---
title: "Motivering bestuurshandelingen · Hof van beroep te Gent, 10 september 2019"
description: "Motivering bestuurshandelingen, geldboete -vermindering geldboete, fiscale boete, vermindering van de boete. Hof van beroep te Gent (België), 10 september 2019."
url: "https://juriel.be/nl/rechtspraak/motivering-bestuurshandelingen-geldboete-vermindering-fiscale-hof-van-beroep-gent-2019-09-10-a734"
lang: "nl"
---

# Motivering bestuurshandelingen, geldboete -vermindering geldboete, fiscale boete

**Rechtscollege**

Hof van beroep

**Zetel**

Gent

**Datum**

10 september 2019

## Over het document

**Verzameling**

Belgische rechtspraak

**Taal van de tekst**

Nederlands

**Strekking volgens de FOD**

gunstig voor de Belgische Staat

## Tekst

87 paragrafen

### Fiche van de FOD Financiën

Arrest van het Hof van beroep te Gent d.d. 10.09.2019

WF 708-15-17/012743

\[Gunstig voor de Belgische Staat\]

*Belasting over de toegevoegde waarde – motivering bestuurshandelingen – geldboete -vermindering geldboete*

## Wettelijke bepalingen

WBTW: art. 53, §1, 3° en art. 70 §1;

KB nr. 24 van 29 december 1992 met betrekking tot voldoening van de btw: art. 1, 5, §2 en 8, §2;

KB nr. 41 van 30 januari 1987 tot vaststelling van proportionele geldboeten met betrekking tot btw: Tabel G, eerste afdeling, rubriek 1,2. A;

## Samenvatting

## 1)Feiten en procedure in eerste aanleg

De belastingplichtige heeft een eetgelegenheid met volledige bediening aan de kust. Bij aangetekende brief deelde de btw-administratie (eiser in hoger beroep) de belastingplichtige op 14 november 2016 mee dat een bijzondere rekening zal worden opgemaakt wegens niet betaling van de btw binnen de in [art. 53, §1, 3° WBTW](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-53) bepaalde termijn. Op 10 januari 2017 werd het dwangbevel uitgevaardigd. Bij verzoekschrift werd een vordering in rechte gesteld voor de rechtbank te Brugge. De eerste rechter verklaart de fiscale vordering ontvankelijk en gegrond en zegt voor recht dat de bestreden boete van 15 % met de helft verminderd dient te worden en veroordeelt de partijen elk tot het betalen van hun eigen gerechtskosten. De administratie gaat hiertegen in beroep.

## 2)Procedure voor het hof van beroep

De administratie vraagt in hoger beroep de betwiste oorspronkelijke boete van 15% te bevestigen en de belastingplichtige te veroordelen tot het betalen van de gedingkosten van beide aanleggen.

De Belastingplichtige beklaagt zich over de gebrekkige motivering van de proportionele geldboete, in die zin dat de motivering zich beperkt tot de verwijzing naar de toegepaste wetgeving.

De rechter oordeelt dat de kennisgeving duidelijk aangeeft om welke reden een bijzondere rekening werd opgemaakt en op welke periode ze betrekking heeft en voor welke schuld, met de duidelijke opgave van de btw, de intresten en de boeten en een vermelding van de periodes waarop de betrokken bedragen betrekking hebben. De kennisgeving verstrekt een duidelijke toelichting over de berekening en vermindering van de opgelegde boete.

Het opmaken van de bijzondere rekening en het opleggen van de voorgeschreven geldboete van 15% doet zich hier voor in een context waarin de belastingplichtige herhaaldelijk gelijkaardige overtredingen heeft begaan.

In de concrete situatie waarin de belastingplichtige herhaaldelijk dezelfde overtreding blijft begaan, ontneemt het verminderen van de voorgeschreven boete haar repressief en preventief karakter. Daarmee wordt aan de belastingplichtige die dezelfde overtreding blijft begaan een verkeerd signaal gegeven en zal een vermindering van de boete hem er niet op dezelfde wijze toe aanzetten die overtreding in de toekomst niet meer te begaan. Het opnieuw opleggen van de boete van 15% in een context waarin de belastingplichtige systematisch dezelfde overtreding blijft begaan, komt in het geheel niet onredelijk of onevenredig voor. Er zijn aldus geen redenen om de boete van 15% te verminderen.

De geïntimeerde (belastingplichtige) wordt in het ongelijk gesteld en moet daarom de gerechtskosten van de beide instanties dragen.

