De BBI-resultaten (MV 9566) · Parlementaire vragen

Naar de tekst
Juriel

887 54 24 maart 2016

Zoeken

De BBI-resultaten (MV 9566)

https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/887-bbi-resultaten-mv-5bcf

Nummer
887
Zittingsperiode
54
Datum
24 maart 2016

Over het document

Verzameling
Parlementaire vragen
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

24 paragrafen

Schriftelijke vraag en antwoord nr : 887 - Zittingsperiode : 54

Auteur : Veerle Wouters, N-VA (06401)

Departement : Minister van Financiën, belast met Bestrijding van de fiscale fraude

Titel : De BBI-resultaten (MV 9566).

Datum indiening : 24/03/2016

Vraag

Op zaterdag 13 februari 2016 berichtte De Tijd dat ze de hand kon leggen op cijfers van de Bijzondere Belastinginspectie (BBI), waaruit blijkt dat deze voor 2015 ondermaats heeft gepresteerd. In tegenstelling tot 2014 - 1.426 miljoen euro - kon de BBI dit jaar maar 969,6 miljoen euro ophalen aan belastingverhogingen en sancties ten gevolge van fraudedossiers. Het rendement per dossier is eveneens teruggezakt, van 900.000 euro per dossier in 2014 naar 565.000 euro per dossier in 2015.

In het verleden heb ik al eens aan de BBI-topman, de heer Philipsen, gevraagd welk bedrag de BBI werkelijk int.

Af en toe vangt de BBI ook bot in grote fraudedossiers. In de zomer van 2014 stelde de Antwerpse fiscale rechtbank de BBI in het gelijk wat betreft een schadeclaim van 160 miljoen euro tegen de Finse groep Fortum. De groep betaalde dit, maar ging in beroep en eiste het geld met intresten terug. Met succes, want op 13 januari 2016 oordeelde het Antwerpse Hof van Beroep dat de fiscus ca. 200 miljoen euro moet terugbetalen aan Fortum.

Gelijkaardig berichtte De Tijd op 17 februari 2016 dat Electrabel (Engie) wegens een grote pot aan ongebruikte belastingaftrekken, een claim van de BBI op een half miljard aan onrechtmatig versluisde winsten kan vermijden. Het is niet de eerste keer dat het bedrijf een belastingclaim weet te vermijden, dat gebeurde reeds in 2014 toen de fiscus door de Brusselse rechtbank in het ongelijk werd gesteld en de reeds ontvangen 285 miljoen euro aan belastingen met moratoriumintresten aan 7 % moest terugbetalen aan Electrabel.

Bij deze wens ik toch even stil te staan bij de juiste draagwijdte van de BBI-cijfers.

1. Als er sprake is van 1.426 miljoen euro opbrengst, gaat het dan over aanslagen die worden gevestigd, met name wat de BBI hoopt te halen bij de fraudeurs? Omvat dit bedrag de belasting, belastingverhogingen, administratieve geldboeten en nalatigheidintresten? Of gaat het over bedragen die werkelijk geïnd worden?

2. Als de BBI-cijfers betrekking hebben op de aanslagen die zij vestigt, worden die dan achteraf gecorrigeerd wanneer blijkt dat de bedragen niet kunnen worden geïnd? Wanneer gebeurt die correctie?

3. Verbloemen dergelijke monsterdossiers als Electrabel en Fortum de echte cijfers van de BBI niet? Wordt in de beoordeling van de BBI-resultaten de teruggave afgeboekt van de in het verleden gevestigde aanslagen eventueel verhoogd met de moratoriumintresten?

