Het rapport van het Rekenhof over de begroting De permanente btw-verlaging · Parlementaire vragen

Naar de tekst
Juriel

55032161C 25 januari 2023

Zoeken

Het rapport van het Rekenhof over de begroting De permanente btw-verlaging

https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/55032161c-rapport-rekenhof-begroting-permanente-btw-d2b8

Nummer
55032161C
Datum
25 januari 2023

Over het document

Verzameling
Parlementaire vragen
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

63 paragrafen

Samengevoegde mondelinge parlementaire vragen nr. 55032161C, nr. 55033413C, van de heer Wouter Vermeersch en nr. 55033507C van de heer Marco Van Hees d.d. 25.01.2023

Kamer, Integraal verslag – Commissie voor de Financiën, 2022-2023, CRIV 55 COM 973 d.d. 25.01.2023, blz. 5

Vragen van:

- Sander Loones

- Wouter Vermeersch

- Marco Van Hees

Nummers:

- 55032131C

- 55032161C

- 55033413C

- 55033507C

Het rapport van het Rekenhof over de begroting

De permanente btw-verlaging en de hervorming van accijnzen op energie

De accijnsverhoging op de energiefactuur

De hervorming van de accijnzen op gas en elektriciteit

Sander Loones: Mijnheer de minister, we hebben de begrotingsdiscussie achter de rug waarbij we telkens rapporten krijgen van allerlei experts, zoals de Europese Commissie en het Rekenhof. Vermits mijn vraag al enige tijd geleden is ingediend, wil ik ze graag wat actualiseren in het licht van recente feiten.

Het rapport van het Rekenhof stelt op pagina 28: "De FOD Financiën heeft een studie gemaakt over de begrotingsimpact van de btw-hervorming op het accijnssysteem". Het Rekenhof verwijst daarbij

naar uw studiedienst, met name die van de FOD Financiën, die op 25 oktober 2022 een begrotingssimulatie heeft gemaakt en stelt dat, als de hervorming zou worden ingevoerd, de budgettaire impact kan worden geraamd op nagenoeg 750 miljoen euro.

Er was dus een nota voorhanden van het Rekenhof uit november en een nota van uw eigen studiedienst uit oktober, waarin de nakende btw-hervorming telkens werd ingeschat op 750 miljoen. Dat alles kon redelijkerwijze worden becijferd vermits op dat moment uw teksten al in een vergevorderd stadium waren, ook ten behoeve van de Raad Van State. U staat bekend als een man die werk maakt van zijn dossiers.

Het was dus niet onredelijk te veronderstellen dat er al een simulatie mogelijk was. De btw-hervorming was bovendien al vaak besproken in allerlei debatten. Uiteindelijk werd staatssecretaris De Bleeker hierdoor zelfs ontslagen. Haar opvolgster heeft steeds gesteld dat het onmogelijk was om in te schatten hoeveel een dergelijke btw-hervorming uiteindelijk zou kosten, dat het Rekenhof onvolledig was in zijn uitspraken en dat zodoende een en ander met een korrel zout moest worden genomen.

In november stelde het Rekenhof dus dat de hervorming 750 miljoen zou kosten. In december werd dit weerlegd door de staatssecretaris, en trouwens ook door de premier. Vandaag kunnen we echter in de pers lezen dat uw btw-hervorming zowat 750 miljoen zou kosten of zelfs iets meer, namelijk 760 miljoen.

Ik vraag me af hoe het mogelijk is dat het Rekenhof, uw administratie en u allemaal simulaties maken die wijzen op hetzelfde bedrag, terwijl dat tussenin weerlegd wordt door de premier en een staatssecretaris, die stellen dat dit niet klopt. Wie spreekt in dit dossier maar onvolledig de waarheid?

Wouter Vermeersch: Mevrouw de voorzitster, mijnheer de minister, onverwacht is deze vraag zeer actueel geworden. Ik was vanochtend bijna van plan om mijn vragen te sturen naar HLN Live, want ik heb gezien dat die vragen daar veel sneller beantwoord worden dan hier in het Parlement.

