Beschikking van het Hof (Zesde kamer) van 26 maart 2009 – Pignataro / Ufficio centrale circoscrizionale presso il Tribunale di Catania e.a.
(Zaak C‑535/08)
„Voorwaarden voor verkiesbaarheid bij regionale verkiezingen – Vereiste van wonen in betrokken regio – Artikelen 17 EG en 18 EG – Grondrechten – Ontbreken van aanknopingspunt met gemeenschapsrecht – Kennelijke onbevoegdheid van Hof”
1. Burgerschap van Europese Unie – Verdragsbepalingen – Materiële werkingssfeer – Zuiver interne situaties daarvan uitgesloten (Art. 17 EG en 18 EG) (cf. punten 14‑18, dictum 1)
2. Prejudiciële vragen – Bevoegdheid van Hof – Grenzen – Vraag gesteld in kader van geschil betreffende toepassing van nationale regeling die niet binnen werkingssfeer van gemeenschapsrecht valt – Daarvan uitgesloten (Art. 234 EG) (cf. punten 22‑24, dictum 2)
Voorwerp
Dictum
1)
De artikelen 17 EG en 18 EG verzetten zich niet tegen een nationale regeling die, in een situatie als aan de orde in het hoofdgeding, onder de voorwaarden voor verkiesbaarheid voor een regionaal parlement het vereiste van wonen in de betrokken regio op het tijdstip van de kandidaatstelling opneemt.
2)
Het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen is kennelijk onbevoegd om te antwoorden op de eerste vraag van het Tribunale amministrativo regionale per la Sicilia.
Aangehaalde referentie
Sneltoetsen
Niet actief tijdens het typen in een veld.
- Zoeken in de tekst
- /Ctrl/⌘ F
- Volgende / vorige treffer
- EnterShift Enter
- Volgende / vorige sectie
- JK
- Leesmodus
- L
- Een paneel sluiten
- Esc
De leesmodus verbergt de inhoudsopgave en de kerncijfers, vergroot de tekst en centreert de kolom.
Hof van Justitie van de Europese Unie · tekst opnieuw opgemaakt
Aangehaalde teksten
2Rechtspraak
1Europese Unie
1Hof van JustitieC-532/1611.04.2018