---
title: "Parlementaire vraag 636 · Fiscale administraties van de BTW en de Directe Belastingen. Toepassing beginsel &#x27;&#x27;onpartijdigheid&#x27;&#x27;"
description: "Fiscale administraties van de BTW en de Directe Belastingen. Parlementaire vraag nr. 636 van 23 maart 2001 (Belgisch federaal parlement)."
url: "https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/636-fiscale-administraties-btw-directe-belastingen-8a67"
lang: "nl"
fr: "https://juriel.be/fr/questions-parlementaires/636-administrations-fiscales-tva-contributions-directes-924f"
---

# Fiscale administraties van de BTW en de Directe Belastingen. Toepassing beginsel ''onpartijdigheid''. · Fiscale administraties van de BTW en de Directe Belastingen. Toepassing beginsel ''onpartijdigheid''. Copernicus-centra

**Nummer**

636

**Datum**

23 maart 2001

## Over het document

**Verzameling**

Parlementaire vragen

**Taal van de tekst**

Nederlands

## Tekst

20 paragrafen

**Vr. en Antw., Kamer, 2001, nr. 074 , blz. 8318**

*Fiscale administraties van de BTW en de Directe Belastingen - Toepassing beginsel ''onpartijdigheid'' - Copernicus-centra*

## **VRAAG**

In het kader van de administratieve geschillenprocedure is krachtens de rechtspraak en de rechtsleer omwille van het algemeen beginsel van behoorlijk bestuur, het principe van de "onpartijdigheid" van strikte toepassing.

Dit principe werd onlangs nog bekrachtigd en is in de administratieve bepalingen onder meer uitvoerig terug te vinden in het nr. 374/4 van het commentaar op het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 en inzonderheid in het zojuist laattijdig verschenen Bulletin der belastingen, nr. 807/8-9-2000, blz. 1865 (zie nrs. 64 en 65 van de ministeriële circulaire van 18 september 2000, nr. Ci. RH.863/530.827).

De pertinente algemene praktische vraag rijst echter hoe het principe van de "onpartijdigheid" binnen de Bijzondere Belastinginspectie, binnen de polyvalente controlecentra van de administratie van de Ondernemings- en Inkomensfiscaliteit en binnen de aangekondigde nieuwe Copernicus-centra onmiddellijk zal worden geconcretiseerd zowel inzake BTW als inzake directe belastingen?

Binnen iedere huidige speciale dienst Geschillen komen de verschillende BTW- en belastingambtenaren immers in collegiaal overleg zowel tussen in de fase van taxatie of wijzigingsprocedure als in de fase van administratief bezwaar. Alle fiscalisten zijn trouwens blijvend van oordeel dat een dergelijke structuur thans niet getuigt van de gewenste volstrekte onpartijdigheid en aanleiding geeft tot talrijke bijkomende betwistingen.

Kan u uw praktische ziens- en handelwijze weergeven in het licht van de wettelijke en reglementaire bepalingen van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, alle beginselen van een behoorlijk en klantvriendelijk bestuur en van het fiscale luik van het Copernicusplan?

## **ANTWOORD**

Directe belastingen en BTW

Gelet op het interpretatief karakter van artikel 98 van de wet van 15 maart 1999 (betreffende de beslechting van fiscale geschillen ( Belgisch Staatsblad van 27 maart 1999, worden de beslissingen van de gewestelijke directeurs der directe belastingen geacht steeds als administratieve overheid te zijn genomen. Derhalve kan aan deze gewestelijke directeurs niet langer de onafhankelijkheid van een rechter worden toegeschreven, maar dat neemt niet weg dat zij als administratieve - uitvoerende - overheid hun beslissingen op een wijze conform de wet en de beginselen van het behoorlijk handelen ( RW ,11 december 1982, nr. 15, 961 en volgende) moeten nemen.

Op het vlak van de BTW hebben de hier beoogde beslissingen steeds een administratief karakter gehad. De zo-even genoemde wet heeft hieraan niets gewijzigd.

Concreet betekent dit dat de gewestelijke directeurs of hun gedelegeerden bij het nemen van beslissingen niet mogen worden beïnvloed door een persoonlijk belang. Daarom ziet de administratie er in het raam van het behoorlijk handelen op toe dat de beslissingen over een administratief verhaal in de regel niet worden genomen door een ambtenaar die als aanslag- of heffingsambtenaar in het dossier is opgetreden.

BBI

Als overgangsmaatregel zullen de bezwaarschriften op het vlak van de inkomstenbelastingen met betrekking tot op initiatief van de BBI gevestigde aanslagen verder door de diensten van de Directe Belastingen worden behandeld (bijzondere cel BBI en gewestelijke directeur).

Met ingang van 30 april 1998 worden de administratieve en gerechtelijke verhalen op het vlak van de BTW, met betrekking tot op initiatief van de BBI opgemaakte invorderingen maar met uitzondering van de principekwesties (zorg voor de interpretatieve eenheid inzake de juridische en gerechtelijke waarheid met betrekking tot het belastingsysteem "BTW"; cf. F. Van Neste (UFSIA), Recht en waarheid , Streven, mei 1998) daarentegen al door deze administratie zelf behandeld.

Controlecentra

De administratieve beroepen worden behandeld door een afzonderlijke dienst "afdeling V", naast de 3 afdelingen voor grondige verificatie "afdelingen II (natuurlijke personen-zelfstandigen), III (belangrijke vennootschappen) en IV (andere venootschappen)". Hierbij wordt het eerder genoemde respect voor de wet en het behoorlijk handelen op dezelfde wijze in acht genomen.

Copernicusplan

Het Copernicusplan voorziet onder de koepel "belastingen en invorderingen" onder meer in de grote afdelingen "particulieren, KMO's en grote ondernemingen". De administratieve beroepen zullen door de centra die onder die afdelingen ressorteren worden behandeld met naleving van de vereiste inzake voornoemde zorg voor de wet en het behoorlijk handelen.