**Tekst van het arrest**

### Tekst van de beslissing

**Arrest van het Hof van beroep, vijfde kamer te Gent d.d. 10.09.2019**

Rolnummer: 2018/AR/1044

In de zaak van:

**BELGISCHE STAAT/FEDERALE OVERHEIDSDIENST FINANCIEN**, Minister van Financiën, met kabinet te 1000 BRUSSEL, Wetstraat 12, vertegenwoordigd door de Adviseur Generaal van het KMO centrum Brugge, met burelen te 8000 BRUGGE, G. Vincke-Dujardinstraat 4, appellant, hebbende als raadsman mr. D. C., advocaat te …, …

**tegen**

**D. F.. ON** …, wonende te …, …, geïntimeerde, hebbende als raadsman mr. B. J., advocaat te …, …

wijst het hof het volgend arrest:

## 1De procedure voor het hof

Bij verzoekschrift van 29 mei 2018 heeft de appellante hoger beroep ingesteld tegen het vonnis dat door de rechtbank van eerste aanleg West-Vlaanderen, afdeling Brugge, vierde kamer, op 7 november 2017 werd uitgesproken in de zaak met rolnummer ….

De partijen hebben hun middelen en besluiten voorgedragen In de openbare terechtzitting van 11 juni 2019, waarna het debat werd gesloten. Het hof nam vervolgens de zaak in beraad. Het blijkt niet dat het bestreden vonnis werd betekend.

Het hof heeft de Nederlandse taal gebruikt in overeenstemming met de wet van 15 juni 1935 op het taalgebruik in gerechtszaken.

## 2De relevante feiten en de voorafgaande procedure

De geïntimeerde is geregistreerd als btw belastingplichtige voor de activiteit van de uitbating van een eetgelegenheid met volledige bediening onder het btw identificatienummer BE … op het adres …, …, gekend onder handelsbenaming 'A. V. D.'.

De geïntimeerde diende de periodieke btw-aangifte met betrekking tot het derde kwartaal 2016 in op 20 oktober 2016. Op basis van deze aangifte vertoonde de btw rekening-courant van de geïntimeerde op 31 oktober 2016 een aan de administratie verschuldigd saldo van … euro. De geïntimeerde heeft deze verschuldigde btw niet betaald binnen de in artikel 53, §1, 3° W.BTW bepaalde termijn.

Bij aangetekende brief van 14 november 2016 deelde de appellant aan de geïntimeerde mee dat een bijzondere rekening· zal worden opgemaakt voor het tijdvak dat voorafgaat aan 31 oktober 2016. De geïntimeerde werd hierbij verzocht de richtlijnen van het Team Beheer na te komen tot voldoening van de wegens de bijzondere rekening verschuldigde sommen.

Bij brief van 22 november 2016 wordt aan de geïntimeerde kennis gegeven van het opmaken van de bijzondere rekening, alsook de bijzondere rekening zelf, alsmede de door de appellant opgelegde geldboete van 15% ten bedrage van … euro wegens het niet betalen van de btw betreffende het tijdvak van 31 juli 2016 tot 31 oktober 2016. De bijzondere rekening werd opgesteld met het oog op de invordering en houdende het verzoek tot betaling van de volgende bedragen:

-… euro btw;

-… euro geldboete,

-… euro aan interesten (vanaf 21 november 2016).

Op 10 januari 2017 vaardigde de ontvanger een dwangbevel (nr. 500/1717/03615) uit dat geviseerd en uitvoerbaar verklaard werd op 12 januari 2017 en op 23 januari 2017 aan de geïntimeerde werd betekend.

Met een verzoekschrift van 3 februari 2017 stelde de geïntimeerde zijn vordering in voor de rechtbank van eerste aanleg West-Vlaanderen, afdeling Brugge. In het vonnis van 7 november 2017 heeft de vierde kamer van de rechtbank van eerste aanleg West-Vlaanderen, afdeling Brugge als volgt uitspraa\_k gedaan:

Verklaart de fiscale vordering ontvankelijk en gegrond in de mate zoals hierna bepaald. Zegt voor recht dat de bestreden boete wordt verminderd tot … EUR.

Wijst eiser van het overige af,

Veroordeelt de partijen elk tot het betalen van hun eigen gerechtskosten van deze procedure, in welke omstandigheden die kosten niet moeten worden begroot.

Het is tegen dat vonnis dat de appellant hoger beroep heeft ingesteld.

## 3De vorderingen van de partijen

## *3.1De vordering\_van de appellant*

De appellant vraagt in hoger beroep aan het hof om:

Het hoger beroep van appellant ontvankelijk en gegrond te verklaren.

