---
title: "21 juni 2004 · Bewijs, controlemaatregel · Rechtbank van eerste aanleg te Antwerpen"
description: "Bewijs, controlemaatregel. Rechtbank van eerste aanleg te Antwerpen (België), 21 juni 2004."
url: "https://juriel.be/nl/rechtspraak/bewijs-controlemaatregel-rechtbank-antwerpen-2004-06-21-5cd8"
lang: "nl"
---

# Bewijs, controlemaatregel · Belasting over de toegevoegde waarde

**Rechtscollege**

Rechtbank van eerste aanleg

**Zetel**

Antwerpen

**Datum**

21 juni 2004

## Over het document

**Verzameling**

Belgische rechtspraak

**Taal van de tekst**

Nederlands

## Tekst

49 paragrafen

### Fiche van de FOD Financiën

Vonnis van de Rechtbank van Eerste aanleg te Antwerpen d.d. 21.06.2004

Samenvatting niet beschikbaar

**Tekst van het vonnis**

### Tekst van de beslissing

**V 0 N N I S gewezen en uitgesproken in het gerechtsgebouw te Antwerpen, op éénentwintig juni tweeduizend en vier in openbare zitting van de vierde F kamer van de rechtbank van eerste aanleg van het gerechtelijk arrondissement Antwerpen, al waar zetelden :**

**L. B.**, enig rechter,

**N. D.**, adjunct-griffier.

In zake : A.R. Nr. **01/5392/A**

**S. B.**, met BTW-nummer BE …, ingeschreven in het handelsregister te Antwerpen onder het nummer …, handeldrijvende te …, …, wonende te …, … (volgens inleidende dagvaarding), thans wonende te …, ….

**eisende partij,**

verschijnende bij meester **G. P.**, advocaat, kantoorhoudende te …, ….

tegen :

**DE BELGISCHE STAAT**, Administratie der Belastingen over de Toegevoegde Waarde, Registratie en Domeinen, in de persoon van de Heer Minister van Financiën, wiens burelen gevestigd zijn te Brussel, op vervolging en benaarstiging van de Heer Gewestelijk Directeur der Belasting over de Toegevoegde Waarde, Registratie en Domeinen te Antwerpen, in de persoon van de Rekenplichtige van het tweede BTW-ontvangkantoor te Antwerpen, wiens burelen gevestigd zijn te 2000 Antwerpen, Italiëlei 4 bus 4.

**verwerende partij,**

verschijnende bij meester **D. V.** loco meester **R. L.**, advocaat, kantoorhoudende te …, ….

Gezien de stukken in het dossier der rechtspleging, onder meer :

\- het exploot van rechtsingang, betekend door het ambt van gerechtsdeurwaarder **J. G.** te … op 12 juli 2001,

\- de beschikking verleend overeenkomstig artikel 747, § 2 van het Gerechtelijk Wetboek op 11 september 2002,

\- de besluiten van partijen;

Gelet op de wet van 15 juni 1935 op het gebruik van talen in gerechtszaken.

Gelet op de verordeningen van de Raad van de ministers nummer 974/98 van 03 mei 1998 en nummer 1103/97 van 17juni 1997 en de wetten van 26 juni 2000 en 30 juni 2000 ter invoering van de euro.

Gehoord de partijen in hun middelen en gezegden ter zitting van 24 mei 2004.

---

Gegevens en voorgaande.

Op 12 juli 2001 werd namens eiser een exploot van dagvaarding uitgebracht in betwisting van dwangbevel van de Ontvanger van de BTW van 12 maart 2001, uitvoerbaar verklaard op 13 maart 2001, en aan eiser betekend met exploot van 3 april 2001,

Op 16 februari tevoren had een BTW-ambtenaar een proces-verbaal opgesteld ten name van eiser, waarbij werd verwezen naar twee andere processen-verbaal van 26 mei 2000 opgemaakt door een collega BTW-ambtenaar ten name van ene N.V. **H.** te …, bij welke laatste was vastgesteld dat ze met verkocht aan particulieren hoewel talrijke van haar klanten niet stonden geregistreerd als BTW-belastingplichtige, verder dat van deze klanten tal van namen en/of adressen fictief waren, dat de toegang bij genoemde NV werd geregeld door een aankooppas met een door een scanner aan de inkomdeur te lezen streepjescode, dat sommige afnemers in het bezit waren van in eerdere koperskaarten (een met juiste identiteit, naast een of meer met fictieve namen en/of adressen of op naam van familieleden) waarvan de tweede en volgende geen streepjescode droegen, en aldus geen toegang gaven tot de verkoopruimte.

