---
title: "Parlementaire vraag M02 · Verplichtingen. Restaurant. Horecasector. Ontvangstbewijs. Voldoening van de belasting. Spijs en drank. BTW-briefje"
description: "Verplichtingen. Restaurant. Horecasector. Ontvangstbewijs. Parlementaire vraag nr. M02 van 9 mei 1996 (Belgisch federaal parlement)."
url: "https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/m02-verplichtingen-restaurant-horecasector-ontvangstbewijs-voldoening-c8f9"
lang: "nl"
fr: "https://juriel.be/fr/questions-parlementaires/m02-obligation-note-recu-hotel-restaurant-b7d6"
---

# Verplichtingen. Restaurant. Horecasector. Ontvangstbewijs. Voldoening van de belasting. Spijs en drank. BTW-briefje

**Nummer**

M02

**Datum**

9 mei 1996

## Over het document

**Verzameling**

Parlementaire vragen

**Taal van de tekst**

Nederlands

## Tekst

14 paragrafen

**B.V.,Senaat,G.Z. 1995-1996, PLEN, 09.05.1996, blz. 570**

*Verplichtingen - Restaurant - Horecasector - Ontvangstbewijs - Voldoening van de belasting - Spijs en drank - BTW-briefje*

## **VRAAG**

De heer Mahoux : Het koninklijk besluit van 30 maart 1994 tot wijziging van het koninklijk besluit nr. 1 van 29 december 1992 betreffende de maatregelen om de betaling van de BTW te waarborgen is bij arrest van 20 december 1995 van de Raad van State vernietigd (1).

## **ANTWOORD**

\[ R.v.St., 20 december 1995, V.Z.W. Horeca Brussel en Van der Perre Guy, nrs. 57.133 en 57.134 (B.S., 9 maart 1996, nr. 49, blz. 5253) (z. BTW-Rev. 119/147). \]

Toen de minister op 25 januari 1996 ondervraagd werd over de overwegingen die tot de nietigverklaring van dat besluit hadden geleid, vroeg hij uitstel om te kunnen nagaan of een aantal maatregelen, bijvoorbeeld de verscherpte controle op de restaurants, wel meer opleveren dan ze kosten.

Het lijkt mij belangrijk om elk risico van banalisering van de fraude te vermijden. Welke maatregelen werden genomen om de BTW-fraude in de horecasector tegen te gaan ? Zijn de controles wel afdoend, bij gebrek aan reglementaire bepalingen ?

De heer Maystadt, Vice-Eerste Minister en Minister van Financiën en Buitenlandse handel : Concreet ben ik van plan om alle bepalingen van de vernietigde koninklijke besluiten opnieuw in te voeren, behalve de verplichting voor de klant om in het bezit te zijn van het BTW-briefje wanneer hij de gelegenheid verlaat en om het op elk verzoek te kunnen voorleggen.

Deze bepalingen moeten zo vlug mogelijk opnieuw in werking treden, in het bijzonder de verplichting om een ontvangstbewijs af te geven, de uitbreiding van het te enge begrip "restauranthouder" tot het begrip "uitbater van een gelegenheid waar geregeld maaltijden worden verbruikt".

De koninklijke besluiten tot herinvoering van deze bepalingen zouden voor advies worden voorgelegd aan de Raad van State en retroactief in werking treden op 1 april 1994, zodat de periode gedurende welke het bestuur de bepalingen van de vernietigde besluiten heeft toegepast, hierin begrepen is.

De uitbreiding van het begrip "restauratiehouder" werd ingevoerd om de fraude te beteugelen, georganiseerd door een aantal ondernemingen die ten onrechte beweren dat ze geen restaurant uitbaten. Deze uitbreiding, na overleg met de vertegenwoordigers van de sector en met de instemming van de Minister van Middenstand, heeft geleid tot het koninklijk besluit van 3 maart 1995.

De maatregelen die werden ingevoerd voor de controle van de correcte toepassing van de BTW in de horecasector zijn er in de eerste plaats op gericht de verrichtingen van de ondernemingen zelf te controleren, en niet hun klanten. Bovendien beïnvloedt de vernietiging van het koninklijk besluit van 30 maart 1994 tot wijziging van het koninklijk besluit nr. 1 van 29 december 1992 geenszins de uitvoering van de controles, aangezien de controleurs over de controlebevoegdheden beschikken, bedoeld in de artikelen [61](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-61) tot [63](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-63) en [93quaterdecies](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-93quaterdecies) van het BTW-Wetboek. De vernietigde bepalingen brengen de controles dus niet in het gedrang.

(...)

## Aangehaalde teksten

3

[WBTW art. 61](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-61) 1 voorkomen

[WBTW art. 63](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-63) 1 voorkomen

[WBTW art. 93quaterdecies](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-93quaterdecies) 1 voorkomen
