---
title: "Parlementaire vraag 621 · Tweedehandse personenwagens. Belastingheffing. Procedure"
description: "Tweedehandse personenwagens. Belastingheffing. Procedure, tweedehands auto. Parlementaire vraag nr. 621 van 30 juni 1993 (Belgisch federaal parlement)."
url: "https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/621-tweedehandse-personenwagens-belastingheffing-procedure-poncelet-0e02"
lang: "nl"
fr: "https://juriel.be/fr/questions-parlementaires/621-voitures-occasion-taxation-procedure-representant-fb3c"
---

# Tweedehandse personenwagens. Belastingheffing. Procedure · Tweedehandse personenwagens. Belastingheffing. Procedure.

**Nummer**

621

**Datum**

30 juni 1993

## Over het document

**Verzameling**

Parlementaire vragen

**Taal van de tekst**

Nederlands

## Tekst

21 paragrafen

**Vr. en Antw., Kamer, 1992-1993, nr. 74, blz. 7117, 7118, 7119**

*Tweedehandse personenwagens. - Belastingheffing. - Procedure.*

## **VRAAG**

Op 1 juni 1993 ging het gewijzigde belastingstelsel voor tweedehandse personenwagens in. De wet breidt het principe van de belasting op de inverkeerstelling uit tot alle nieuwe voertuigen, ongeacht hun vermogen. In de belastingregeling voor tweedehandse wagens onderscheidt men drie belastingsituaties naargelang van de hoedanigheid van de al dan niet belastingplichtige verkoper. De nieuwe regeling wordt niet meteen gekenmerkt door een grote eenvoud. Bovendien verneem ik dat de door het bestuur opgelegde formaliteiten in de praktijk nog zijn toegenomen.

1\. Welke procedure volgen uw diensten momenteel?

2\. Weet u dat het bestuur de handelaars in tweedehandse voertuigen tegenwoordig verplicht een expliciete vergunning aan te vragen (nieuwe formaliteit), een meer omstandig aankoopregister bij te houden (verzwaring van de oorspronkelijke procedure), een kopie van het inschrijvingsbewijs en van de identiteitskaart van de verkoper over te leggen (bij elke aankoop), een schriftelijke verklaring van de verkoper over te leggen waarin die bevestigt dat hij geen recht heeft op aftrek of teruggave van de BTW op de aankoop?

3\. Verleent voormelde verklaring de handelaar definitieve decharge ten aanzien van de administratie (met andere woorden kan die laatste aansprakelijk worden geacht voor de gevolgen van een valse of onjuiste verklaring)?

4\. Wat is, in het licht van de nieuwe bepalingen, het statuut van een voertuig van minder dan zes maanden oud dat voor 1 juni 1993 aangekocht werd door een opkoper die van plan is het door te verkopen voor het voertuig die leeftijd van zes maanden zal hebben bereikt? Zal voor dat voertuig, boven op de BTW, ook de "superbelasting" op de verkoop van een tweedehandswagen van minder dan 6 maanden oud worden geheven?

## **ANTWOORD**

De wet van 25 mei 1993 tot wijziging van de belasting op de nieuwe en tweedehands vervoermiddelen is in werking getreden op 1 juni 1993. [Artikel 58, § 4, van het BTW-wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-58) voorziet in een vergunning om de regeling van belastingheffing over de marge te kunnen toepassen. De voorwaarden en de toepassingsmodaliteiten van die regeling zijn opgenomen in de aanschrijving nr. 10 van 1 juni 1993 betreffende de bijzondere regeling van belastingheffing over de marge voor tweedehands vervoermiddelen.

1 en 2. De belasting op de winstmarge kan enkel worden toegepast wanneer er geen enkel recht op aftrek, vrijstelling of teruggaaf is geweest van de BTW. Men kan dus niet toelaten de BTW toe te passen op de marge als het vervoermiddel bijvoorbeeld werd gekocht van een BTW- belastingplichtige die een deel van de BTW mag aftrekken.

Het maken van het onderscheid tussen de tweedehands vervoermiddelen naargelang de herkomst ervan en het voeren van een boekhouding die moet toelaten om de BTW, zowel voor de handelingen verricht onder de normale regeling als voor de handelingen verricht onder de bijzondere regeling toe te passen en te controleren zijn dus essentiλle voorwaarden waaraan de belastingplichtige wederverkoper moet voldoen om een goede werking van de bijzondere regeling van belastingheffing over de marge te waarborgen.

