---
title: "Parlementaire vraag 866 · Doorfacturatie van prestaties aan verbonden ondernemingen"
description: "Doorfacturatie van prestaties aan verbonden ondernemingen. Parlementaire vraag nr. 866 van 29 juni 2005 (Belgisch federaal parlement)."
url: "https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/866-doorfacturatie-prestaties-verbonden-ondernemingen-pieters-ece6"
lang: "nl"
fr: "https://juriel.be/fr/questions-parlementaires/866-facturation-prestations-entreprises-liees-pieters-9473"
---

# Doorfacturatie van prestaties aan verbonden ondernemingen

**Nummer**

866

**Datum**

29 juni 2005

## Over het document

**Verzameling**

Parlementaire vragen

**Taal van de tekst**

Nederlands

## Tekst

17 paragrafen

**Vr. en Antw., Kamer, 2005-2006, nr. 114, blz. 21901-21903**

*Doorfacturatie van prestaties aan verbonden ondernemingen*

## **VRAAG**

Zowel tussen Belgische verbonden vennootschappen en ondernemingen als tussen andere Belgische firma's of bedrijven valt het geregeld voor dat er onderlinge doorfacturaties gebeuren van persoonlijke arbeids- en dienstprestaties verricht door bedrijfsleiders, bestuurders, zaakvoerders, kaderleden, arbeiders, bedienden, vertegenwoordigers, dienstboden, huispersoneel, hoveniers en door chauffeurs.

Terzake rijzen op dat vlak de volgende algemene en praktische vragen.

1\. Door al welke nationale en internationale wetten, reglementen en verdragsbepalingen zowel van fiscale als van parafiscale of sociale aard worden al deze handelingen of doorfacturaties tussen al dan niet verbonden ondernemingen beheerst?

2\. Welke wettelijke of reglementaire bepalingen verbieden eventueel uitdrukkelijk sommige van al deze onderlinge verrichtingen en welke instanties mogen of moeten op deze specifieke aangelegenheden allemaal een sociaal en fiscaal toezicht houden en desnoods administratief en/of strafrechtelijk sanctioneren ?

3\. Tegen welke markt- en handelsprijzen en/of tegen welke winstof verliesmarges moeten dergelijke personeelskosten telkens worden doorgerekend en toegepast ?

4\. Welke BTW-tarieven, directe en indirecte taksen, sociale lasten en RSZ-tarieven mogen of moeten hierop eventueel telkens allemaal al dan niet gelijktijdig worden gehanteerd of geheven?

5\. Kan u punt per punt uw algemene ziens- en handelwijze weergeven in het kader van alle thans vigerende nationale en internationale wettelijke en reglementaire verdragsbepalingen inzake BTW, inzake directe belastingen andere dan de artikelen 26 en 49 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 en inzake sociale wetgeving ?

## **ANTWOORD**

( vice-eerste minister en minister van Financiën, 20.03.2006)

Het spreekt voor zich dat met betrekking tot de door het geachte lid bedoelde verrichtingen voor de wettelijke bepalingen die inzake directe belastingen van toepassing zijn kan worden verwezen naar het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 (WIB 1992) en het koninklijk besluit tot uitvoering van voormeld Wetboek waarbij als regel geldt dat de in artikel 49, WIB 1992 opgenomen voorwaarden van toepassing zijn voor alle belastingplichtigen, ongeacht de aard van hun belastbare beroepsinkomsten (bijvoorbeeld winst). Terzake bestaan er geen bijzondere wettelijke bepalingen inzake directe belastingen. De bevoegde taxatie-dienst is het best geplaatst om, aan de hand van de concrete juridische en feitelijke beoordelingselementen die eigen zijn aan elk geval, na te gaan of de hiervoor bedoelde voorwaarden zijn vervuld.

Daarnaast acht ik het nuttig het geachte lid eraan te herinneren dat de bepalingen van artikel 26, WIB 1992 ten name van een binnenlandse vennootschap in principe geen uitwerking hebben wanneer de verkrijger van het abnormaal of goedgunstig voordeel een binnenlandse vennootschap is, onverminderd evenwel de eventuele toepassing van de bepalingen van de artikelen 79 en 207, tweede lid, WIB 1992 ten name van diezelfde rechtspersoon.

Overigens wordt opgemerkt dat het feit dat bepaalde kosten, op grond van de artikelen 49 en volgende van het voormeld Wetboek, bij een bepaalde belastingplichtige niet als beroepskosten aftrekbaar zijn, geen hinderpaal vormt om het inkomen dat ingevolge die kosten bij een andere belastingplichtige ontstaat ten name van deze laatste aan belasting te onderwerpen.

Inzake BTW kan ik het geachte lid meedelen dat het aanrekenen van diensten aan al dan niet verbonden ondernemingen en vennootschappen in principe aan de BTW onderworpen is wanneer deze diensten in België plaatsvinden, ongeacht of deze diensten door de partijen worden aangemerkt als een terbeschikkingstelling van personeel in de zin van [artikel 18, § 1, tweede lid, 2°, van het BTW-Wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-18) dan wel worden gekwalificeerd als een contract van werkaanneming als bedoeld in [artikel 18, § 1, tweede lid, 1°](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-18) van dit Wetboek.

Overeenkomstig [artikel 26 van het BTW-Wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-26) moet de BTW worden berekend over de prijs van de dienst, zoals die tussen de partijen is vastgesteld.

Het toepasselijk BTW-tarief hangt af van de aard van de handeling. De terbeschikkingstelling van personeel is onderworpen aan het normale BTW-tarief, dat thans 21% bedraagt. De dienst van werkaanneming wordt evenwel belast tegen het tarief dat geldt volgens de aard van het verrichte werk.

## Aangehaalde teksten

2

[WBTW art. 18](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-18) 2 voorkomens

[WBTW art. 26](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-26) 1 voorkomen
