---
title: "11 december 2007 · Levering van goederen, belastbare handeling · Rechtbank van eerste aanleg te Brussel"
description: "Levering van goederen, belastbare handeling, vrijstelling, andere vrijstelling. Rechtbank van eerste aanleg te Brussel (België), 11 december 2007."
url: "https://juriel.be/nl/rechtspraak/levering-goederen-belastbare-handeling-vrijstelling-rechtbank-brussel-2007-12-11-def8"
lang: "nl"
---

# Levering van goederen, belastbare handeling, vrijstelling, andere vrijstelling, werkingssfeer · Belasting over de toegevoegde waarde

**Rechtscollege**

Rechtbank van eerste aanleg

**Zetel**

Brussel

**Datum**

11 december 2007

## Over het document

**Verzameling**

Belgische rechtspraak

**Taal van de tekst**

Nederlands

## Tekst

78 paragrafen

### Fiche van de FOD Financiën

Vonnis van de Rechtbank van Eerste aanleg te Brussel d.d. 11.12.2007

Samenvatting niet beschikbaar

**Tekst van het vonnis**

### Tekst van de beslissing

**RECHTBANK VAN EERSTE AANLEG TE BRUSSEL, 35****ste** **Kamer**

**AR 2005/5698/A**

## Fiscale zaken : BTW

**op tegenspraak**

**eindvonnis**

In zake van :

**De besloten vennootschap F.**, met maatschappelijke zetel te …; …, ingeschreven in de Kamer van Koophandel en Fabrieken van Hilversum onder het nummer …,

**eisende partij,**

vertegenwoordigd door Mr. **D. C.**, advocaat te …, … (ref. : /),

**tegen :**

**De BELGISCHE STAAT**, vertegenwoordigd door de Minister van Federale Overheidsdienst Financiën, Administratie van de BTW, registratie en domeinen, in de persoon van de heer ea. inspecteur van het BTW-Controlekantoor Brussel 8, waarvan de kantoren gevestigd zijn te 1050 Brussel, Louizalaan 233-245,

**verwerende partij,**

Vertegenwoordigd door Mr. **F. S.**, advocaat te …, … (ref. : /),

De rechtbank spreekt het navolgend vonnis uit :

De partijen hebben hun middelen en besluiten voorgedragen in de openbare terechtzitting van 13 november 2007 waarna het debat werd gesloten. De rechtbank nam vervolgens de zaak in beraad.

De rechtbank houdt in het bijzonder rekening met de volgende documenten :

• het verzoekschrift dat namens eiseres op 10 mei 2005 in toepassing van artikel 1385decies van het Gerechtelijk Wetboek ter griffie is neergelegd;

• de conclusie voor eiseres neergelegd ter griffie op 9 januari 2006;

• de conclusie en aanvullende conclusie voor verweerder neergelegd respectievelijk ter griffie op 3 november 2005 en 5 mei 2006.

Bovendien heeft de rechtbank de overtuigingsstukken van de partijen ingezien.

## 1. FElTEN

Eiseres is in België ingeschreven als belastingplichtige sinds 1 mei 2002 en heeft BTW-nummer BE ….

Op 21 maart 2003 verwerft eiseres een onroerend goed in volle eigendom gelegen te …, … van de NV **A. R. E.** (zie stuk 1 van eiseres).

Op 10 december 2003 verzoeken de fiscale adviseurs Deloitte & Touche Belastingconsulenten de bevoegde Eerstaanwezend Inspecteur of het desbetreffende gebouw, na uitvoeringswerken, "als nieuw voor BTW-doeleinden" kan worden beschouwd in de mate dat kan worden aangetoond dat 60 % van de "nieuw"-waarde betrekking heeft op de bouwkosten (zie stuk 3 van eiseres).

Op 17 december 2003 sluit eiseres een onderhandse erfpachtovereenkomst met de Europese Gemeenschap, vertegenwoordigd door het Comité der Regio's en het Europees Sociaal en Economisch Comité (stuk nr. 2 van eiseres).

Op 25 maart 2004 richten Deloitte en Touche Belastingconsulenten een aanvullend schrijven aan de bevoegde Eerstaanwezend Inspecteur (zie stuk nr. 4 van eiseres).

