Invoer · Parlementaire vragen

Naar de tekst
Juriel

770 28 oktober 1993

Zoeken

InvoerBTW. Invoer

https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/770-invoer-clippele-e0ab

Nummer
770
Datum
28 oktober 1993

Over het document

Verzameling
Parlementaire vragen
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

17 paragrafen

Vr. en Antw., Kamer, 1993-1994, nr. 88, blz. 8538-8539-8540

BTW - Invoer

VRAAG

1. Kan een in België gevestigde belastingplichtige, in de veronderstelling dat de bepalingen inzake tijdelijke invoer niet van toepassing zijn, ermee instemmen op de aangifte van de invoer van vervoermiddelen als ontvanger te worden aangemerkt hoewel hij noch eigenaar noch geregelde gebruiker van dergelijke vervoermiddelen is ?

2. Aanvaardt de BTW-administratie dat de BTW wordt teruggegeven aan die Belgische belastingplichtige, die voor de gelegenheid uit naam en voor rekening van de in het buitenland gevestigde eigenaar optreedt ?

ANTWOORD

1. De ter zake van invoer verschuldigde belasting over de toegevoegde waarde moet worden verplicht voldaan op naam van de geadresseerde van de ingevoerde goederen. Die persoon dient te worden aangewezen overeenkomstig de bepalingen van artikel 6 van het koninklijk besluit nr. 7, van 29 december 1992; van die bepalingen kan niet worden afgeweken. Het aanwijzen van de geadresseerde is vooral van belang uit te maken wie de bij invoer geheven belasting in aftrek mag brengen.

De geadresseerde is in principe de verkrijger of overnemer aan wie de goederen worden verzonden op het tijdstip waarop de belasting opeisbaar wordt en, wanneer er geen verkrijger of overnemer is, degene die eigenaar is van de goederen.

De verkoper of overdrager of een vorige verkoper of overdrager mag evenwel als geadresseerde optreden op voorwaarde dat hij in België is gevestigd of er een aansprakelijke vertegenwoordiger heeft voor de toepassing van de belasting.

Mogen bovendien eveneens de hoedanigheid van geadresseerde aannemen :

•de maakloonwerker, de huurder of de ontlener die goederen heeft uitgevoerd buiten de Gemeenschap om ze een herstelling, bewerking, verwerking of aanpassing te laten ondergaan wanneer zij de goederen wederinvoeren met vrijstelling van BTW op grond van artikel 40, § 1, 2°, b), van het BTW-wetboek;

•de belastingplichtige die periodieke aangiften indient en wiens medecontractant niet in België is gevestigd indien de goederen hem worden toegezonden :

1° hetzij op zicht, op proef of in consignatie, op voorwaarde dat hij de ingevoerde goederen achteraf koopt of ze wederuitvoert buiten de Gemeenschap;

2° ofwel om te worden hersteld, bewerkt, verwerkt of aangepast, op voorwaarde dat hij de goederen wederuitvoert buiten de Gemeenschap of dat ze hem worden overgedragen.

2. Op grond van artikel 45 van het BTW-wetboek kan de geadresseerde de ter zake van invoer geheven BTW in aftrek brengen met name in de mate dat hij de ingevoerde goederen gebruikt voor het verrichten van belaste handelingen, van handelingen vrijgesteld van de BTW krachtens de artikelen 39 tot 42 van het BTW-wetboek of van handelingen in het buitenland waarvoor recht op aftrek zou ontstaan indien zij in het binnenland zouden plaatsvinden.

De niet in België gevestigde belastingplichtige die niet gehouden is een aansprakelijk vertegenwoordiger te laten erkennen, kan teruggaaf verkrijgen van de bij invoer geheven BTW mits een aanvraag tot teruggaaf wordt ingediend bij het hoofd van het centraal BTW-kantoor voor buitenlandse belastingplichtigen. De teruggaaf wordt toegestaan in de mate dat bij toepassing van de artikelen 45 en volgende van het BTW- wetboek recht op aftrek ontstaat.

Niets belet evenwel dat de terugbetaling van de BTW geschiedt aan een in België gevestigde belastingplichtige die handelt als lasthebber. In dat geval moet bij de aanvraag tot teruggaaf een volmacht worden gevoegd.

Aangehaalde teksten

5
WBTW art. 452 voorkomens
KB nr. 7 art. 61 voorkomen
WBTW art. 391 voorkomen
WBTW art. 401 voorkomen
WBTW art. 421 voorkomen