---
title: "Parlementaire vraag 627 · Verstrekken van onderwijs. Aanschrijving nr. 25 van 24 december 1993. Datum"
description: "Verstrekken van onderwijs. Aanschrijving nr. 25 van 24 december 1993. Parlementaire vraag nr. 627 van 17 februari 1994 (Belgisch federaal parlement)."
url: "https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/627-verstrekken-onderwijs-aanschrijving-december-datum-8dfb"
lang: "nl"
fr: "https://juriel.be/fr/questions-parlementaires/627-exemption-prestations-enseignement-senateur-dalem-02ce"
---

# Verstrekken van onderwijs. Aanschrijving nr. 25 van 24 december 1993. Datum · Verstrekken van onderwijs. Aanschrijving nr. 25 van 24 december 1993. Datum van inwerkingtreding.

**Nummer**

627

**Datum**

17 februari 1994

## Over het document

**Verzameling**

Parlementaire vragen

**Taal van de tekst**

Nederlands

## Tekst

19 paragrafen

**Vr. en Antw., nr. 106, Senaat, pag. 5601**

*Verstrekken van onderwijs - Aanschrijving nr. 25 van 24 december 1993 - Datum van inwerkingtreding.*

## **VRAAG**

In het raam van de vrijstelling van BTW voor het verstrekken van onderwijs had België tot nu toe een niet-discriminerende houding aangenomen ten aanzien van privéscholen die een zelfde soort onderwijs verstrekten als de instellingen uit de publieke sector.

In de onlangs verschenen [circulaire 25/1993](https://juriel.be/nl/omzendbrieven/25-1993-aanschrijving-485b) stelt het bestuur van de BTW dat enkel nog publiekrechtelijke instellingen of privaatrechtelijke instellingen die geen winstgevend doel nastreven zich kunnen beroepen op de vrijstelling van [artikel 44, § 2, 4°, van het BTW-Wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-44).

Deze nieuwe interpretatie treedt in werking op 1 januari 1994, in het midden van het schooljaar 1993-1994.

De nieuwe regeling zal tal van problemen doen rijzen voor de privéscholen, die in de meeste gevallen helemaal niet in staat zullen zijn om de bijkomende kosten op hun leerlingen te verhalen. Zij zal dus een uiterst negatieve weerslag hebben in een reeds zeer ongunstige economische context.

In ieder geval betekent deze nieuwe zienswijze een probleem voor de inschrijvingen van dit schooljaar.

Kan de geachte minister bevestigen dat de inschrijvingsgelden die overeenstemmen met inschrijvingen van vóór 1 januari 1994 niet aan de BTW onderworpen zijn, ook indien betalingsfaciliteiten werden toegezegd aan de ouders die niet in staat waren het totale bedrag bij de inschrijving van hun kinderen te betalen en die de mogelijkheid kregen de betaling te spreiden over het lopende schooljaar ?

## **ANTWOORD**

Om reden dat het begrip "onderwijs" voor de toepassing van de vrijstelling bepaald in [artikel 44, § 2, 4°, van het BTW-Wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-44) te ruim werd geïnterpreteerd, werd België door de Europese Commissie op 17 februari 1993 in gebreke gesteld.

De administratie van de BTW, Registratie en Domeinen heeft dan ook de draagwijdte van het begrip "onderwijs" aangepast en beperkt tot het onderwijs zoals dat voor de vrijstelling bepaald in artikel 13, A, 1, i, van de zesde richtlijn van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 17 mei 1977 in aanmerking komt.

De nieuwe regeling inzake de toepassing van de vrijstelling bepaald in [artikel 44, § 2, 4°, van het BTW-Wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-44) en zoals toegelicht in de aanschrijving nr. 25 van 24 december 1993, vindt de regel toepassing vanaf 1 januari 1994.

Door een omschrijving die nauwer aansluit bij de doelstelling van de zesde BTW-richtlijn, van de instelling die de vrijstelling inzake het verstrekken van school- of universitair onderwijs, beroepsopleidingen en -herscholing, kan genieten, sluit deze aanschrijving bepaalde dienstverrichters van de vrijstelling uit die ten aanzien van dergelijke prestaties van toepassing was alvorens genoemde aanschrijving in werking trad.

De algemene regels inzake de toepassing van de BTW worden derhalve vanaf 1 januari 1994 aan deze personen opgelegd (identificatie als BTW-belastingplichtige, verschuldigdheid en aftrekbaarheid van de BTW enz.).

Meer bepaald wat de verschuldigdheid van de BTW betreft, is de administratie van de BTW, Registratie en Domeinen zich ervan bewust dat een grondige wijziging van de belastingregeling voor deze personen in de loop van een lessencyclus, inderdaad de toestand van de betrokkenen ernstig kan verstoren.

Daarom aanvaardt de administratie dat in een overgangsfase ten aanzien van cursussen en lessenreeksen die een aanvang hebben genomen of werden aangekondigd vóór 1 januari 1994 en ten aanzien waarvan volgens het door de administratie vóór die datum ingenomen standpunt de vrijstelling van toepassing was doch volgens die nieuwe regeling niet kon behouden blijven, vooralsnog de vrijstelling van toepassing blijft maar dan uiterlijk slechts tot 31 augustus 1994.

Zo kunnen de inschrijvingsgelden die betrekking hebben op 1 januari 1994 gedane inschrijving voor het academiejaar 1993-1994, ingevolge bovenvermelde toegeving de vrijstelling van de BTW blijven genieten, inzonderheid wat de over het jaar 1994 gespreide betalingen betreft.

Evenwel kan de toegeving waarvan hierboven sprake is, niet worden opgelegd aan de dienstverrichters die ondanks alles, de onderwijsprestaties aan de BTW zouden wensen te onderwerpen.

## Aangehaalde teksten

1

[WBTW art. 44](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-44) 3 voorkomens