Het was vanochtend onaangenaam wakker worden, want onmiddellijk kwamen de verschillende krantenartikels binnen over uw aangekondigde accijnshervorming. Laten wij maar meteen de juiste term gebruiken, namelijk accijnsverhoging.

Vandaag werd duidelijk dat de begroting wel degelijk opgesmukt werd door deze regering. De btw-verlaging die de regering met de ene hand gaf, wordt vanaf 1 april, dat is toch het plan, met de andere hand gedeeltelijk teruggenomen in accijnzen. Als wij de cijfers in de pers mogen geloven, zal een gemiddeld gezin vanaf 1 april volgens uw plannen 177 euro per jaar extra betalen of ongeveer 20 euro per maand.

Nu de prijzen dus eindelijk dalen, nu er eindelijk wat zuurstof komt bij de burgers en bij de bedrijven, verdwijnt een deel opnieuw in de staatskas, in de vorm van nieuwe belastingen, nieuwe accijnzen. Wij hebben sinds de regeerverklaring van oktober in het Parlement herhaaldelijk gewaarschuwd voor dit scenario. Vandaag wordt het dus jammer genoeg bevestigd door u. De gegeven btw-verlaging wordt met de andere hand teruggenomen.

Ook blijkt vandaag opnieuw dat minister Vandenbroucke en zijn partij Vooruit voor hun beurt hebben gesproken, toen zij beweerden dat die btw-verlaging permanent verworven was. Vandaag werd duidelijk dat die niet onvoorwaardelijk is, de regeringspartners laten de btw slechts permanent op 6 % als die uiteindelijk gedeeltelijk wordt gecompenseerd door een accijnsverhoging.

Ook Kamerlid Maggie De Block krijgt spijtig genoeg gelijk, want zij noemde die btw-verlaging boerenbedrog. Ze zal het wel zo niet bedoeld hebben, maar uiteindelijk wordt de bevolking ook bedrogen, er komt helemaal geen onvoorwaardelijke en definitieve btw-verlaging, want een gedeelte wordt gecompenseerd met nieuwe belastingen.

Bovendien hanteert u nogal de botte bijl. Dat is toch de indruk die wij hebben na de lezing van de krantenartikels, en ik wil dat vandaag met u aftoetsen, mijnheer de minister. Grote gezinnen in een slecht geïsoleerde woning of een huurwoning zonder zonnepanelen op het dak worden de dupe van deze regeling. Zo lijkt het toch, want de accijnsverhoging maakt geen onderscheid tussen grootverbruik voor bijvoorbeeld een zwembad en grootverbruik ten gevolge van slechte isolatie of een groot gezin.

Ook wie net geïnvesteerd heeft of nog zal investeren in een warmtepomp of een elektrische wagen, zal voortaan extra worden belast en moeten dokken via de accijnzen, want voor elektriciteit wordt men een grootverbruiker genoemd vanaf 3.000 kilowattuur, terwijl een gemiddeld gezin 3.500 kilowattuur verbruikt.

Voor aardgas is men een grootverbruiker vanaf 12.000 kilowattuur, terwijl een gemiddeld gezin 17.000 kilowattuur verbruikt. Bovendien wordt voor aardgas het perverse cliquetsysteem in het vooruitzicht gesteld. Als de gasprijs daalt onder 45 euro per megawattuur, dan zullen de accijnzen verder toenemen. Dat systeem kennen we al van de brandstofprijzen aan de pomp.

De premier heeft in het Parlement meermaals bij hoog en bij laag beweerd dat heel die hervorming budgetneutraal zou zijn, terwijl het Rekenhof in zijn rapport van november reeds rekening hield met een accijnsinkomsten van 750 tot 950 miljoen euro, afhankelijk van de rapporten van de FOD Financiën. Mevrouw De Bleeker had 1,3 miljard euro ingeschreven voor die btw-verlaging, wat dus netto een negatieve impact betekende van 375 tot 575 miljoen euro. Volgens uw kabinet bedraagt de budgettaire impact maar liefst 761 miljoen euro, wat natuurlijk bezwaarlijk budgetneutraal genoemd kan worden. Daardoor is vandaag voor iedereen duidelijk dat de begroting opgesmukt werd. Niet mevrouw De Bleeker, maar Alexander De Croo had uiteindelijk ontslag moeten nemen.

