---
title: "Parlementaire vraag 949 · De verschillende aangifteformaliteiten voor verlaagde btw-tarieven bij bouwwerken"
description: "De verschillende aangifteformaliteiten voor verlaagde btw-tarieven bij bouwwerken. Parlementaire vraag nr. 949 van 21 maart 2022 (Belgisch federaal parlement)."
url: "https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/949-verschillende-aangifteformaliteiten-verlaagde-btw-tarieven-45c9"
lang: "nl"
fr: "https://juriel.be/fr/questions-parlementaires/949-differentes-formalites-declaration-matiere-taux-f110"
---

# De verschillende aangifteformaliteiten voor verlaagde btw-tarieven bij bouwwerken

**Nummer**

949

**Datum**

21 maart 2022

## Over het document

**Verzameling**

Parlementaire vragen

**Taal van de tekst**

Nederlands

## Tekst

50 paragrafen

Parlementaire vraag nr. 949 van de heer Dieter Vanbesien d.d. 21.03.2022

**Kamer, Vragen en Antwoorden, 2021-2022, QRVA 55/086 d.d. 25.05.2022, blz. 134**

Vraag nr. 949 van De heer volksvertegenwoordiger Dieter Vanbesien van 21 maart 2022 (N.) aan de vice-eersteminister en minister van Financiën, belast met de Coördinatie van de fraudebestrijding:

*De verschillende aangifteformaliteiten voor verlaagde btw-tarieven bij bouwwerken.*

## **VRAAG**

De regelingen voor het verlaagde btw-tarief van 6 % in welbepaalde gevallen van sloop- en heropbouwwerken en renovatiewerken worden geregeld in de bijlage, tabel A, rubriek XXXI, XXXVII en XXXVIII bij koninklijk besluit nr. 20. In deze bijlage staat in tabel B, rubriek XI de regeling beschreven voor nieuwbouw voor sociale verhuurkantoren (SVK) en sociale huisvestingsmaatschappijen (SVM). Wanneer bouwheren gebruik willen maken van deze voordelige btw-regimes dienen zij aan een aantal voorwaarden te voldoen. Er is echter een belangrijk verschil in de manier waarop men de btw-verlaging bekomt die in de praktijk grote gevolgen heeft.

Voor renovatiewerken volstaat sinds 2022 een eenvoudige vermelding op de factuur opdat het btw-tarief van 6 % van toepassing zou zijn. Bij de tijdelijke regeling voor sloop en herbouw moet wel nog een aangifteformulier worden ingevuld, maar deze aangifte is een verklaring van eer - er dienen verder geen formele voorwaarden of procedures te worden afgelegd. De controle vindt in deze beide gevallen achteraf plaats.

De regeling voor nieuwbouw voor sociale verhuurkantoren en huisvestingsmaatschappijen zit anders in elkaar. Hier geldt de SVK Pro procedure. Deze procedure betekent concreet dat projectontwikkelaars die willen bouwen voor SVK's of SHM's slechts na het doorlopen van deze procedure weten of het verlaagd tarief van 12 % van toepassing zal zijn. Voordat de procedure is afgerond dienen er al enkele handelingen door de bouwheer te worden gesteld, en deze vallen in ieder geval niet onder de voordelige btw-regeling. Er is niet voorzien in een teruggaaf van de teveel betaalde btw. De SVK Pro procedure wordt vanuit de praktijk gezien als ingewikkeld en lang, en weerhoudt daarom bepaalde investeerders ervan te kiezen voor nieuwbouwprojecten in functie van sociale huisvesting. Gezien de moeilijkheden waar de sector voor staat, en het belang van de sociale huisvesting in de armoedebestrijding, valt het te overwegen om de regelgeving zo aan te passen dat investeringen in nieuwbouw in functie van sociale huisvesting eenvoudiger zijn.

**1.** Sinds 1 januari 2022 kan men in het geval van renovatie- en herstelwerken voor bepaalde privéwoningen via een vermelding op de factuur recht hebben op het verlaagde btw-tarief van 6 %. Een verklaring op eer op de factuur is niet langer nodig. Waarom heeft u ervoor gekozen om wel nog te werken via een aangifteformulier die dient als verklaring op eer in het geval van sloop- en heropbouwwerken?

