---
title: "Parlementaire vraag 97 · Rekeningen afgeleverd in pompstations"
description: "Rekeningen afgeleverd in pompstations, rekening afgeleverd in pompstations. Parlementaire vraag nr. 97 van 29 april 1982 (Belgisch federaal parlement)."
url: "https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/97-rekeningen-afgeleverd-in-pompstations-hatry-c622"
lang: "nl"
fr: "https://juriel.be/fr/questions-parlementaires/97-factures-fourniture-carburants-pompe-hatry-ac49"
---

# Rekeningen afgeleverd in pompstations

**Nummer**

97

**Datum**

29 april 1982

## Over het document

**Verzameling**

Parlementaire vragen

**Taal van de tekst**

Nederlands

## Tekst

23 paragrafen

**Vr. en Antw., Senaat**

*Rekeningen afgeleverd in pompstations*

## **VRAAG**

Op [vraag nr. 77 d.d. 10 juni 1981](https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/77-facturatie-levering-brandstoffen-dalem-2c24) Z. Revue nr. 51, blz. 649, nr. 9

van de heer Dalem (bulletin nr. 38, Senaat, 30 juni 1981) werd geantwoord:

"In de regel moet elke belastingplichtige een rekening afgeven aan zijn contractant, wanneer hij goederen geleverd of diensten verstrekt heeft in de uitoefening van zijn beroep.

De rekening moet ten laatste de vijfde werkdag volgend op de maand van de levering of verstrekking worden afgegeven. Ze wordt echter afgegeven zodra de goederen ter beschikking van de koper gesteld worden voor de levering, tegen contante betaling, van goederen die niet met het oog op hun levering vervoerd worden (Wetboek BTW, art. 50, § 1, 2°, en koninklijk besluit van 23 juli 1969 betreffende de maatregelen tot betaling van de BTW, art. 1).

Gemakshalve kan, wanneer een rekening ter plaatse wordt afgegeven voor een levering of dienstverstrekking betreffende een auto en wanneer de prijs geen 1000 frank bereikt (BTW inbegrepen), de vermelding van de koper vervangen worden door het nummer van de autoplaat en hoeft de BTW niet apart vermeld te worden (omzendbrieven nr. 91 van 21 december 1970 Z. Revue nr. 51, blz. 649, nr. 9

en nr. 116 van 13 december 1972 (2)).

Als de door de pompbediende afgegeven bon aan die vereisten voldoet, alsook aan de vereisten van artikel 2 van het koninklijk besluit nr. 1 van 23 juli 1969, dan wordt hij met een rekening gelijkgesteld.

In lid 4 van de vraag wordt vermoedelijk het ontvangstbewijs bedoeld, dat krachtens artikel 8bis van het koninklijk besluit nr. 1 moet afgegeven worden, o.m. voor het wassen van auto's.

Dat bewijs vervult niet dezelfde rol als de rekening: deze is een boekhoudstuk dat principieel een belastbare verrichting vaststelt, terwijl het ontvangstbewijs de regels van de aanrekening niet wijzigt. Beide documenten kunnen echter samengevoegd worden, met dien verstande dat het ontvangstbewijs aangevuld wordt met de vermeldingen die op een rekening moeten voorkomen."

In aflevering nr. 44 d.d. 15 oktober 1981 interpreteert het tijdschrift Fiscologue, het antwoord van de Minister:

"Voor de directe belastingen dienen de ingediende stukken vooral om de bedrijfslasten te staven: daartoe is het ontvangstbewijs, met de betaalde som en het nummer van de autoplaat, voldoende.

Voor de BTW moet die vereenvoudigde rekening echter aangevuld worden met de vermeldingen die op een regelmatige rekening moeten voorkomen."

Stemt deze interpretatie, o.m. de laatste volzin, overeen met het standpunt van de geachte Minister?

## **ANTWOORD**

De interpretatie gegeven in het tijdschrift Fiskoloog van het antwoord op de [vraag nr. 77 van de heer Dalem van 10 juni 1981](https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/77-facturatie-levering-brandstoffen-dalem-2c24), Vragen en Antwoorden Senaat, 30 juni 1981, nr. 38, is onjuist.

De bon, afgegeven door de pomphouder, mag niet verward worden met de rekening of het ontvangstbewijs waarvan de uitreiking is voorgeschreven door artikel 8bis van het koninklijk besluit nr. 1 van 23 juli 1969, met betrekking tot de regeling voor de voldoening van de belasting over de toegevoegde waarde. Die bon kan gelijkgesteld worden met een factuur, wanneer hij reeds bij de uitreiking de vermeldingen bevat, opgesomd in artikel 2 van het koninklijk besluit nr. 1, eventueel rekening houdend met de vereenvoudigingen toegelaten door [aanschrijving nr. 22/1981](https://juriel.be/nl/omzendbrieven/22-1981-aanschrijving-8224) Z. Revue nr. 51, blz. 649, nr. 9

die, vanaf 1 januari 1982, de aanschrijving nr. 91/1970 en de nrs. 1° en 2° van [aanschrijving nr. 116/1972](https://juriel.be/nl/omzendbrieven/116-1972-aanschrijving-obligation-declaration-facture-simplification-1118) vervangt.

Evenwel, wat betreft de onderhouds- en herstellingswerken aan personenauto's, auto's voor dubbel gebruik, minibussen, kampeerauto's, motorfietsen en hun aanhangwagens, daaronder begrepen de kampeerwagens, alsook de levering van goederen gebruikt voor de uitvoering van deze werken, en wanneer de prijs met inbegrip van de belasting over de toegevoegde waarde geen 1000 frank bereikt, mag de factuur onder de in de § 2 tot 8 van artikel 8bis van het koninklijk besluit nr. 1 gestelde voorwaarden vervangen worden door een rekening of een ontvangstbewijs met vermelding van de datum, het bedrag, belasting over de toegevoegde waarde inbegrepen, verschuldigd of betaald door de klant, en de nummerplaat van het voertuig (art. 8, tweede lid, 8°, van het koninklijk besluit nr. 1), voor zover deze handelingen betrekking hebben op particulieren die deze goederen en diensten niet bestemmen voor de uitoefening van een beroepswerkzaamheid.

De afwijking bedoeld in het vorige lid betreft alleen de werken die er op een beperkende wijze zijn in opgesomd, met uitsluiting van de andere dienstverrichtingen en leveringen van goederen, brandstof daaronder begrepen, beoogd in het BTW-Wetboek.

In deze laatste gevallen blijven de regels van facturatie opgelegd door het BTW-Wetboek en zijn uitvoeringsbesluiten volledig van toepassing.