Mijnheer de minister, kunt u de vernoemde cijfers vandaag in het Parlement bevestigen?

Klopt onze analyse dat grootverbruikers, ongeacht de oorsprong van hun verbruik, een zwembad, een groot gezin, een slecht geïsoleerde huurwoning, een warmtepomp of een elektrische wagen, allemaal op dezelfde manier zullen worden behandeld?

Kunt u de negatieve budgettaire impact van 761 miljoen euro bevestigen aan het Parlement? Meer technisch, hoe werd die impact concreet berekend? Is die berekend op het verbruik van 2021, het gemiddelde van 3.000 kilowattuur voor elektriciteit en 12.000 kilowattuur voor gas, of op basis van het verminderd verbruik, aangezien heel wat gezinnen hun verbruik met bijna 20 % hebben laten dalen onder invloed van de sterk gestegen prijzen?

Hebt u met dat verminderde verbruik al rekening gehouden in uw berekening die op 761 miljoen euro uitkomt? Kunt u dat verduidelijken? Is die 761 miljoen euro gebaseerd op het gemiddelde verbruik van 2021, of is die al gebaseerd op het verlaagde verbruik in 2022 onder invloed van de sterk gestegen prijzen?

Marco Van Hees: Zoals we voorspeld hadden, zult u wat u met de ene hand gegeven hebt met de andere terugnemen. Kunt u het gemiddelde bedrag bevestigen dat gezinnen per jaar meer zullen betalen? In vergelijking met enkel de 6 % btw zullen de mensen 761 miljoen euro extra belastingen moeten betalen. Kan daaruit afgeleid worden dat het totale heffingspercentage – de btw verhoogd met de accijnzen – zal stijgen tot 15 %?

U kondigde aan dat de accijnshervorming zou plaatsvinden wanneer de prijzen weer op hun normale niveau teruggekeerd waren. Kan men de prijzen als normaal beschouwen wanneer elektriciteit drie keer zoveel en gas vier keer zoveel kost als in juni 2021?

U legt een basisverbruik voor elektriciteit vast op 3.000 kWh en voor gas op 12.000 kWh. Wordt er in die cijfers rekening gehouden met de gezinsgrootte? Zullen grote gezinnen benadeeld worden?

Wat zal er gebeuren met gezinnen die enkel elektriciteit verbruiken, voor verlichting of verwarming of om te koken, en die daardoor veel meer verbruiken dan wat u een "basisverbruik" noemt?

Minister Vincent Van Peteghem: Op de specifieke vraag van de heer Loones over het rapport en het verslag van het Rekenhof, kan ik zeggen dat wij, zoals steeds, zo veel mogelijk rekening houden met de opmerkingen om het begrotingsproces te verbeteren.

Geachte leden, de federale regering heeft het btw-tarief voor gas en elektriciteit begin 2022 – voor elektriciteit op 1 maart en voor gas op 1 april – tijdelijk teruggebracht tot 6 %. Dat was een tijdelijke maatregel die verschillende malen verlengd is, nu tot eind maart 2023. Wij wilden daarmee de gezinnen ondersteunen op een moment waarop de elektriciteits- en gasprijzen enorm piekten. Het was een tijdelijke en ook zeer generieke, algemene maatregel.

Toen wij bezig waren met de begrotingsopmaak 2023-2024 heb ik het mandaat gekregen van de regering om een slimme accijnshervorming uit te werken. Die hervorming zorgt ervoor dat de btw op 6 % wordt verankerd, zowel voor gas als elektriciteit, en wordt aangevuld met een accijnssysteem dat gezinnen en alleenstaanden bescherming biedt tegen extreme prijsschommelingen en dat stabiele inkomsten voor de Staat garandeert.

