Recht op aftrek. Huur. Leasing. Factuur. Voertuig. Vervoermiddel · Parlementaire vragen

Naar de tekst
Juriel

M015 30 april 1998

Zoeken

Recht op aftrek. Huur. Leasing. Factuur. Voertuig. Vervoermiddel

https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/m015-recht-aftrek-huur-leasing-factuur-dbaa

Nummer
M015
Datum
30 april 1998

Over het document

Verzameling
Parlementaire vragen
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

10 paragrafen

Vr. en Antw., Senaat, G.Z. 1997-1998 blz. 4043

Recht op aftrek - Huur - Leasing - Factuur - Voertuig - Vervoermiddel

VRAAG

Ik heb vernomen dat de BTW-aftrek op de kosten voor een auto waarvan de belastingplichtige geen eigenaar is, naargelang van de BTW-controles, soms aanvaard en soms verworpen wordt en dit op basis van zeer disparate reglementeringen.

Kan de geachte Minister mij zeggen in welke omstandigheden en op basis van welke criteria een belastingplichtige die volledig of gedeeltelijk gebruik maakt van een voertuig waarvan hij geen eigenaar is, de BTW op de kosten voor dat voertuig (herstellingen, onderhoudsbeurten, brandstof, enz.) kan aftrekken (bij professioneel gebruik en met een maximum van 50 %) als die kosten aan hem zijn gefactureerd en door hem zijn betaald ?

ANTWOORD

Voor zover een belastingplichtige een wagen gebruikt voor de behoeften van zijn economische activiteit waarvoor hij recht op aftrek heeft, kan hij, rekening houdend uiteraard met de beperking voorzien in artikel 45, § 2, van het BTW-Wetboek, de belasting geheven van de kosten met betrekking tot deze wagen in aftrek brengen, of deze wagen nu zijn eigendom is of niet (b.v. een gehuurde of geleasde wagen).

Het spreekt vanzelf dat de belastingplichtige in het bezit moet zijn van een regelmatige factuur opgesteld op zijn naam, en dat het goed of de dienst met betrekking tot de wagen aan hem wordt geleverd.

Dit is duidelijk niet het geval als een zaakvoerder, een bestuurder of een personeelslid van een belastingplichtige onderneming zijn eigen voertuig gebruikt in het kader van zijn werk.

In dergelijk geval kan dus in de regel in hoofde van de onderneming, geen aftrek worden toegestaan van de BTW geheven van de kosten met betrekking tot die voertuigen, zelfs indien ze gedeeltelijk worden gebruikt voor de behoeften van de onderneming.

Aangehaalde teksten

1
WBTW art. 451 voorkomen