Fiche van de FOD Financiën
Vonnis van de Rechtbank van Eerste aanleg te Gent d.d. 16.06.2005
Samenvatting niet beschikbaar
Tekst van het vonnis
Tekst van de beslissing
DE RECHTBANK VAN EERSTE AANLEG TE GENT – ZESDE KAMER – OPENBARE TERECHTZITTING VAN 16 JUNI 2005
Algemene rol nummer : 02/3804/A
In de zaak van :
NV D. E., met zetel te …, …, ingeschreven in het H.R. te … onder nr. …,
eiseres,
voor wie optreedt meester J. T., advocaat te …, …,
tegen :
DE BELGISCHE STAAT, vertegenwoordigd door de Minister van Financiën, Administratie van de BTW Registratie en Domeinen, in de persoon van de Ontvanger van het eerste BTW-Ontvangkantoor te Gent, met burelen te 9000 Gent, Martelaarslaan 23,
verweerder,
voor wie optreedt meester E. V. A., advocaat te …, …,
vonnist de rechtbank als volgt :
1. RECHTSPLEGING
De partij en werden gehoord in hun middelen en conclusies op de openbare terechtzitting van 19.5.2005, waarna het debat werd gesloten en de zaak in beraad werd genomen.
Het dossier van de rechtspleging en de overtuigingsstukken werden ingezien in het bijzonder de geding inleidende dagvaarding aan verweerder betekend op 9.10.2002, de onderscheiden conclusies van de partijen evenals de onderscheiden dossiers.
2. DE VORDERING
De vordering van eiseres zoals uiteindelijk gesteld in conclusies strekt ertoe :
het dwangbevel d.d. 20.2.2002 te vernietigen en de vordering van de Belgische Staat ongegrond te horen verklaren;
de terugbetaling te horen bevelen van alle bedragen die wederrechtelijk werden geïnd, verhoogd met de intresten sedert de datum van de betaling;
verweerder te veroordelen tot de kosten.
3. FEITEN EN GESCHIL
Eiseres is concessiehouder van VW AUDI en wegens haar geregelde economische activiteit van verkoop en herstelling van voertuigen geregistreerd als BTW belastingplichtige en onderworpen aan de BTW-wetgeving.
Eiseres verhuurt tegen een prijs afhankelijk van het type personenwagens aan klanten in die zin dat ze wagens ter beschikking stelt van klanten die tijdelijk niet kunnen beschikken over hun eigen voertuig dat ze binnenbrachten voor onderhoud of herstelling of die in afwachting waren van de levering van hun nieuwe wagen.
De BTW op de aanschaf van deze wagens trok eiseres af a rato van 100 %.
In 1998 heeft eiseres uit de voorraad wagens voor verkoop, 4 personenwagens in gebruik genomen voor verhuur en nadien verkocht.
Op 23 en 24 januari 2000 werd bij eiseres een fiscale controle verricht teneinde de toepassing te controleren van de wetgeving en de reglementering inzake BTW voor de periode van 1.1.1996 tot 31.12.1999, later verlengd tot 31.12.2000.
Door de verbaliserende ambtenaar werden volgende onregelmatigheden en overtredingen inzake de toepassing van de BTW vastgesteld :
- het volledig in aftrek brengen van de BTW geheven van voertuigen gebruikt voor de verhuur ervan (art.45, § 2, tweede lid W.BTW);
- de ingebruikneming van 4 personenwagens om te verhuren daar waar deze voertuigen voordien zijn aangekocht met het oog op verkoop (en waarvoor eiseres de op de aankoop betaalde BTW volledig in aftrek had gebracht),
(inbreuk op art. 12, § 1, eerste lid, 3° W.BTW);
Op 24.4.2001 werd een correctieopgave voor akkoordverklaring toegestuurd aan eiseres.
Eiseres verklaarde zich hiermee niet akkoord, waarop een ministeriële beslissing d.d. 2.4.2002 volgde.
De inbreuken alsmede de eruit voortvloeiende vordering werd opgenomen in het proces-verbaal van 13.12.2001 dat aan eiseres werd ter kennis gebracht.
Aangezien eiseres niet akkoord was werd op 25.1.2002 een dwangbevel uitgevaardigd dat op 31.1.2002 werd geviseerd en uitvoerbaar verklaard en bij aangetekend schrijven d.d. 20.2.2002 ter kennis gebracht van eiseres.
Eiseres was volgende bedragen verschuldigd aan de Staat :
BTW : … EUR
fiscale geldboeten : … EUR
intresten gerekend tot 20.1.2001 : … EUR
intresten vanaf 21.1.2001 : p.m.
Bij dagvaarding d.d. 9.10.2002 tekent eiseres verzet aan tegen dit dwangbevel.
4. BESPREKING
Krachtens art.45, § 1 W.BTW mag elke belastingplichtige op de belasting die hij verschuldigd is in aftrek brengen de belasting geheven van de aan hem geleverde goederen, van de door hem verrichte intracommunautaire verwervingen van goederen, in de mate dat hij die goederen en diensten gebruikt voor het verrichten van onder meer belaste handelingen.
