Onderzoek van een bezwaarschrift. Inzage van het verslag van de onderzoekende geschillenambtenaar · Parlementaire vragen

Naar de tekst
Juriel

921 15 februari 2002

Zoeken

Onderzoek van een bezwaarschrift. Inzage van het verslag van de onderzoekende geschillenambtenaar

https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/921-onderzoek-bezwaarschrift-inzage-verslag-onderzoekende-1d6d

Nummer
921
Datum
15 februari 2002

Over het document

Verzameling
Parlementaire vragen
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

14 paragrafen

Vr. en Antw., Kamer, 2002, nr. 116 , blz. 14100-14101

Onderzoek van een bezwaarschrift - Inzage van het verslag van de onderzoekende geschillenambtenaar

VRAAG

Volgens het nr. 48 van de administratieve circulaire Ci.RH.863/530.827 van 18 september 2000 (zomereditie van het Bulletin der belastingen nr. 807, blz. 1854) moet het verslag van de ambtenaar die het bezwaarschrift heeft onderzocht steeds deel uitmaken van het dossier dat aan belastingplichtige "ter inzage" wordt gegeven. Dat intern document beantwoordt immers aan de brede definitie van een bestuurlijk document waarop de openbaarheid van toepassing is en de traditionele beperking gegrond op de jurisdictionele functie van de directeur kan niet worden gehandhaafd gelet op de artikelen 32 en 98 van de wet van 15 maart 1999 betreffende de beslechting van fiscale geschillen.

Omdat dit vroeger niet zo was, kunnen helaas vele geschillenambtenaren en directeurs zich hiermee blijkbaar nog steeds niet volledig verzoenen en proberen de kwestie voortdurend te ontwijken of algemeen uit de weg te gaan.

Spijts uitdrukkelijk verzoek van de belastingplichtigen en hun gemandateerde raadgevers en boekhouders worden in de praktijk inderdaad de drie volgende algemene houdingen vastgesteld:

A) Meestal wordt ter gelegenheid van de "inzage" van het bezwaardossier en het administratief belastingdossier meegedeeld dat het verslag nog niet af is en pas in "klad- of ontwerpfase" verkeert, zodat het dan ook niet moet worden voorgelegd.

B) Anderen beschouwen het verslag zonder meer als "persoonlijke nota's" en wordt het uit het bezwaardossier weggelaten (cf. de niet-doorlopende nummering van het dossier) omdat daaruit veelal soms tegenstrijdige meningen over de betwiste taxatie kunnen blijken, die door de belastingplichtigen in hun voordeel kunnen worden ingeroepen gelet op het fiscaal adagium "in dubio contra fiscum" zoals recentelijk herhaaldelijk beklemtoond door de regeringscommissaris.

C) Overige geschillenambtenaren beweren dan weer dat er helemaal geen verslag meer wordt opgemaakt daar belastingplichtige zogezegd alles volledig zal kunnen terugvinden in de later nog te nemen directoriale beslissing in de zin van artikel 375 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992.

1. Kan u, punt per punt, uw actuele en klantvriendelijke ziens- en handelwijze meedelen met betrekking tot de drie voornoemde algemene vaststellingen in het licht van alle beginselen van behoorlijk bestuur en van het respect voor de rechten van de fiscale verdediging?

2. Op welke wijze zullen alle betrokken leidinggevende en onderzoekende geschillenambtenaren daarenboven spoedig worden gesensibiliseerd opdat uw voorgeschreven richtlijnen voortaan overal te lande op een identieke wijze zouden worden nageleefd?

ANTWOORD

Punt 48 van de circulaire van 18 september 2000, Ci.RH.863/530.827 betreffende het inzagerecht van het verslag opgesteld door de ambtenaar die het bezwaarschrift heeft onderzocht is duidelijk en heeft een algemene draagwijdte. Dat wil zeggen dat elke ambtenaar die duidelijke richtlijnen moet naleven.

Ik beschik niet over informatie die mij ertoe doet besluiten dat vele ambtenaren de toepassing van het voornoemde punt 48 zouden pogen te ontwijken. In elk geval worden door de belastingplichtigen aan de centrale diensten van het AOIF geen klachten geformuleerd die zouden wijzen op het systematisch negeren van de verplichting tot het geven van inzage van het verslag van de ambtenaar die het bezwaarschrift heeft onderzocht zodat er geen reden bestaat om de inhoud van dat punt 48 opnieuw uitdrukkelijk onder de aandacht van de ambtenaren te brengen.