Op 2 april 2004 antwoordt de bevoegde Eerstaanwezend Inspecteur dat *"voor de berekening van de 60 % alleen maar moet rekening gehouden worden met de waarde van de aan het gebouw zelf uitgevoerde materiële werken. (...) Diengevolge, is de waarde van de werken kleiner dan 60 % van de verkoopwaarde van het gebouw waaraan de werken werden uitgevoerd, de grond buiten beschouwing gelaten"*. (Stuk nr. 5 van eiseres)

Op 17 juni 2004 maakt de administratie van verweerder een proces-verbaal over aan eiseres waarin wordt vastgesteld dat de waarde van de werken kleiner zijn dan 60 % van de verkoopwaarde van het gebouw waaraan de werken werden uitgevoerd, de grond buiten beschouwing gelaten en dat bijgevolg een herziening van de in aftrek gebrachte BTW moet worden uitgevoerd (stuk 6 van eiseres).

Op 24 juni 2004 wordt op basis van dit proces-verbaal een inhouding gedaan van het BTW-tegoed van 675.688 euro, afkomstig van de periodieke aangiften ingediend voor de periode van 1 januari 2004 tot 31 maart 2004, op basis van artikel 8.1, § 3, 5° van het koninklijk besluit nr. 4 van 29 december 1969 (stuk nr. 7 van eiseres).

In een brief van 4 augustus 2004 delen de adviseurs van Deloitte & Touche Belastingconsulenten aan de bevoegde diensten van de centrale administratie hun standpunt mee betreffende de kwalificatie van het vernieuwd gebouw als 'nieuw' voor BTW-doeleinden (stuk nr. 8 van eiseres).

Op 15 april 2005 beslist de Centrale BTW-directie dat het kantoorgebouw niet kan worden beschouwd als "nieuw" voor BTW-doeleinden en dat er een herziening moet plaatsvinden (E.T. 105.358/DDB).

## 2. VORDERING

Eiseres stelt een vordering in tegen zowel het proces-verbaal van 17 juni 2004 uitgaande van de heer **V. d. B.**, dienstdoend eerstaanwezend inspecteur van AOIF, Sector BTW als tegen de daaropvolgende beslissingen van 15 april 2005 uitgaande van de heer **D. S.** van de FOD Financiën, AOIF, Centrale Diensten - BTW - Directie I/7. Eiseres verzoekt de rechtbank te zeggen voor recht dat het gebouw gelegen te 1000 Brussel, Belliard 68-72 kan worden beschouwd als "nieuw" voor BTW,-doeleinden.

Verweerder concludeert tot de ongegrondheid van de vordering.

## 3. ONTVANKELIJKHEID

Partijen werpen geen specifieke gronden van niet-ontvankelijkheid van de vordering op. De rechtbank ziet evenmin redenen om ambtshalve te besluiten tot de niet-ontvankelijkheid van de vordering. Deze is ontvankelijk.

## 4. BESPREKING TEN GRONDE

[Artikel 44, § 3, 1° a) van het BTW-wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-44) voorziet een vrijstelling voor de levering van uit hun aard onroerende goederen. Deze vrijstelling is overeenkomstig [artikel 44, § 3, 1°, b) van het BTW-wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-44) van toepassing indien het gaat om de vestiging, overdracht en wederoverdracht van zakelijke rechten op uit hun aard onroerende goederen, in de zin van [artikel 9, tweede lid, 2° van het BTW-wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-9).

Worden evenwel onder andere uitgesloten van deze vrijstelling van BTW, de levering van een gebouwen de vestigingen, overdrachten en wederoverdrachten van zakelijke rechten op gebouwen, wanneer ze worden verricht uiterlijk op 31 december van het tweede jaar volgend op het jaar van de eerste ingebruikneming of de eerste inbezitneming van dat gebouw, door een belastingplichtige die geregeld de gebouwen die hij heeft opgericht of laten oprichten of met voldoening van de belasting heeft verkregen onder bezwarende titel vervreemdt.

In casu bestaat geen betwisting over het feit dat de vestiging van een erfpacht met looptijd van 27 jaar door eiseres ten voordele van de Europese Gemeenschap op het gebouw gelegen te 1000 Brussel, Belliard 68-72 heeft plaatsgevonden binnen de termijn voorzien in [artikel 44, § 3, 1°, b) van het BTW-wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-44) (namelijk uiterlijk op 31 december van het tweede jaar volgend op het jaar van de eerste ingebruikneming of de eerste inbezitneming van het dat gebouw na de uitgevoerde werken), aangezien het recht van erfpacht reeds werd gevestigd bij onderhandse akte van 17 december 2003 en de eerste ingebruikname van het gebouw door de Europese Gemeenschap na de uitgevoerde werken pas heeft plaatsgevonden op 1 januari 2004.

Bovendien is eiseres een belastingplichtige in de zin van [artikel 12, § 2 van het BTW-wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-12) (met name een belastingplichtige die geregeld de gebouwen die hij heeft opgericht of laten oprichten of met voldoening van de belasting heeft verkregen onder bezwarende titel vervreemd).

