---
title: "Parlementaire vraag 57 · Procedure bij overlijden zelfstandige"
description: "Procedure bij overlijden zelfstandige. Parlementaire vraag nr. 57 van 27 juni 1979 (Belgisch federaal parlement)."
url: "https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/57-procedure-overlijden-zelfstandige-coppieters-efb0"
lang: "nl"
fr: "https://juriel.be/fr/questions-parlementaires/57-procedure-lors-deces-travailleur-independant-704e"
---

# Procedure bij overlijden zelfstandige

**Nummer**

57

**Datum**

27 juni 1979

## Over het document

**Verzameling**

Parlementaire vragen

**Taal van de tekst**

Nederlands

## Tekst

12 paragrafen

**Vr. en Antw., Senaat**

*Procedure bij overlijden zelfstandige*

## **VRAAG**

Wanneer de uitbater van een zelfstandige onderneming overlijdt, dienen in de meeste gevallen de activiteiten door te lopen.

De regeling van de nalatenschap, alsook het zoeken naar een koper of overnemer, kan vele maanden in beslag nemen.

Kan de geachte Minister mij antwoorden op volgende vragen:

1\. Dient een BTW-aangifte te worden ingestuurd op naam van de nalatenschap, na het overlijden?

Welke formaliteiten dienen vervuld?

2\. Moet bij de jaarlijkse opgave der afnemers-belastingplichtigen onderscheid gemaakt worden tussen, enerzijds, handelingen voor het overlijden en, anderzijds, handelingen na het overlijden van de ondernemer?

## **ANTWOORD**

1\. Wanneer de erfgenamen de onderneming van de overleden belastingplichtige vereffenen of overdragen, moeten zij alle verplichtingen nakomen die de belastingplichtige had moeten naleven indien hij zelf zijn zaak zou hebben uitverkocht of overgedragen. Inzonderheid moeten zij, zolang de vereffening duurt, of de overdracht niet gebeurd is, op naam van de overledene periodieke BTW-aangiften indienen en het is slechts binnen vijftien dagen na de sluiting van de vereffening of na de overdracht dat zij de aangifte van stopzetting van werkzaamheid-moeten indienen waarvan sprake in [artikel 50, §1, 1°, van het BTW-Wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-50) en in artikel 3 van het koninklijk besluit nr. 10 van 12 maart 1970, met betrekking tot de aangiften van aanvang, wijziging of stopzetting van werkzaamheid op het stuk van de belasting over de toegevoegde waarde.

2\. In de jaarlijkse opgave van de afnemers-belastingplichtigen moet geen onderscheid worden gemaakt tussen de verrichtingen voor het overlijden en deze na het overlijden van de belastingplichtige.

## Aangehaalde teksten

1

[WBTW art. 50](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-50) 1 voorkomen

## Administratieve doctrine

1

[Fiches van de administratieve commentaar 1](https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/57-procedure-overlijden-zelfstandige-coppieters-efb0/documenten?type=commentaar)

« … had moeten naleven indien hij zelf zijn zaak zou hebben uitverkocht of overgedragen. Inzonderheid moeten zij, binnen vijftien dagen na de sluiting van de vereffening of na de overdracht, de aangifte van stopzetting van werkzaamheid indienen ( schriftelijke parlementaire vraag nr. 57 van de heer Senator Maurits Coppieters van 27.06.1979 ). Ingeval van faillissement, moet de curator binnen een maand na de sluiting van het faillissement een aangifte van stopzetting van activiteit indienen. Hij mag ze vroeger indienen zodra blijkt dat er geen handelingen meer worden verricht die de belasting … »

[Regeling voor de voldoening van de belasting (30.06.2021)](https://juriel.be/nl/btw-commentaar/regeling-voldoening-belasting-2ece) Administratieve commentaar 05.05.2022

[Bekijk het document](https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/57-procedure-overlijden-zelfstandige-coppieters-efb0/documenten)
