Fiche van de FOD Financiën
Vonnis van de Rechtbank van Eerste aanleg te Brugge d.d. 06.03.2007
Samenvatting niet beschikbaar
Tekst van het vonnis
Tekst van de beslissing
De Rechtbank van eerste aanleg te Brugge, VIERDE KAMER, heeft het hierna volgend vonnis verleend :
In de zaak 04/886/A Rep. nr. 2007/3401
de heer D. P., dierenarts, (BTW-nr. …), wonende te …, …,
eiser,
voor wie optreedt Meester F. K., advocaat met kantoor te …, … en Meester C. V. M., advocaat met kantoor te …, …,
tegen :
De BELGISCHE STAAT, FOD FINANCIËN, Administratie van de Ondernemings- en Inkomensfiscaliteit, in de persoon van de Rekenplichtige van het 1e BTW-Ontvangkantoor te KORTRIJK, met burelen te 8500 KORTRIJK, Hoveniersstraat 31,
verweerder,
voor wie optreedt Meester F. W., advocaat met kantoor te …, …,
I. RECHTSPLEGING
Gelet op het inleidend verzoekschrift d.d. 16 maart 2004.
De rechtbank nam kennis van het dossier van de rechtspleging en van de door partijen overlegde bundels.
Partijen werden gehoord in hun middelen bij monde van hun raadsman in de openbare terechtzitting van 6 februari 2007.
Artikel 2 en volgende van de wet van 15 juni 1935 op het gebruik der talen in gerechtszaken werden in acht genomen.
ll. BIJZONDERSTE GEGEVENS VAN DE ZAAK
1. Eiser is ingeschreven als BTW-belastingplichtige onder het BTW-registratienummer BE …, voor de activiteit van het verlenen van veterinaire diensten. Hij is derhalve onderworpen aan de bepalingen van de BTW-wetgeving en de ter uitvoering ervan genomen besluiten.
Op 13 oktober 2003 werd door B. H., e.a. inspecteur bij de administratie van de BTW en ter beschikking gesteld van de Administratie van de Ondernemings- en Inkomensfiscaliteit, een controle uitgevoerd over de toepassing van de wetgeving en de reglementering inzake de belasting over de toegevoegde waarde over de periode van 1 januari 2000 tot 31 december 2001.
Op 8 december 2003 werden de overtredingen en vaststellingen opgenomen in een proces-verbaal door voormelde ambtenaar.
Op 16 december 2003 werd op basis van dit proces-verbaal door de bevoegde ambtenaar van het BTW-ontvangkantoor te Kortrijk een dwangbevel uitgevaardigd.
Voormeld dwangbevel werd op 17 december 2003 geviseerd en uitvoerbaar verklaard door R. L., gewestelijke directeur van de belasting over de toegevoegde waarde te Brugge.
Tegen dit dwangbevel werd op 16 maart 2004 verzet aangetekend door eiser.
2. Eiser vraagt dat :
- de vordering ontvankelijk en gegrond wordt verklaard;
- het dwangbevel wordt vernietigd;
- minstens kwijtschelding of substantiële vermindering van de boete en intresten wordt verleend;
- teruggave wordt bevolen van de ten onrechte ingevorderde bedragen, te vermeerderen met de intresten;
- verweerder wordt veroordeeld tot alle kosten van het geding, met inbegrip van de rechtsplegingsvergoeding;
- het vonnis uitvoerbaar bij voorraad wordt verklaard, spijts elke voorziening en zonder borgstelling of kantonnement.
3. Verweerder vraagt dat de vordering van eiser ongegrond wordt verklaard en dat eiser wordt veroordeeld tot de kosten van het geding, met inbegrip van de rechtsplegingsvergoeding.
III. BEOORDELING
A. Betreffende de toelaatbaarheid
Verweerder voert geen redenen aan die tot de ontoelaatbaarheid van de eis kunnen leiden. Nu de rechtbank evenmin middelen van ontoelaatbaarheid, die zij ambtshalve zou moeten opwerpen, vaststelt, is de eis toelaatbaar.