Het bestreden vonnis v.an de rechtbank van eerste aanleg West-Vlaanderen, afdeling Brugge van 11 november 2017 (AR/344/A) te vernietigen en opnieuw rechtsprekend, de oorspronkelijke vordering af te wijzen als ongegrond en de betwiste boete van … EUR uit dwangbevel nr. 500/1717/03615 te bevestigen.

De geïntimeerde te veroordelen tot het betalen van de gedingkosten van beide aanleggen, hierin begrepen de rechtsplegingsvergoeding ten bedrage van het basisbedrag van … EUR.

## *3.2De vordering van de geïntimeerde*

De geïntimeerde vraagt in hoger beroep aan het hof om:

Onderhavige vordering onontvankelijk, minstens ongegrond te horen verklaren. Dienvolgens, het vonnis a quo te bevestigen.

Te zeggen voor recht dat verzoeker de geldboete t.b.v. … EUR, zoals hoger omschreven, niet verschuldigd is.

Verstaat dat onderhavig arrest geldt als titel tot terugvordering van het onverschuldigd betaalde. Geïntimeerde aldus te veroordelen tot terugbetaling van het teveel betaalde geldboete ten bedrage van € …, méér de gerechtelijke intresten aan de wettelijke intrestvoet.

De Belgische Staat te verwijzen in alle kosten van het geding, hierbij inbegrepen de rechtsplegingsvergoeding begroot op het basisbedrag van € ….

## 4De betwistingen en hun beoordeling

Geïntimeerde heeft de verschuldigde belasting zoals blijkt uit zijn periodieke aangifte van (onder andere) het derde kwartaal 2016 niet volledig voldaan.

Artikel 53, §1, 3° W.BTW verplicht de belastingplichtige om de verschuldigd geworden belasting te voldoen binnen de termijn van indiening van voorgeschreven aangifte.

De administratie heeft een aangetekend schrijven aan geïntimeerde verzonden op 14 november 2016 waarin wordt meegedeeld dat het Team beheer een bijzondere rekening zal opmaken voor het tijdvak dat voorafgaat aan 31 oktober 2016. Deze brief vermeldt duidelijk dat de geïntimeerde de richtlijnen van het Team Beheer dient na te komen tot voldoening van de ingevolge de bijzondere rekening verschuldigde sommen. ·

[Artikel 8, §2 van het KB nr. 24](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-24-december-betrekking-voldoening-belasting-toegevoegde-9d45#ar24-art8) van 29 december 1992 bepaalt dat iedere betaling of verrichting gelijkgesteld met een betaling overeenkomstig [artikel 8 § 2](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-24-december-betrekking-voldoening-belasting-toegevoegde-9d45#ar24-art8), van dit besluit, die wordt ingeschreven op de rekening-courant en die uitwerking heeft na de in § 1 van dit artikel bedoelde kennisgeving, niettegenstaande elke strijdige verklaring, worden geacht te zijn gedaan ter voldoening van de in artikel 1 en artikel 5, § 2, bedoelde bedragen, die de belastingplichtige verschuldigd Is of zal worden voor het tijdvak dat volgt op dat waarvoor het bijhouden van een bijzondere rekening werd voorgeschreven.

De vaststelling dat de geïntimeerde op 19 november· 2016 een (gedeeltelijke) betaling verrichtte ten bedrage van … euro op het nummer van zijn rekening-courant, belet de administratie niet om bij het opstellen van de bijzondere rekening de proportionele geldboete wegens het niet (tijdig) betalen van de verschuldigde btw te berekenen op basis van het bedrag dat op het aangekondigde moment van het afsluiten van de periode nog onbetaald gebleven was. De administratie kon de geldboete wegens het niet betalen van de btw berekenen op basis van het bedrag van … euro, zijnde het bedrag dat de geïntimeerde nog verschuldigd was op 31 oktober 2016. De brief van 14 november 2016 vermeldt uitdrukkelijk dat de geïntimeerde betalingen met betrekking tot het tijdvak dat volgt op 31 oktober 2016 verder diende te verrichten op zijn rekening-courant. De geïntimeerde kan dan ook niet gevolgd worden in de stelling dat bij de berekening van de boete, rekening diende te worden gehouden met de betaling die hij verrichtte op 19 november 2016. Deze betaling werd toegerekend op zijn rekening-courant (voor het tijdvak volgend op 31 oktober 2016) en niet op de bijzondere rekening voor het tijdvak tot 31 oktober 2016.

