechtsplegingsvergoeding te worden bepaald.

### Beschikkend gedeelte

## OM DEZE REDENEN

**DE RECHTBANK**

Rechtdoende op tegenspraak.

Alle andere en strijdige conclusies verwerpend.

Verklaart de vordering van eiseres ontvankelijk maar ongegrond.

Veroordeelt eiseres tot de kosten van het geding, in hoofde van de Belgische Staat niet begroot en door de rechtbank vereffend op 0,00 euro.

Verklaart de bijdrage voor het Begrotingsfonds voor de juridische tweedelijnsbijstand, die werd gestort door eiseres, definitief verworven voor het fonds.

Dit vonnis werd uitgesproken op **achtentwintig maart tweeduizend vijfentwintig** in openbare zitting van de Kamer AFil, die samengesteld was uit:

M.D., rechter

N.D., griffier

### Nota van de FOD Financiën

## Referentie WF

WF 707-15-23/014210 - Finality 27188314

De gegevens van een partij die de FOD Financiën leesbaar liet (privéadres) zijn hier door punten vervangen. De tekst is nergens anders gewijzigd.

## Aangehaalde teksten

3

[WBTW art. 45](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-45) 9 voorkomens

[KB nr. 3 art. 1](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-3-december-betrekking-aftrekregeling-toepassing-belasting-8aeb) 1 voorkomen

[WBTW art. 70](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-70) 1 voorkomen

## Vergelijkbare beslissingen

8

[Recht op aftrek, Herziening recht op aftrek](https://juriel.be/nl/rechtspraak/recht-aftrek-herziening-uitoefening-beroepswerkzaamheid-hof-van-beroep-antwerpen-2021-02-0056) 2 gemeenschappelijke bepalingen

[Recht op aftrek, Aanwending voor de beroepsactiviteit, Bewijslast](https://juriel.be/nl/rechtspraak/recht-aftrek-aanwending-beroepsactiviteit-bewijslast-hof-van-beroep-luik-2021-01-18-0480) 2 gemeenschappelijke bepalingen

[Recht op aftrek, Facturen van onderaannemers, Verplichte vermeldingen](https://juriel.be/nl/rechtspraak/recht-aftrek-facturen-onderaannemers-verplichte-rechtbank-bergen-2019-04-09-0896) 2 gemeenschappelijke bepalingen

[Kwijtschelding of vermindering btw-boete, evenredigheidsbeginsel](https://juriel.be/nl/rechtspraak/kwijtschelding-vermindering-btw-boete-evenredigheidsbeginsel-rechtbank-hasselt-2023-02-16-180a) 2 gemeenschappelijke bepalingen

[Fiscale controle, Proces-verbaal](https://juriel.be/nl/rechtspraak/fiscale-controle-proces-verbaal-rechten-rechtbank-namen-2021-06-23-191f) 2 gemeenschappelijke bepalingen

[Voetbalclub, Gemengde belastingplichtige, Werkelijk gebruik](https://juriel.be/nl/rechtspraak/voetbalclub-gemengde-belastingplichtige-werkelijk-gebruik-hof-van-beroep-antwerpen-2021-09-21-28a1) 2 gemeenschappelijke bepalingen

[Gerechtelijke procedure, Kracht van gewijsde, Vaststellingen](https://juriel.be/nl/rechtspraak/gerechtelijke-procedure-kracht-gewijsde-vaststellingen-hof-van-beroep-bergen-2021-10-20-32fc) 2 gemeenschappelijke bepalingen

[Btw-carrousel, Deelname, Weigering van de aftrek](https://juriel.be/nl/rechtspraak/btw-carrousel-deelname-weigering-aftrek-hof-van-beroep-brussel-2020-09-10-35f7) 2 gemeenschappelijke bepalingen