**2.** Hoe luidt de voorlopige evaluatie van bovenstaande werkmethode bij renovatiewerken? Kan u die evaluatie staven met cijfers?

a) Voor renovatiewerken tussen 2021 en 2022: bij hoeveel aangifteformulieren werden er achteraf fouten vastgesteld en diende extra btw te worden bijbetaald? Wat is het aandeel van dit aantal gevallen ten opzichte van het totale aantal aangiftes?

b) Voor renovatiewerken sinds 1 januari 2022: hoeveel aangifteformulieren met een vermelding op de factuur werden geregistreerd? Hoeveel hiervan werden gecontroleerd? Is het aandeel foute of frauduleuze aangiftes ernstig toegenomen?

c) Wat is het aantal aangiftes voor het verlaagde btw-tarief in het geval van sloop- en heropbouwwerken in de periode 2021-2022? Hoeveel hiervan werden gecontroleerd, en hoeveel aangiftes bleken na controle onterecht te zijn?

d) Overweegt u een soortgelijke vereenvoudiging van de aangifte voor sloop- en heropbouwwerken in te voeren?

**3.** a) Wat is de reden dat de overheid in het geval van nieuwbouw die zal dienen voor sociale huisvestingsmaatschappijen en verhuurkantoren niet werkt via een verklaring op eer of via een vermelding op de factuur?

b) Leren de lessen uit de btw-regeling voor bepaalde renovatie en herstellingswerken dat een eenvoudigere procedure voor de aanvraag van het verlaagde btw-regime ook voor nieuwbouwprojecten in functie van sociale huisvesting te verkiezen is? Zal u hier werk van maken? Indien niet, wat is hiervoor de reden?

## **ANTWOORD**

**van de vice-eersteminister en minister van Financiën, belast met de Coördinatie van de fraudebestrijding van 23.05.2022:**

**1.** De vervanging van de verklaring afgeleverd door de bouwheer door een uitdrukkelijke vermelding op de factuur met betrekking tot de bouwwerken bedoeld in de rubrieken XXXI, XXXII, XXXIII en XXXVIII van tabel A van de bijlage bij koninklijk besluit (KB) nr. 20 is gerechtvaardigd om verschillende redenen. Naast het gebrek aan standaardisering van deze verklaring, bleek het administratieve beheer van dergelijke verklaringen door de aannemers bijzonder omslachtig, a fortiori in gevallen waarin de verrichte werkzaamheden bijzonder beperkt in omvang waren. Denk hierbij aan schilderwerken, het onderhoud van de cv-ketel of kleine elektriciteitswerken. Bovendien had deze verklaring van de opdrachtgever enkel betrekking op de voorwaarden voor de toepassing van het verlaagd btw-tarief voor de bouwwerken die onder deze rubrieken vallen die enkel door deze opdrachtgever kunnen worden bevestigd. Het gaat daarbij specifiek om de ouderdom van het gebouw, het gebruik van het gebouw als privéwoning en de hoedanigheid van de klant als eindverbruiker.

Bij werkzaamheden in verband met de afbraak van een gebouw en de daarmee gepaard gaande wederopbouw van een woning gaat het in het algemeen om veel meer omvangrijker werken, die betrekking hebben op een gebouw waarvan de technische, geografische en zelfs historische kenmerken, alsmede de feitelijke bestemming van het gebouw bepalend zijn voor het al dan niet toepassen van het verlaagde btw-tarief. Om het verlaagd tarief, dat verlengd wordt tot 31 december 2023, te kunnen genieten verlaagd tariefmoeten deze werken namelijk aan een hele reeks voorwaarden voldoen.

Deze voorwaarden hebben betrekking op de aard van de werkzaamheden en in het bijzonder op het feit dat het gaat om de wederopbouw van een eerder afgebroken gebouw, op de bestemming van het gebouw als enige en eigen woning van de bouwheer of de koper, op de vestiging, zonder uitstel, van zijn domicilie aldaar door laatstgenoemde en voor een periode van vijf jaar, op de oppervlakte van de woning na de werken, op de start- en einddatum van de werken en, desgevallend, op de effectieve toewijzing van het gebouw voor verhuur aan een sociaal verhuurkantoor of in het kader van een door de bouwheer of de koper aan een dergelijk kantoor verleend beheersmandaat voor een periode van minimaal 15 jaar.