Vorig jaar heeft de ministerraad in eerste lezing mijn voorontwerp van wet tot hervorming van de fiscaliteit op de energiefactuur goedgekeurd. De algemene principes van de hervorming werden toen vastgesteld en de tekst werd aan de Raad van State voorgelegd.

U hebt terecht aangegeven dat er gewerkt wordt met een basis- en een meerpakket. Wanneer de prijzen boven een bepaald punt zouden komen, afhankelijk van het basispakket of het meerpakket, zouden we de meerinkomsten die we via de btw zouden binnenkrijgen via de accijnzen op het basispakket verlagen. Op die manier zouden we een beschermingsmechanisme introduceren. Op dat ogenblik is een belangrijk uitgangsprincipe dat de accijnzen berekend zijn op de inkomsten op basis van de prijzen voor gas en elektriciteit van 2021.

Mijnheer Vermeersch, u stelde daarnet de vraag hoe het zit met de accijnzen voor mensen die met een meerverbruik te maken hebben. Op het ogenblik waarop de prijzen de limieten niet overstijgen, blijft de situatie voor deze mensen altijd beter dan de situatie van 2021. De prijzen zijn vandaag immers hoger. Normaal gezien werd er 21 % btw geheven. Als de accijnzen berekend worden op basis van de prijzen van 2021, zitten ook mensen die werken met een warmtepomp of een elektrische wagen moeten opladen nog altijd in een betere situatie. Zij zullen nooit meer betalen dan in de situatie van 2021.

Ten opzichte van 2021 zal er dus altijd een verbetering zijn. We moeten eerlijk zijn in de communicatie, zeker als we zeggen dat we ook stabiele inkomsten voor de Staat willen garanderen. Als we de tijdelijke maatregel van 6 % permanent maken, dan moeten we ook de accijnzen daarin meenemen.

Om tegemoet te komen aan de opmerkingen van de Raad van State werden er onlangs enkele aanpassingen doorgevoerd alvorens het ontwerp nogmaals aan de regering werd voorgelegd.

Zoals steeds zullen we ter zake tot een akkoord moeten komen. Op dat ogenblik zal het ontwerp hier uiteraard het voorwerp van een grondige inhoudelijke discussie uitmaken.

Wouter Vermeersch: Mijnheer de minister, vorige week heb ik in de plenaire vergadering nog gezegd dat wij nooit zouden toestaan dat onze energiefactuur een tweede belastingbrief blijft. Dankzij deze regering moeten wij met de energiefactuur, onze tweede belastingbrief, verhoging na verhoging slikken. Dit is uiteindelijk immers geen hervorming maar een verhoging.

Het is zeker geen slimme btw-verlaging. Het is eigenlijk een heel domme maatregel om twee redenen.

Ten eerste, er is geen sociale correctie. Deze accijnshervorming maakt geen onderscheid tussen mensen met een hoog verbruik, bijvoorbeeld tussen mensen met een verwarmd zwembad of met een gezin van zes personen. Dat blijkt ook uit uw antwoord. Beide categorieën worden als grootverbruikers gezien. Meer nog, als die personen met een verwarmd zwembad zonnepanelen hebben omdat ze de financiële middelen daarvoor hebben, dan zullen zij er nog beter van afkomen dan het grote gezin dat in een slecht geïsoleerde huurwoning woont. Er is dus geen sociale correctie.

Ten tweede, dit dient ook de door uw regering zo geprezen energietransitie helemaal niet. Mensen die vandaag vanuit hun bestaande situatie in een warmtepomp of in een elektrische wagen investeren, worden plots grootverbruikers. Zij zullen dubbel en dik dokken in het kader van de accijnzen. U kunt dit dus zeker geen slimme accijnshervorming of btw-verlaging noemen. Dit is een heel domme hervorming, een platte accijnsverhoging.