Hetzelfde proces-verbaal van 5 maart 2001 (stuk 1 van verweerder) stelt verder onder littera 1 B dat N.V. **H.** verband had toegegeven tussen effectieve koperskaart nr .... 392 op naam van huidig eiser en fictieve koperskaart nr .... 393 op naam van ene **K. B.**, … te …, en gaat verder :

I .

"Het verband tussen deze twee kaarten blijkt uit de vaststelling dat voor een aantal facturen (zie bijlage 1) die vanaf de creatiedatum van de kaart op naam van **K.B.**, namelijk 15/9/1997, werden uitgereikt er in verschillende gevallen juist ervoor of erna een factuur werd opgemaakt op naam van (huidig eiser).

Uit het nazicht van enkele door mij opgevraagde facturen is gebleken dat de aangekochte goederen op naam van **B.K.** behoren tot het soort goederen die in de winkel van (huidig eiser) worden aangeboden. Er bleek eveneens dat het tijdstip waarop de facturen aan (huidig eiser) en op naam van **B.K.** werden uitgereikt telkens een verschil vertoont van hooguit enkele minuten.

Uit schriftelijke inlichtingen ingewonnen bij de Stad Antwerpen blijkt dat er op het adres : … te …, nooit iemand met de naam **B. K.** heeft gewoond.

Hetzelfde proces-verbaal vervolgt dat eiser ter zake de BTW onderworpen is aan de forfaitaire regeling en dat voor de onderzochte jaren 1997, 1998 en 1999 de door NV **H.** op naam van **B. K.** gefactureerde goederen niet waren opgenomen 'in de aankoopadministratie' van huidig eiser, en aldus niet aan de forfaitaire berekening van uitgaande goederen waren onderworpen, waarna een tariefsgewijze berekening volgt van de navordering.

Het is niet in betwisting dat het proces-verbaal aan eiser is aangezegd, en dat hij met bericht van 19 februari 2001 werd uitgenodigd tot betalen voor uiterlijk 27 februari 2001, maar dat het betalingsverzoek niet werd voldaan.

Het blijkt ook niet dat eiser heeft gereageerd of op een of andere wijze heeft geprotesteerd.

## Onderzoek en beoordeling

Er loopt geen betwisting ter zake de toelaatbaarheid van de vordering, ook niet zo nodig ambtshalve aan te voeren.

Eiser werpt op dat het dwangbevel nietig moet worden verklaard om reden van overtreding van de wet van 29 juli 1991 op de uitdrukkelijke motivering van bestuurshandelingen met individuele strekking, en hij stelt daartoe dat "het proces-verbaal van september 1998 geen voldoende bewijs" vormt voor de navordering, en dat het dwangbevel daarom is "genomen ingevolge zulk niet afdoend gemotiveerde beslissing".

De rechtbank onderkent in het dossier geen proces-verbaal van september 1998.

In zoverre eiser het voorliggende. proces-verbaal van 16 februari 2001 bedoelt, blijkt uit de hogerop geciteerde tekst duidelijk op welke feiten en gegevens de vordering wordt gebouwd, ook dat eiser de ontdekte door hem gekochte goederen niet heeft verwerkt in de administratie van zijn aankopen.

Op de vastgestelde aankopen kon verweerder het wettelijk omzetvermoeden van [art. 64, § 1 Wetboek BTW](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-64) toepassen.