De controle door de administratie op de naleving van alle voorwaarden van het verlaagd tarief vereist bijkomende vormvereisten in hoofde van de contractpartijen, wat een verantwoording vormt voor de indiening van een ad-hocverklaring en voor de mogelijkheid voor de administratie om van de bouwheer bepaalde documenten op te vragen. Deze voorwaarden hebben met name betrekking op de exacte ligging van het onroerend goed en de historiek van het bijhorend terrein (vandaar de noodzaak om te kunnen beschikken over de stedenbouwkundige vergunning), de architectonische kenmerken van de woning (vandaar de noodzaak om te kunnen beschikken over de plannen en het contract ) en de chronologische voortgang van de werken met het oog op hun facturering (vandaar de noodzaak om te kunnen beschikken over het contract). Dit is specifieke informatie die niet nodig is in het kader van de toepassing van het verlaagd btw-tarief voor werken in het kader van een renovatie.

Tot slot wil ik er enerzijds op wijzen dat deze online aangifte slechts een beperkte hoeveelheid informatie vereist met betrekking tot de identiteit van de bouwheer en de aard en ligging van het project en anderzijds dat mijn administratie niet de systematische verzending van alle bewijsstukken vereist. Deze moeten eenvoudigweg op verzoek van de administratie ter beschikking worden gesteld.

**2.** a) U wenst cijfers te bekomen over de werkwijze bij renovatiewerken voor de periode tussen 2021 en 2022.

Om het verlaagd tarief van 6 % te kunnen toepassen bij renovatie en verbouwingswerken aan privéwoningen vóór 1 januari 2022, was het noodzakelijk dat de afnemer van de dienst een attest afleverde aan de aannemer, waarbij enerzijds de ouderdom van de woning werd bevestigd en ook het gebruik als privé-bewoning werd bevestigd. Dit attest moest niet voorafgaandelijk ingediend worden bij mijn administratie. Derhalve beschikt mijn administratie momenteel niet over gecentraliseerde gegevens hierover. Tijdens controles in de betrokken sectoren worden deze voorwaarden gecontroleerd, hierover zijn geen afzonderlijke cijfers beschikbaar.

b) Voor renovatiewerken sinds 1 januari 2022 kunnen deze voorwaarden op de factuur geplaatst worden in plaats van op een afzonderlijk attest. Bijgevolg zijn voor renovaties die niet vallen onder de maatregel "afbraak en heropbouw" geen specifieke voorafgaandelijke fiscale vormvereisten voorzien. Derhalve beschikt mijn administratie niet over gecentraliseerde gegevens van het aantal uitgegeven facturen waarop deze vermelding werd geplaatst. De controles van de uitgereikte facturen zullen vallen onder de normale controleprogramma's op basis van risicofactoren eigen aan de sectoren.

c) U kan in onderstaande tabel de gevraagde cijfers terugvinden waarbij de te bezorgen vermeldingen op de formulieren verschillen al naargelang de bestemming van de heropgerichte woning, met name:

|  | 2021 | 2022(01/01/2021 midden maart) |
| --- | --- | --- |
| 111-1 | 3483 | 504 |
| 111-2 | 114 | 11 |
| 111-3 | 12571 | 1966 |
| 111-4 | 494 | 127 |

\- eigen bewoning (verklaring nr. 111-1);

\- langdurende verhuur in het kader van het sociaal beleid (verklaring nr. 111-2);

\- levering van een woning die door de koper wordt bestemd voor eigen bewoning of voor langdurige verhuur in het kader van sociaal beleid (verklaring nr. 111-3);

\- gebouw gelegen in stadsgebieden (rubriek XXXVII, tabel A, KB nr. 20) (verklaring nr. 111-4).

De administratie is tot op heden nog niet overgegaan tot een systematische controle na de uitvoering van de werken in toepassing van art [1quater](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-20-artikel-1quater-260c) van het KB nr. 20. Wel werden in het kader van de informatieverstrekking omtrent hun dossier een aantal projecten afgewezen voor de toepassing van het verlaagd tarief. Aangezien dit zowel lokaal, door de centrale diensten, als door de Dienst Voorafgaande Beslissingen is gebeurd, zijn hierover geen cijfers beschikbaar. Wel is momenteel een controleactie lopende naar de mogelijke misbruiken bij facturering bij de aanvang van de regeling voor de op 1 januari 2021 in loop zijnde bouwprojecten.

d) Gezien de toepassingsvoorwaarden van het verlaagde btw-tarief voor afbraak- en wederopbouwwerkzaamheden en de al met al beperkte vormvereisten die aan dit verlaagde tarief zijn verbonden, ben ik niet meteen van plan deze procedures verder te vereenvoudigen.

