Bos- en zeeklassen en vakantieverblijven. Organisatie door jeugdorganisaties. Belastingplicht · Parlementaire vragen

Naar de tekst
Juriel

75 5 april 1996

Zoeken

Bos- en zeeklassen en vakantieverblijven. Organisatie door jeugdorganisaties. BelastingplichtBos- en zeeklassen en vakantieverblijven. Organisatie door jeugdorganisaties. Belastingplicht.

https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/75-bos-zeeklassen-vakantieverblijven-organisatie-jeugdorganisaties-a262

Nummer
75
Datum
5 april 1996

Over het document

Verzameling
Parlementaire vragen
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

12 paragrafen

Vr. en Antw., Senaat, nr. 19-1, 1995-1996, blz. 959-960.

BTW-Revue nr. 122, blz. 576

Bos- en zeeklassen en vakantieverblijven - Organisatie door jeugdorganisaties - Belastingplicht.

VRAAG

Volgens artikel 44, § 2, 2°, van de wet van 3 juli 1969 tot invoering van het Wetboek belasting over de toegevoegde waarde, verschenen in het Belgisch Staatsblad van 17 juli 1969, zijn de diensten en de leveringen van goederen verstrekt door instellingen erkend door de bevoegde overheid die, ingevolge hun statuten, in hoofdzaak tot doel hebben het toezicht over jongelui en de zorg voor hun onderhoud, opvoeding en vrijetijdsbesteding, vrijgesteld van BTW.

Door dit artikel zijn kindervakanties en speelpleinwerking, welke door de erkende instellingen zelf georganiseerd worden, vrijgesteld van BTW.

Kan de geachte minister mij meedelen of bos-, zeeklassen en vakantieverblijven georganiseerd door andere jeugdorganisaties, maar die doorgaan in centra van erkende instellingen en waarvoor deze laatste verblijf, voeding en desgewenst animatie verzorgen, eveneens vrijgesteld zijn van BTW ?

ANTWOORD

Artikel 44, § 2, 2° van het BTW-Wetboek, stelt onder meer van de belasting vrij de diensten en de daarmee samenhangende leveringen van goederen in de uitoefening van hun geregelde werkzaamheid verstrekt door instellingen erkend door de bevoegde overheid, die, ingevolge hun statuten, in hoofdzaak tot doel hebben het toezicht over jongelui en de zorg voor hun onderhoud, opvoeding, en vrijetijdsbesteding.

Voor de toepassing van die bepaling wordt een jeugdinstelling enkel beschouwd als erkend ten aanzien van die werkzaamheden welke door de bevoegde overheid in aanmerking worden genomen voor de berekening der subsidies die het uitkeert, alsook ten aanzien van de leveringen van goederen die de jeugdinstelling verricht in het kader zelf van zulke vrijgestelde werkzaamheden.

De erkenning kan van onderscheiden bevoegde overheidsinstanties uitgaan en beoogt onder meer jeugdtehuizen en jeugdclubs.

De diensten en de leveringen van goederen in het kader van bos- en zeeklassen en vakantieverblijven verstrekt door jeugdorganisaties die niet door de bevoegde overheid zijn erkend, zijn derhalve volgens de normale regels aan de BTW onderworpen.

Aangehaalde teksten

1
WBTW art. 441 voorkomen