Het bedrag van de proportionele fiscale geldboete, namelijk het dubbel van de niet tijdig betaalde belasting, wordt verminderd volgens de schaal gevoegd bij het KB nr. 41 van 30 januari 1987 tot vaststelling van het bedrag van de proportionele fiscale geldboeten op het stuk van de btw, op voorwaarde dat de overtreding niet begaan werd met het oogmerk de belasting te ontduiken. In geval van niet tijdige betaling van de volgens de aangifte verschuldigde btw of de verschuldigde btw blijkt uit het opstellen van een bijzondere rekening, bedraagt de verminderde geldboete 15% van .de verschuldigde belasting (Tabel G, eerste afdeling, rubriek 1,2. A In bijlage van het KB nr. 41). Op grond van deze bepaling diende de administratie de boete te bepalen op … euro x 15% = …, afgerond naar de lagere tiental euro, zijnde … euro.

De geïntimeerde beklaagt zich over de gebrekkige motivering . van de proportionele geldboete, in die zin dat de motivering zich beperkt tot de verwijzing naar de toegepaste wetgeving. De kennisgeving van het opmaken van de bijzondere rekening van 22 november 2016 vermeldt de volgende toelichting over de opgélegde geldboete:

> "De BTW moet worden voldaan binnen vastgelegde termijn voor indiening van de aangifte, vermeld onder punt 1 "lndieningsverplichting" (Btw-Wetboek, artikel 53, § 1, 3). De geldboete voor niet betaling· is gelijk aan het dubbel van de ontdoken of niet-tijdig betaalde belasting (Btw-Wetboek, artikel 70, §1). Deze wettelijke geldboete is verminderd tot 15% van de verschuldigde belasting … EUR, afgerond tot de lagere euro of het lagere veelvoud
>
> van … euro, naargelang zijn bedrag lager of hoger is dan … EUR (koninklijk besluit n 41 van 30 januari 1987, artikel 1, alinea 1 en de bijlage, tabel G, eerste afdeling, 1,2°, A). Het bedrag van de verschuldigde BTW komt overeen met het beginsaldo van de bijzondere rekening vermeerderd met de aan de staat verschuldigde bedragen (bedrag van de roosters 71 van de periodieke aangiften opgenomen in de bijzondere rekening, het BTW-bedrag van de BTW-beslissingen, correcties van betaling), verminderd met de bedragen in het voordeel van de belastingplichtige (bedrag van de roosters van de van de periodieke 'aangiften opgenomen in de bijzondere rekening, het BTW-bedrag van de BTW-beslissingen, correcties van betaling). De bedragen ingeschreven op de bijzondere rekening worden eerst toegepast op de kosten, vervolgens op de interesten, vervolgens boetes en ten slotte op de verschuldigde belasting (koninklijk besluit nr. 24 van 29 december 1992, artikel 6)."

Deze kennisgeving geeft duidelijk aan om welke reden een bijzondere rekening werd opgemaakt en op welke periode ze betrekking heeft en voor welke fiscale schuld, met de duidelijke opgave van de btw, de interesten en de boeten en een vermelding van de periodes waarop de betrokken bedragen betrekking hebben. De kennisgeving verstrekt een duidelijke toelichting over de berekening en vermindering van de opgelegde boete.

De eerste rechter heeft de opgelegde boete van … euro herleid naar … euro. De eerste rechter volgde de geïntimeerde in de redenering dat de opgelegde boete disproportioneel is, zonder nader te motiveren om welke redenen de boete onevenredig zou zijn. Het hoger beroep van de administratie strekt ertoe het bestreden vonnis te hervormen en de opgelegde boete ten bedrage van … euro te bevestigen.

Het opmaken van de bijzondere rekening en het opleggen van de door de toepasselijke wettelijke en uitvoeringsbepalingen voorgeschreven geldboete van 15% doet zich hier voor in een context waarin de geïntimeerde herhaaldelijk gelijkaardige overtredingen heeft begaan. De rekening-courant van de geïntimeerde werd: op 31 maart 2013, 30 april 2014, 31 januari 2014, 31 juli 2015 en 31 januari 2016 ook al op nul gezet wegens niet betaling van de verschuldigde btw, met aanrekening van een geldboete van respectievelijk …, …., …, … en … euro afhankelijk van de verschuldigde btw. In de concrete situatie waarin de geïntimeerde herhaaldelijk dezelfde ·overtreding blijft begaan, ontneemt het verminderen van de voorgeschreven boete haar repressief en preventief karakter. Daarmee wordt aan de belastingplichtige die dezelfde overtreding blijft begaan een verkeerd signaal gegeven en zal een vermindering van de boete 1hem er niet op dezelfde wijze toe aanzetten die overtreding in de toekomst niet meer te begaan. Het opnieuw opleggen van een boete van 15 % in een context waarin de belastingplichtige systematisch dezelfde overtreding blijft begaan, komt in het geheel niet onredelijk of onevenredig voor. Er zijn aldus geen redenen om de boete te verminderen. Het, hoger beroep van de appellant is gegrond. De boete ten bedrage van 15% of 2.060,00 euro dient te worden bevestigd.