4. Op dit moment mogen autonome gemeentebedrijven (AGB) de 21 % btw die ze betalen voor het bouwen en uitbaten van zwembaden, sporthallen, cultuurinstellingen, enzovoort, terugvorderen van de overheid. Voor gemeenten maakt zo'n AGB heel wat grote investeringen een pak lichter. Maar dat is buiten de BBI gerekend, die op verscheidene momenten "te gast" is geweest bij tal van AGB's om te onderzoeken of zij ten onrechte btw hebben gerecupereerd of niet. Welk aandeel hebben deze AGB-dossiers in de cijfers van de BBI (met name het aantal dossiers en de totaalbedragen aan belastingverhogingen en/of sancties)? Vallen onderzoeken tegen overheden niet eerder onder de bevoegdheid van de Administratie van de Ondernemings- en Inkomensfiscaliteit (AOIF) dan de BBI?

Antwoord

Publicatie antwoord : B069 · Publicatiedatum : 14/04/2016

1. Het bedrag van 1.426 miljoen euro betreft de door de AABBI in 2014 behaalde belastingsupplementen. Inzake inkomstenbelastingen zijn hierin begrepen de ingekohierde belastingen, de administratieve boeten en belastingverhogingen. Inzake btw betreft het de in te vorderen btw, inclusief boetes. De intresten zijn niet inbegrepen, want deze zijn afhankelijk van de datum van betaling. De datum van betaling is nog niet gekend op het moment van de inkohiering of van het opstellen van het invorderingsorder.

2. en 3. Het fiscaal onderzoek wordt inzake directe belastingen afgesloten met de taxatie en de inkohiering van de aanslag. Daarna volgen de geschillenfase en de invorderingsfase. In de geschillenfase wordt het bedrag van de ontheffingen manueel bijgehouden.

In het kader van mijn plan ter bestrijding van de fraude en het operationeel plan 2016 van de bijzondere belastinginspectie (BBI), doet de BBI, samen met de AA Inning en Invordering, inspanningen om op termijn de effectieve inning van de BBI aanslagen te meten en stelselmatig te verbeteren. Tot op heden gebeurden hiervoor per gewestelijke directie op manuele basis bepaalde verificaties. Dit blijkt zeer arbeidsintensief. De huidige inspanningen gaan in de richting van een semi-geautomatiseerde toepassing die een systematische opvolging mogelijk maakt.

Men moet weten dat elke gewestelijke directie van de BBI beschikt over een invorderingscel die de relaties met de AA Inning en Invordering verzorgt en ernaar streeft de invorderingskansen van bij de aanvang van een onderzoek maximaal te vrijwaren. Het zal hierbij duidelijk zijn dat het finale resultaat lang op zich laat wachten door de aanslepende geschillenprocedures en de invorderingsmoeilijkheden op zich, gelet op de vaak hoge bedragen.

Dat er bij gelegenheid in hoger beroep een betaalde aanslag jaren nadien dient terugbetaald te worden met moratoriumintresten, valt daarbij niet uit te sluiten. In de media genieten dergelijke gevallen uiteraard meer aandacht dan de dagdagelijkse inspanningen om de invordering te optimaliseren.

4. De AABBI voert inderdaad bij een beperkt aantal autonome gemeentebedrijven (AGB's) en soortgelijke organisaties een onderzoek naar de problematiek van de btw-plicht bij de uiteenlopende activiteiten die zij uitoefenen. Overheidsbedrijven als AGB's dienen net als alle andere belastingplichtigen de fiscale wetgeving te respecteren en kunnen bijgevolg onderworpen worden aan fiscale controles wanneer signalen omtrent mogelijk misbruik van hun btw-plicht zich voordoen. In die omstandigheden komen ze net als andere btw-plichtigen in aanmerking voor een onderzoek door de BBI.

Voor het merendeel van de gevallen bevindt het onderzoek zich nog in een beginfase en is het voorbarig om op dit ogenblik uitspraken te doen omtrent de resultaten ervan. Het is in functie van de vaststellingen en resultaten dat, in overleg met de AAFisc, zal beslist worden in welke mate en in welke zin er aanleiding is tot een uitbreiding van het onderzoek.

Vraag en antwoord gepubliceerd door de Kamer van volksvertegenwoordigers in het Bulletin van vragen en antwoorden · De vraag op de website van de Kamer