Derhalve rest enkel de vraag of het gebouw, na de door eiseres doorgevoerde structurele verbouwingen, kan worden beschouwd als een nieuw gebouw, waarbij de vestiging van een recht van erfpacht op voormeld gebouw aan de toepassing van de BTW kan worden onderworpen.

De BTW-wetgeving bevat geen duidelijke definitie van het begrip "nieuw gebouw”. In nr. 152/2 van de BTW-handleiding heeft de BTW-administratie wel een aantal criteria vooropgesteld.

In casu kan worden vastgesteld dat· het gebouw naar aanleiding van de uitgevoerde werken fundamentele en ingrijpende wijzigingen heeft ondergaan.

Dit kan onder meer worden afgeleid uit de verklaring van de architecten **D. B.** en **C. S.** (zie stuk 10 bundel eiseres) die bevestigen dat *"ingevolge de werken uitgevoerd gedurende de periode maart 2003 tot en met december 2003 aan het gebouw gelegen te …, …, voormeld gebouw een aantal fundamentele ingrepen heeft ondergaan die duidelijk verder gaan dan een verbetering van de gebruikswaarde en van het comfort van het gebouw en waardoor op architectonisch oogpunt zonder enige twijfel kan worden gesteld dat dit gebouw thans als nieuwbouw kan gecommercialiseerd worden.*

*Dit blijkt uit de volgende elementen (onder andere op basis van de* ***A. B.*** *plannen) :*

*•* *het gebouw werd binnenin volledig ontmanteld tot op het beton;*

*•* *alle platte daken werden vernieuwd qua dak dichting;*

*•* *alle buitenschrijnwerk werd vernieuwd;*

*•* *gevels werden gereinigd en behandeld;*

*•* *alle technische installatie werden vernieuwd;*

*•* *sommige technische lokalen werden verplaatst van de kelderverdieping naar het dak en dit op vraag van de brandweer;*

*•* *er werd een extra lift geplaatst tussen de kelderverdieping en het gelijkvloers;*

*•* *alle binnenafwerkingen werden vernieuwd;*

*•* *nieuwe functies zoals cafetaria met een keuken;*

*•* *alles gebeurde volgend de laatste normen met de nodige vergunningen, zoals een bouwvergunning en een volledige nieuwe milieuvergunning."*

De volledige ontmanteling van het gebouw tot op het beton blijkt ook uit het feit dat het kadastraal inkomen voor het gebouw vanaf 1 april 2003 werd vastgesteld op 17 euro waarbij als motivering wordt opgegeven : *"herschatting, aanzienlijke wijziging"* en waarbij de aard van het desbetreffende perceel werd aangeduid als *''puin''*, hetgeen erop duidt dat de diensten van het kadaster hebben vastgesteld dat in het gebouw vanaf 1 april 2003 dusdanige ingrijpende afbraakwerken hebben plaatsgevonden dat het gebouw enkel nog als puin kon worden aanzien.

De argumenten aangehaald door verweerder zijn weinig overtuigend en weerleggen niet dat het gebouw de facto volledig werd ontmanteld. De door verwerende partij aangehaalde vonnissen van de rechtbank van eerste aanleg te Brugge van 11 december 2000, de rechtbank van eerste aanleg te Brugge van 13 december 2000, de rechtbank van eerste aanleg te Gent van 15 november 2001 en de rechtbank van eerste aanleg te Brugge van 6 januari 2004 hebben enkel betrekking op de vraag naar de toepassing van het verlaagde BTW-tarief van 6 % voor bepaalde werken in onroerende staat met betrekking tot privé-woningen, zoals bedoeld in Tabel A, Titel XXXI, § 1, 1 van het KB nr. 20 tot vaststelling van de tarieven van de belasting over de toegevoegde waarde en tot indeling van de goederen en diensten bij die tarieven. Aangezien de toepassing van het verlaagd tarief van 6 % de uitzondering is op de toepassing van het standaardtarief, moeten de toepassingsvoorwaarden restrictief worden beoordeeld.

Voorts maakte eiseres op uitdrukkelijk verzoek van verwerende partij (zie stuk 12 van eiseres) onder meer het lastenboek van de basiswerken en de plannen over. Verweerder toont niet aan dat hieruit zou blijken dat de werken in casu niet fundamenteel waren en zich louter beperkten tot een verbetering van de gebruikswaarde en van het comfort van het gebouw.

De vordering is dan ook gegrond.