**3.** a) Wat meer in het bijzonder het geval van het verlaagde btw-tarief van 12 % voor met name leveringen van nieuwe privéwoningen met het oog op verhuur in het kader van het sociaal beleid betreft, moet ervoor worden gezorgd dat de vervreemde woning het voorwerp zal uitmaken van een huur- of beheerscontract toegekend aan een publieke of private organisatie met een sociaal doel of aan een sociaal verhuurkantoor, gedurende de verplichte minimumperiode van vijftien jaar. In deze context kan het, rekening houdend met deze bijzonder lange periode, gebeuren dat het onroerend goed in de tussentijd wordt overgedragen door de eerste koper. Een dergelijke overdracht leidt niet noodzakelijk tot een regularisatie in hoofde van diegene die het verlaagde btw-tarief heeft toegepast, op voorwaarde dat de verkrijger wordt gesubrogeerd in de rechten en verplichtingen van de verkrijger en de woning door de verkrijger verder wordt aangewend voor een verhuur in het kader van het sociaal beleid, ten gunste van dezelfde organisatie of een andere organisatie die aan dezelfde voorwaarden voldoet.

De verklaring en het huurcontract die de overdrager in dit geval moet overhandigen, laten toe om de onroerende goederen gedurende de hele wettelijke periode te controleren op de toepassingsvoorwaarden van het verlaagde btw-tarief, wat een eenvoudige verklaring op erewoord of een vermelding op de factuur, op een moment dat het vooruitzicht van wederverkoop van de woning niet eens denkbaar was, niet zou toelaten. Gezien de nodige gegevens waarover de administratie in deze specifieke context moet beschikken, zou de vermelding van al die gegevens op de factuur in ieder geval een te grote administratieve last voor de contractanten vormen.

b) Zoals voor andere toepassingsgevallen van een verlaagd btw-tarief voor werk in onroerende staat, blijven de opgelegde vormvereisten relatief beperkt en zijn ze verantwoord door de specifieke toepassingsvoorwaarden van deze tarifaire gunstregeling. Deze vormvereisten hebben vooral betrekking op de identiteit van de koper, de identiteit van de huurder, de precieze identificatie van het onroerend goed en de aard van de handeling waarvoor het verlaagde btw-tarief wordt gevraagd. Mijn administratie en ik blijven in ieder geval aandachtig voor het delicate evenwicht tussen maximale vereenvoudiging van de administratieve lasten en de noodzakelijke vormvereisten om een effectieve controle op de correcte toepassing van verlaagde btw-tarieven te garanderen.

## Aangehaalde teksten

1

[KB nr. 20 art. 1quater](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-20-artikel-1quater-260c) 1 voorkomen

## Administratieve doctrine

3

[Fiches van de administratieve commentaar 3](https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/949-verschillende-aangifteformaliteiten-verlaagde-btw-tarieven-45c9/documenten?type=commentaar)

« … en het koninklijk besluit van 27.12.2021 tot wijziging van de koninklijke besluiten nrs. 2, 4, 6, 10, 19 en 22 met betrekking tot de belasting over de toegevoegde waarde (nr. E.T. 138.977). Betreffende voorgaande formaliteiten wordt ook verwezen naar de schriftelijke parlementaire vraag nr. 949 van de heer Volksvertegenwoordiger Dieter Vanbesien van 21.03.2022 . 9. Privéwoningen voor gehandicapten Rubriek XXXII, van tabel A, van de bijlage bij het koninklijk besluit nr. 20, voornoemd, inzake de toepassing van het btw-tarief van 6% op instellingen voor gehandicapten bepaalt het volgende: ‘§ 1. Mits voldaan is aan … »

[Tarieven van de belasting (01.11.2025)](https://juriel.be/nl/btw-commentaar/tarieven-belasting-51bf) Administratieve commentaar 12.11.2025

[Bekijk de 3 documenten](https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/949-verschillende-aangifteformaliteiten-verlaagde-btw-tarieven-45c9/documenten)