## 5De gerechtskosten

De geïntimeerde wordt in het ongelijk gesteld en moet daarom de gerechtskosten van de beide instanties dragen.

De Belgische Staat werd tijdens de procedure in eerste aanleg niet vertegenwoordigd door een advocaat en maakt daarom voor die procedure geen aanspraak op een rechtsplegingsvergoeding.

Voor de vaststelling van die rechtsplegingsvergoeding overeenkomstig artikel 1022 Ger.W., uitgevoerd bij KB van 26 oktober 2007, moet, bij gebrek aan redenen tot afwijking ervan, het basisbedrag gehanteerd worden.

Vermits de waarde van de vorderingen, bepaald zoals voorzien in de artikelen 557 tot 562 en artikel 618 Ger.W. zich in de schijf van … tot … euro bevindt, is het basisbedrag van … euro toepasselijk voor het hoger beroep.

### Beschikkend gedeelte

## BESLISSING VAN HET HOF

Het hof doet recht op tegenspraak;

Het hof beslist als volgt :

•het hoger beroep Is ontvankelijk en gegrond;

•het bestreden vonnis wordt vernietigd waar het de vordering van de geïntimeerde ontvankelijk verklaart;

•het hof doet opnieuw recht en verklaart de vordering van de geïntimeerde ongegrond;

•Het hof veroordeelt de geïntimeerde tot het betalen van de gerechtskosten van de beide instanties, vastgesteld als volgt :

-Aan de kant van de appellant :

-Bijdrage begrotingsfonds hoger beroep :… EUR

-Rechtsplegingsvergoeding hoger beroep :… EUR

--aan de kant van de geïntimeerde :nihil

Aldus gewezen door de VIJFDE KAMER van het hof van beroep te Gent, recht doende in fiscale zaken, samengesteld uit:

Ondertekeningen

## Aangehaalde teksten

2

[KB nr. 24 art. 8](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-24-december-betrekking-voldoening-belasting-toegevoegde-9d45) 2 voorkomens

[WBTW art. 53](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-53) 1 voorkomen

## Vergelijkbare beslissingen

8

[Levering van nieuwe gebouwen, Geen periodieke betaling, Bijzondere rekening](https://juriel.be/nl/rechtspraak/levering-nieuwe-gebouwen-geen-periodieke-hof-van-beroep-luik-2023-03-17-1a65) 1 gemeenschappelijke bepalingen

[Niet-indiening, bankonderzoek, wedersamenstelling van de omzet, wettelijke boete](https://juriel.be/nl/rechtspraak/indiening-bankonderzoek-wedersamenstelling-omzet-wettelijke-rechtbank-gent-2022-06-23-1e9c) 1 gemeenschappelijke bepalingen

[Immobiliën, Intracommunautair, Regularisatie](https://juriel.be/nl/rechtspraak/immobilien-intracommunautair-regularisatie-rechtbank-brussel-2021-09-01-2dc7) 1 gemeenschappelijke bepalingen

[Fiscale controle, Adreswijziging, Fiscale geldboete, Faillissement, Stilzwijgende verzaking](https://juriel.be/nl/rechtspraak/fiscale-controle-adreswijziging-geldboete-faillissement-hof-van-beroep-brussel-2023-05-31-39d3) 1 gemeenschappelijke bepalingen

[Bijzondere rekening, Formele wettigheid van de kennisgeving](https://juriel.be/nl/rechtspraak/bijzondere-rekening-formele-wettigheid-kennisgeving-rechtbank-namen-2020-04-30-3b6e) 1 gemeenschappelijke bepalingen

[Belastingplicht, Verhuur van kamers op korte termijn, belastingplichtige](https://juriel.be/nl/rechtspraak/belastingplicht-verhuur-kamers-korte-termijn-rechtbank-brussel-2020-12-15-3de7) 1 gemeenschappelijke bepalingen

[Verjaringen, Innings- en invorderingsregister, Uitvoerbare titel, Delegatie](https://juriel.be/nl/rechtspraak/verjaringen-innings-invorderingsregister-uitvoerbare-titel-hof-van-beroep-gent-2023-06-13-3f97) 1 gemeenschappelijke bepalingen

[Recht op aftrek, Bewijslast](https://juriel.be/nl/rechtspraak/recht-aftrek-bewijslast-echtheid-verstrekte-rechtbank-brussel-2023-04-06-4697) 1 gemeenschappelijke bepalingen
