Toepassing SEPA-verordening (260/2012) door belastingdiensten · Parlementaire vragen

Naar de tekst
Juriel

E-004674/2020 19 november 2020

Zoeken

Toepassing SEPA-verordening (260/2012) door belastingdienstenToepassing SEPA-verordening (260/2012) door belastingdiensten.

https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/e-004674-2020-toepassing-sepa-verordening-belastingdiensten-geert-216d

Nummer
E-004674/2020
Datum
19 november 2020

Over het document

Verzameling
Parlementaire vragen
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

15 paragrafen

Parlementaire vraag nr. E-004674/2020 van de heer Geert Bourgeois d.d. 19.11.2020

Vraag met verzoek om schriftelijk antwoord E-004674/2020 aan de Commissie

Artikel 138 van het Reglement

Toepassing SEPA-verordening (260/2012) door belastingdiensten

VRAAG

De SEPA-verordening (260/2012) bepaalt in artikel 9, lid 2 dat de begunstigde die gebruik maakt van een automatische afschrijving om geldmiddelen te innen van een betaler met een betaalrekening binnen de Unie, niet mag specificeren in welke lidstaat die betaalrekening zich moet bevinden.

Er bereiken mij niettemin berichten van burgers dat belastingdiensten een betaalrekening in de betrokken lidstaat vereisen opdat een domiciliëring mogelijk zou zijn om een woonbelasting te voldoen.

1. Hebben burgers met een woning in een andere lidstaat het recht hun belastingen in die lidstaat, bijvoorbeeld de woonbelasting, door middel van domiciliëring met een bankrekening in hun thuislidstaat te betalen?

2. Gaat de Commissie de stand van zaken na wat betreft de implementatie van de SEPA-verordening in en door de verschillende lidstaten, en wat zijn haar bevindingen?

3. Indien de Commissie vaststelt dat lidstaten in gebreke blijven om de SEPA-verordening na te leven, welke stappen zal zij dan ondernemen om aan deze schending van het EU-recht een einde te maken?

ANTWOORD

van de mevrouw McGuinness namens de Europese Commissie

De Commissie is zich er terdege van bewust dat een aantal entiteiten, waaronder belastingdiensten, automatische afschrijvingen van rekeningen in andere lidstaten via de gemeenschappelijke betalingsruimte voor de euro (SEPA) weigeren. Dat is een duidelijke inbreuk op de SEPA-verordening(1).

Volgens artikel 10 van de SEPA-verordening moeten de lidstaten een bevoegde autoriteit aanwijzen die verantwoordelijk is voor het doen naleven van de verordening. Het is daarom de verantwoordelijkheid van die bevoegde autoriteiten om deze praktijk, bekend als „IBAN-discriminatie", een halt toe te roepen.

De Commissie verwijst alle klachten systematisch door naar de nationale bevoegde autoriteiten, die in de eerste plaats verantwoordelijk zijn voor de correcte toepassing van het EU-recht. Als die klachten niet naar behoren worden behandeld en inbreuken niet worden verholpen, wijst de Commissie de nationale autoriteiten op hun wettelijke verplichtingen en leidt zij, indien nodig, inbreukprocedures in. Er loopt momenteel een inbreukprocedure tegen één lidstaat met betrekking tot het specifieke geval van de belastingdiensten.

(1) Verordening (EU) nr. 260/2012, PB L 94 van 30.3.2012, blz. 22.