Bovendien is het boerenbedrog, want de btw-verlaging is helemaal niet permanent. Die wordt immers wel degelijk door een belastingverhoging, een accijnsverhoging, gecompenseerd. Wij vertrekken vanuit de situatie die vandaag bestaat. Met de huidige cijfers zal een gemiddeld gezin vanaf 1 april 20 euro meer betalen. Dat is ook de manier waarop de bevolking naar uw accijnsverhoging zal kijken.

Als we de cijfers mogen geloven die in de pers geciteerd worden, dan zien we dat de gemiddelde prijs van een energiefactuur bijvoorbeeld van 400 naar 420 euro per maand stijgt.

Dat betekent dus een stijging met gemiddeld 5 % voor een gemiddeld Vlaams gezin. Wij kunnen dat niet tolereren, omdat de energiefacturen op die manier niet meer evolueren naar precoronaniveaus. Wat wij vandaag zien, is dat u vasthoudt aan de prijzen van 2021. Dat is ook wat uw regering is overeengekomen. Het is voor iedereen echter duidelijk dat de energiefactuur in 2021 al gigantisch veel hoger lag. U zult een deel van die btw-verlaging dus sowieso opnieuw terugnemen. Wat met de ene hand werd gegeven, wordt met de andere teruggenomen. Dat is een scenario waarvoor wij altijd gewaarschuwd hebben en u mag daartegen, zoals wij vorige week hebben aangekondigd, in de komende weken harde oppositie verwachten.

Marco Van Hees: In een recent rapport heeft Oxfam aangetoond dat het belasten van de rijkste 1 % de schatkist 20 miljard zou kunnen opleveren. Enkele dagen later kondigt u aan dat u de bevolking gaat belasten om 761 miljoen te vinden. Verbruiksbelastingen zijn het onrechtvaardigst. Ik begrijp niet dat de linkse regeringspartijen dat accepteren.

U hebt niet gepreciseerd wat een gemiddeld gezin zal moeten betalen. Volgens mijn berekeningen zal het belastingtarief van 6 % naar 15 % stijgen. U licht niet toe waarom u beslist hebt de accijnzen te verhogen nu de prijzen nog steeds drie tot vier keer zo hoog zijn als voor de crisis en de burgers moeite hebben om hun energierekening te betalen. Dat is onbegrijpelijk. U hebt geen antwoord gegeven op de vraag over grote gezinnen of degenen die elektrisch verwarmen.

Sander Loones: Mijnheer de minister, bedankt voor de technische uitleg. Er is echter ook het politieke debat. Dat debat, over welke beleidskeuzes er worden gemaakt en welke stijl de regering hanteert bij het besturen, interesseert mij natuurlijk evenzeer.

Ik heb drie opmerkingen.

U hebt, ten eerste, niet onmiddellijk geantwoord op de vraag over de begroting. Hoe is het echter in godsnaam mogelijk dat uw diensten een aantal maanden geleden al becijferden dat het 750 miljoen zal kosten en dat dit nu ook blijkt, maar dat het toch niet in de begroting mocht staan? Dat klopt gewoon niet.

Ten tweede wil ik iets zeggen over de timing. Ik lees nu al de reactie van uw collega, vicepremier Dermagne, die zegt dat het allemaal nog niet beslist is. We weten ook wat Frank Vandenbroucke zegt, namelijk dat de btw-verlaging wel al definitief is. Het is jammer dat de fractievoorzitster van Vooruit niet aanwezig is om het debat nogmaals te kunnen aangaan. Daar klopt echter ook iets niet en dat blijkt nu wel helemaal.

Ten derde vraag ik me af welke beleidskeuzes deze regering eigenlijk maakt. Dat is nu wel duidelijk. De mensen die werken, moeten betalen. Zij die met de auto gaan werken, zullen meer moeten betalen aan de pomp, terwijl de putten in de begroting groter en groter worden. We weten ook wie dat uiteindelijk zal moeten betalen, namelijk de mensen die werken. Zij zullen meer belastingen moeten betalen en dat is natuurlijk een beleid dat wij niet kunnen steunen.