### Beschikkend gedeelte

**OM DEZE REDENEN,**

**DE RECHTBANK,**

Gelet op de artikelen 4, 37, 41 en 42 van de wet van 15 juli 1935op het gebruik der talen in gerechtszaken,

Rechtsprekend in eerste aanleg en op tegenspraak;

Verklaart de vordering ontvankelijk en gegrond;

Zegt voor recht dat het gebouw, gelegen te …, …, gekadastreerd volgens titel sectie E, nummer 260/R, na de door eiseres hierboven omschreven structurele verbouwingen, kan worden beschouwd als "nieuw voor BTW-doeleinden" waarbij de vestiging van het recht van erfpacht op voormeld gebouw aan de toepassing van BTW kan worden onderworpen;

Vernietigt de beslissing van 15 april 2005 (met als kenmerk E.T. 105.358/DDB) uitgaande van de heer **D. S.** van de FOD Financiën, AOIF, Centrale Diensten -BTW - Directie I/7;

Veroordeelt verweerder tot de teruggave van het op basis van voormeld proces-verbaal van 17 juni 2007 ingehouden BTW-tegoed van 675.688 euro (dit is het saldo dat blijkt uit de periodieke aangifte met betrekking tot de periode van 1 januari 2004 tot 31 maart 2004) zoals doorgevoerd door eerstaanwezend inspecteur van het BTW-ontvangkantoor Brussel 4 in toepassing van artikel 8.1., § 3, 5° van het KB nr. 4 van 29 december 1969 betreffende de teruggave van BTW, te verhogen met nalatigheidsinteresten;

Veroordeelt verweerder tot betaling van de gedingkosten, in hoofde van eiseres begroot op € 371,84 rechtsplegingsvergoeding.

Verwijst verweerder tot de eigen gedingkosten, begroot op € 371,84 rechtsplegingsvergoeding.

Aldus gevonnist en uitgesproken ter openbare terechtzitting van de **35****ste** **kamer** van de Rechtbank van eerste aanleg te Brussel, op **11 december 2007**

Waar aanwezig waren en zitting namen :

Mevr. **N. S.**, rechter

Mevr. **I. D.**, griffier.

**I. D.** **N. S.**

## Aangehaalde teksten

3

[WBTW art. 44](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-44) 3 voorkomens

[WBTW art. 12](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-12) 1 voorkomen

[WBTW art. 9](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-9) 1 voorkomen

## Vergelijkbare beslissingen

8

[Belastingplichtige beroepsoprichter, Voldoening van belasting, Eerste ingebruikneming, Eerste inbezitneming](https://juriel.be/nl/rechtspraak/belastingplichtige-beroepsoprichter-voldoening-belasting-eerste-cassatie-brussel-2020-05-14-f3b7) 3 gemeenschappelijke bepalingen

[Nieuw gebouw, omgevormd oud gebouw, enige handeling, Tarieven, Misbruik](https://juriel.be/nl/rechtspraak/nieuw-gebouw-omgevormd-oud-enige-hof-van-beroep-luik-2018-06-22-f06a) 3 gemeenschappelijke bepalingen

[Overdracht van een algemeenheid van goederen](https://juriel.be/nl/rechtspraak/overdracht-algemeenheid-goederen-herziening-btw-rechtbank-gent-2021-02-04-23e8) 2 gemeenschappelijke bepalingen

[Historische btw-aftrek, Herzieningstermijnen, recht op aftrek van Btw](https://juriel.be/nl/rechtspraak/historische-btw-aftrek-herzieningstermijnen-recht-cassatie-brussel-2021-04-30-3bde) 2 gemeenschappelijke bepalingen

[Begrip nieuwbouw, herziening, herzieningstijdvak van vijftien jaar, onroerend goed](https://juriel.be/nl/rechtspraak/begrip-nieuwbouw-herziening-herzieningstijdvak-vijftien-hof-van-beroep-gent-2022-11-22-71fc) 2 gemeenschappelijke bepalingen

[Inrichtingswerken, Aftrek, Overdracht van het handelsfonds, Onroerende verhuur, Herziening](https://juriel.be/nl/rechtspraak/inrichtingswerken-aftrek-overdracht-handelsfonds-onroerende-rechtbank-luik-2021-02-15-9d0e) 2 gemeenschappelijke bepalingen

[Antimisbuikbepaling, misbruik](https://juriel.be/nl/rechtspraak/antimisbuikbepaling-misbruik-cassatie-brussel-2020-05-14-fafb) 2 gemeenschappelijke bepalingen

[Bouwen van een appartementsgebouw, Bestemming voor de beroepsactiviteit](https://juriel.be/nl/rechtspraak/bouwen-appartementsgebouw-bestemming-beroepsactiviteit-wijziging-rechtbank-2025-09-23-a01c) 2 gemeenschappelijke bepalingen