Krachtens art. 45, § 2, eerste lid W.BTW mag de aftrek in geen geval hoger zijn dan 50 % van de betaalde belasting ten aanzien van de levering, de invoer en de intracommunautaire verwerving van automobielen voor personenvervoer, daaronder begrepen de voertuigen die zowel voor personenvervoer als voor goederenvervoer kunnen dienen, en ten aanzien van goederen en diensten met betrekking tot die voertuigen.
Art. 45, § 2, tweede lid, a) W.BTW stelt dat de aftrekbeperking niet van toepassing is "op voertuigen bestemd om te worden verkocht of te worden verhuurd door een belastingplichtige die een specifieke economische activiteit uitoefent die bestaat in de verkoop of de verhuur van automobielen"
De betwisting betreft de interpretatie van deze laatste bepaling.
Uit de redactie van art. 45, § 2 W.BTW, de achtereenvolgende wijzigingen die eraan werden aangebracht en de erbij gegeven toelichtingen volgt dat art. 45, § 2, tweede lid, a) W.BTW enkel in die zin kan worden geïnterpreteerd dat de bepaling van art. 45, § 2, eerste lid W.BTW niet van toepassing is in twee onderscheiden gevallen :
- enerzijds op de voertuigen bestemd om te worden verkocht door een belastingplichtige die een specifieke economische activiteit uitoefent die bestaat in de verkoop van automobielen;
- anderzijds op de voertuigen bestemd om te worden verhuurd door een belastingplichtige die een specifieke economische activiteit uitoefent die bestaat in de verhuur van automobielen. (zie Gent 16.9.2003 nr. 2001/AR/1819; Rb. Antwerpen, 11.4.2002, Fisc. Koer.2002, afl.14, 472; Rb. Antwerpen 5.6.2002, Fiscoloog nr. 862, p. 10; Rb. Gent 28.11.2002 AR nrs. 01/2066/A en 99/3359/B samengevoegd).
Aldus heeft eiseres slechts recht op de volledige aftrek van BTW met betrekking tot voertuigen die bestemd zijn om te worden verhuurd indien de verhuuractiviteit op zich een specifieke economische activiteit uitmaakt.
In casu blijkt dat eiseres geregeld voertuigen verhuurt. Voor de verhuring worden vaste huurtarieven aangerekend naargelang het type wagen en deze dienst wordt afzonderlijk gefactureerd met BTW. Reclame naar buiten werd gemaakt in de garage waar de terbeschikkingstelling, tegen betaling, van een vervangwagen vermeld stond op een bord.
Hieruit volgt dat eiseres een specifieke economische activiteit uitoefent die bestaat in de verhuur van voertuigen.
In casu doet het feit dat eiseres niet aan iedereen zou verhuren, doch slechts aan een beperkte doelgroep, nl. aan de klanten van eiseres die hun wagen binnenbrachten voor onderhoud of herstelling of die in afwachting waren van de levering van hun nieuwe wagen hieraan geen afbreuk, evenmin als het feit dat eiseres als verhuurder van voertuigen geen reclame maakt naar het publiek in het algemeen. (zie in dezelfde zin Rb. Antwerpen 5.6.2002, Fiscoloog nr. 862, p. 10).
Eiseres die een specifieke economische activiteit uitoefent die bestaat in de verhuur van automobielen heeft dan ook recht op de volledige aftrek van BTW met betrekking tot de voertuigen die bestemd zijn om te worden verhuurd.
Ten aanzien van de inbreuk op artikel 12, § 1, 3° W.BTW. betreffende de ingebruikneming als bedrijfsmiddel is omwille van bovenvermelde reden per saldo geen BTW verschuldigd.
Beschikkend gedeelte
Op die gronden,
De rechtbank,
Rechtdoende op tegenspraak,
Melding makende dat de bepalingen van de artikelen 2 en 30 tot 42 van de wet op het taalgebruik in gerechtszaken werden nageleefd;
Alle meeromvattende of strijdige conclusies verwerpend als niet terzake dienend;
Verklaart de vordering van eiseres ontvankelijk en gegrond;
Vernietigt het dwangbevel;
Veroordeelt verweerder tot terugbetaling van de bedragen die desgevallend inmiddels teveel werden geïnd te vermeerderen met de moratoriumintresten;
Veroordeelt verweerder tot de kosten van het geding tot dusver begroot als volgt :
aan de zijde van eiseres :
dagvaardingskosten : … EUR
rechtsplegingsvergoeding : … EUR,
aan de zijde van verweerder :
rechtsplegingsvergoeding : … EUR.
Aldus gevonnist en uitgesproken in de openbare terechtzitting van de zesde burgerlijke kamer van de rechtbank van eerste aanleg te Gent op 16 juni 2005, waar aanwezig waren :
J. D. B., alleenzetelend rechter,
M. V., griffier.
M. V. J. D. B.
Aangehaalde referentie
Sneltoetsen
Niet actief tijdens het typen in een veld.
- Zoeken in de tekst
- /Ctrl/⌘ F
- Volgende / vorige treffer
- EnterShift Enter
- Volgende / vorige sectie
- JK
- Leesmodus
- L
- Een paneel sluiten
- Esc
De leesmodus verbergt de inhoudsopgave en de kerncijfers, vergroot de tekst en centreert de kolom.