---
title: "Parlementaire vraag 55017006C · De schadevergoeding voor onterechte btw op pilotenopleidingen"
description: "De schadevergoeding voor onterechte btw op pilotenopleidingen. Parlementaire vraag nr. 55017006C van 1 juni 2021 (Belgisch federaal parlement)."
url: "https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/55017006c-schadevergoeding-onterechte-btw-pilotenopleidingen-mondelinge-56d5"
lang: "nl"
fr: "https://juriel.be/fr/questions-parlementaires/55017006c-dedommagement-tva-indument-percue-formations-a7da"
---

# De schadevergoeding voor onterechte btw op pilotenopleidingen

**Nummer**

55017006C

**Datum**

1 juni 2021

## Over het document

**Verzameling**

Parlementaire vragen

**Taal van de tekst**

Nederlands

## Tekst

14 paragrafen

Mondelinge parlementaire vraag nr. 55017006C van mevrouw Kathleen Depoorter d.d. 01.06.2021

**Kamer, Integraal verslag – Commissie voor de Financiën, 2020-2021, CRIV 55 COM 494 d.d. 01.06.2021, blz. 13**

*De schadevergoeding voor onterechte btw op pilotenopleidingen*

**Kathleen Depoorter**: Mevrouw de voorzitster, mijnheer de minister, mijn vraag is al even ingediend. U hebt wellicht het artikel in Knack gelezen, waarin de fiscus als slechte verliezer wordt voorgesteld. In het artikel worden schrijnende gevallen aangehaald van bonafide belastingplichtigen bij wie fiscale geschillen in een nachtmerrie ontaardden. De fiscale molen maalt traag, maar hij maalt wel.

De betrokken belastingplichtigen komen er zowel financieel als geestelijk gebroken uit. Iedereen maakt fouten, ook de fiscus. De fiscus lijkt het echter zeer moeilijk te hebben om fouten toe te geven en recht te zetten. In plaats van toe te geven, laat de hiërarchie van uw administratie toe om de belastingplichtigen kapot te procederen.

Ik heb u enkele maanden geleden een vraag gesteld over de schadevergoeding voor btw die op basis van een circulaire onterecht werd aangerekend aan piloten in opleiding. Uw antwoord was nogal ontwijkend. U was ook nog maar net als minister bevoegd voor die materie. Nochtans is de situatie duidelijk. De toenmalige minister van Financiën, Johan Van Overtveldt, gaf op 29 juli 2016 zijn akkoord om een dading af te sluiten met de leerling-piloten die ten onrechte over hun opleiding btw dienden te betalen. In het tijdschrift Fiscoloog van 7 april wordt een nieuw arrest van het hof van beroep te Antwerpen besproken, waarin de fiscus voor de zoveelste keer in het ongelijk werd gesteld en veroordeeld tot het betalen van een schadevergoeding.

Ik ben in het bezit van een vijftiental vonnissen of arresten waarin de fiscus in het ongelijk wordt gesteld. Het lijkt mij dus dat uw administratie de procedures met betrekking tot de btw over de pilotenopleidingen liever voortzet, in plaats van haar fout toe te geven en de leerling-piloten te vergoeden. De leerling-piloten zien op die manier hun potentiële schadevergoeding opgaan aan erelonen van advocaten en gerechtskosten.

Heeft de vorige minister van Financiën, Alexander De Croo, het akkoord van 29 juli 2016 van zijn voorganger ingetrokken? Heeft u dat akkoord ingetrokken? Indien het akkoord werd ingetrokken, wie heeft daartoe het initiatief genomen? Werd er een kosten-batenanalyse gemaakt? Zo ja, wat is de uitkomst hiervan?

Indien het akkoord van 29 juli 2016 niet werd ingetrokken, dienen wij het dossier van de btw over de pilotenopleidingen toe te voegen aan de lijst van voorbeelden in Knack, van fouten die de fiscus niet wil toegeven?

**Minister Vincent Van Peteghem**: Mevrouw Depoorter, het akkoord van 29 juli 2016 om een dading af te sluiten met de leerling-piloten werd onder toezicht van mijn voorganger, voormalig minister van Financiën Johan Van Overtveldt, ter goedkeuring voorgelegd aan de Inspectie van Financiën. De Inspectie van Financiën gaf haar akkoord niet.

Het sluiten van een dading met de leerling-piloten bleek niet in overeenstemming met de bepalingen van [artikel 84, lid 2, van het Btw-Wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-84), die stellen dat het inzake btw voorziene mechanisme tot het treffen van een dading enkel mogelijk is wanneer deze dading wordt gesloten met de schuldenaar van de belasting en wanneer ze bovendien niet leidt tot een vrijstelling of matiging van de belasting. Het akkoord van 29 juli 2016 is in strijd met deze bepalingen, waardoor mijn administratie niet anders kan dan de gerechtelijke procedures te volgen.

Ik stel overigens vast dat de administratie in een aantal dossiers een gunstige rechterlijke uitspraak bekomen heeft, zoals recent nog op 31 maart 2021 voor de rechtbank van eerste aanleg van Henegouwen, afdeling Bergen. De rechtspraak is dus geenszins eenduidig en de dossiers moeten geval per geval beoordeeld worden.

**Kathleen Depoorter**: Mijnheer de minister, ik vind dat een enigszins gemakkelijk antwoord. U zegt dat de Inspectie van Financiën geen akkoord gaf, maar wat hebt u als minister voor dit dossier gedaan? Dit dossier sleept al jaren aan. Personen die een heel dure opleiding hebben betaald, kunnen precedenten aantonen in de rechtspraak waarmee ze die middelen van de fiscus kunnen terugkrijgen. U verwijst echter naar een enkel dossier, waarin uw diensten in eerste aanleg gelijk hebben gekregen. Dan hebben we het nog niet over beroepsprocedures.

Ik maan u dus aan om het dossier heel grondig te bekijken. Het gaat immers om jonge mensen die een heel dure opleiding hebben gefinancierd en die het recht hebben om de btw terug te vorderen. U doet echter niets om recht te laten geschieden voor die personen. Het zou u sieren om de zaken grondig te bekijken en stappen te ondernemen.

## Aangehaalde teksten

1

[WBTW art. 84](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-84) 1 voorkomen