Eiser heeft gelijk waar hij stelt dat de verbalisant - waar die kwam tot het bepalen van de geldboete - zich weinig moeite heeft getroost om op basis van de tevoren door hem in het proces-verbaal weergegeven gegevens concreet het ontduikingsopzet te destilleren.

Evenwel bevat het proces-verbaal hoe dan ook die gegevens, met name het gebruik en een fictieve naam en van een aankoopkaart om daarmede niet geringe aankopen te verrichten die niet in de omzetberekening werden verwerkt, en het systematisch gedurende een zekere tijd volhouden van deze werkwijze.

In tegenstelling met wat eiser voorhoudt, werden aldus niet zomaar 'nalatigheden' weerhouden in zijnen hoofde.

De rechtbank beoordeelt de toegepaste boete, die naast een bestraffende ook een preventieve en een vergoedende aard heeft, dan ook als conform [artikel 70, § 1 Wetboek BTW](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-70) en artikel 1 laatste lid van KB nr. A1 inzake BTW, zodat er te dezen geen aanleiding voorligt tot het door eiser verzochte herleiden van de boete tot 10 %.

### Beschikkend gedeelte

**OM DIE REDENEN,**

**DE RECHTBANK**,

Rechtdoende op tegenspraak.

Alle andere en strijdige conclusies verwerpend.

Verklaart de vordering toelaatbaar, maar ongegrond,

Veroordeelt eiser tot de kosten, deze aan beide zijden begroot, en door de rechtbank in hoofde van verweerder vereffend op … EUR bij wijze van geactualiseerde rechtsplegingsvergoeding.

**N. D.** **L. B.**

## Aangehaalde teksten

2

[WBTW art. 64](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-64) 1 voorkomen

[WBTW art. 70](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-70) 1 voorkomen

## Vergelijkbare beslissingen

8

[Wedersamenstelling van het omzetcijfer](https://juriel.be/nl/rechtspraak/wedersamenstelling-omzetcijfer-bewijs-grond-feitelijke-rechtbank-luik-2022-03-01-1554) 2 gemeenschappelijke bepalingen

[Niet-bewijskrachtige boekhouding, Herberekening van het omzetcijfer, Feitelijke vermoedens](https://juriel.be/nl/rechtspraak/bewijskrachtige-boekhouding-herberekening-omzetcijfer-feitelijke-rechtbank-luik-2022-05-19-1c7a) 2 gemeenschappelijke bepalingen

[Niet-indiening, bankonderzoek, wedersamenstelling van de omzet, wettelijke boete](https://juriel.be/nl/rechtspraak/indiening-bankonderzoek-wedersamenstelling-omzet-wettelijke-rechtbank-gent-2022-06-23-1e9c) 2 gemeenschappelijke bepalingen

[Omzetverhoging, Vermoedens](https://juriel.be/nl/rechtspraak/omzetverhoging-vermoedens-vermoeden-hof-van-beroep-antwerpen-2022-03-29-4427) 2 gemeenschappelijke bepalingen

[Proces-verbaal, Willekeur, Motivering, Omzetberekening](https://juriel.be/nl/rechtspraak/proces-verbaal-willekeur-motivering-omzetberekening-rechtbank-leuven-2022-02-18-6859) 2 gemeenschappelijke bepalingen

[Fiscale geldboete, Evenredigheid, Genaderecht, fiscale boete](https://juriel.be/nl/rechtspraak/fiscale-geldboete-evenredigheid-genaderecht-boete-cassatie-brussel-2023-03-24-7c10) 2 gemeenschappelijke bepalingen

[Verlaagd tarief, Afbraak en heropbouw, verlaagd Btw-tarief](https://juriel.be/nl/rechtspraak/verlaagd-tarief-afbraak-heropbouw-btw-hof-van-beroep-gent-2022-06-14-8cee) 2 gemeenschappelijke bepalingen

[Wedersamenstelling van de omzet, Bewijs door vermoedens](https://juriel.be/nl/rechtspraak/wedersamenstelling-omzet-bewijs-vermoedens-geen-hof-van-beroep-brussel-2023-02-a664) 2 gemeenschappelijke bepalingen