B. Betreffende de grond
1. betreffende een akkoord
1.1. Volgens eiser heeft de administratie der Directe Belastingen jarenlang, na controle, de aftrek van de kosten waarop de verworpen BTW-aftrek betrekking aanvaard. Aldus is een akkoord tot stand gekomen. Ook de BTW-administratie heeft zich gedurende al die jaren steeds geschikt.
1.2. Volgens verweerder is er helemaal geen akkoord. Bovendien kan eiser niet bewijzen dat alles i.v.m. de hoeve bedoeld is voor handelingen in het kader van zijn economische activiteit.
1.3. Uit de stukken blijkt dat betreffende de personenbelasting eiser regelmatig werd gecontroleerd en dat de kosten i.v.m. de hoeve werden aanvaard als beroepskosten. De aanvaarding door de Administratie der Directe belastingen gebeurde evenwel steeds onder voor behoud. Zo is voor de aanslagjaren 1995 en 1995 in de personenbelasting vermeld 'de zaak zal permanent gecontroleerd worden en getoetst aan de realiteit’. Voor aanslagjaren 1996 en 1997 werd genoteerd. 'De opname van de uitgaven inzake investering hoeve 1994 in de aangiften geldt dit niet als een individueel akkoord bindend voor de volgende jaren. Periodieke evaluatie mogelijk inzake bewijslast bedrijfsmatige aanwending; nagaan of de uitgaven en de inkomsten, die daarop betrekking hebben, kaderen in de uitoefening van een beroepsactiviteit'. De akkoordverklaringen inzake personenbelasting houden dus allemaal duidelijk een voorbehoud in wat betreft het aanvaarden van de beroepskosten inzake de hoeve. De aanvaarding van de kosten in het verleden kon door eiser niet worden beschouwd als een verworven recht.
De eerste controle inzake BTW na aankoop van de hoeve, gebeurde op 13 oktober 2003. Dus ook hier kan geen sprake zijn van een akkoord over de aftrek.
2. betreffende belastbare handelingen
1.2. Overeenkomstig artikel 45, § 1, 1° W.BTW mag elke belastingplichtige in aftrek brengen de belasting geheven van de aan hem geleverde goederen en verleende diensten, van de door hem ingevoerde goederen en de door hem verrichte intracommunautaire verwervingen in de mate dat hij die goederen en diensten gebruikt voor het verrichten van belastbare handelingen.
2.2. Eiser is dierenarts en stelt in het kader van die activiteit belastbare handelingen conform W.BTW.
Het is aan eiser om te bewijzen dat hij de hoeve en de dieren gebruikt voor deze economische activiteit. De rechtbank stelt evenwel vast dat hij dit bewijs niet levert. Het feit dat eiser de dieren verzorgt, is op zich geen bewijs dat de dieren gebruikt worden voor het verrichten van belastbare handelingen in het kader van zijn activiteit als dierenarts.
Verder levert eiser niet het bewijs dat de hoeve zou dienen voor de opslag van medicijnen. Bij de controle in oktober 2003 waren de medicijnen trouwens aanwezig in de woning van eiser. Volgens eiser was dit om inventaris te maken door zijn echtgenote en zijn echtgenote moet thuis zijn om de telefoon te kunnen beantwoorden. De rechtbank stelt zich dan ook de vraag wanneer de medicijnen zich zouden bevinden in de hoeve, Eiser bewijst hieromtrent niets.
Eiser levert evenmin het bewijs dat voertuig(-en) die worden gebruikt voor de dierenartsenpraktijk gestald worden in de hoeve of dat deze daar onderhouden zouden worden.
2.3. Eiser stelt dat hij ook belastbare handelingen stelt in het kader van de verhuur van paarden en koets bij trouwfeesten. De rechtbank stelt vast dat de paarden en de koets in 2000 tweemaal en in 2001 vijfmaal werden verhuurd voor trouwfeesten. De handelingen werden zodoende niet geregeld gesteld en betreffen geen belastbare handelingen in de zin van het W.BTW.
Het feit dat eiser facturen heeft opgemaakt en BTW heeft aangerekend voor niet belastbare handelingen, geeft niet het recht op aftrek van BTW.