In dat verband is het dan ook onvermijdelijk dat de belastingplichtige wederverkoper, om die regeling toe te kunnen passen, aan bepaalde voorwaarden moet voldoen. Die worden uiteengezet in afdeling 2 van de genoemde aanschrijving;

Zo dienen de belastingplichtige wederverkopers die de regeling van de marge wensen toe te passen zich kenbaar te maken bij de hoofdcontroleur van het BTW-controlekantoor waaronder ze ressorteren en aan hem te verklaren dat hun werkzaamheid voldoet aan de voorwaarden gesteld voor de toepassing van de bijzondere regeling van belastingheffing over de marge. De overhandiging van een exemplaar van de [aanschrijving nr. 10/1993](https://juriel.be/nl/omzendbrieven/10-1993-aanschrijving-regime-beneficiaire-moyen-transport-ac4c) geldt als verlening van de vergunning. Er is bijgevolg geen sprake van een expliciete vergunning; het feit hun werkzaamheid, geheel of gedeeltelijk, uit te oefenen onder de voorwaarden van de voormelde aanschrijving is voldoende opdat de belastingplichtigen voor het geheel of voor een gedeelte van hun activiteit de margeregeling zouden kunnen toepassen.

De inschrijving van de tweedehandse vervoermiddelen die de belastingplichtige wederverkoper kan en wil onderwerpen aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de marge, dient te gebeuren in het inkoopregister. Voor de aankopen van de genoemde vervoermiddelen vervangt dat register het boek van inkomende facturen.

Nochtans is het toegestaan die aankopen in het boek voor inkomende facturen in te schrijven, voor zover al de vermeldingen die normaal in het inkoopregister dienen te worden opgenomen, in functie van de economische werkzaamheid van de belastingplichtige wederverkoper, duidelijk afgescheiden worden opgenomen in het inkomend factuurboek en dat in supplementaire kolommen die speciaal hiervoor worden aangelegd. Het aldus gecombineerde boek voor inkomende facturen moet een aangepaste uitsplitsing bevatten met het oog op het invullen van de periodieke aangifte en het moet toelaten om de belasting over de toegevoegde waarde toe te passen en te controleren.

De voorlegging van een attest (of een kopie ervan) getekend door de verkoper van het vervoermiddel, en van een kopie van het inschrijvingsbewijs van het vervoermiddel in de gevallen waar overeenkomstig de reglementering betreffende de inschrijving van motorvoertuigen een inschrijvingsbewijs is vereist, zijn elementen die de belastingplichtige wederverkoper kan aanwenden om aan te tonen dat de tweedehandse vervoermiddelen, die hij aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de marge onderwerpt, werden gekocht van personen die geen enkel recht op aftrek, vrijstelling of teruggaaf van de belasting hebben kunnen uitoefenen bij de aankoop, de intracommunautaire verwerving of de invoer ervan.

3\. Behalve in geval van samenspanning tussen de partijen of het klaarblijkelijk niet naleven van de voorwaarden en modaliteiten waarin de [aanschrijving nr. 10/1993](https://juriel.be/nl/omzendbrieven/10-1993-aanschrijving-regime-beneficiaire-moyen-transport-ac4c) voorziet, ontlast het door de verkoper ingevuld en ondertekend attest, samen met de andere stukken waarvan de voorlegging voor de toepassing van de bijzondere regeling is vereist, de belastingplichtige wederverkoper van de aansprakelijkheid om aan te tonen dat hij het tweedehandse vervoermiddel heeft gekocht van een persoon die geen enkel recht op aftrek, vrijstelling of teruggaaf van de belasting heeft kunnen uitoefenen bij de aankoop, de intracommunautaire verwerving of de invoer van dat vervoermiddel.

4\. Wanneer een belastingplichtige wederverkoper een tweedehands vervoermiddel dat minder dan 6 maanden ingeschreven is geweest heeft gekocht vσσr 1 juni 1993, wordt het voertuig wederverkocht met toepassing van de BTW op de winstmarge of op de verkoopprijs, naargelang de belastingplichtige wederverkoper al dan niet de margeregeling kan toepassen.

Los van de hiervoor beschreven BTW-regeling heeft de wet van 25 mei 1993 tot wijziging van de belasting op de nieuwe en tweedehandse vervoermiddelen voor de voertuigen (personenauto's, auto's voor dubbel gebruik, minibussen en motorfietsen) die minder dan zes maanden ingeschreven geweest zijn in het repertorium van de Directie voor de inschrijving van de voertuigen en dat om misbruiken met recente tweedehandsauto's te vermijden, een forfaitaire belasting ingesteld van 10.000, 20.000 of 30.000 Belgische frank volgens het vermogen van het voertuig, verhoogd met de BIV voor de nieuwe voertuigen.

Die belasting is verschuldigd ongeacht de hoedanigheid van de verkoper van het voertuig.

## Aangehaalde teksten

1

[WBTW art. 58](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-58) 1 voorkomen