3. betreffende kleine kosten en kledij
3.1. Gezien de verhuur van paarden en koets wegens niet geregeld gesteld geen belastbare handelingen zijn in de zin van het W.BTW (zie punt 2), is de kleding de eiser gebruikt bij deze verhuur geen beroepskledij.
Verweerder is wel akkoord om de aftrek van voorbelasting te aanvaarden betreffende de facturen 238 van 2000 en 20 van 2001 gezien het hier specifieke beroepskledij betreft voor de activiteit als dierenarts. Verweerder aanvaardt zodoende de aftrek van voorbelasting t.b.v. 3.905 BEF (96,80 EUR).
3.2. Voor het overige bewijst eiser niet de goederen gebruikt worden voor het verrichten van belastbare handelingen.
4. kwijtschelding van boete en intresten
4.1. Eiser heeft onterecht BTW afgetrokken. Gezien de ernst van de overtredingen meent de rechtbank dat een boete van 10 % in verhouding billijk is.
4.2. De wettelijke intrest is een normale vergoeding voor het gebruik van geld dat aan de schuldeiser van de hoofdsom al had moeten betaald zijn. Intresten op een BTWschuld is een schuld die de belastingplichtige moet dragen.
Er is geen aparte rechtsgrond die de rechtbank toestaat om rechtstreeks deze schuld kwijt te schelden.
C. Betreffende de kosten
Gezien eiser voor het grootste gedeelte in het ongelijk wordt gesteld, komt het de rechtbank gepast voor hem de gerechtskosten te laten dragen.
D. Betreffende de uitvoerbaarheid bij voorraad
Ingevolge artikel 377 WIB 1992 en artikel 92bis W.BTW kan een vonnis in fiscale zaken niet uitvoerbaar bij voorraad verklaard worden.
Beschikkend gedeelte
OM DEZE REDENEN,
DE RECHTBANK,
Wijzende in eerste aanleg en op tegenspraak.
Alle verdere middelen van partijen verwerpende als niet dienend.
Verklaart de eis van eiser toelaatbaar en in volgende mate gegrond.
Verklaart het bestreden dwangbevel van 16 december 2003 ongegrond in de mate dat het betreffende de BTW die ten onrechte in aftrek werd gebracht voor de jaren 2000 en 2001 - zoals verduidelijkt in het proces-verbaal van 8 december 2003, waarnaar het verwijst - een BTW opeisbaar stelt ten bedrage van 96,80 EUR.
Verklaart het bestreden dwangbevel van 16 december 2003 ongegrond in de mate dat het met betrekking tot de geldboete die - zoals verduidelijkt in het proces-verbaal van 8 december 2003, waarnaar het verwijst - werd opgelegd wegens de BTW die ten onrechte in aftrek werd gebracht voor de jaren 2000 en 2001 een bedrag opeisbaar stelt t.b.v. 9,60 EUR en wijst de vordering tot kwijtschelding of vermindering van het overige gedeelte van deze geldboete af.
Veroordeelt verweerder tot terugbetaling van de bedragen die op basis van het genoemde dwangbevel ten onrechte werden betaald of ingehouden.
Veroordeelt eiseres tot de kosten van het geding, aan haar zijde niet te begroten gezien ze haar ten laste blijven en aan de zijde van verweerder begroot op de rechtsplegingsvergoeding ten bedrage van 364,40 EUR.
Aldus gewezen en uitgesproken in openbare terechtzitting in het gerechtshof te Brugge op dinsdag zes maart tweeduizend en zeven.
Aanwezig zijn :
D. P. L., alleenrechtsprekend rechter;
L. N., griffier.
N. L. L. D. P.
Aangehaalde referentie
Sneltoetsen
Niet actief tijdens het typen in een veld.
- Zoeken in de tekst
- /Ctrl/⌘ F
- Volgende / vorige treffer
- EnterShift Enter
- Volgende / vorige sectie
- JK
- Leesmodus
- L
- Een paneel sluiten
- Esc
De leesmodus verbergt de inhoudsopgave en de kerncijfers, vergroot de tekst en centreert de kolom.